Willy Van Tichelen


Adres

Kinshasa - Zaïre

Leven en werk

Pater Willy Van Tichelen, missionaris van Steyl, werd op 03 februari 1963 in Overijse tot priester gewijd.
Op 29 oktober van datzelfde jaar vertrok hij naar de toenmalige “République du Congo”. Hij begon daar als leraar in het SVD-juvenaat en klein seminarie te Kalonda, in het bisdom Kenge, zijn missionarisloopbaan. Hij werkte er mee aan de vorming van de inlandse clerus.
In september 1968 kreeg hij van de bisschop een nieuwe opdracht. Hij moest in Masamuna een lagermiddelbare school gaan oprichten. Masamuna is ongeveer 9 km van Kalonda verwijderd. Het ligt langs de grote verbinding tussen Kinshasa en het oosten van het geweldige land. Masamuna, toen een klein handelscentrum, was in volle expansie. De eerste klassen waren ondergebracht in lemen hutten. Didactisch materiaal moest hij maar ergens zien te vinden. Hij liet schriften en stylo’s uit België overkomen, want ook in Kinshasa was er met veel te vinden.
De Zairizering, die vanaf 1971 begon, maakte een eind aan het fulltime lesgeven. Het be-stuur van het onderwijs werd uit de handen van de blanken genomen. Een Zaïrees werd di-recteur van zijn school. Pater Van Tichelen bleef alleen nog godsdienstles geven. In de tweede helft van de week kon hij zich dan wijden aan het werk als priester in de brousse. Als reizend Pater had hij in de buurt van Masamuna 8 bijparochies. Hier leerde hij het eerste missionariswerk.
Samenwerken met catechisten en kleine dorpsgemeenschappen. Na bewustwordingsses-sies begon hij overal met basisgemeenschappen. Zijn voornaamste doel was teen het door-breken van de clangeest om alzo het echte gezinsleven meer gestalte te geven.
In 1980 kwam er plots een einde aan dit werk. Op aanvraag van de oversten in België en met het goedvinden van het algemeen bestuur in Rome, werd hij naar België teruggeroepen. In het Missiehuis van Heide werd hij rector van de SVD-gemeenschap en tevens directeur van het bezinningscentrum. De jeugdbewegingen namen de kans waar hem als proost en aalmoezenier van de chiro en de scouts te vragen.
Op 10 augustus 1985 is hij terug naar Zaïre afgereisd en kwam hij in Beno terecht. Aanvan-kelijk stond Pater Van Tichelen als pastoor van deze parochie gans alleen. Beno is gelegen aan de Kwilu ten zuiden van Bandunda; de parochie zelf heeft een oppervlakte zo groot ais de provincie Antwerpen.
Het centrum heeft 2 lagere scholen, 4 middelbare, 1 lyceum, 1 naaischool, 1 landbouw-school, 1 handelsschool en bovendien nog een doofstommeninstituut met bijzonder onder-wijs. Al deze scholen stonden onder het beheer van de parochie. Gelukkig waren er Italiaan-se zusters die het doofstommeninstituut mee leiden en helpen in het onderwijs en zich ook inzetten voor het pastorale werk.
Pater Van Tichelen was in Beno ook districtsoverste van de congregatie. Gelukkig maakte hij toch nog wat tijd vrij voor zijn hobby, nl. tekenen en schilderen. Deze passie zorgde ervoor dat kerken en broussekapellen werden voorzien van zijn muurschilderingen. Hij ontwierp eveneens het smeedwerk van de H. Charles Luanga (één van de martelaren van Uganda), dat de voorgevel van het seminarie siert.
Eind 1987 werd Pater Van Tichelen ernstig ziek. Lag korte tijd in het hospitaal te Kinshasa, maar moest in allerijl overgebracht worden naar België. In het Camillus-ziekenhuis onderging hij een heelkundige ingreep. Na meer dan een jaar herstelperiode is Pater Van Tichelen op 18 september 1988 terug naar Zaïre vertrokken.
Hij vond zijn thuis in de Kristus-Koning parochie in Kinshasa. Deze parochie telt 40.000 in-woners, waarvan er 28.000 als katholiek zijn geregistreerd
Op 9 september 1990 had de officiële overdracht plaats van de parochie aan de clerus van het bisdom. Sinds die tijd verbleef pater Van Tichelen in NGONDI gelegen in dezelfde streek waar hij voor 10 jaar verbleef op een 350 km ten oosten van Kinshasa en op 5 km van Masamuna. In Ngondi is er een klooster van SVD, dat bestaat uit 2 eenheden nl:
1. Een werkplaatsen voor schrijnwerkerij, mechaniek, garage, smederij, een afdeling land-bouw met vee en slachthuis en een biologische groentetuin.
2. Een vormingscentrum "Centre des rencontre".
Deze tweede afdeling is het werkterrein van Willy. Hij is hier directeur. Het is geen bezinnings-centrum zoals wij het hier kennen, doch het dient voor religieuze vorming. Het is eigenlijk be-doeld voor een voortdurende vorming van religieuzen, zowel mannelijke als vrouwelijke en voor de clerus. Geëngageerde leken, pastorale helpers en animateurs komen hier ook terecht.
Naast deze directeursfunctie houdt Willy zich ook bezig met parochiewerk in Masamuna en is hij ingeschakeld in het jeugdwerk.
Op maandagmorgen 21 december 1992 vernamen wij het bericht dat Pater Willy diezelfde morgen in zijn missiepost in NGONDI overleden was. Pater Willy werd dinsdag 22 december begraven op het kerkhof van Ngondi.

Brieven

Ngondi - december 1992

Op maandagmorgen 21 december 1992 vernamen wij het bericht dat Pater WILLY VAN TICHELEN diezelfde morgen in zijn missiepost in NGONDI, ongeveer 350 km van Kinshasa, overleden was. Meer details werden niet gegeven, want zo’n bericht dat per radio van het binnenland naar Kinshasa over-komt, kan altijd maar kort zijn. Vermoedelijk is hij dezelfde dag nog in NGONDI zelf begraven. NG-ONDI is de plaats waar de congregatie van de Missionarissen van Steyl, waarvan hij lid was, hun kerkhof hebben.

Willy werd op 20 februari 1935 als oudste zoon van drie geboren in het gezin van Jozef VAN TICHE-LEN en Joanna VAN HOOYDONCK. Vader werkte toen als tuinman op het landgoed waar nu de broeders van Parifart wonen; daar is Willy dan ook geboren.
Zijn lagere school doorliep hij in Heide, zijn humaniora van 1948 tot 1956 in het klein-seminarie van de Missionarissen van Steyl te Overijse. Op 8 september 1956 werd hij in het missiehuis van Heide ingekleed als novice, waar hij ook zijn filosofiestudies maakte. Voor de theologie ging hij met zijn klasge-noten naar Teteringen bij Breda.
Op 3 februari 1963 werd hij met zijn twee Belgische klasgenoten in Overijse door de Indonesische missiebisschop, Mgr. Sani, priester gewijd. In oktober van dat jaar vertrok hij al voor de eerste keer naar zijn missie in Zaïre.
Tijdens zijn missionarisloopbaan heeft hij verschillende posten bekleed. De eerste twee jaren werkte hij op het seminarie van KALONDA mee aan de opleiding van Zaïrese broeders. Tussen 1965 en 1967 was hij praeses (overste) van het SVD-huis in Lyon, waar de toekomstige Zaïre-missionarissen zich toen voorbereidden door studie van het Frans. Hijzelf volgde toen ook enkele cursussen, vooral tekenen. De-ze kunst heeft hij later kunnen benutten door vooral muurschilderingen in het seminarie aan te brengen.
Pastoor en broussemissionaris, wat hij graag deed, was hij 12 jaar in MASAMUNA en later twee jaar in BENO. Tussendoor heeft hij van 1980 en 1983 de functie van rector in het Missiehuis te Heide be-kleed. In deze periode was hij aalmoezenier van de scoutsgroep St. Maarten. Vele jongeren hebben op de groepsraden en kampen Willy leren waarderen. De laatste jaren in Zaïre was hij eerst medepas-tor in een stadsparochie in Kinshasa, daarna verantwoordelijke voor het vormingscentrum in Ngondi, waar hij te vroeg gestorven is.
Willy heeft nogal wat te kampen gehad met ziektes. Op 1 januari 1987 werd hij met spoed overge-bracht naar België wegens een slagaderbreuk. Nog juist op tijd is hij daarvan geopereerd en hij her-stelde slechts langzaam. Inwendige ontstekingen staken telkens weer de kop op. De eigenlijke oor-zaak van die ziektes heeft men nooit met zekerheid kunnen vaststellen. Het is best mogelijk dat die geheime oorzaak tenslotte ook zijn dood teweeggebracht heeft.
Reeds vanaf de oprichting van ‘DE BRUG” hebben wij projecten van Willy Van Tichelen gesteund. De eerste vraag van hem was het vernieuwen van een dak van een broussekapel, later volgden nog tal van projecten waaronder het herstellen van een visvijver voor het kweken van de voedzame tilapi-vis, het naaimachineproject en het opstarten van een modelhoeve in het binnenland.
Velen van ons hebben, tijdens zijn verlofperiode, het geluk gekend om met Willy uren en uren over zijn Zaïre van gedachten te wisselen. Wat ons van hem bij zal blijven is zeker zijn aangenaam vertel-talent en zijn onvoorwaardelijk engagement voor zijn volk ginder in Zaïre. Heide was zijn tweede thuis geworden. Zijn hart is, ook gedurende zijn rectoraat en zijn herstelperiode hier in Heide, altijd in Zaïre gebleven. Wij hopen dat wij het project in de toekomst kunnen blijven steunen zodat wij langs deze weg Willy indachtig kunnen blijven.

Correspondent: Rom Coppieters

Ngondi - september 1991

Betreft zijn project dat geleid wordt door NGALA LANDAMUNA

Met dit schrijven willen wij U zeggen dat wij woorden te kort komen om u te danken voor uw hulp.
Wij hebben bij verscheidene instanties gevraagd om hulp voor ons project en zijn blij dat u uiteindelijk toch ons project kon doen starten. Wij vergeten hiervoor zeker Pater Willy Van Tichelen niet te danken die ons geholpen heeft om onze coöperatieve te helpen slagen. Hierbij een rapport over onze werking en we houden u zeker van het verdere verloop op de hoogte.
Nog onze beste wensen van geluk en voorspoed aan alle leden van de Brug.
Dat God U bescherme en U zegene

Correspondent: Rom Coppieters

Ngondi - 20 januari 1991

Hier dan eindelijk een teken van leven. Meermaals had ik mij voorgenomen eens een brief te schrijven aan de Brug, maar ik had het enorm druk met de voorbereidingen voor de overdracht van mijn paro-chie in Kin aan het bisdom, en mijn verhuis naar het binnenland.
Op het ogenblik woon in in Ngondi, gelegen in dezelfde streek waar ik voor 10 jaren werkte, op een 350 km van Kin. Het is maar een heel klein dorpje. We hebben hier een klooster van onze congre-gatie, het lijkt wel een abdij. Het klooster bestaat uit 2 onafhankelijke eenheden.. Eén afdeling bestaat uit werkplaatsen, een schrijnwerkerij, een werkplaats voor mekaniek, een garage, smederij, draaiban-ken en nog andere machines. In deze werkplaatsen zijn meerdere mensen te werk gesteld en ook leerlingen die stage lopen. De leiding is in handen van een broeder.
We houden hier ook een kudde koeien om ons te voorzien van vlees. Het vlees wordt ook verkocht aan de mensen van de streek (bij ons is het betaalbaar). Er wordt ook nog aan landbouw gedaan, want hier kan je het hele jaar door zaaien en planten, je moet alleen zorgen dat je gedurende de dro-ge tijd altijd begiet.
De tweede afdeling is het vormingscentrum. Daar ben ik directeur van. Het is geen bezinningscentrum maar het dient voor voortdurende vorming. We geven er allerlei sessies en seminaries. Ook retraites en bezinningsdagen.
Buiten deze taak doe ik ook nog wat aan parochiewerk. In de nabijgelegen parochie van Masamuna ben ik weer ingeschakeld voor het jeugdwerk. Samen met een Zaïrese zuster heb ik de leiding van de K.A.-jeugd (KIZITO-ANWARITE-jeugd), zoiets als de Chiro maar met een andere naam. De leeftijd voor deze groep is van 10 tot en met 15 jaar, daarna gaan ze over naar “de jongeren van het licht”, maar deze groep bestaat hier nog niet.
Nu wat over het project van de Brug. Het is hier op een 15-tal km vandaan.. Een oud-student van mij is er mee gestart en ondertussen heeft hij al een goede medewerker gevonden Ze proberen er de mensen van de naburige dorpen bij te betrekken, maar die zijn nog terughoudend. Ze willen eerst zien en dan geloven.
Maar die twee zijn energiek genoeg en als ze zo verder doen zullen ze slagen.
Het vraagt natuurlijk eerst een investering, maar dat komt hen naderhand ten goede. Hun terrein ligt gunstig, kort bij de grote weg; dus uitstekend om hun producten te kunnen afzetten. Ze hebben eerst gereedschap aangekocht: kruiwagens, schoppen, hakken, afrasteringdraad. Nu gaan ze met onze tractor een stuk land laten bewerken. Zij hebben de voorarbeid gedaan, door de struiken die in de sa-vanne groeien eerst weg te halen en vooral de soms zeer dikke wortels te rooien. Dat werk zal hen zo een 3.500 Bf. kosten.
Ze hebben ook al varkens besteld en ook kuikens zullen aangekocht worden (als er nog geld genoeg is).
Als jullie het met mij eens zijn dan kunnen ze nog eens een gift van jullie krijgen om nog verdere in-vesteringen te doen.
Door de voortdurende ontwaarding van de Zaïre munt is alles geweldig gestegen. Een zak meel kost 55.000 Z (764 Bf.), maniok 30.000 Z, suiker : 2.000 Z; voor 5 kgr. Maar vergeleken met hun salaris, dat overigens wat opgetrokken is eind vorig jaar, zijn die prijzen veel te hoog. Daarom zijn er stakin-gen in Kin geweest en werden er zelfs magazijnen aangevallen, en ook een broodfabriek en winkels. Het gaat slecht met de economie.
Aan de hele “BRUG-gemeenschap” wens ik nog een voorspoedig 1991. Door jullie daadwerkelijke steun kunnen we een klein beetje bijdragen tot het welzijn en de ontwikkeling hier.

Correspondent: Rom Coppieters

Kinshasa - 31 januari 1990

Brief van NGALA LANDAMUNA - Zaire

Betreft vraag naar financiële hulp voor landbouwproject.
Ik heb de eer mijn moeilijkheden en ambities voor te stellen aan uw organisatie. Na een lang en moei-lijk overwegen aangaande het leven in de stad, heb ik besloten terug te keren naar het platteland om me er te wijden aan de landbouw en de veeteelt. Ik zou er de plaatselijke bevolking in betrekken, tot voordeel van hen zelf, en speciaal zou ik beroep doen op die boeren die volledig verlaten en op zich-zelf aangewezen zijn.
Echter zal ik beginnen met mij voor te stellen:
Ik ben oud-leerling van Pater Willy Van Tichelen, mijn naam is Ngala Mundamuna Joachim, geboren 16 april 1956 en gehuwd. Na mijn studies heb ik gedurende 4 jaar in het onderwijs gewerkt in de hoedanigheid van prefect (directeur de discipline). Daarna ben ik gedurende 3 jaar in dienst geweest van een commerciële transportmaatschappij voor landbouwproducten (T.C.P.A.) belast met de uitba-ting van voornoemde producten. Deze firma is in faling gegaan en nu moet ik het reeds anderhalf jaar en met veel moeilijkheden stellen met een werkloosheidsuitkering. Daar er in Kinshasa geen werk te vinden is, heb ik besloten terug te keren naar mijn dorp om er met een “MODELHOEVE” te starten. Ik zou dit project willen opstarten niet uit persoonlijk belang, maar meer om de plaatselijke boeren erin te betrekken.
Deze modelhoeve zal tot doel hebben de plaatselijke boeren de nieuwe middelen ter verbetering van landbouw en veeteelt te laten zien en aan te leren. Mijn bedoeling is, samen met de plaatselijke be-volking, te zoeken naar middelen om hen te overtuigen dat er door verbetering van de producten en het opdrijven van de productie genoeg voedsel is voor de plattelandsbevolking en uiteindelijk zoeken om producten voort te brengen, rijk aan proteïnen.
Om dit doel te bereiken, heb ik 2 activiteiten gekozen:
1. Voor de landbouw: het telen van maïs en maniok
2. Voor de veeteelt het kweken van varkens en kippen.
Het opzet “modelhoeve” met de betrokken landbouwers en pachters zal op volgende manier functio-neren: na uitleg van de nieuwe methoden van landbouw en veeteelt zullen de boeren materiaal ont-vangen zoals een hak, een hakmes, een kruiwagen en een gieter. Vervolgens zullen de verbeterden zaden komen van BUNASEM (Bureau National de Sémences améliorées). Dan zullen zijzelf overgaan tot experimenteren op het terrein. Deze proefvelden rondom de modelhoeve met woonst voor de boe-ren zal er uitzien als bijgaande situatieschets.
Na meerdere jaren werken en steunend op de opgedane ondervinding zou het project zich kunnen uitbreiden naar een verbetering van woonst en het beginnen van visteelt. Zo zou ik deze naam kun-nen geven aan dit project: “Service d’encadrement au développement de la population rurale” (SED-PR).
Heren organisatoren van De Brug om dergelijk project te realiseren en zeker bij de start, heb ik finan-ciële steun nodig. In mijn land geeft men wel kredieten aan landbouwers, maar dit onder zeer zware en ingewikkelde voorwaarden. Om hier een krediet te bekomen moet men al rijk zijn, want men vraagt er als waarborg een perceel grond in de stad of in de grote centra. Als arme werkloze ben ik niet in staat aan dergelijke eisen te voldoen. Om een dergelijk project te beginnen krijg ik niets.
Doch ik kende Pater Willy Van Tichelen, mijn oud directeur van de school in de oriëntatiecyclus. Ik heb hem mijn project voorgesteld en uitgelegd. Na onderzoek heeft hij mij uw organisatie aanbevolen en heeft mij verzekerd dat u dit voorstel zou kunnen en eventueel willen financieren. Pater Van Tiche-len heeft mij gevraagd een uitleg van het project met de vraag tot hulp aan uw organisatie voor te stel-len. Bij deze vraag ik dan uw financiële steun voor het opstarten.
Hopend op een gunstig antwoord, bied ik U, Heren Organisatoren, mijn beste groeten.

Correspondent: Rom Coppieters

Kinshasa - 1 mei 1989

Ondertussen ben ik al 7 maanden in Zaïre. Het wordt werkelijk de hoogste tijd om eens een teken van leven te geven, temeer daar ik tot de bevinding gekomen ben dat mijn eerder schrijven niet is toege-komen.
Sinds juist voor Kerstmis ben ik vast gevestigd in de Kristus-Koning parochie in Kinshasa, Deze paro-chie is tamelijk uitgestrekt en telt een 40.000 inwoners, waarvan er een 28.000 als katholiek zijn gere-gistreerd. Wij zijn met 3 paters in deze parochie werkzaam. De huidige kardinaal Malula is in deze pa-rochie zijn apostolaat begonnen. Onze congregatie werkt hier al 30 jaar. Praktisch allen die in deze parochie hebben gewerkt, waren eerst enkele jaren in het binnenland werkzaam. Daarbij komt voor mij dat de provinciale overste er op tegen is, dat ik na mijn ziekte, nu nog in het binnenland ga werken. Alhoewel ik zelf van mening ben dat het werk in zo’n stadsparochie als deze, heel wat vermoeiender en intenser is als op een missiepost ergens in het binnenland. In een missie is het ritme niet zo ze-nuwslopend. Hier hoor je ‘s avonds wel eens de uitdrukking: “ik ben kapot”. Hier is het praktisch nooit kalm en rustig.
We hebben nl. een dancing vlak achter onze omheining. Deze is reeds open vanaf 11 uur in de voor-middag. De zware geluidsinstallaties kwellen dikwijls onze oren. In het begin sliep ik er nauwelijks van, maar meer en meer merk ik het niet meer. Buiten deze dancing hebben we ook te maken met buren-geluiden: schreiende kinderen, ruzies, scheldpartijen, maar ook gelach en vreugde-uitbarstingen. De mensen hier zijn nu eenmaal zo, luidruchtiger dan daar in het noorden, en geven uiting aan hun ge-voelens door ze op die manier te uiten.
Bi,j dit alles komt nog dat we 2 keer per week kunnen meeluisteren naar de onzin die een profeet uit-kraamt. Een profeet zoals er hier honderden zijn. Onze buurmanprofeet heeft ook zijn geluidsinstalla-tie en preekt er ‘s avonds op los zodat heel de buurt gedwongen moet meeluisteren. Ik denk dat hij gelooft, hoe harder hij roept en tiert, hoe sneller God hem hoort en verhoort.
We leven hier echt niet geïsoleerd tussen de mensen. De parochie is hier een bedrijvig iets. De hele dag door komen de mensen hier voor alles en nog wat aankloppen. Gelukkig hebben we een secreta-ris waar we veel administratie kunnen op afschuiven zodat we zelf meer tijd hebben voor de directe pastoraal. Het parochiewerk hebben wij onder ons drieën verdeeld. Ieder heeft zo zijn eigen werkter-rein. Iedere woensdag komen we bijeen om van gedachte te wisselen, te overleggen, te bespreken en te programmeren. Dit is echt nodig om ons werk te coördineren en zo blijven we ook op de hoogte van wat er op de andere pastorale vlakken gebeurt. Wij werken hier vooral met C.E.B.’s (les communautés écclésiales de base). Onze parochie bestaat uit 13 wijken en in elke wijk is zo’n C.E.B. De kerngroep hiervan vergadert elke maandag en éénmaal per maand komen de afgevaardigden van ieder C.E.B. van elke wijk op de pastorie bijeen. Zo blijven ze op de hoogte van wat en in de andere wijk gebeurt. Dit werkt zeer stimulerend.
Eén keer per maand is er een parochieraad. Hierin zetelen de afgevaardigden van de C.E.B.’s, maar ook alle andere verenigingen zijn er vertegenwoordigd. In deze raad wordt van alles besproken. Nieuwe initiatieven komen er aan bod. Het gaat er echt democratisch aan toe. Wij als pastores nemen dus op eigen houtje geen besluit. De verantwoordelijkheid wordt door de ganse gemeenschap gedra-gen.
Wat nu de projecten betreft.. Ik heb hier nog geen specifiek project waar een groep mensen van zou-den kunnen profiteren. Hiervoor ben ik nog niet lang genoeg aan het werk. Bij mijn bezoeken aan ou-deren en zieken word ik wel veel geconfronteerd met heel wat miserie. Persoonlijke noden die meestal om een directe hulp vragen, maar die geen directe oplossing zijn voor hun miserie. Mensen die wat geld vragen om voeding te kopen, die hun medicamenten niet meer kunnen betaIen. Weer anderen die hun rekening van water of elektriciteit niet meer kunnen aflossen. Vooral ouderen en ge-pensioneerden hebben de grootste problemen. OCMW en ziekenkas bestaat hier niet. Om zo wat di-rect mensen in nood te kunnen helpen kan ik best wat geld gebruiken. Er is nog wel een vraag naar naaimachines. Moesten er die nog gevonden worden, dan houd ik mij aanbevolen. Ook is er vraag naar tweedehands haardrogers en kappersbenodigdheden. Dit alles is bestemd voor jongeren die een zaakje willen beginnen en hiervoor niet over de nodige middelen beschikken.
Hierbij laat ik het. Ik hoop dat ik op de hulp van “de Brug” mag blijven rekenen.
Een zonnige groet uit het broeierig warme Zaïre aan alle Brugleden.

Correspondent: Rom Coppieters

Kalmthout - september 1988

Na een lange ziekte en rustperiode is Pater Van Tichelen op 18 september terug naar zijn mensen vertrokken. Eerst reist hij door naar zijn vroegere missiepost Beno om daar zijn plotseling vertrek nu nog wat te regelen. Na enkele weken gaat hij terug naar Kinshasa om parochiewerk te verrichten. Waar hij juist terecht komt en wat zijn nieuwe werk uiteindelijk zal zijn, hopen wij U zeer kortelings mede te delen.
Door zijn plotselinge ziekte in december 1987 is het voorziene bedrag van 33.000 Bf niet uitbetaald geweest. Op de jongste bestuursvergadering hebben wij beslist met de uitbetaling te wachten tot Pa-ter Van Tichelen ons een nieuw project voorstelt.
Wij wensen Pater Van Tichelen een goede en blijvende gezondheid toe en veel succes met zijn nieu-we werk.

Correspondent: Guy Verpoten

Kalmthout - december 1986

Wij vernamen dat Pater Van Tichelen met nieuwjaar in allerijl is overgebracht naar het Tropisch Insti-tuut te Antwerpen. Ondertussen heeft hij een heelkundige ingreep ondergaan in de St.-Cammilluskliniek.
Wij wensen Pater Van Tichelen veel beterschap toe en hopen dat hij zo snel mogelijk zijn werk in Zaïre terug kan opnemen.
Wegens zijn plotselinge ziekte hebben wij de 58.000 BF nog niet overgemaakt.

Correspondent: Guy Verpoten

Beno - september 1986

Van Willy Van Tichelen ontvingen we een lange brief die we hier beknopt willen weergeven:
“...Ja jullie zullen wel verwonderd zijn, maar alles is anders verlopen als verwacht. De nieuwe stadspa-rochie, waarvoor ik benoemd was in Bandundu, heb ik verwisseld voor deze missiepost, die Beno heet...”
Willy staat in deze missiepost voorlopig gans alleen. De hoofdparochie telt 4.000 inwoners en daarbij enkele bijparochies met een totale bevolking van 11.500. Het gebied strekt zich uit over 1018 km2. Beno ligt aan de Kwili rivier op zo’n 90 km ten Z.0. van Bandundu.
“...het is eigenlijk een scholencentrum. Er zijn hier 2 basisscholen, een lyceum voor meisjes en 2 be-roepsscholen. Maar dan staat er nog een bijzonder instituut: een doofstommenafdeling. In dit instituut volgen doorheen het schooljaar kinderen van heel Zaïre dit bijzonder onderwijs. In dit instituut is ook een leraar die zijn licentiaat in Brussel heeft gehaald. Hij vormt hier leraren die les willen geven aan dit instituut~..”
“…Een ziekenhuis waaraan een dokter verbonden is, is in Bagata, op zo’n 80 km verwijderd. De weg is voorzien van geïmproviseerde bruggetjes, met boomstammen en takken, en zo moet je er 5 over, vaak zijn die in slechte staat en je kunt gemakkelijk klem rijden met de banden van de jeep. De stam-men rotten ook snel en zo riskeer je telkens er doorheen te zakken, wat me al meerdere keren is voorgekomen. We zijn ze nu aan het herstellen: grote boomstammen kappen en ze dan met man-kracht er naartoe slepen. Ik denk er echter aan om deze bruggetjes eens definitief goed te bouwen in steen en cement. Maar dat gaat heel wat kosten, want een zak cement aangevoerd tot hier komt op 500 Zaires. En de Zaïrese munt staat 0,84. F. Het zou in ieder geval voor de bevolking iets goed zijn, want dan kunnen de vrachtwagens langs die kant onze missies bereiken en kunnen de mensen hun landbouwproducten afzetten…”
“…Ik heb hier ook voor de missie een “animateur rural”’. Deze man wordt betaald door het bisdom en reist de dorpen af, doet aan bewustmaking wat landbouw betreft, geeft raad en probeert met de be-volking kleinere projecten te realiseren. Op die manier wil men de landbouwbevolking helpen om tot betere resultaten te komen. Juist hierdoor komen de mensen aan wat geld.
Als je weet dat onderwijzers hier max. 1000Z per maand krijgen, dan is de landbouw voor hen levens noodzakelijk. Als je zo weinig wordt vergoed voor wat je presteert, moet je ook niet verwonderd zijn dat de inzet sterk daalt, met het gevolg dat het peil van de scholen zeer laag ligt en altijd maar bergaf gaat. En toch heb ik altijd nog bewondering dat ze het blijven volhouden….”
“….Er is hier weinig of geen ontspanning voor de bevolking. De ‘elite’ bevinden zich soms in het enige café hier, maar bier en palmwijn kost ook geld en zo kunnen ze dat ook maar doen bij uitzondering. Ze kunnen zich niet permitteren geregeld eens een pintje samen te drinken. Gewone mensen komen er helemaal niet. Men komt bij mij wel eens een boek lenen, maar ik heb hier geen franse literatuur. Zo heb ik eraan gedacht een parochiebibliotheek op te richten. Dit is ook alweer een project…”
“…Ik kan jullie niet genoeg danken voorde grote som die ik deze keer mocht ontvangen. Wat U in het missiehuis hebt afgegeven dat is op de prokuur en daar kan ik over beschikken. Als ik dus werken wil uitvoeren, laat ik dit overmaken. Maar ik laat het zo lang mogelijk daar tot ik het nodig heb, anders ontwaart het te veel De munt hier is te zwak. De giften zullen dus gebruikt worden voor één van die projecten die ik heb beschreven…”

Correspondent: Guy Verpoten

Bandundu - augustus 1985

Na 5 jaar activiteit onder ons is Pater Van Tichelen op 10 augustus terug naar Zaïre vertrokken. Hij werd te Bandundu aangesteld om als pastoor een gans nieuwe parochie op te richten.
Bandundu ligt aan de Kasaï op zo’n 240 km ten NO van Kinshasa.
Als steun heeft “De Brug” hem 30.OOO BF meegegeven. Vanzelfsprekend kon hij ons nog niet mee-delen welk project hij hiermede gaat steunen. Nood bij een beginnende parochie zal er zeker zijn.
In ieder geval wensen wij hem als pastoor veel succes toe en hopen kortelings meer te vernemen van zijn parochie ginder in Zaïre

Correspondent: Guy Verpoten

Masamuna - februari 1982

Sedert pater Willy Van Tichelen terug bij ons is, leidt pater A. Rotchen de gemeenschap van Masa-muna. Hij dankt dd Brug voor het geld dat hij ontving in 1981. In zijn brief van 11-1-82 verhaalt hij hoe dit kapitaal in twee visvijvers werd geïnvesteerd. De eerste vijver was beëindigd in juni en de eerste ti-lapiavissen werden aan de man gebracht in december. Met de opbrengst werden 6.000 kweekvisjes gekocht die uitgezet werden in een 120-tal vijvers van de bevolking. De missie zelf heeft er 1.800 uit-gezet en gaf er 1 .000 aan de jonge mannen die aan de vijvers werkten. Dit visproject is een goede zaak voor de streek. Er zijn mensen die de vis wel 20 km ver te voet getransporteerd hebben!
Alhoewel pater Rotchen het werkritme van de laatste twee jaren vergelijkt met dat van een concentra-tiekamp denkt hij eraan dit jaar nog twee visvijvers bij te maken... maar er zijn andere problemen: de continuïteit van het project. Sedert 6 september is pater Rotchen naar het naburige Ngondi verhuisd en zal te Masamuna vervangen worden door een jonge Poolsé priester.
Verder wenst hij in zijn brief aan de Brug en haar medewerkers het beste voor 1982.
Wij hopen zoals met de plaatsvervanger van W. Van Tichelen met de jonge Poolse priester contact te hebben en het visproject verder te kunnen steunen.

Correspondent: Guy Verpoten

Kalmthout - november 1980

Voor Willy Van Tichelen konden we 7 naaimachines afhalen bij de mensen. Dit is zeer veel en we zijn er dan ook blij mee. Nochtans zijn er enkele herstellingen door te voeren en wij vragen dan ook hier-langs of er mensen zijn die iemand kennen om dit karwei op te knappen, ook eventueel tegen beta-ling. Contact kan opgenomen worden met de Brug; tel. 66.99.69 of 66.93.58

Correspondent: Guy Verpoten

Masamuna - augustus 1979

Met deze brief zou ik jullie dan eindelijk eens willen bedanken voor de som van 25.000EF die jillie bij-eengespaard hebben voor mijn viskweek project.
Ik ben er met veel moed aan begonnen, blij dat ik eindelijk eens iets had gevonden wat de mensen hier aan meer proteïne zou helpen. Maar na het eerste enthousiasme bij degenen die wilde meedoen, zie ik niet veel vooruitgang. Ze moeten eigenlijk de oude, al bestaande, maar verwaarloosde vijvers weer uitdiepen en herstellen en dan koop ik voor hen nieuwe vissen om verder te kweken. Om de vereiste twee meter diepte te bekomen moeten ze nogal wat uitbaggeren. Daarvoor is ook materiaal nodig. Dat materiaal is nu in bestelling. Tot nu toe is er één man die één vijver goed in orde heeft en de vissen zitten er ook al in. Nu maar hopen dat ze goed kweken. Als dat de anderen dan zien, dan zullen er zeker meerdere volgen. Er zijn er altijd die liever eerst de kat uit de boom kijken. Zo snel gaat dat hier allemaal niet. Men moet geduld hebben. Als er binnen nu en drie jaar in verschillende dorpen aan gewerkt wordt, ben ik heel tevreden.
Ik zit hier in mijn laatste maanden. Nog zowat één trimester en dan zetten we terug voet op Heidense bodem. Voor oktober kan ik hier niet weg, omdat de pastoor van de hoofdparochie met verlof’ gaat. Ik vind het wel best dat ik het hier nog even kan rekken. Jullie “Brug”-informatieblad ontvang ik regelma-tig. Heel veel dank ervoor. Zo blijf’ ik goed op de hoogte van jullie activiteiten en jullie inzet en steun voor de derdewereld.
Een zonnige groet uit Zaïre. Ook zou ik graag hebben dat jullie deze groeten overbrengt aan alle me-dewerkers van de “8rug” en ze allen hartelijk dankt voor de steun aan het viskweekproject.

Correspondent: Guy Verpoten

Masamuna - februari 1979

We ontvingen ook nieuws van Pater Van Tichelen. Zijn congregatie heeft hem teruggeroepen om zijn talrijke capaciteiten in te zetten in het thuisfront. In de loop van de maand augustus is zijn terugkomst voorzien.
Meer nieuws over zijn taak in Zaïre en zijn toekomstige taak hopen wij kortelings te publiceren.

Correspondent: Guy Verpoten

Masamuna - augustus 1978

De brief van Peter Van Tichelen was zeer uitvoerig en aangenaam. Hij vertelde ons dat de steun die we hem gaven (20.000 BF) al gebruikt is, en dat het materiaal voor het dak op zijn broussekapel (lees parochiecentrum) is aangekomen. Hij heeft er moed op en uiteraard nieuwe ideeën (waar-. uit hetvol-gende).
In de koloniale tijd waren er visvijvers. Vis is belangrijk voor de voeding als proteïneleveranciers. Pater Van Tichelen heeft de visvijvereigenaars aan de hand van dia’s geleerd hoe deze putten kunnen her-steld worden en deze mensen zijn bezig. Werk kost tenslotte niets, maar in een visvijver is nu een-maal vis nodig en hiervoor heeft een Argentijnse pater, samen met Amerikaanse ontwikkelingshel-pers, het “Peace-Corps”, een snelgroeiende soort vis gekweekt, nl. de Tilapia, Indien hij 25.000 BF kon krijgen, zou hij al heel wat putten kunnen verzorgen, De vis groeit op slechts zes maanden.
Spijtig dat wij geen plaats genoeg hebbon om deze bief volledig te publiceren, maar op de solidari-teitsmaaltijd ligt hij ter beschikking.

Correspondent: Guy Verpoten

Masamuna - februari 1978

Met de som van 20.000 Bf is hij van plan golfplaten, spijkers en balkan aan to kopen voor een kapel in de brousse, die tevens als vergaderlokaal kan dienen. Pater Van Tichelen is op 24 februari naar Zaïre afgereisd en wij wensen hem en zijn mensen ginder veel succes.

Correspondent: Guy Verpoten

Kalmthout - augustus 1977

Naar aanleiding van het verlof van Pater Willy Van Tichelen willen wij, voor zover dit nog nodig mocht zijn, met hem eens nader kennis maken.
Pater Van Tichelen was 28 jaar toen hij in 1963 voor het eerst naar Zaïre afreisde. Zijn werkterrein ligt in Kwango op 350 Km ten oosten van Kinshasa, Van 63 tot 71 was hij directeur van een door hem op-gerichte lagere school, waar later onder zijn impuls ook een middelbare school is uitgegroeid.
Vanaf 1971 bereist hij een gebied van 150 op 50 km om al zijn parochies te bezoeken. Hij treedt nu voornamelijk op als coördinator van de catechisten. Dit zijn onbetaalde leken die eigenlijk, naast hun dagtaak, de taak van een pastoor op zich nemen. De streek zelf is vrij arm en volledig op de landbouw afgestemd. De landbouwproducten tracht men te verkopen, doch de winst is zeer klein. Als U weet dat een werkman 20 BF per dag verdient, en men voor 1 kg vis twee dagen moet arbeiden, dan kunt U zelf vaststellen, dat de armoede vrij groot is. Hierbij komt nog dat de Zaïresen niet in gezinsverband leven zoals wij dat kennen. Zij behoren allen tot een of andere clan waar de oudste nonkel van de bruid de scepter zwaait. Dit leidt tot uitbuiting en corruptie. De enige manier om, volgens Pater Van Ti-chelen, in Zaïre aan ontwikkelingshulp te doen, is te proberen de clan te vernietigen en ze in echt ge-zinsverband te leren leven. Eens de clans doorbroken kunnen zij meer bezittingen verwerven en zich alzo een betere welstand toe-eigenen. Er dient dus eerst een mentaliteitsverandering plaats te heb-ben.
Het verlof van Pater Van Tichelen loopt zo stilaan naar het einde, Wij wensen hem nog een vrucht-baar apostolaat en naar hij ons beloofd heeft, zal hij nog veel contact via ons informatieblad onder-houden.

Correspondent: Guy Verpoten

Ngondi - 30 december 1992

In ons vorig boekje gaven wij een in memoriam over pater Willy. Ondertussen kreeg de familie nog een brief met een verlag over de gebeurtenissen van zijn overlijden.

Gisteren was het al weer een week geleden dat we onze goede pater Willy in Ngondi begraven heb-ben. Ik ben zojuist teruggekomen uit Ngondi en de provinciaal heeft me gevraagd U te schrijven en nadere uitleg te geven over de plotselinge dood van Willy.
Zondag 20 december heeft Willy met een jeugdgroep een kleine recollectie gehouden ergens in een dorp in de buurt van Ngondi. Hij kwam tegen 6 uur terug en zei toen dat hij erg vermoeid was en een beklemming op de borst had. Hij vroeg aan een confrater de auto weg te zetten, hij wilde wat rusten op zijn kamer. Hij wilde niet dat we de ziekenzuster zouden roepen, want hij dacht dat de oorzaak maagzuur zou zijn en nam daarom Maloxtabletten. Die avond heeft hij niet veel gegeten. ‘s Nachts is pater Hoff, de praeses van ons huis, nog twee keer gaan kijken. Willy had wat hoofdpijn. We hadden hem gezegd dat hij ‘s morgens maar moest blijven liggen.
Tijdens de radiophonie zag broeder Fortunat dat Willy uit zijn kamer ging om naar het toilet te gaan. Het was kort na 7 uur, maandag 21 december. Toen hij weer naar buiten kwam zei Willy dat hij zich erg benauwd voelde en hij vroeg of we de zuster uit Masamuna wilden gaan roepen. Broeder Fortunat ging er onmiddellijk heen. Pater Hoff nam de phonie over. Na de phonie om 7.15 uur ging pater Hoff bij Willy kijken en hij vond hem dood op bed liggen. Hij heeft toen nog het H. Oliesel gegeven. Om half 8 kwam de zuster en zij kon alleen bevestigen dat Willy plots van ons was heengegaan.
U zult begrijpen dat de consternatie groot was. Via de phonie konden we het droeve bericht nog mededelen aan de meeste missieposten. Zodoende waren vele medebroeders en zusters van Kinshasa, Kenge en Kikwit maandagavond al in Ngondi voor de dodenwake in de parochie van Masamuna, waar Willy jaren geleden kapelaan is geweest. Hij had in deze parochie na zijn aankomst in Ngondi het jeugdwerk in handen.
Om 18 uur hebben we het lichaam van Willy overgebracht naar de kerk waar om 20 uur de dodenwa-ke begon. Wij, de medebroeders en zusters van verschillende congregaties baden het dodenofficie. Onze districtsoverste heeft een mooie toespraak gehouden en duidelijk gemaakt dat de plotselinge dood van Willy waarschijnlijk te wijten is aan de zware operatie die hij jaren geleden heeft ondergaan.
(In Afrika is een plotselinge dood altijd verdacht.)
Wij zijn om 22 uur naar huis gegaan, maar de jeugd van Willy heeft doorgebeden en doorgezongen tot ‘s morgens 6 uur toe. Dinsdagmorgen heeft Monseigneur M’Sanda van Kenge de uitvaartmis gecelebreerd met assistentie van zeker 25 priesters. Bij het begin van de dienst werd de kist dichtgemaakt, want Monseigneur wilde nog afscheid nemen. Monseigneur heeft in zijn preek een zeer mooie schets gegeven van Willy en van wat hij gedaan heeft voor de Kerk in Zaïre. We zullen Willy erg missen.
Na de concelebratie gingen we terug naar Ngondi, waar we Willy hebben begraven op het kleine kerkhof. Hij rust daar naast pater van Nijnanten en pater Van der Hulst, die vorig jaar van ons zijn heengegaan

Correspondent: Rom Coppieters

Kinshasa - 11 februari 1990

Enkele weken geleden mocht ik eindelijk uw brief van 8 december ontvangen. Ik moet U wel gerust stellen dat ik uw twee vorige brieven ook goed heb ontvangen. Ik stel vast dat u mijn antwoord op uw vraag voor de meubelen aan een kapperszaak niet hebt ontvangen. Ik verwonder mij daar al lang niet meer over, want er gaat hier wel meer post verloren.
Om nu direct nog eens in het kort op uw vraag te antwoorden wil ik u zeggen dat het verzenden van meubelen een te dure zaak zal worden. Kapperszaken zijn hier in de volkswijken heel eenvoudig. Het zijn echt geen salons zoals wij die kennen. De meubilering wordt niet gevraagd, maar wel het gerief om mee te werken. Wat ik zoek zijn is tweedehands haardrogers. Een oud-student van mij wil een kapperszaak beginnen met zijn vrouw en graag wil ik hem daarbij helpen.
Meerdere keren heb ik een poging gedaan om een lange brief te schrijven, maar telkens werd ik on-derbroken omdat andere bezigheden in onze zeer drukke parochie mij in beslag namen.
Onze parochie is zeer levendig en al onze tijd wordt opgeëist door allerlei. Gelukkig wordt hier heel veel per wijk gedaan. Wij werken namelijk zoals in het hele bisdom met C.E.V.B. s (Communautés ec-clésiales vivantes de base). Onze parochie telt 13 wijken met elk zo een C.E.V.B.
Zelf bezoek ik de zieken en oudere mensen in de verschillende wijken. Op deze wijze leer ik de noden van de mensen kennen om daadwerkelijk hulp te bieden. De materiële hulp wordt meestal door de pa-rochiale commissie voor caritas gedaan. Zij doen per wijk aan dienstbetoon.
Elke vroegmis ‘s zondags wordt er geofferd in natura voor de armen: zakken rijst, suiker,broden, zeep, enz. Dat wordt, benevens wat geld, uitgedeeld aan de behoeftige in de verschillende wijken.
Vele mensen komen nog persoonlijk bij ons aankloppen voor hulp. Dat zijn meestal geen armen die op de lijst staan, maar mensen die in een noodsituatie terecht zijn gekomen. Mensen die wegens om-standigheden hun huurgeld, elektriciteitsrekening of waterleiding niet neer kunnen betalen. Anderen ook wegens ziekte. Ze kunnen de doktersrekening of de medicatie niet betalen. Deze soort verdoken armen help ik veel met eigen geld. Ik vraag nooit iets terug maar vrijwillig komen sommigen na verloop van tijd dat terugbetalen, dan kan het weer voor andere hulp dienen.
Het grootste gedeelte van mijn tijd kruipt in opvang van mensen op geestelijk en materieel gebied. Verleden zondag nog zat er, toen ik uit de kerk kwam, een jonge vrouw met een baby voor de pastorij, met naast haar een emmer en een zak volgeladen met spullen. Ik kon al raden wat er aan de hand was. Ze was uit haar huis gezet (dat is een kamertje van enkele vierkante meter, een garage bij jullie is daar nog grote luxe tegen). Ze kon de huur niet meer betalen. Een “fille-mère” zoals wij die hier noemen, niet getrouwd, maar een kind van de één of andere die haar nadien met de miserie Iaat zit-ten. Ze heeft waarschijnlijk met het verkopen van brood of iets dergelijks enige tijd kunnen rondkomen tot de huur ineens opsloeg. Ik heb ze 3.000 Zaïres gegeven en haar naar een opvangcentrum verwe-zen. Hier wordt de eerste directe opvang gegeven. Dit is zo een klein voorbeeldje uit de honderden die hier hun toevlucht zoeken.
Ik krijg hier in Kinshasa ook heel wat aanloop van oude bekenden uit de missies waar ik vroeger heb gewerkt. Er zijn er heel wat die naar de stad zijn gekomen, vooral oud-studenten. Er zijn er onder die hier hun werk hebben gevonden, maar er zijn er ook die hier in Kinshasa met hun duimen zitten te draaien en ze weten van geen hout pijlen maken. Ze lijden hier honger en miserie. Maar om de stad te verlaten en terug naar het binnenland te gaan hebben ze geen zin. Dat is voor hen zogezegd een stap terug om in het binnenland als keuterboertjes te leven. Ze willen wat doen met hetgeen ze gestudeerd hebben, maar geraken niet aan werk. Er is eenvoudig niet genoeg werk voor al die jongeren. Toch zijn er rare uitzonderingen die er uiteindelijk schoon genoeg van hebben en de stap terug naar hun dorp willen zetten.. Maar dan wel op een bijzondere manier. Zo kwam een paar weken geleden een oud-student bij mij met het plan om in zijn streek aan landbouw te gaan doen. Hij zit hier ook al weer ge-ruime tijd zonder werk en ziet geen toekomst meer in de stad. Ik heb hem natuurlijk aangemoedigd, maar woorden alleen helpen niet. Er moet boter bij de vis zijn.
Daarom heb ik hem gezegd dat ik voor zijn project, een modelboerderijtje waar ook de andere boeren uit de omgeving van zullen kunnen leren en profiteren, hulp zal zoeken om het op te starten. Hij kan niet beginnen met niets.
Nu moet werktuigen, zaaigoed en meststoffen kunnen kopen. Ook een koppel varkens en enkele kip-pen heeft hij nodig. Hier geven ze officieel kredietleningen aan boeren. Maar ... ze moeten daarvoor een garantie hebben die zulke jonge mensen nu juist niet bezitten. Dus ze moeten er al goed bijzitten willen ze van een lening genieten Het gevolg van dit alles is, dat alleen de rijken ervan kunnen genie-ten ergens in het binnenland een bedrijfje op te zetten. Het worden de grootgrondbezitters hier en de arme keuterboertjes uit de dorpen kunnen er voor een hongerloon gaan werken.
Ik zie er wel iets in, in dat projectje van mijn oud-student. Ik ken de kerel, het is iemand waar een wil inzit om te werken en die van aanpakken weet. Hij heeft initiatieven maar zonder hulp kan hij niets realiseren. De eventuele opstarthulp wil hij zelf terugbetalen, na elke oogst zegt hij. Als het geld afbetaald is, kan ik er weer iemand anders mee heipen. Ik geloof dat dit een goede manier is. Je geeft het zo maar niet gratis, maar ze moeten er voor werken, dat stimuleert hen des te meer. Daarbij gaat het met een project als dit niet alleen om eigen belang, maar tot het verbeteren en renderender maken van de landbouw van verschillende boeren uit de streek. Hiervoor geniet hij mijn voile steun.
Volgens je schrijft staat er nog een bedrag gereserveerd. Ik kan dit project ten stelligste aanbevelen. Voor verdere uitleg van het project verwijs ik naar bijgaande brief van de jongeman zelf.
Ik heb het voornemen dit project zelf van nabij te volgen en het regelmatig te inspecteren. Zo zal hij zich meer gesteund en gemotiveerd voelen.
Ik hoop dat jullie ook nog denken aan mijn vraag naar naaimachines. Daarmee kan ik hier heel wat jonge mensen aan het werk zetten. Ze hebben vaak het kleermakersvak geleerd, maar hebben geen machine om hun beroep uit te oefenen.
Ik wens jullie allen, mensen van DE BRUG, alhoewel de jaarwisseling alweer een tijdje achter de rug is, toch nog een enthousiast en goed werkjaar. Jullie inzet kan hier kleine wonderen doen. Jullie niet zo officiële hulp als die van de grote organisaties, komt hier toe aan mensen die daarbuiten vallen. Daarom is jullie werk daadwerkelijk een uitkomst. Jullie helpen zo, voor al die kleinere zaken waarvoor je bij een grote niet hoeft aan te kloppen. Daarvoor dank ik jullie van ganser harte, voor alles wat ik eerder al heb mogen ontvangen en wat nog moge volgen.
Om het op zijn Zaïrees uit te drukken “DE BRUG, Ojeee’’! Ojeee!!!”
Hartelijke en zonnige warme groeten aan jullie allemaal.

P.S. Ik heb nog vergeten te zeggen dat ik de 40.000 Bf. van vorig jaar ontvangen heb. Het bedrag is besteed aan mijn vorige missie voor het herstel van kleine bruggen over de riviertjes in de streek van Beno. Nu kunnen de auto’s erover om in de dorpen te geraken voor het ophalen en de verkoop van landbouwproducten. Dit is een infrastructuur die goed moet onderhouden worden, anders komen de mensen geïsoleerd te zitten en verarmen ze.

Correspondent: Rom Coppieters

Kalmthout - augustus 1980

Toen ik enkele maanden geleden Zaïre verliet, voor drie jaar teruggeroepen door mijn congregatie om in België te komen werken, deed ik dat eigenlijk niet graag, omdat ik ineens daar mijn werk onder die arme mensen moest stopzetten.
Toch heb ik mij getroost met de gedachte dat ik vanuit België ook nog wel wat kan helpen en organiseren, dat hen ten goede komt. Dat ben ik dan ook van plan, maar alleen ken ik dat niet Voor de projecten die je wilt verwezenlijken is er geld nodig en daarvoor kom ik weer eens aankloppen bij “De Brug”.
Jullie hebben mij al in twee projecten geholpen, waarvoor ik, en nog veel meer de mensen van ginder, jullie heel dankbaar zijn. Een project om kleine broussekapellen op te richten, en een project voor viskweek.
Nu zou ik jullie hulp willen vragen voor een ander, niet minder interessant project.
Er zijn daar jongens die van de kleermakersschool komen, maar deze kunnen niet aan het werk want ze hebben geen naaimachine. Velen gaan dan naar de stad of een groter centrum om daar bij een gevestigde kleermaker te gaan werken, Velen vinden er echter geen job en dat is dan eigenlijk spijtig, want een kleermaker is in zijn streek hard nodig, Er zijn ook jongens die als leerjongen bij een andere kleermaker het vak geleerd hebben en graag op hun eigen en in hun eigen streek zouden willen be-ginnen.
Misschien zijn jullie verwonderd dat ik over kleermakers en niet over naaisters praat. Wel dan moeten jullie weten dat over het algemeen mannen dit beroep uitoefenen in het gebied waar ik werkte.
Deze mensen zou ik graag aan een naaimachine helpen. Daarom. zou ik “De Brug” willen vragen om dit project te willen financieren. Het gaat over het aankopen van tweedehandsmachines die nog in goede staat zijn. De aankoop van enkele vervangstukken zoals naalden, spoelen en riemen.
Ik dacht dat dit wel weer een interessant project was voor jullie, waar enkele jongeren en ook gezin-nen in een hele streek de vruchten van kunnen plukken.
Als ik vier à vijf naaimachines zou kunnen versturen, dan zou ik al heel blij zijn.

Correspondent: Guy Verpoten