Jos Verhaegen


Adres

Ludo - Ecuador

Leven en werk

Jos Verhaegen is ons allen bekend als Pater van Steyl. Hij was tijdens een korte periode bij ons werkzaam in het missiehuis te Heide, en als pastoor te Montenau in de Oostkantons.
Vermits Jos steeds met zijn hart bij de mensen van Ecuador bleef is hij in 1980 terug vertrokken. Eerst te Cuenca en daarna naar Ludo. Ludo ligt tamelijk afgesneden en wordt hoofdzakelijk bewoond door Indianen en Mestiezen.
De boerengemeenschap te Ludo was voor Jos zijn eerste zorgenkind. De mannen werkten meestal op bananenplantages, zeer ver weg en maanden van huis. De opbrengst van de grond in Ludo was niet goed. Jos heeft hier direct aangepakt en geld was er nodig voor het aanplanten van fruitbomen en boomsoorten voor houtproductie. Bodemerosie moest worden tegengegaan. Een pomp op windaandrijving werd gebouwd voor irrigatie en waterbevoorrading.
Later nog werden groentetuinen aangelegd om betere voeding te verzekeren. Door deze pro-ductie werden coöperatieven belangrijk. Hiermede verloren de handelaars hun greep op de zaak en pater Jos werd beschoten en aangeklaagd als communist. De bisschop heeft tenslotte Jos naar de hoofdstad Quito teruggeroepen onder het motto : "Aan een dode pater Jos heb ik helemaal niets". Nog één jaar hebben we de mensen in Ludo gesteund.
Jos stond in voor grote projecten in Ecuador. Onze steun is dus weggevallen omdat wij derge-lijke grote projecten niet aankunnen.

Brieven

Quito - mei 1987

Het is ook weer meer dan een jaar geleden dat ik met verlof was in België. Ik moet zeggen dat jullie vrijgevigheid onze mensen heel wat geholpen heeft. In verschillende dorpjes zijn we begonnen met kleine projecten, zoals bv. het bouwen van een kapel die tegelijkertijd ook dienst doet als lokaal waar onderricht en vormingscursussen worden gegeven. Anderen zijn begonnen, een gemeenschapsgroentetuin aan te leggen die ze samen bebouwen en samen ook oogsten om zo ook hun voeding wat te verbeteren. In een ander dorp hebben ze materiaal, aangekocht om het drinkbaar water tot in het dorp te brengen. In een ander dorp werden zelfs kleine vijvertjes aangelegd voor het kweken van vis. Alle projecten worden gerealiseerd op basis van “Mingas” of gemeenschappelijk werk. Dat bevordert de gemeenschapsgeest en verbetert tegelijk ook een beetje hun levensomstandigheden.
Toen ik na mijn verlof terugkeerde in Ecuador werd ik benoemd als missieprokurator, wat iets heel anders is dan het werk van een pastoor in het binnenland bij de indianen. Dat was voor mij een grote verandering en vergde ook een grote aanpassing. Een van mijn nieuwe opgave is de materiele zorg voor de verschillende projecten in onze missieposten en hierdoor blijf ik toch zeer nauw betrokken met het werk aan de basis.
Ik woon hier in een parochie van de hoofdstad Quito. Naast het administratief werk van de prokuur, heb ik nog wat tijd om mee te helpen in de parochie. ‘s Zondags ga ik op assistentie in twee buitenwijken van de stad. Praktisch heel de dag door vergaderingen van verschillende comités en catechisten. ‘s Zaterdags geef ik les in een vormingscentrum voor de leiders van de christelijke basisgemeenschappen. We hebben nu drie nivels, alles tezamen 45 leerlingen, mannen en vrouwen. Ze zijn zeer enthousiast om te leren en dit dan verder te geven aan hun mensen.
Deze leiders zijn een grote hulp in de parochie. Ikzelf werk heel graag mee in dit vormingswerk. Het brengt wat afwisseling in het soms saaie bureauwerk in de procuur. Op deze manier tracht ik ook het mijne ertoe bij te dragen om het Rijk Gods onder onze mensen tastbaar aanwezig te brengen.
Verder nogmaals van harte bedankt voor jullie steun.

Correspondent: Werner Verhoeven

Quito - december 1985

Na verscheidene jaren in Ludo gewerkt te hebben vooral voor de indiaanse boeren, kwam Jos naar huis in de wetenschap dat hij naar zijn oorspronkelijke plaats niet meer mocht terugkeren. De reden hiervoor is dat de tenientes (overheid) de emancipatie van de boeren niet wil zien gebeuren. Jos werd reeds met zijn leven bedreigd en zo is hij nu naar de hoofdstad overgeplaatst.
Hij wist ons ook nog te vertellen dat de Amerikanen systematisch de plaats innemen van de Europeanen. Zo worden aan Europese paters geen verblijfsvergunningen meer gegeven en daartegenover worden deze mensen vervangen door getuigen van Jehova, mormonen enz.. Hierdoor ontstaan veel sekten. die de grote sterkte van Zuid-Amerika moet afbreken. Deze sterkte bestaat uit: zij spreken allen éénzelfde taal, zij belijden eenzelfde godsdienst en zij hebben quasi eenzelfde kultuur.
Ziehier enkele woordjes die hij in zijn eerste weken te Quito schreef:
Ik heb een nieuwe taak aangenomen van missieprokuratotor, een heel andere taak dan voordien in Ludo. A.ls missieprokurator ben ik verantwoordelijk voor de missieanimatie van onze congregatie in Ecuador, het beheren en verdelen van de gelden voor verschillende projecten en de zorg de Ecuadoraanse paters die in het buitenland vertoeven en over de nieuwkomers hier in onze provincie. Op zich werk genoeg, maar ik voelde mij toch meer op mijn gemak onder de indianen in het binnenland. Maar ja, we zullen in deze opdracht ons opnieuw proberen dienstbaar te maken.

Correspondent: Werner Verhoeven

Ludo - mei 1985

Jos schrijft ons een lange brief vanuit Parroquia San Roque:
Ik moet je zeker niet vertellen dat wij hier dikwijls tot over onze oren in het werk zitten. Daarbij ben ik nog veel op reis voor de missieprokuur.
Niet eileen de posttarieven zijn sterk gestegen, maar vooral de levensmiddelen, De Amerikaanse dollar is sedert de nieuwe regering in augustus van 85 tot 112 gestegen...
De prijzen stijgen enorm, maar de lonen niet. De landbouwproducten behouden hun oude prijzen, dus voor de arme mens ziet de situatie er slecht uit. En dit ondanks de beloften tijdens de verkiezingen: Teche Pan Trabajo para todos los Ecuatorianos. Eens dat ze aan de macht zijn, schijnt het dat ze aan geheugenverlies lijden en denken ze alleen nog aan het vullen van hun eigen zakken.
Sedert een paar maanden ben ik pastoor in Ludo, een parochie in het binnenland op ongeveer 2,5 uur rijden van Cuenca over slechte wegen. Een arme parochie want de bodem is zeer schraal. Dit heeft als gevolg dat er niet genoeg kan geproduceerd worden en de mannen als seizoenarbeiders naar de kust op de plantages moeten gaan werken. Dit brengt vele economische en sociale problemen met zich mee.
We zijn hier begonnen in Ludo met het aanleggen van “Huertes communales y Huertes familiares” waar groenten en fruit aangebouwd worden om in eigen levensbehoud te voorzien, want de mensen in het binnenland kunnen nog nauwelijks zaken kopen in de stad. Hun voeding is zeer eenzijdig, ze eten praktisch alleen maïs en daarom promoveren wij de groentetuinen, het kweken van cuyes, kippen en zwijnen.
Ook hebben we hier in Ludo een “Tienda Comunal” een winkel met levensmiddelen van en voor de gemeenschap, waar de levensmidde1en in het groot aangekocht worden. Dit functioneert met de financiële hulp van België. Ook worden er levensmiddelen uitgewisseld zoals bijvoorbeeld aan de boeren van de kust maïs en andere graansoorten worden geleverd in ruil voor rust. Op deze wijze worden de tussenhandelaars uitgeschakeld. In onze tienda comunal zijn de prijzen ook merkelijk lager dan bij de winkeliers van het centrum en dat veroorzaakt kwaad bloed. Zo kunnen zij niet meer met woekerwinsten gaan lopen op de kap van de miserie en onwetendheid van de boeren. Want langzaam hebben do boeren hun ogen opengedaan door deze organisaties. Zij zijn zich nu ook bewust geworden dat ze een zekere macht krijgen als ze zich verenigen.
Naast de normale pastorale activiteiten (missen en sacramenten) ben ik vooral actief in de “Organizaciones populares”. Met de nieuwe regering sedert augustus, welke een neoliberale politiek volgt, hebben we ook de nodige moeilijkheden en tegenstand ondervonden. Hun doel is de organizecionos populares uit te schakelen, op gelijk welke manier. Persoonlijk was ik er vorige maand ook nauw in betrokken.
In alle dorpen werden nieuwe “Tenientes politicos” als nieuwe chefs in de dorpen benoemd. (dit zijn aanhangers of vriendjes van de regering). Dit was ook zo in Ludo en de teniente, die daar benoemd was, was geen man afkomstig uit Ludo en bovendien bleek uit zijn zogezegde kwaliteiten dat hij het dorp helemaal geen dienst kon bewijzen. Samen met de mensen van het dorp hadden we een bepaalde strategie uitgewerkt. Eén punt daarvan was het bezetten van de Teniencia. De actie was goed voorbereid. De Teniente werd door het volk gevraagd op een geweldloze manier zijn ambt neer te leggen en het dorp te verlaten.
Na veel over en weer gepraat, scherpe discussies met de autoriteiten en het kanton, zowel als de politie, verenigde het volk zich meer en meer en hiertegen hadden ze geen verhaal. Het volk sloot de tenienca en stuurde een brief naar de gobernador dat zij hun eigen autoriteiten wilden verkiezen op een democratische manier.
De week daarop werd ik bij de gobernador in Cuenca ontboden, waar een beschuldiging tegen mijn persoon was toegekomen vanwege de autoriteiten van het kanton. Daarin stond dat ik de mensen zou opgehitst hebben tegen de nieuwe teniente en op de dag dat hij zich zou hebben willen installeren zou ik een massa Indio’s en gewapend met een revolver hem dat verhinderd hebben. Een valse beschuldiging natuurlijk.
Ik werd ondervraagd on aangemaand mij in de toekomst niet meer in de interne politiek te mengen. Deze vermaning veroorzaakte bij onze mensen een actie van solidariteit en samen met de bisschop zijn ze de volgende dag naar de gobernador gestapt om hem eens de waarheid te vertellen. Dank zij deze actie werd het probleem met mij geregeld, maar ik blijf natuurlijk geficheerd in de Goberncion en op een of andere manier controleren ze wel mijn doen en laten. (Dat hele voorval is een typische manier van handelen voor een rechts regime). Van anderen heb ik daarna gehoord dat deze teniente gezegd had dat hij de dirigentes van de organizacion en de pater zou ombrengen. Dat is hun manier van praten; meer woorden dan daden. En tot hiertoe hebben we nog altijd geen nieuwe teniente in Ludo. Gelijkaardige reacties hebben zich ook voorgedaan in andere parochies waar de boeren georganiseerd zijn en wat meer bewust geworden zijn.

Correspondent: Werner Verhoeven

Cuenca - september 1983

Jos Verhaegen schrijft ons vanuit San Roque een grote brief, waaruit wij volgende extracten geven:
… Zoveel werk, dat ik ziek werd en drie dagen in bed moest blijven….
… Sedert oktober ben ik pastoor van drie parochies, Hier in Cuenca, in San Roque en dan in el Campo op 3/4 uur rijden met de jeep van hier, ik heb daar nog twee parochies Santa Ana en Zhidmad, beide met heel wat kleine dorpjes er rond, waar ik te voet of te paard naartoe moet…
… In die parochies zijn er heel wat organisaties zoals Comites de Salud, Juntas parroquiales, Comites pro mejoras en tenslotte een groot project, namelijk de installatie van het drinkbaar waternet, Dit moet meestal gerealiseerd worden door de krachten van de eigen mensen: het graven van de kanalen, het bouwen van de reservoirs, het aanleggen van de leidingen met de aftakkingen naar de huizen. Iedere zaterdag wordt er gewerkt in de vorm van “mingas” soms 200 à 300 mannen met hak en schop zonder hiervoor loon te ontvangen. leder brengt wat mee voor te eten en ‘s middags wordt alles uitgespreid op ponchos en broederlijk gedeeld. Het project kost tot nog toe: 3.000.000 sucres alles in materiaal zoals polituvo-darmen, kraantjes, aansluitingen, stukken gegalvaniseerde buizen, enz. Hiervoor krijgen we voor 70% terugbetaald van de nationale bank…
… Gedurende het laatste jaar hebben we ook kort opeenvolgend twee devaluaties gekend. In totaal is de geldwaarde gedaald met 55%. Daar bovenop moeten we nog afrekenen met een inflatie van 30%. Dat heeft als gevolg dat de levensmiddelen nu het dubbel kosten van vorig jaar. De lonen zijn nog niet aangepast. De basiswedde per maand bedraagt hier 4.600 sucres en er zijn heel wat arbeiders, die dat niet eens verdienen. Ter informatie 1 dollar is 83 sucres of 1 sucre is 60 centiemen.
Ziehier enkele prijzen:
1 kg rijst 25 sucres
1 lit. sojaolie 59 sucres
1 kg suiker 24 sucres
1 kg aardappelen 22 sucres
1 kg margarine 56 sucres
… Deze inflatie heeft in het binnenland nog ergere gevolgen. De producten van de boeren zijn iedere dag minder waard en de levensmiddelen stijgen iedere dag. De winkeliers moeten alles in de stad kopen, het transport betalen en nemen dan ook nog een ruime winstmarge. Zo komt het dus dat de armsten, die in el campo wonen voor 1 liter sojaolie 80 sucres betalen in plaats van 59. …
…. Zo hebben we in alle dorpen tiendas communales opgericht, Wij kopen dan direct van de fabriek in Cuenca in grote hoeveelheden, verzorgen zelf het transport en de verkoop zonder daarvoor een vergoeding te ontvangen, We proberen de mensen zoveel mogelijk een gemeenschapszin mee te geven...
…De handelaars van het dorp haten ons natuurlijk en bedreigen ons soms en beschuldigen ons ervan dat wij guerrillero’s zijn of communisten…
… Nog een ander project waarmee we bezig zijn. De farmaceutische producten zijn meer dan 100% in prijs gestegen. De regering laat dan ook niet meer toe dat er nog producten worden ingevoerd...
… De mensen kennen hier heel wat planten, kruiden, wortels en bloemen, die een geneeskundige kracht hebben, en ook effectief werken. Telkens we de verschillende dorpen bezochten hebben we bij de mensen nagevraagd waarvoor ze die plant of dat kruid aanwendden, Deze dagen hebben we dat een beetje ordelijk samengesteld samen met een jonge Spaanse dokter, die lid is van ons equipe en met ons hier samenwerkt…
... We hebben deze resultaten op stencil gezet en komen reeds aan een collectie van 110 soorten, Dat verdelen we nu terug aan de mensen in de verschillende dorpen. Zij brengen er dan verbeteringen aan of vullen de lijst verder aan, Zo zullen we dan deze natuurgeneeskunde verspreiden en proberen dan op deze manier een gezondheidszorg op de been te brengen…
…. Op het einde van deze maand komt er een pater naar San Roque en neemt dan deze parochie van mij over. Ik blijf voorlopig hier wonen, maar ben dan nog alleen verantwoordelijk voor de parochies Santa Ana en Zhidrnad, En onder ons gezegd ik heb hier in de stad niet zo graag gewerkt zoveel drug en alcoholverslaafden, werklozen en een hoge graad van criminaliteit…
Tot zover het belangrijkste uit de brief van pater Jos, die we nog veel activiteit in goede gezondheid toewensen.

Correspondent: Werner Verhoeven

Cuenca - november 1981

Onze 15.000 bf steun aan de boeren van Ludo zijn goed aangekomen, schrijft Jos Verhaegen en hij deelde ons nog het volgende mede:
In Ludo boeren wij nog rustig verder, naast de actie van het aanplanten van hout- en fruitbomen en het aanleggen van waterleidingen in enkele dorpen, wordt er ook druk aan het aanleggen van een weg gewerkt. Deze zou volgend jaar maart of april klaar komen.
Verder schrijft hij:
Een ander probleem in Ludo is de droogte. Door toedoen van een Duitse ingenieur willen ze nu een pomp installeren aangedreven door windenergie om het water 100 meter hoger te verpompen. Dit project komt ook niet zo duur; iets van een 45.000 sucres zou ten goede komen aan 25 families. Zij (de Duitseres) maken voor ons het plan, maar het materiaal moeten we zelf trachten te bekostigen. Indien dit lukt, zou dit een gedeeltelijke oplossing zijn voor Ludo en kunnen er later nog meer van die molens gebouwd worden.
Nog een interessante gebeurtenis van de laatste maanden is dat we in Ludo met zo’n 8 andere parochies ons hebben verenigd in UNINCA (union integral de campesinos) waar samen naar oplossingen wordt gezocht.
Dit samenwerken heeft ook voordelen omdat op deze wijze meer druk kan worden uitgeoefend op de regering, die dan ook gemakkelijker over de brug komt voor steun aan levensnoodzakelijke dingen als dispensariums, aanleggen van wegen, scholen, enz.
Jos sluit af met ons nog eens hartelijk te bedanken en wenst ons het allerbeste.

Correspondent: Werner Verhoeven

Cuenca - december 1980

Jos Verhaegen, ons allen bekend als Pater Van Steyl en tijdens een korte periode bij ons werkzaam voor de jeugd, werd pastoor van Montenau in de Oostkantons. Vermits Jos nog steeds met zijn hart bij de mensen van Ecuador bleef, is hij terug vertrokken en wel naar Cuenca. Van daaruit bereikte ons een brief, waarin hij het volgende vertel:
Ik ben aangekomen in de stad Cuenga en werd in de parochie San Roque ondergebracht om eerst in gang te lopen. Hier zal ik mij dan ook gaan inzetten, maar al kort daarop ging een pater in Ludo voor korte tijd op rust en mij werd gevraagd in Ludo dus zijn werk over te nemen Ludo nu ligt tamelijk afgesneden van de stad en wordt hoofdzakelijk bewoond door Indianen en Meztizen. De bodem is niet te goed en de mensen winnen er maïs. Zonder regen, zoals het nu weer het geval is, zal het echter weer niet veel zaaks zijn net de oogst.
De families hebben een paar schapen of geiten, een koe, een varken en een paar kippen. De huisvesting is zeer primitief: een paar m² voor gemiddeld 8 personen en opgetrokken uit klei. Zij hebben geen bed of iets dergelijks. De kinderen moeten de dieren hoeden en de moeders werken op het veld. De vaders of jonge mannen gaan naar de bananenplantages aan de kust om zo het nodige geld te verdienen. Zij komen zo om de drie à vier maanden naar huis. De sociale toestand is dan ook navenant.
Jos dacht er nu aan fruitbomen aan te planten zoals appelen, peren, perziken en kersen. Ook dacht hij eucalyptusbomen, ceders en dennen aan te planten tegen de bodemerosie. Zo zouden op termijn meer mensen in eigen streek kunnen werken. Na 3 jaar dragen de fruitbomen al vruchten.. Ook is het nodig de wegen te verbeteren om dit fruit te vervoeren. De mensen zelf zijn hieraan al begonnen en de staat zou helpen.
Ludo zelf bestaat uit een 24-tal kleine dorpen, die nu alleen te voet of te paard kunnen worden bereikt.
Jos stelt ons voor de bijdrage van “de Brug” aan dit dorp te besteden voor de aanplanting van deze fruitbomen.

Correspondent: Werner Verhoeven