Jean-Charles Swertz


Adres

Ngondi - Congo
Adres: SWERTZ Jean-Charles svd., BP. 7463, NGONDI, Kinshasa, Congo

Brieven

Ngondi - 27 februari 2004

Waarschijnlijk komt deze brief niet aan waar je momenteel verblijft. Maar de jaarafrekening zal wel doorgestuurd worden naar waar dat document moet toekomen.
Ik kreeg per email in januari bericht dat het insuline project aangevraagd door Ngondi, was toegestaan en dat men wacht op de manier van overmaking naar Kinshasa. Ik antwoordde dat het via hetzelfde banknummer als vorig jaar kan lopen. Als er problemen zouden zijn, gaarne bericht. Maar er is geen repliek gekomen en het zal dus wel goed zijn.
Terug uit Ngondi heb ik de print van het "De Brug" bestand meegebracht. Het spreekt voor zichzelf. Aankoop van de insuline, creditjes van zieken die iets hebben terug willen betalen en driemaandelijks een rekening van een ziekenhuis. Er bleef een kleine solde van 8,65 euro die met de nieuwe aankoop in Kikwit verbruikt is.
Ik kwam 9 februari terug in Kinshasa en enkele dagen later werd ik ziek en het bleek dat ik een virale herpes zoster infectie had opgelopen. Pijnlijk en lastig omdat die virus vastzit in de mondholte en de tong. Vandaar moeilijk eten. Het schijnt dat het genezingsproces wel een maand kan duren. En een eigenlijk geneesmiddels is er niet, tenzij een rigoureuze mondhygiëne.
Er zit sinds enkele dagen ook een virus in de overgangsregering. Bedreigingen van uittreden en zelfs van in gevaar brengen van de zo moeizaam verworven vrede. Bidden we dat ook dat voorbij gaat en dat eigenbelangetjes zich mogen terugrekken voor het algemeen belang.
Deze maand hebben we de generale overste uit Rome bij ons op bezoek. Het is zijn eerste kennismaking met Svd-Congo. We hebben hem mee genomen naar Bandundu, Kikwit en Ngondi. Morgen komt hij terug en vertrekt zondag naar Mozambique, waar hij ook nog niet op bezoek is geweest.
Hartelijke groeten en veel dank voor je tussenkomst bij het passeren van het insuline project. Terwijl ik deze brief zit te schrijven komen ze mij het januarinummer van de brug brengen. Zoals altijd interessante lectuur.

Correspondent: François De Meulder

Ngondi - 4 november 2003

Wat gaat de tijd toch snel voorbij. Ik realiseer me ineens dat ik jullie geschreven heb toen ik eind mei terug kwam vanuit Ngondi. Intussen is het de tweede periode van dit jaar en ik was vast van plan om jullie na terugkomst in Kinshasa direct te schrijven. Maar de maand oktober is er druk geweest. Na twee weken met de cijfers te zijn bezig geweest in Ngondi ben ik teruggekomen in Kinshasa om de laatste voorbereiding te treffen voor de heiligverklaring van onze stichter en onze eerste China-missionaris. Op 5 oktober hadden we een plechtige dankmis in de kathedraal en daarna een feestelijk samenzijn met 70 medebroeders met een goede maaltijd. Op 12 oktober was er een dankviering in onze svd-parochie met allen die in de svd geïnteresseerd zijn. De dienst duurde drie uur en werd besloten met een gezamenlijke maaltijd. We waren met 350 disgenoten in de grote parochiezaal.
Dan hadden we op 23 oktober de zaligverklaring van Moeder Teresa van Calcutta. We hebben zeer nauwe betrekkingen met de zuster van Calcutta vanwege onze Indische svd-paters. En wederkerig wordt er beroep op ons gedaan. Zo heb ik de toespraken van die dag wat moeten stroomlijnen. Allemaal verplichtingen die tijd vragen.
Maar de meest tijd zit in veel extra werk voor de administratie van de straatkinderen. Begin september had de boekhouder er de brui aan gegeven en hij liet ons zitten met veel ongedaan werk. Ik had verwacht dat na mijn terugkomst uit Ngondi er wel een nieuwe zou zijn, maar dat was niet zo. De verantwoordelijke medebroeder was intussen op zakenreis in Europa en er lag van 3 maanden onverwerkte documenten. De enige oplossing was : ermee beginnen. Dat eiste veel tijd achter de computer en weinig tijd voor andere zaken. Het regent sinds vanmorgen 3 uur en dat legt alles stil en dan heb je ineens tijd voor eigen zaken. Ik ben dus onmiddellijk met mijn achterstallige correspondentie begonnen en de Brug is de eerste die bericht krijgt.
Ik stuurde in juni de verschillende documenten die gevraagd worden door de Brug in verband met afwikkeling van projecten en de aanvraag voor het nieuwe jaar. Ik kreeg bevestiging van aankomst, maar daarna hoorde ik niets meer. Mocht er nog informatie ontbreken, stuur me dan een e-mail.
Na de boekhouding en de tussenbalans kwam voor de Brug te voorschijn dat na 8 maanden er nog een grote 30 % van het projectgeld beschikbaar was. Dat kan ook eigenlijk niet anders, omdat ik al jaren het insulineproject volg en goed kan inschatten hoe we een heel jaar de zieken kunnen helpen.
Ik heb zoals in mei, weer kunnen profiteren van de jeep van de provinciaal die de medebroeders van het district wilde bezoeken. Dan kost de verplaatsing geen extra geld en spaar je 600 dollar uit.?De reiservaringen waren deze keer heel wat positiever dan vorig jaar. Er wordt aan de hoofdweg naar Kikwit gewerkt. Tot aan de Kwangobrug hebben ze alle erosies weggewerkt en kan je vanuit Kinshasa 4 uur doorvaren zonder voortdurend van versnelling te veranderen. Vanuit Kinshasa komen er zelfs kleine autobusjes tot daar en dat was sinds 1990 niet meer mogelijk. Ik hoorde van mijn medebroeders dat ook het moeilijke stuk weg van Mosango bewerkt wordt en dat ze daar een parallelweg aangelegd hebben en de oude weg opnieuw willen asfalteren. Al die werkzaamheden worden betaald door de Europese unie.
Dan zitten we nu al 120 dagen in een overgangsregering die altijd nog vraagtekens oproept. De politiekers zijn vooral bezig om de verkiezingen over drie jaren te organiseren en bekommeren zich niet al te veel om de hopeloze toestanden in het land te veranderen. Het blijft zo'n beetje hetzelfde in de medische, sociale en schoolsectoren. Een goede zaak is dat er haast geen inflatie is en dat de nieuwe 200 frank biljetten, die mondjesmaat in circulatie komen, nog geen inflatie-impact hebben gehad. Maar de salarissen blijven te laag. Een gewoon salaris ligt rond 15.000 FC (40 $), maar de huishuur neemt al 8.000 FC mee en er blijft te weinig over voor de gewone uitgaven. Veel kinderen hebben geen schoolgeld kunnen betalen en zijn dus thuis. Men schat dat 50 % op school is. De kosten voor geneesmiddelen liggen ook veel te hoog en er wordt maar al te vaak een beroep op ons gedaan.
Ik ben zo weer een beetje bijgeschreven. We beginnen aan de laatste twee maanden van dit jaar, waarin zoveel nare dingen naast mooie vieringen zijn geweest.
Ik wens jullie het allerbeste en eindig met de hartelijkste groeten.

Correspondent: François De Meulder

Ngondi - 3 juni 2003

Bedankt voor je brief en de documenten die je terug verwacht. Ik heb ze ingevuld en stuur ze meteen mee. Half mei was ik in Ngondi voor de periodieke bijwerking van de boekhouding. Enkele dagen voor mijn vertrek kreeg ik bericht van de Scheutprocuur in Kinshasa dat de bijdrage van de Brug was aangekomen. Die is intussen gecrediteerd op de rekening van Ngondi. Ik heb dit aan pater Alois, die verantwoordelijk is voor het uitvoeren van het Brugproject, meegedeeld. Uit de viermaandelijkse boekhouding kwam te voorschijn dat ongeveer een derde van het beschikbare bedrag is besteed. Ngondi ligt dus goed.
Om in Ngondi te geraken kon ik met het provinciaal meerijden. Dat is een stuk goedkoper dan met het vliegtuig, maar je hebt dan toch ook nog 200 km te gaan met een jeep op tot Kikwit te geraken. Over de weg doe je de eerste 150 km in 2 uur 30 minuten.Voor de tweede 150 km heb je meer dan 6 uur nodig. Er is een zeer slecht stuk weg van 40 km, waar je meer dan 3 uur voor nodig hebt. Op de terugweg was de weg versperd door een vrachtwagen. Geen voorbijkomen aan. We hebben op de parochie bij de brug Kwango kunnen overnachten. Toen was de wagen gerepareerd en waren we om 11 uur terug in Kinshasa.
Congo komt maar niet tot rust. Het rommelt nu al weer weken lang in het Iturigebied. En ondanks het gesloten akkoord door de verschillende partijen, kunnen ze het onderling niet eens worden en is intussen het hele opgestelde programma in de knel gekomen. Ik heb de indruk dat iedere groep alleen maar om zichzelf bekommerd is en in de groep iedereen het maximum voordeel voor zichzelf zoekt. Zullen ze ooit verder komen? En nu moet de Monuc weer een handje helpen om de orde te herstellen. En wat zullen die soldaten doen als het te heet wordt?
Wij zijn bezig ons voor te bereiden op de canonisatie van onze Stichter en de eerste missionaris SVD. Een heel werk om dat onder de mensen te brengen via tv, pers en lezingen. De generale leiding heeft er een heilig jaar van gemaakt wat 25 maart 2004 zal eindigen.
Met vriendelijke groeten en tot schrijfs.

Correspondent: François De Meulder

Ngondi - 3 maart 2003

Intussen moet je mijn brief gekregen hebben met het financieel verslag van het jaar 2002. Ik was drie weken in Ngondi om de boekhouding op punt te stellen en kwam in begin februari terug in Kinshasa met een print van de ‘Brugrekening’.
Ik zal voorlopig iedere vier maanden naar Ngondi gaan om de boekhouding bij te werken. Ik kan dan tevens het Brugproject in de gaten houden. Misschien is het het beste dat ik dit jaar nog de correspondentie doe. Pater Schoen gaat na Pasen met verlof en komt in september terug, tenzij de dokters anders beslissen.
Met de politiek blijft het maar sukkelen. Ze zijn nu weer, zoals ze zeggen, voor een laatste keer bijeen in Pretoria om de hete hangijzers te laten verdwijnen, maar er zij teveel partijen die hun eigen willetjes willen doordrukken en proberen zoveel mogelijk binnen te halen voor zichzelf en totaal niets geven om de bevolking. De bisschoppen hebben vorige maand maar weer eens een oproep gedaan om het nu toch eindelijk eens te worden. ‘Trop, c’est trop’ was het thema van het schrijven. De bevolking kan het bijna niet meer aan op sociaal en economisch gebied. Er gebeurt niets. Op alle gebieden is het status-quo of achteruitgang. De minister van financiën is aan de deur gezet omdat hij geen ‘niet verbudgeerde’ gelden wilde vrijmaken. Zijn opvolger zal het waarschijnlijk wel doen. En kan die het in circulatie brengen van 500 en 1.000 F.C. biljetten tegenhouden?
Sinds januari is er een nieuwe ‘code de travail’ in gebruik genomen. Ze hebben nu de ‘semaine anglaise’ ingevoerd en dat in een land waar al zo weinig mensen onder contract werken. Een uur meer per dag werken betekent om 16 uur ophouden met werken en dan begint de miserie om naar huis te komen: te voet of met de taxibusjes die volgepropt zijn. De facto zal er niet meer worden gewerkt.
Dan willen ze ook een SMIG doorduwen (de laatste is van 1992), die zo hoog is dat het wel tot een debacle moet komen. Ik heb uitgerekend dat ORPER dan 80 % van de gelden uit zou moeten geven aan salarissen. De FMI heeft gereageerd dat Congo zich zo’n SMIG niet kan permitteren en dan volledig in de vernieling zal terechtkomen. Het wordt er allemaal niet gemakkelijker op. Elk initiatief wordt door de taksen en belastingen praktisch de kop ingedrukt en ontneemt de moed om te investeren. De grote broodfabriek Quo Vadis is in staking omdat de arbeiders sinds 5 maanden niet betaald zijn geworden. In de 12de straat waarin we wonen zijn alle industrieën verdwenen.
Er is nog een ‘chambre froide’. Dat is in heel Limete zo en veel percelen worden opgekocht door religieuze congregaties. Wij zijn ook weer bezig om het naastliggende perceel te kopen omdat we onze theologiestudenten volgend jaar niet meer kunnen huisvesten. We hebben nu in Kintambo een deel van het huis van de Broeders van de Christelijke Scholen, maar dat wordt te klein. Je ziet dat de problemen niet afnemen, eerder groter worden. Wat gaat er de komende weken gebeuren als de zaak in Pretoria weer vast loopt of dat ze in Ituri weer gaan vechten? Niemand weet het, iedereen verzucht naar vrede en rust en de politiekers praten maar door zonder een oplossing te willen zoeken.

Correspondent: François De Meulder

Ngondi - 4 augustus 2002

Sinds begin juni ben ik in Nederland voor een verlof van drie maanden.Ik had gehoopt jou een bezoekje af te leggen, maar door de telefoon hoorde ik dat je in Zimbabwe zit en dat waarschijnlijk tot einde augustus. Helaas, mocht je voor eind augustus terug zijn in Kalmthout dan is er misschien nog iets te organiseren, want begin september ga ik terug naar Congo.
Enkele dagen voor mijn vertrek uit Ngondi naar Kinshasa kreeg ik jouw brief, waarvoor dank. Ik moet eerst een vergissing corrigeren. Het door de Brug overgemaakte bedrag heb ik volledig teruggevonden op mijn rekening. Ik had me verschreven met 2.000 ft. Dus dat is OK.
Begin juli hebben we de nieuwe benoemingslijst gekregen en ik heb voor de komende drie jaren een nieuwe taak gekregen. Ik verlaat dus Ngondi en ga in Kinshasa werken voor het ‘oeuvre’ van de straatjeugd, begonnen door pater Roelants, die vorig jaar aan hersenkanker is overleden en die boekhoudelijk de ‘Orper’ in een slechte toestand heeft achter gelaten. De provinciaal schreef me dat ik de enige ben die een goede boekhouding op poten kan stellen vanwege mijn 12-jarige functie als provincie-econoom (1994-1996). En als je bij instanties in Europa komt voor hulp is het eerste wat ze vragen het jaaroverzicht van activiteiten en financiën.
Het eerste werk na mijn terugkeer van vakantie zal zijn de remise reprise van Ngondi met aan mijn opvolger. Dan spreken we dus ook over de subsidie van de Brug die Ngondi al jaren lang als sociale hulp ontvangt. Maar als ik daarna nog moet schrijven voor de nieuwe aanvraag zal het aan de late kant zijn. De communiteit zal zeer waarschijnlijk vragen om het project van vorig jaar te verlengen en dus weer de jaarlijkse bijdrage te bestemmen voor op de eerste plaats hulp aan de mensen die diabetes hebben en de maandelijkse insuline van 3 niet of slechts gedeeltelijk kunnen betalen. Mocht erop het einde van het jaar een saldo overblijven dan zal die bestemd worden voor betaling van de rekening van het gezondheidscentrum voor kleine kinderen en eventueel voor een of andere dringende operatie.
Het aangevraagde project is een sociale hulp voor een bevolking die in de economische ruïne van Congo de keuze heeft: in Ngondi aan te kloppen of, het is hard gezegd, sterven of de kinderen te laten sterven.
Ik heb jullie al geschreven dat ik op het einde van mijn verlof mijn 50-jarig priesterfeest zal vieren. We doen dat op 25 augustus met een eucharistieviering en na afloop een receptie en lunch... 50 Jaar gewerkt voor de Congolese kerk. Ik ben begonnen in een kerk die gemissioneerd werd door Europa uitgezonden missionarissen.. En nu is die kerk een missionerende kerk geworden, die zelf uitstuurt heel de wereld over. En ik heb aan dit alles mogen meewerken door de vorming van een Congolese geestelijkheid en eigen SVD medebroeders. Veel beschikbaar geweest voor Christus’ kerk en de Heer heeft veel door mij voor de mensen gedaan in mijn priesterlijke en sociale arbeid. Heel veel om dankbaar te zijn.
Hartelijke groeten.

Correspondent: François De Meulder

Ngondi - 3 maart 2002

Sinds ik terug ben van het eeuwfeest en tevens enkele dagen later de begrafenis van mijn tante, heb ik twee brieven ontvangen van jullie. Dank ook voor de condoleances. Ik heb heel intiem met de familie in de kerkhofkapel de eucharistie gevierd, met aansluitend de begrafenis. Het was een koude friesmorgen, maar met strak blauwe hemel en de zon. Het kon niet mooier. En de volgende morgen was het regen en winderig.
Het was wel weer even wennen aan het tropisch klimaat na enkele weken in de kou geleefd te hebben. Mijn laatste winter dateert van 1962. Het heeft wel een goede week geduurd voor de waterhuishouding van broeder lichaam weer omgesteld was.
Ik heb even gewacht met schrijven totdat de rekeninguittreksels van Overijse waren aangekomen. Ik kreeg die gisteren en kan dus melden dat de 62.000 fr. op de decemberafrekening gecrediteerd stonden. Hierbij een oprechte dank voor deze mogelijkheid om de suikerzieken geheel (4 tot 5) of gedeeltelijk de insuline beschikbaar te stellen. Gelukkig is er ook een twaalftal die de volle prijs van 1.000 Congofranken kunnen betalen. Dat is een 3.5 €.
Na een week van moeilijkheden maken schijnt het nu toch zeker dat morgen in Zuid-Afrika de besprekingen beginnen tussen de verschillende partijen die elkaar en de bevolking het leven zuur maken, tenzij er op het laatste moment weer iets tussenkomt. Er wordt heel wat afgebeden en gevast voor het welslagen van deze vergadering, maar het zal niet meevallen alles onder een noemer te krijgen. Mbemba schijnt aan Kabila gezegd te hebben: ‘Voor mij ben jij een simpele representant van Kinshasa, meer niet’ En in het Jezuïetenblad durfde iemand te schrijven dat het bewind van Kinshasa illegaal is. Ze moeten het maar uitzoeken. Hopen we dat de H. Geest, de God van het onmogelijke het klaar speelt dat ze tot een echte dialoog kunnen komen.
Ik ben intussen aan de laatste drie maanden voor mijn verlof bezig en tevens met de aanloop naar het gouden priesterfeest, wat tijdens dat verlof gevierd zal worden. Op 26 maart vieren we het hier in Ngondi. Dat vind ik meer aangepast dan bij mijn terugkeer, als er misschien nieuw werk voor mij uit de bus komt. Wij hadden in januari haast een jonge medebroeder verloren vanwege een malaria-aanval. Ze vonden hem ‘s morgens in coma op bed liggen. Dus hersenmalaria. Hij werd direct per vliegtuig naar Kinshasa gevoerd, maar daar lukte het niet om hem uit zijn coma te halen. Het was een derdegraads geval. Ten einde raad hebben we beroep gedaan op een ziekenhuis in Johannesburg. Deze hebben een ambulancevliegtuig beschikbaar met alles wat er nodig is, eigenlijk een klein vliegend ziekenhuisje. Daarmee is deze jonge Indische medebroeder, die juist zijn benoeming voor Tumikia had gekregen na de gewoonlijke drie maanden taal en cultuurinleiding, naar Johannesburg gebracht. Wij hebben de Heer hier geweld aangedaan en na 14 dagen is hij uit zijn coma gekomen en zijn er zover het zich laat aanzien geen ernstige gevolgen van die hersenmalaria overgebleven. Hij kan echter op doktersadvies niet meer werken in een land waar malaria mogelijk is... Dus weer een medebroeder die we kwijt raken. Vorig jaar Frank Roelants, een andere, vanwege sentimentele oorzaken. Vervang die maar.
Ik zie persoonlijk ook grote problemen voor Ngondi als ze mij ergens anders heen verplaatsen. Er is niemand die op het ogenblik mijn boekhoudingactiviteiten kan overnemen en dat is ook niet in enkele weken aan te leren. Misschien nemen we de oude methode van in de tijd dat ik provincie-econoom was. 3 a 4 keer per jaar naar Ngondi om daar dat werk te doen. Mensen voor economie vinden is o zo moeilijk. De 77-jarige econoom van Ghana hebben ze voor een maand laten overkomen omdat de hele boekhouding in Ghana een warboel is. Er komt zoveel bij kijken. Ik ben een kleine maand bezig geweest om de jaarbalans klaar te krijgen. En ik was er op het einde toch niet 100 % tevreden over, omdat er zovele onvoorziene zaken zijn geweest die je op meerdere plaatsen kunt inschrijven. En dat merk je pas bij de laatste controle. Hopelijk is de provincie-econoom clement. Ik ga er maar een eindje aan maken. Ik wens jullie een zalig Pasen toe en bidden we dat voor Congo het ook een feest van bevrijding en nieuwe energie mag worden. Vriendelijke groeten.

Correspondent: François De Meulder

Ngondi - 14 november 2001

Het is heel lang gelden dat ik iets van jullie gehoord heb. Mijn aanvraag voor het jaar 2002 heb ik aan het directieadres gestuurd omdat ik maar niet begreep dat er geen levensteken van Kalmthout kwam. Ik beloofde toen dat ik in november een uittreksel van het fonds de Brug zou sturen om verantwoording af te leggen hoe de gelden besteed zijn.
Misschien moet ik er een klein commentaartje bij geven. De 448 euro a nouveau zijn nog een saldo van pater Hoff, dat ik overgebracht heb naar de Brugrekening.
Het ziekenhuis Bonga moet soms rekeningen betalen aan de garage van Ngondi. Die verwerk ik dan met de rekeningen die ik moet betalen voor operaties van zieken. Eveneens de post ‘retraite Sychar’. De finalisten van het institut medical van Bonga komen in april voor een retraite. In die tijd krijgt de jeep van het ziekenhuis een revisie. De factuur ervan wordt dan ook op dezelfde manier verwerkt tegen de facturen van Bonga aan mij.
Het geld is besteed zoals gevraagd was in augustus 2000. Hulp aan suikerzieken die de insuline niet of niet volledig kunnen betalen, vandaar de creditposten; operaties dito in het ‘centre de sante’ en zorg voor de kinderen. Het klein saldo is intussen verdwenen met een rekening van 50.000 FC of 7.000 Fr. voor de maand oktober van het gezondheidscentrum.
5 december viert onze familie de honderdste verjaardag van de oudste zus van mijn moeder. Ik heb verlof gekregen om het feest mee te maken en ik vlieg dus deze week naar Nederland. Met welke maatschappij is nog een vraagteken. Of direct met Kameroen-airlines of via Nairobi met de KLM. Tegen medio december hoop ik dan weer terug te zijn in Ngondi om daar met de medebroeders mijn 75ste verjaardag te vieren. Mijn gewoon verlof is in de zomer van 2002, wat dan samenvalt met mijn gouden priesterfeest.
De politieke toestand zit nog steeds volledig vast na de mislukking van Addis Abeba. En nu maar weer hoopvol uitzien naar de volgende poging in Zuid-Afrika in Durban. Het nieuwe millennium is werkelijk heel slecht begonnen en wat staat er nog voor de deur en welke slechte zaken kunnen we nog verwachten. De wereld is gewoon in twee gesneden door de gebeurtenissen van 11 september. Wie had dat kunnen denken.
In het binnenland bemerken we weinig van alles wat geschiedt. We hebben geen kranten, geen televisie, geen internet, zoals hier in Kinshasa. De enige nieuwsbron is de radio van de buitenlandse zenders, want radio Kinshasa is ook niet te ontvangen. De post blijft weken onderweg en de gelegenheden om post naar Kin te krijgen zijn zeldzaam. Ik zeg altijd maar dat we in de diaspora wonen of midden in het oerwoud, waar we ons leventje van iedere dag leven in een nogal grote monotonie. De bevolking blijft op allerlei manieren beroep op ons doen en beschouwt ons als mensen die een oplossing voor alles hebben. Ze komen om de gekste dingen vragen. De studerende jeugd denkt dat we onbeperkt kunnen helpen met minerval en betaling van schoolgelden. En o zo vaak moet ik weigeren. De laatste week heb ik zelfs verschillende sociale hulp voor operaties moeten afslaan; de ziekenhuizen komen ook niet meer uit de kosten vanwege de hoge prijzen van de geneesmiddelen. Ik geef een voorbeeld voor de aankoop van insuline. Jarenlang heeft de prijs op ongeveer 110 Fr. gezeten, maar vorige week was de prijs in Kikwit 1.050 FC per flesje, wat neerkomt op 150 Fr. En ik was dus heel wat geld kwijt voor 40 eenheden. Gelukkig dat ik nog een injectie heb gekregen van mijn parochie uit Utrecht.
Het klinkt misschien alles een beetje somber, maar het is de werkelijkheid voor de arme bevolking van Congo die op allerlei gebied uitgebuit worden en langzaamaan alle houvast begint te verliezen, vooral op zedelijk gebied. Alle middelen zijn goed om aan geld te komen. En hoe vaak bemerken we dat we beetgenomen zijn, vervalste facturen, te hoge prijzen, belofte van terugbetaling die nooit verwerkelijkt worden. ik moet daar altijd aan denken als we tijdens de vespers bidden: hij is gerecht die geen woekerwinsten vraagt en leent zonder hoop op terugbetaling.
Aan het einde van deze maand beginnen we weer de advent en bidden we dat de Heer gerechtigheid zal laten regenen op een corrupte wereld. Dat ons gebed dit jaar een beetje waar mag worden en dat wij er een beetje aan mee mogen werken in de trouw aan onze roeping die we proberen te vervullen in ons missieterrein wat de Congo republiek van einde 2001 is.
Ik wens jullie een zalige advent, een zalig kerstfeest en een beter 2002 toe dan we beleefd hebben in het eerste jaar van het derde millennium.

Correspondent: François De Meulder

Ngondi - 6 september 2001

Volgens de spelregels had ik in augustus al moeten schrijven. Ik heb echter zitten wachten op een antwoordbrief van mijn vorig schrijven? Maar jullie zijn niet de enigen van wie ik een brief verwacht. Het schijnt dat de post in Kinshasa weer aardig in de knoop zit. Waarschijnlijk zijn de mannen niet betaald.
We zitten hier nog steeds in de droge tijd en dat is heel abnormaal. Eind augustus moeten de meeste velden ingezaaid zijn met aardnoten en maïs. De mensen die het gedaan hebben na een klein regentje zitten nu zonder zaaigoed omdat alles verbrand is. Het is het tegenovergestelde van vorig jaar toen augustus drie goede regens had. Een catastrofe meer voor onze mensen. Waar nieuw zaaigoed vinden en aan welke woekerprijzen zullen ze moeten gaan kopen?
Ik schreef in een vorige brief dat ik na een gastroscopie in Kinshasa als remedie kreeg: 5 kg afvallen. Dat is intussen gelukt en de maagklachten zijn praktisch verdwenen. Ik hoop dat bij jullie ook alles goed is, tenzij het uitblijven van een levensteken een andere oorzaak zou hebben. Daarom schrijf ik deze brief via het adres van de Brug.
Augustus is de termijnmaand voor het indienen van de projecten voor het nieuwe jaar. Ik geloof niet dat ik veel veranderen moet, omdat de sociale hulp nog steeds nijpender wordt. De insulineaankoop is nu 140 Fr. per fiole. Dus een verhoging in prijs van 30 %. Een zieke zou dus nu 900 FC moeten betalen. Dus er zal nog minder terugkomen als het laatste jaar. Hetzelfde moet ik zeggen van de jonge kinderen die ik naar het ‘centre de sante’ stuur. Per kind komt een bezoekje neer op 1.200 FC (180 Fr.) Ik moet nu aan een Nederlands liedje denken dat als refrein had: ‘Wie kan dat betalen, wie heeft zoveel geld?’ En we kunnen het antwoord geven als we wie vervangen door ‘DE BRUG’. Ik kreeg voor de maand juli een factuur van 60.000 FC voor nog geen 50 kinderen. En 90 % van dat bedrag gaat weg aan geneesmiddelen.
Ik probeer de moeders uit te leggen dat ze niet voor iedere kleine ziekte moeten komen en veel kunnen doen om ziekte te voorkomen, vooral voor diarree en een begin van pneumonie. Maar het is o zo moeilijk, want iedere moeder is overtuigd dat ze recht op een briefje heeft, zelfs als ze het centre kunnen betalen. We gaan verder met de opvoeding van de moeders. Een van onze broeders komt binnenkort met de jeugd praten over het SIDA probleem en onze broeder Theo is terug van een studie van 2 jaar in Kameroen met als thema ‘ontwikkeling’. Hij zal veel kunnen doen, maar zal wel gehandicapt zijn in zijn verplaatsingsmogelijkheden.
Politiek is het rustig en we hopen dat de verschillende partijen tot een echt eerlijk gesprek zullen komen in Addis-Abeba. Maar voor alles geregeld zal zijn moet er nog heel wat water door de Congostroom naar de oceaan stromen.
Ik eindig met de hartelijke groeten en bij voorbaat dank voor de voortgang van het sociale project.

Correspondent: François De Meulder

Ngondi - 20 juni 2001

Sinds enkele dagen ben ik in Kjnshasa na een verblijf van 10 dagen in Bandundu, waar we het eeuwfeest van de evangelisatie van onze streek gevierd hebben en tevens het feit hebben herdacht dat de SVD 50 jaar in Congo werkt. Net zoals de driekoningen keerde ik langs een andere weg terug naar Ngondi. Een weekje per jaar in Kinshasa is toch niet te veel. De volgende maand is het niet meer mogelijk omdat er een medebroeder op vakantie gaat en er dus voor overblijvers iets meer werk zal zijn. Ik schrijf jullie dus over de feestelijkheden van de vorige week.
Omdat de feestelijkheden in Bandundu op 11 juni begonnen was dus het grote probleem hoe er te komen. Er was weinig keus tenzij vervoer over de weg. De kortste weg was niet mogelijk omdat de veerboot over de Kwilu voor Bandundu, ondanks alle beloften, niet operationeel was. Er zat ook niets anders op dan over Bagata te gaan, maar dat is in één dag niet mogelijk. Derhalve vertrokken we donderdagmiddag eerst naar Tumikia op 90 km van Ngondi. Daar hebben we overnacht en ‘s morgens zijn we om halfvijf op weg gegaan. Broeder Fortunaat, broeder Nicolas en ik, omdat de andere medebroeders of door hun werk verhinderd waren of de zware reis niet aandurfden. Ik had geen keuze, omdat iedereen op mijn aanwezigheid rekende als de langstwerkende van de 70 missionarissen die voor de onafhankelijkheid naar Congo zijn gestuurd. Van die 70 werken er hier nog 8. Drie hebben de moeilijkheden van de weg getrotseerd. Twee zijn op verlof, de andere hadden geen moed voor zo’n lange reis. De weg had meer slechte stukken als goed berijdbare en op 30 km van Bagata stonden we ineens voor een afdaling die de vorige dag door een stortregen volledig onbegaanbaar was geworden. Gelukkig was het terrein naast de weg alleen maar bezet met struiken, zodat we met de jeep een eigen omweg konden maken om dat slechte stuk voorbij te komen. Om half elf stonden we voor de plaats waar de veerboot vertrekt naar de overkant. Maar eerst moesten we 10 liter ruwe olie en 2 liter motorolie per ‘piroque’ naar de overkant brengen voordat de veerboot in werking kon worden gezet. De veerboot zette ons over aan de kant waar de weg naar Beno loopt, waar we tegen 13 uur bij onze Poolse medebroeder aankwamen. Een biertje gedronken en gegeten. Ik heb nog een half uurtje op bed gelegen en om 14 uur werden we over de Kwilu gezet en begon een reis van 90 km naar Bandundu, waar we tegen 18 uur aankwamen. De 10 medebroeders die dezelfde morgen uit Kinshasa waren vertrokken hebben onderweg moeten proberen slapen in hun jeep. In Bandundu hoorden we dat de president Joseph Kabila ook van de partij wilde zijn bij de viering en dus zaterdag naar Bandundu zou komen. Gevolg dat de voorgenomen pelgrimstocht naar Wombali, dat aan de overkant van de rivier ligt, niet door kon gaan vanwege de aankomst van de president. We hadden het kerkhof van de eerst sj missionarissen willen bezoeken en de ruïne van de eerste kapel en de missiestatie. Dat was wel even een teleurstelling.
Zaterdag kwamen de laatste medebroeders aan per jeep en enkele per vliegtuig en waren we compleet met ongeveer 45 man. Ik heb natuurlijk veel bezoek gehad van vrienden en bekenden en heb veel afgepraat met medebroeders die ik lang niet meer gezien had.
Zondagmorgen begon de eeuwviering van de missionering van de Bandundu provincie om halfnegen. De president zat al op zijn stoel voor dat we binnentrokken. Hij heeft het helemaal niet op met al die poeha om zijn persoon. Om 6 uur was hij al de wegen aan de overkant van Bandundu en van de andere kant naar Bagata aan het inspecteren. Zijn auto heeft verschillende keren vastgezeten in de modder. Het geld dat gegeven was voor de herstelwerken was voor een gedeelte door de gouverneur achterovergedrukt. Hij zal nu wel vervangen worden, want hij heeft al genoeg geld in eigen zak gestopt. Na een bezoek aan het ziekenhuis reed hij direct door naar de plaats voor de kerk waar de mis ter gelegenheid van het eeuwfeest werd gecelebreerd. Hij zou een uur blijven en na het Gloria gingen de drie bisschoppen van de diocesen Kenge, Popokabaka en Idiofa hem bedanken voor zijn komst en vertrok hij naar Inongo en Kikwit voor verdere inspecties. Onder de H. Mis werden nog 2 priesters (een oud-leerling) en 1 diaken gewijd.
Er waren zeker meer als 80 priesters aan het altaar, waaronder 30 svd-medebroeders. Om 14 uur was de lange dienst afgelopen. Het diner werd pas tegen 16 uur opgediend door gebrek aan organisatie. Er waren zeker 400 tot 500 genodigden. Maandagmorgen om half tien opende de bisschop (een svd-er) onze assemblee. Daarna rapporten aanhoren, problemen doorpraten enz. Dinsdagmorgen werd ik gevraagd, als langstwerkende medebroeder, de eucharistie te vieren met nog twee medebroeders die nog voor de onafhankelijkheid van Congo hun missiewerk begonnen zijn. Donderdag was de eigenlijke viering van ons zilveren feest met een plechtige mis en enkele feestliederen gecomponeerd door onze prenoviezen. Daarna om 12 uur een borreltje en een goed diner met 35 gasten. We waren met 70 man aan tafel.
Ik had in Ngondi al besloten om via Kinshasa terug te gaan naar Ngondi. Het zat er even in dat dat zou lukken met een vliegtuigje, maar ik stond vrijdagavond nog steeds op de wachtlijst. Om geen risico te lopen ben ik toen maar over de weg gegaan. Dus om 5 uur uit bed, om 5.45 uur met een piroque naar de overkant van de Kwilu, waar sinds de vorige avond twee van onze jeep naar waren overgezet. Tot 150 km voor Kinshasa, waar de asfaltweg begint, hadden we 10 uur nodig. We kwamen doodmoe en grijs van het stof om 18 uur in Kinshasa toe. Ik zal er wel een beekje blijven en het maar beschouwen als een beetje vakantie.
Ik heb van mijn verblijf in Kinshasa geprofiteerd om een gastroscopie van de maag te ondergaan. Ik had de laatste weken veel last van maagzuur en was erg moe. Je gaat dan meteen aan een maagzweer danken. Resultaat van het onderzoek was dat de maagwand in orde is maar een zwakke plek heeft, maar dat weet ik al 25 jaar. Ik had gemerkt dat als ik het kopje koffie door thee vervang, het veel minder werd. Ook geen alcohol drinken had zijn effect. Maar de oorzaak dat er een reflux van de maaginhoud naar de slokdarm is, komt van mijn gewicht. Ik ben de laatste maanden haast 3 kilo aangekomen en die kilo’s drukken de maag omhoog met het fameuze resultaat. Dus dieet: weinig of geen vet en boter, geen suiker. Het andere middel, meer beweging, is moeilijk te verwerkelijken met mijn zittend leventje. Fietsen in het zand is niet te doen en als ik rondjes ga lopen verslijt iedereen me voor gek. Ik probeer dus eerst me trouw aan dat dieet te houden en hoop dat het wat uithaalt.
Met de nieuwe president schijnt het land langzaam zijn plaats weer in te nemen in de internationale gemeenschap. Maar het probleem blijft dat 70 % van de rijkdommen in het rebellengebied liggen en dus niet kunnen meehelpen aan een economisch reveil. Er is geen werk, geen geld voor ziekenzorg en school. Dat moet alles van de ouders komen, wat onmogelijk is. De wegen zijn praktisch onbegaanbaar en de wegenbelasting verdwijnt waar het voor eigen doelen gebruikt wordt. Er moet eerst een grote opruiming worden gehouden onder het corrupte ambtenarenapparaat voordat er van verandering sprake kan zijn. En dan het politiek eens worden tussen de centrale regering en de verschillende rebellenbewegingen. Daar zitten nu de Unosoldaten tussen, zodat er niet meer gevochten wordt. Maar daarmee komen ze niets verder.
Met de hulp van de Brug heb ik veel goed kunnen doen. Ze hebben nu ontdekt dat de vele gevallen van suikerziekte hun oorzaak vinden in niet goed bewerkte maniok. Ik heb nu al meer dan dertig zieken die iedere maand om insuline komen. Haast niemand kan de 750 FC volledig betalen (100 Bfr.). Dus dat wordt nu door jullie subsidie aangevuld. Ook de jonge kinderen worden meer en meer slachtoffer van de economische toestand. TBC en slaapziekte slaan onbarmhartig toe en vragen dure verzorging. En het is weer De Brug die jonge levens redt. Ik moet iedere maand praktisch 50 baby’s en jonge kinderen naar het medisch centrum sturen voor verzorging. Dat komt per kind meestal op 1.000 FC, omdat de geneesmiddelen schandelijk duur zijn. We proberen er de moed in te houden en ik ben blij met die drie weken afwezigheid in Ngondi. Dinsdag gaat het weer over de weg terug het binnenland in.
Ik hoop dat jullie gezondheid niet teveel opspeelt en wens jullie een goede vakantie toe.
Ik eindig deze bief met de beste wensen bij het jubileumjaar van de Brugwerkzaamheden. Veel groeten.

Correspondent: François De Meulder

Ngondi - 28 februari 2001

Jullie brief van eind oktober ligt al sinds begin december op mijn tafel. Het wordt dus meer als tijd dat ik weer eens iets van me laat horen. De aankomst van het eerste nummer in het jubileumjaar van het Brugtijdschrift is daar wel de aanleiding voor. Ik kreeg dat boekje vorige week binnen. Ik las daar het goede nieuws dat de directie eind december de opbrengst van alle initiatieven en alle inzet heeft verdeeld en aan 39 missionarissen en/of ontwikkelingshelpers de mooie som van 57.000 ft. heeft kunnen overmaken voor het realiseren van projecten van allerlei aard en over de 5 continenten verspreid. Wat zal er weer veel hulp verleend kunnen worden dankzij de vele inzet van de leden. Ik zal waarschijnlijk pas in april de stortingsmededeling krijgen, maar dan schrijf ik wel weer. Er zit nog iets van de hulp van vorig jaar op mijn lopende rekening, zodat ik vooruit kan met hulp geven tot ik het geld van 2001 kan laten overmaken.
Vanwege de doorgaande inflatie (momenteel 4 Congofranken voor een Belgische) worden de prijzen steeds hoger en de koopkracht van de mensen steeds geringer. Van de 30 insuline patiënten betalen er maar enkele de prijs van 300 FC., 25 % krijgt de insuline gratis en de overige betalen wat ze kunnen of ze komen met wat pinda’s of bananen om hun dank te betuigen, maar dat blijft ver onder de prijs. Dus de Brug komt tussenbeide om die mensen in leven te houden.
Ik stuur tevens een verantwoording mee van de gelden die ik voor het jaar 2000 heb ontvangen en uitgegeven. Uit de twee bijgevoegde rekeningen kunnen jullie een beetje zien wat er zich zoal gepresenteerd heeft om geholpen te worden en wat de meest voorkomende zieken zijn: ondervoeding, TBC en diarree.
Intussen hebben we weer goed in de angst gezeten bij de moordaanslag op Kabila Sr. Er had van alles kunnen gebeuren. Gelukkig is er grosso modo weinig gebeurd. Wij weten alleen dat de militairen in Kikwit gereageerd hebben met inval in enkele zustercommuniteiten en praktisch de hele nacht geschoten hebben. Maar het voornaamste is geweest dat het in Kinshasa rustig gebleven is en dat er een interne machtsstrijd voorkomen is door Joseph Kabila te vragen het presidentschap op zich te nemen. Ze hebben hem ergens aan het front moeten ophalen, want hij was niet in Kinshasa op het moment van de moord op zijn vader. Het is misschien wel de beste oplossing geweest. De politiek zat hartstikke vast en het schijnt dat er nu weer wat openheid komt en dat er gepraat kan worden en dat men zelfs van goede wil is. Hopen we dat het zo verder gaat en dat het land uit de Augiasstal komt. Alle achterstallige salarissen van militairen en leraars zijn betaald. Dat is natuurlijk een geweldige pree. Als nu ook de mannen van de taksen beteugeld worden, kunnen we weer wat vrijer ademen. Want de laatste maanden is het verschrikkelijk geweest, niet alleen voor ons die nog geld hebben, maar ook voor de gewone man die tot de laatste druppel bloed wordt.uitgezogen. Uit het hoofd van deze brief zien jullie dat de congregatie SVD-Kongo 50 jaar hier werkt. Het zal in juni gevierd worden. Ik heb er van de 50 jaar 45 meegeleefd, want ik kwam op 2l februari 1957 aan in Leopoldville. Tevens viert het diocees Kenge, waarin we begonnen zijn in 1951, het feit dat in 1901 de eerste SJ-missionaris in Wombali het missiewerk begon. We hebben die feesten samen gelegd in juni. Tevens hebben we dan generale visitatie die zijn einde zal vinden in Bandundu met een assemblee van de SVD-provincie. Bandundu ligt aan de overkant van Wombali met de Kwilu rivier ertussen. Vanwege de slaapziekte werd in 1930 de missie naar Banningville overgeplaatst.
Dank ook voor de diverse berichten uit Europa. Wij horen er hier weinig over. Prettig te lezen dat in de grote familie alles naar wens gaat en dat is toch een prettig iets, want o zo vaak hapert er iets.
Hoop spoedig iets te horen en eindig met de hartelijke groeten vanuit Ngondi in de heetste en zwoelste maand van het jaar. Je zweet als je rustig niets zit te doen op je kamer.

Correspondent: François De Meulder

Ngondi - 18 augustus 2000

Het is al weer een tijdje geleden dat Ik geschreven heb. Ik kreeg het aprilblaadje door met mijn verhaal erin. Ofschoon ik nog geen antwoordje heb op mijn laatste brief aan jullie, maar omdat we in augustus moeten schrijven in verband met de projecten, ga ik er na het avondgebed maar even voor achter de computer zitten. Het is dan zo lekker rustig en je kunt achter elkaar doorwerken zonder iedere keer onderbroken te worden.
Nu Lusaka 2 mislukt is, weten we niet wat er politiek zal gaan gebeuren. Wordt er toch achter de schermen doorgewerkt of gaat de burgeroorlog weer een nieuwe fase in en komen wij dan hier in Ngondi ook aan de beurt misschien. Het is misschien heel reëel om daar rekening mee te houden. Ik ga niet weer schrijven hoe de toestand is, want het wordt eigenlijk alleen maar erger. De Congolese frank is nog 0,69 Fr waard en de prijzen zijn dan ook naar. Ik kreeg voor de in de maand juli behandelde zieke kinderen een rekening van 8.700 fr. C. (6.500 Bfr.)
De droge tijd is verschrikkelijk geweest en de mensen hebben weinig groenten gehad. Dat wreekt zich vooral op de moeders met baby’s. Die hebben te weinig melk, zodat de missie weer tussen moet komen met poedermelk en wat suiker en soms met wat rijst. Ook de ouden van dagen hebben het zeer moeilijk en komen vaak ook wat rijst en een doosje sardientjes vragen. Voor de ondervoede kinderen, de kwaskiorkinderen, stuur ik iedere trimester een contributie in de vorm van suiker, melk, zout, etc. naar het centrum, wat de zusters proberen aan de gang te houden.
Dus ons leventje komt steeds meer in het kader te staan van de mensen te helpen om te overleven. Iedereen is nu bezig de velden klaar te maken om dan maïs, boontjes en aardnoten in te zaaien als de eerste regens komen. Maar veel mensen hebben hun zaaigoed opgegeten en dan helpen wij ook maar daarmee om tegen een schappelijke prijs zaaigoed te verkopen, want anders vallen ze in de handen van de woekeraars die bij de oogst de helft komen weghalen.
Vorige week heb ik met de communiteit doorgesproken op welke manier we de aan te vragen subsidie voor het jaar 2000 zouden willen besteden:
1. doorgaan met de zorg voor de hele jonge kinderen.
2. de zorg op ons nemen voor verschillende kinderen, wezen of geweigerd door een tweede vrouw: kleding, schoolgeld en extra voedsel.
3. de diabetici, die iedere maand een injectie nodig hebben (120 Fr.) en dit gedeeltelijk in geld of in natura kunnen betalen, aan hun injectie helpen.
Het is in de geest van het hoofdstuk 25 van Matheüs, maar als je de lezingen van de profeten hoort tijdens de eucharistie merk je dat ze daar voortdurend op hameren. Het lijkt er soms op dat God zijn oren sluit als je niet tevens caritatief bezig bent. Ik hoop dat God naar mij blijft luisteren als ik “gul” mag geven dankzij de financiële steun van de Brug.
Hartelijke groeten en ik reken op een gebedje.

Nu moet ik toch nog verder schrijven. Gisterenavond schreef ik jullie en de volgende middag kwam er post met een vrachtwagen vanuit Kinshasa met jullie brief van 27 juli. Als alles meeloopt gaat het wat vlugger.
En dan nog het zilveren feest van de Brug in het vooruitzicht. Dat zal ook een gelegenheid tot dank zijn voor zovel solidariteit met de “derdewereldlanden”, voor alle inzet telkens weer om de aanvragen tot hulp te kunnen blijven steunen. Wij voelen ons er door gesteund en krijgen er de moed door om door te werken, ook nu in de moeilijkste omstandigheden.
Ja, nog een klein nieuwtje van pater Hoff (die indertijd de Brugprojecten van Willy Van Tichelen). Pater Hoff is uitgegleden en heeft het dijbeen bij de ingang van het bekken gebroken. Hij is liggend naar Duitsland vervoerd en daar direct geopereerd. Hij is al met de revalidatieoefeningen bezig.
Voor de tweede keer hartelijke groeten en tot schrijfs.

Correspondent: François De Meulder

Ngondi - 7 juli 2000

Het is al weer te lang geleden dat ik iets van me heb laten horen. De factuur van het ‘centre de sante’ van de maand juni herinnert me eraan dat ik weer eens moet schrijven. Het was een factuur van 10.000 Fr.C., wat neerkomt op 8.000 Bfr. voor 40 kinderen die ik heb kunnen verzorgen met de hulpgelden van de Brug. De maand juni is de eerste maand van de droge tijd met zijn koude nachten en de gebruikelijke griepperiode. Dus veel zieke kinderen. Ik kreeg van de Nederlandse SVD-provincie een hulp om ieder trimester een zak rijst, suiker, zout en wat sardientjes voor de kwaskiorkinderen te sturen, die in het centrum enkele weken verblijven om weer normaal van kleur te worden. Tegelijkertijd krijgen de moeders wat praktische tips hoe ze het eten van de kinderen wat rijker aan proteïnen en vitaminen kunnen maken.
We hoorden vorige maand ook ineens dat we weer eens naar Kikwit moesten komen (180 km) voor een hernieuwd recensement. Het kostte ons weer twee dagen en de bagatel van 1.200 Fr.C. per persoon en 400 Fr.C. voor de foto’s. We zijn benieuwd wat ze nu weer zullen uitvinden om ons het leven moeilijk te maken.
Gisteren hebben we tenslotte de taksen voor allerlei activiteiten, die we in Ngondi uitoefenen betaald: veeteelt, garage, menuiserie, turbine. We hebben ontheffing maar die willen ze niet meer erkennen. We hebben haast 12 maand liggen te vechten tot in Kinshasa toe, maar daar speelt de maffia op niveau van de ministeries hoogtij. Tenslotte werd er gedreigd met rechtbank en beleg op eigendommen van Ngondi. Ze gingen tenslotte met 11.000 Fr.C, de deur uit. En als dit jaar hetzelfde spelletje gespeeld zal worden zal het ons 30.000 Fr.C. gaan kosten, omdat de dollar van 9 Fr.C. nu 22,5 Fr.C. genoteerd staat op de Congobank. We gaan een beetje lijken op de melkkoe van de staat. Het is praktisch alleen nog bij de missies en andere sociale inrichtingen die nog functioneren, waar nog wat te halen is.
De droge tijd is dit jaar verschrikkelijk. Tijdens de maand juni viel 1 mm regen en de bomen laren hun bladeren vallen om te proberen overleven. De bevolking heeft haast geen groenten, behalve als ze ze uit onze tuin wegstelen. We hebben dit jaar een mango-oogst gehad in juni, buiten seizoen. Die man go’s zijn nu rijp. En de bomen hebben nu weer gereageerd met een tamelijk overvloedige bloesem. Een eigenaardigheid van de natuur, maar zeer welkom in deze droge tijd.
Ik ben eind mei nog een kleine week in Kinshasa geweest voor de wijding van twee jonge medebroeders die ik 8 jaar begeleid heb in hun noviciaat. Zo’n ceremonie is steeds weer een moment van vreugde in deze hopeloze tijd. Ik zie dat ik al aan regel 50 begin en eindig dus, omdat deze brief nog kan naar Kinshasa, als de jeep van de zusters langskomt.
Veel hartelijke groeten en beste wensen voor de vakantietijd, want jullie zullen wel op bezoek gaan of veel bezoek ontvangen.

Correspondent: François De Meulder

Ngondi - 13 februari 2000

Enkele dagen geleden stuurde de secretaris van de provinciaal een diskette. Ik heb die natuurlijk direct in de computer gestoken en er stonden twee fichiers op. Ik ben begonnen om de eerste te lezen. Het geheel besloeg 4 bladen en ik vind het eigenlijk wel interessant voor jullie een blad op te sturen om te laten zien hoe of jullie E-mail hier aankomt.
Veel dank voor de goede wensen en vooral voor de energie die uw gebed los zal maken voor ons werk in steeds moeilijker wordende omstandigheden. Het is vooral die angstpsychose die het leven dol maakt. Een klein voorbeeldje dat we vorige week zelf hebben beleefd. Om 8 uur ‘s morgens kwam de commandant van de militairen van Masimanimba met 3 andere gewapende soldaten om een onderzoek in ons huis uit te voeren. Wij hebben namelijk onder de kapel 10 kamers in het souterrain. En nu gaat het gerucht dat wij daar rebellen verschuilen en dat we daar geregeld louche vergaderingen houden tegen het regime natuurlijk. Ik heb elke kamer moeten opendoen om ze te overtuigen dat er niemand in verborgen is en dat ze momenteel niet bewoond zijn. Dan zouden wij als waakdieren en een leeuwtje en een pantertje op na houden. Dus ook controle van het hondenhok met zijn zwarte en bruine hond. Het is meer dan belachelijk dat ze alles geloven wat de mensen zo al vertellen. Voor verplaatsingen heb je ‘feuille de route’ en nog heter een ‘ordre de mission’ nodig en dan wordt nog je hele bagage onderzocht.
Van de eigenlijke oorlog merken we niets. Het front is in de buurt van Dekese (Svd.statie die in handen van de rebellen is en waar we ook nog een medebroeder hebben zitten) op 900 km. De bevoorrading verloopt moeilijk, maar we hebben aan niets gebrek ofschoon af en toe de spoeling wat dun is als by. de procurator van Kinshasa vergeet kaas mee te geven als er een gelegenheid is. Met de vrachtwagen van de commercanten kunnen we ook voldoende ‘carburant’ aankrijgen.
Nieuws krijgen we van de buitenlandse zenders die goed doorkomen en allemaal tezamen toch een enigszins redelijk beeld van de toestand geven. Tv hebben we niet en we zien er het nut niet van in een paraboolantenne aan te schaffen.
Ik was aangenaam verrast over het grote bedrag van mijn project voor her jaar 2000. De hulp voor de mensen wordt steeds duurder. Nu zijn er weer veel slaapziektegevallen geconstateerd en de zuster heeft me al gevraagd of ik de verzorging op me kan nemen. Ook de zorg voor de suikerziekte wordt steeds duurder en de mensen willen alleen maar een injectie hebben. Als de helft van de zieken betaalt ben ik al blij, maar ik moet voor de andere helft opkomen (100 Fr. per injectie).
Ik heb met interesse de andere nieuwtjes uit België gelezen.
Ik heb nog meer correspondentie af te werken want overmorgen is er gelegenheid om post mee te geven naar Kinshasa. Jullie weten dat een videocassette met een goede film altijd welkom is. Maar het probleem is hoe die hier te krijgen.
Ik eindig met de beste en hartelijkste groeten en schrijfweer als ik de overschrijving van de projectgelden kan bevestigen.

Correspondent: François De Meulder

Ngondi - 27 december 1999

Nu ik deze brief aan jullie ga schrijven zijn we geen 100 uur meer af van het jaar 2000. Als deze brief aankomt in Kalmthout zal het wel medio januari zijn, want ik zie nog geen enkele gelegenheid om mijn post naar Kinshasa te krijgen. Jullie brief gedateerd van 7 november kreeg ik na mijn terugkeer uit Bandundu, waar ik enkele dagen was in verband met het regelen van zaken met de diverse instanties. Het was een reisje van 14 uur over heel slechte wegen. Het bewijs: we hebben zeggen en schrijven één enkele jeep ontmoet en dat was op enkele km van Bandundu.
Later kreeg ik ook nog een diskette toegezonden met de e-mail, maar helaas is mijn draagbare computer in herstelling en de tekstverwerker Word 2 op de bureaucomputer weigert om de e-mail (die met Word 6 geprint is) aan te passen. Bij terugkeer van mijn draagbare zal ik dan de diskette kunnen lezen, maar ik denk dat de tekst dezelfde is.
Ook ons communicatiesysteem om via Kinshasa een e-mail te versturen ligt hopeloos in de vernieling. Zelf zie ik geen kans om de moeilijkheden met het apparaat op te lossen. En om alles naar Kinshasa te sturen over de weg met de controles is te gevaarlijk. Dan maar zonder tot er misschien eens een expert langs komt.
Congo heeft een zeer triestig kerstfeest gevierd. De kranten schreven over ‘des fêtes blanches’ voor de bevolking. Weinig te koop en tegen abominabele prijzen. De FC is nog 1,68 bf. (was op 1.1.99 ongeveer 10 bf.). Je kunt een inflatie van 600 % voor het jaar 1999 schrijven. Er zit geen enkele beweging in de politiek. Die handtekeningen van Lusaka zijn volgens mij dode letter gebleven. En de holle belofte dat men voor 2000 de rebellen zou verslagen zou en het land zou hebben uitgezet, is alleen maar weer propaganda geweest. Net zoals de avondklok over het hele land, tot in de dorpjes waar enkele militairen zitten. En maar controles en nog eens controles: op de auto’s, de identiteitskaarten. En dan taksen die iedere gouverneur aan de lopende band maakt.
Vanaf vanmorgen 6 uur regent het en daar profiteer ik van om achter elkaar verschillende brieven te schrijven, want je wordt niet door allerlei mensen gestoord die je nodig hebben.
Ik ben benieuwd hoe de computer zal reageren op het jaar 2000. Ik voorzie met de afsluiting van de boekhouding moeilijkheden want de provincie-econoom heeft afgeraden het zelf te doen. Hij zal langskomen of ik ga bij hem als hij terug komt van zijn verlof. Waarschijnlijk moet ik toch naar Kinshasa provinciaal kapittel begin februari. Als ik dan klaar ben met de balans van ons complex hier, kan hij een en ander veranderen in de programmatiegegevens.
Het is een beetje een lapjesdekenbrief geworden, maar ik wilde toch een klein levensteken geven vanuit Congo. De Brug zal ook het jaar hebben afgesloten na de laatste acties en we hopen dat we binnenkort vernemen wat we dit jaar voor de verschillende projecten kunnen besteden. Naast de jongere kinderen moeten we nu ook meer tussenbeide komen voor de mensen met suikerziekte. Vroeger konden ze zelf hun insuline kopen en brachten ze wat vruchten mee. Maar momenteel moeten ze 42 FC betalen voor één ampul insuline. We moeten dus voor een heel groot percentage helpen.
Ik nader het einde van mijn brief. Ik ben al op de achterkant bezig merk ik.
Ik wens jullie een goed jaar 2000 toe met niet te veel problemen. Wij hopen dat het jubeljaar aan Congo de zo lang verwachte vrede en verzoening zal brengen. Wij bidden daar elke dag voor.
Met vele hartelijke groeten.

Correspondent: François De Meulder

Ngondi - 17 oktober 1999

Wat vliegen de weken toch om. Het is deze week twee maanden geleden dat ik in Kalmthout op bezoek was en dat we een kort, maar toch interessant uurtje hebben gehad.
Volgens plan ben ik 4 september teruggelogen naar Kinshasa en na weekje met een medebroeder, die naar Kenge terugging, mee in de jeep. Gelukkig was de regentijd nog niet echt begonnen. Een kleine regen had de wegen zelfs beter gemaakt, zodat we weinig last hadden van teveel zand. Zodoende waren we om 15 uur al in Kenge. De volgende morgen ging het verder met pater Ditona, de kapelaan van onze parochie in Kenge. Om halftwaalf terug in Ngondi na drie maanden verlof.
Ik viel al direct in het werk, want vrijdag was er een assemblee van 25 zusters. De week daarop een retraite voor onze eigen theologiestudenten. Deze retraite werd besloten met de eeuwige geloften van frater Michael Bandowa en de vernieuwing voor een jaar voor 14 anderen. Twee dagen later liep er toen weer een retraite voor medebroeders svd, wereldpriesters en zusters. In totaal 25 retraitanten. Nu ik dit schrijf is het centrum bezet door 25 zusternovicen met een studieweek over de KERK - familie van Godskinderen.
Over de toestand. Het klimaat is fel verslechterd. Ze hebben een fobie dat er overal rebellen zijn en daarom wordt alles gecontroleerd. Wat we nooit hebben ondervonden in het vorige regime is nu aan de orde van de dag. Ik kan geen sessie houden zonder dat er een zorgvuldige doorlichting van de deelnemers is. Je kunt je niet verplaatsen zonder ‘feuille de route’ en ondanks dat word je nog lastiggevallen onderweg. Meer kan ik helaas niet schrijven, want je weet nooit wat er met je brieven gebeurt. De postverbinding is momenteel zeer slecht. Sinds ik afscheid nam van mijn zusters en broers heb ik nog geen enkele brief ontvangen. Ongelukkig kan ik ook Kinshasa momenteel niet bereiken om een e-mail door te sturen. Gewone phonie is mogelijk tot Kinshasa, maar verder gaat het momenteel niet. Geduld oefenen en de moed er inhouden, ondanks alles.
Direct na mijn terugkeer ben ik natuurlijk ook weer geconfronteerd met de ellende van de mensen. Tijdens mijn verlof is de frank 100 % gedevalueerd en de prijzen zijn navenant gestegen en stijgen nog steeds. Daarom betaal ik nu ook meer dan het dubbele voor groenten en fruit die ik nodig heb voor de refter. Ook de salarissen hebben we maar weer eens verdubbeld. Zodoende blijft de koopkracht van onze arbeiders zo’n beetje op niveau.
Ik trof ook de 2de en 3de aflevering van de Brug aan en heb alle brieven weer met interesse gelezen. Als je leest wat andere medebroeders en zusters meemaken, krijg je weer wat meer moed om de toestanden hier op 350 km van Kinshasa te relativeren en dankbaar te zijn dat wij hier aan zoveel ellende zijn ontkomen. Wij hebben momenteel nog een medebroeder in Dekese zitten (Kasaï). Onze twee staties daar zijn grondig leeggeroofd en er zal heel wat tijd overheen gaan voordat we daar weer zullen kunnen gaan werken. De medebroeders die daar werkten zijn intussen benoemd voor parochies in andere diocesen.
Ik vond in de Brug van augustus dat het projectengeld nu al een stuk hoger was als in augustus 1998. “Chapeau” voor alle mensen die dit mogelijk hebben gemaakt.
Volgende week hebben we een communiteitreünie in verband met de begroting van het jaar 2000. Dan zal er ook wel weer een of ander sociaal project voor de proppen komen. Als de voortekens van jullie kastotaal uitkomen, dan krijgen we waarschijnlijk een geldelijke hulp in dezelfde grootte, en kan er naast de hulp aan zieke kinderen en bejaarden nog wel ergens een extra hulp gegeven worden, maar dat deel ik dan wel mee als ik de bijdrage voor het jubeljaar 2000 ontvangen heb en verantwoording zal afleggen van de uiteindelijke besteding over het geld heen waarvoor ik de hulpaanvraag hernieuwde tijdens mijn bezoek in Kalmthout.
In de hoop dat deze brief er niet te lang over zal doen om bij jullie aan te komen, eindig ik met de hartelijkste groeten.

Correspondent: François De Meulder

Ngondi - 25 maart 1999

Ik kreeg tamelijk snel na elkaar jullie twee brieven gedateerd 10/12/98 en 15/1/99, die ik met heel veel interesse gelezen heb. Correspondentie met mensen die zelf het land kennen en beleefd hebben waarin ik al meer als 40 jaar werk als missionaris.
Een eerste brief om mij voor te stellen, een tweede zal wat moeten wachten tot oktober, want begin juni vertrek ik voor drie maanden verlof naar Nederland. Ik had eerder willen schrijven, maar ik kan momenteel de e-mail van het provinciaat niet bereiken omdat de modem die met de phonie de mogelijkheid biedt brieven hier in Ngondi op computer geschreven over te maken naar de provinciaal secretaris, door een blikseminslag niet meer werkt. Ook jullie hebben dezelfde mogelijkheid om mij te bereiken via e-mail: svdcongo@maf.org
Ik zit nu deze brief met de computer te schrijven in DOS-edit, voor het geval dat de modem eerder terug is dan een nog niet gevonden gelegenheid, die deze brief mee kan nemen naar Kinshasa.
SVD-NGONDI is geen parochie, maar een svd complex waarin zijn opengenomen: een garagewerkplaats, een meubelmakerij, een spiritueel centrum en een agro-veterinaire sector (alias de kudde).
Ik ben de overste van het svd huis en verantwoordelijk voor het spirituele centrum (retraites, studiedagen, enz.) voornamelijk de materiële kant ervan: zorg voor overnachting en maaltijden. We vormen een communauteit van 5 medebroeders: 1 Nederlander, 2 Duitsers, 1 Oostenrijkse en 1 Congolese medebroeder. Of anders opgedeeld: 2 paters en 3 broeders. We zijn dus tamelijk honkvast, daar we ter plaatse ons werk hebben. Met grote feestdagen help ik mee in enkele onderparochies voor de eucharistieviering. Door onze phonie blijven we dagelijks verbonden met de andere posten en sinds we een multifrequentietoestel hebben, ook met de omliggende diocesen. De moderne pactorverbinding maakt het mogelijk om ook direct per computer elektrisch te corresponderen met drie andere posten.
Jullie stellen veel vragen. Daar gaat ie dan:
KRANTEN: komen er niet in NGONDI. Nieuws komt binnen via de internationale zenders. RADIO VATICAN geeft altijd in het kort de sociale politieke gebeurtenissen en is goed geïnformeerd.
BEVOORRADING: het gewone is er voldoende, ik maak zelf confituur. Af en toe komt er boter, salami en kaas mee. NOLENS VOLENS is deze vastentijd een confituurvasten geworden. VLEES van eigen koeien en vruchten van allerlei soort van eigen fruitbomen, daar is geen gebrek aan. Af en toe kun je ook wat bier en cocacola of fainta kopen, hoewel dat erg duur is. Een fles Primusbier kost 50 fr.
Vorige week kreeg ik bericht dat de 56.000 ft., die toegezegd waren, op de rekening van Ngondi zijn bijgeschreven. Dus de hulp voor de kleine kinderen en operaties kan doorgaan. Hierbij namens de vele mensen die gaan geholpen worden HEEL VEEL DANK aan de Brug.
Ik heb alle gegevens om contact met u op te nemen als ik in verlof ben. Ik ben vaak in het missiehuis geweest tijdens de vakantie, voor retraites en bijeenkomsten.
Ik sluit met de hartelijke groeten vanuit Ngondi dat momenteel in de brandende hitte van de korte, droge tijd ligt te puffen. ‘s Nachts 30 graden op je kamer en overdag op de veranda tegen de 35 graden.

Correspondent: François De Meulder

Ngondi - 20 oktober 1998

Vorige week kreeg ik nummer 3 van het tijdschrift aan met als afzender: Gerarda Hoefman. Moet ik dit interpreteren dat U mijn nieuwe correspondente bent na het overlijden van Rom Coppieters. Ik neem dat maar aan en schrijf U dus om iets van mij te laten horen.
Intussen hebben we enkele hele zware maanden achter de rug. Sinds we onder de AFDL van Kabila leven is het al veel moeilijker geworden. Met de oorlog en de economische sociale terugslag op het land is het leven nog zwaarder geworden. Voor de Congolezen haast niet meer leefbaar.
Men heeft de eerste 12 maanden de muntwaarde tamelijk stabiel kunnen houden: ongeveer 3500 NZ voor 1 Bf. In juli kwam het nieuwe geld in omloop, en is de zaak in het honderd gelopen: 1/8: 4000 NZ, 1/9: 5000 NZ, 1/10: 6000 NZ. En sindsdien zitten we in de stroomversnelling. Vandaag kost de BE al 9000 NZ en er gaan al geruchten dat de 10.000 al gepasseerd zou zijn. De prijzen stijgen om levensbehoeften aan te schaffen, maar wat de mensen voor hun producten krijgen stijgt veel en veel minder. Het geld wat je in voorraad hebt verliest in koopwaarde. Deze maand oktober al 50 %. Omdat in ons gebied de leraars nog niet betaald zijn voor de maanden juli, augustus en september 1997 (is geen vergissing), weigeren ze het schooljaar te beginnen. Voor het schooljaar ‘97-98 hebben ze geen salaris gehad. Dus alle kinderen hebben nog vakantie. De ouders hebben geen mogelijkheid om van hun kant de leraren te betalen.
Omdat de wegen weer niet gerepareerd zijn tijdens de droge tijd, zien we met angst de eerste zware regens tegemoet. We vrezen dat we dan weer afgesloten zitten van Kinshasa met alle gevolgen vandien in verband met bevoorrading in brandstof en levensmiddelen.
Omdat het voor de bevolking steeds moeilijker wordt geneesmiddelen te kopen en dat vooral de kinderen en ouden van dagen steeds meer het slachtoffer worden van ziektes, wordt er steeds meer beroep gedaan op onze sociale hulp. Maar helaas, je kan niet iedereen die aan de deur klopt helpen. Ik moet me beperken tot de baby’s en jonge kinderen, want die hebben zo weinig weerstand dat een goede malaria-aanval en/of diarree dodelijk is. Ik stuur U enkele rekeningen van het gezondheidscentrum dan kan u een klein idee krijgen wat er zo omgaat. Daarnaast dan nog noodzakelijke operaties. De kinderen hebben al heel jong last van breuken, vooral de jongetjes, en dan schrijf je natuurlijk een briefje voor het ziekenhuis. Ik praat dan nog niet over dringende gevallen zoals gebroken ledematen, oogletsels, zware verbrandingen.
Deze arme mensen kan je toch niet wegsturen.
De toelage van de Brug van begin 1998 is daarom in grote dank ontvangen en haast in het geheel gebruikt voor de zieken, 5 % voor hulp aan leerlingen, vooral bij het staatsexamen (met schulden worden ze uitgesloten, dan komen ze vaak huilend om hulp vragen).
U kan wel raden dat ik niet anders doen kan dan voor het jaar 1999 weer een beroep te doen op een toelage van de Brug met dezelfde doelstelling als vorig jaar: hulp aan zieke jonge kinderen, voor operaties en voor enkele leerlingen. Het is geen project dat aan de weg timmert, maar in de huidige crisistoestand helpt het veel jonge kinderen te redden. Het is heel erg als je nee moet zeggen omdat je de financiële middelen niet hebt. Dankzij dit project zal dat niet te vaak nodig zijn.
Op het eind van deze brief dank ik allen die dagelijks in de weer zijn om de doeleinden waar te maken en de nodige gelden te verzamelen voor het ontwikkelingswerk waarvoor de Brug gesticht is.
Met vriendelijke groeten.

Correspondent: François De Meulder

Ngondi - 15 september 1997

Uw brief van 21.4.97 heeft er wel wat tijd overgedaan om hier in Ngondi toe te komen, evenals de bevestiging van storting van de 35.000 fr. op mijn rekening. Vanaf 24 maart, Palmzondag tot 14 mei, zijn we praktisch afgesneden geweest van Kinshasa. Op 24 maart begonnen de vluchtende Mobutu-soldaten over de weg naar Kinshasa te komen. Wat de meer naar het oosten liggende missiestaties doormaakten hoorden we via de berichten door onze phonie en dat was niet mooi: plundering, vernieling van de infrastructuur etc. Wij hebben dus hier in Ngondi een zeer spannende en bewogen tijd meegemaakt met het Damcles-zwaard boven het hoofd (van plundering en misschien erger). De bisschop van Kikwit had daar met de autoriteiten en handelaars een ‘comité d’acceuil’ gevormd. Daar konden de vluchtende soldaten brandstof voor de auto’s en eten voor zichzelf krijgen. We hebben hetzelfde georganiseerd in het dorp Masamuna waar we 3 km vandaan liggen. We hebben daar brandstof, sardienes, geld voor maniok beschikbaar gesteld aan de gendarmes van het dorp. Dat heeft goed gefunctioneerd, maar dat dorp ligt richting Kin. De soldateske komt dus eerst Ngondi voorbij. Wij liggen op 2 km van de hoofdweg en zijn voor de auto’s die vanuit Kikwit komen gelukkig niet zichtbaar. De bevolking heeft zich geweldig gedragen. Als ze de weg naar Ngondi vroegen (men verbasterde vask en sprak Ngonzi uit) antwoordde men: de Konzi (een klein riviertje) is verderop. En als men vroeg waar de weg heenleidde, antwoordde men naar het dorp Kibulu of naar de carrière. En het onbegrijpelijke is gebeurd van de tientallen jeeps, auto’s en wachtwagens met vluchtende soldaten is er maar één tot ons complex gekomen. Toen do gendarmes, die ons huis bewaakten, hen zeiden dat er brandstof en eten in Masamuna beschikbaar was, maakten ze rechtsomkeer. We hebben wel een heel bijzondere engelbewaarder gehad die over ons complex heeft gewaakt. Zondag 4 mei werden we dan “bevrijd” en kwamen de eerste vrachtwagens met Kabila-soldaten langs. Die gingen ‘s nachts verder naar Kenge (op 80 km) en werden door onze wachtwagen vervoerd omdat er berichten waren doorgekomen dat Kinshasa soldaten in de richting van Kenge aan het sturen was, voor het zogenaamde tegenoffensief. Kenge is toen een dag strijdtoneel geweest, heeft een zware tol van 200 doden moeten betalen en was een week frontstad, maar maandagavond waren de Mobutu-mercenaires (Angolezen, Chinezen en speciale brigade) al tot de Wamba-brug (5 km van Kenge) teruggedreven.
De rest weet u: 17 mei, de vooravond van Pinksteren trokken de Kabila-mannen Kinshasa binnen en was Mobutu via Gbadolite naar Togo gevlucht.
We zijn nu 4 maanden verder en zijn er eigenlijk erger aan toe dan in Zaïre. De brug over de Maindombe is één van de laatste dagen opgeblazen en het vervoer naar en van Kinshasa is er hopeloos moeilijk door geworden. Tot Ngondi (350 km van Kin) moet Je nu een omweg van 150 km over een onmogelijke weg maken. Een vrachtwagen doet er nu 5 dagen over, want de kleine veerboot kan geen wonderen doen en er staan aan beide kanten 60 tot 100 vrachtwagens te wachten. Gelukkig kan een jeep altijd mee. Maar in plaats van 5 uur tot Kin, heb Je nu 16 uur nodig. Twee maal onder weg moet Je Je hele jeep uitpakken (dat hebben we in Zaïre nooit hoeven te doen) en Je moet een reisvergunning hebben die geld kost en heel wat meer als het tolgeld van de versperringen van het Zaïrese leger.
Gelukkig zitten we 200 km van Kikwit Daar hebben de soldaten van de bevrijding de kuddes gedecimeerd en links en rechts vee doodgeschoten (soms met granaten) om de soldaten te voeden. Wij hebben bij de doortocht 2 jonge stieren afgegeven, na ontvangst van een brief van de chef. Maar daar is het bij gebleven, de eerste maand hebben we ook heel wat hand- en spandiensten verleend: reparaties van auto’s, levering van brandstof, een jeep een kleine maand ter beschikking gesteld. En dat alles ‘pro Deo’. Maar als je dan hoort dat er diocesen zijn in Congo waar werkelijk alle staties en gebouwen vernield en uitgeroofd zijn: waar het hele wagenpark gestolen is, dan ben je blij dat Je er met deze kleine afgedwongen contributie aan de nieuwe republiek afkomt Maar intussen is de ‘létargie’ compleet en gebeurt er niets en blijft alles bij het oude: de lage salarissen, de hoge prijzen, niet betaalde onderwijzers en ambtenaren. Het enige wat zichtbaar is, is de herscholingscursussen in alle stadjes en dorpen. Het is het manifest van Kabila, geïnspireerd door het marxisme. Uitbuiting van de bevolking, door de groep van uitbuiters (exploiteurs). U kent de terminologie. De vorming van een spionage cellule. Alles voor het volk en door het volk. Hoe wij er door zullen komen is een groot vraagteken. Maar ik zie de toestand zeer somber in. 4 maanden beloften er geen enkel zichtbaar iets wat op verandering duidt.
In deze brief moet ik in verband met jullie vergadering van de te verdelen gelden voor 1997, mijn voorstellen indienen. Gezien de ervaring van dit aar, moet ik hulp vragen voor hetzelfde sociale doel: hulp aan leerlingen voor het staatsexamen en de betaling van de operaties aan de diverse ziekenhuizen. Ik weet niet of het dit jaar meer of minder of hetzelfde bedrag is. Mocht het meer kunnen worden, dan kunnen er meer zieken geholpen worden en behoef Ik geen selectie te maken.
Hopelijk kan ik in mijn volgende brief wat meer positief nieuws schrijven.
Een zeer hartelijke groet en voel dank namens de geholpen mensen uit de omgeving van Ngondi.
P.S. Ingesloten uittreksel van de gelden die ik heb besteed.

Correspondent Rom Coppieters

Ngondi - 12 maart 1997

Nota van de correspondent: De projecten van wijlen pater Willy Van Tichelen, opgevolgd door pater Willem Hoff, zullen voortaan verder begeleid worden door pater Jean-Charles SWERTZ, eveneens pater van Steyl, in Ngondi.
Pater Swertz is de opvolger van pater Hoff, die verplaatst werd naar Tumikia.

Eind januari heeft pater Willem Hoff mij de verantwoordelijkheid voor de ontwikkelingsgelden van de stichting de Brug overgedragen. Ik heb momenteel op mijn tafel de statuten van CODAK, de coöperatieve die in 1990 het licht zag door toedoen van de te vroeg overleden Willy Van Tichelen, liggen. Maar ik heb de indruk dat deze’ coöperatieve een kwijnend bestaan lijdt. Ik heb nog geen tijd gehad om met Mandoloo-Mbati te praten. Maar hij is sinds vorig jaar prefect van een middelbare school in Kiwawa. In een volgende brief kan ik u misschien iets meer vertellen.
Verder heeft pater Hoff mij de nummers 3 en 4 van uw driemaandelijkse publicatie gegeven, evenals w brieven van augustus en van november 1996.
In uw brief van 25.11.96 lees ik dat U hebt voorgesteld de hulp voort te zetten aan het project “Willy Van Tichelen” en daarnaast de directe hulp aan de zieke mensen die vaak geen geld hebben voor een noodzakelijke operatie. Ik ben nog bezig om hierin wegwijs te worden. Want anders is het een grote som geld toe te vertrouwen aan een kliniek voordat de operaties verricht zijn of na de behandeling te betalen. Dit zou ik liever doen, want dat is voor mij de duidelijkste en handigste manier om de ontvangen gelden te verantwoorden. Ik hoop dat ik tot een akkoord kan komen met de heer Fungula, die natuurlijk een groot bedrag ineens zou willen hebben. Tussen haakjes, ik stuur u een artikeltje over zijn polikliniek mee uit het tijdschrift Renaitre van vorige week.
Naast de hulp aan zieken zou ik graag eeu deel van de gelden willen gebruiken voor leerlingen die problemen hebben met schoolgeld. Het is onmogelijk iedere leerling te helpen, maar het doet mij pijn dat leerlingen, die al in de eindklassen van het middelbaar onderwijs zitten, niet genoeg geld hebben voor het staatsexamen en om minerval te betalen en dus hun studie niet kunnen afsluiten. Maar Ik vraag van deze jonge mensen wel een tegenprestatie van 6 middagen werken op ons terrein. Dat weegt natuurlijk niet op tegen wal ze ontvangen (een week werk in de namiddag is 50 Fr. of momentcel 210.000 NZ) en ze hebben meestal tegen de 800.000 NZ nodig. Maar deze methode is educatiever dan zo maar geld uitdelen..
Maar laat Ik na dit officiële gedeelte iets over mijzelf vertellen. Ik ben intussen 40 jaar werkzaam in Zaïre. Tussen 1956 en 1983 in het onderwijs, daarna was ik provincie-econoom tot 1996 met daarnaast
nog meehelpen in de vorming van onze novicen svd. Ik geef ze boekhouding en sterrenkunde en maak ze wegwijs in de computer. In september 1996 werd ik benoemd voor het centrum Sychar, waar Willy Van Tichelen eerst directeur was. Tevens ben ik praeces van de kleine communiteit van Ngondi: drie broers svd en nog een priester svd. Omdat het noviciaat echter geen vervanger heeft kunnen vinden voor de lessen die ik gaf, ga ik twee keer een maand per jaar aan de novicen lesgeven.
Wat zeggen over de toestand hier in Zaïre? U weet er meer over dan wij die het maar van de buitenlandse radioberichten moeten hebben. Wat gaat er gebeuren. Kabila moet volgens mij een woordje meespreken in de oplossing van het probleem Zaïre. Maar zoals altijd zijn er pogingen om Mobutu te redden. En vooral Frankrijk spelt hier een hele gemene politiek in. 0f gaan alle besprekingen weer op niets uitlopen zoals vorig jaar november? Wie wil zijn neus ook in een niets wespennest steken?
Dit was mijn eerste schrijven. Ik hoop dat de hulp die de BRUG geeft in de toekomst zal kunnen worden voortgezet. Mijn oprechte groeten aan al de enthousiaste medewerkers, maar vooral aan u.

Artikel uit het tijdschrift Renaitre.

De polikliniek FUNGULA waagt zich aan een proef van N.G.O. voor gezondheidszorg in een landelijk milieu.
Het is vandaag de dag moeilijk om mensen te vinden die zich in het achterland willen vestigen, met de bedoeling zich, met hun kapitaal, hun kennis en hun ondervinding, ten dienste te stellen van de straatarmen, zonder te veeleisend te zijn bij de vergoeding voor hun diensten.
Dit is het geval met Papa Delphin Fungula, chirurg van beroep, die samen met zijn kinderen en verplegend personeel, sinds november 1994 een N.G.O,. voor gezondheidszorg heeft gesticht, een polikliniek te MISELE, stad gelegen op 338 km van Kinshasa op een grote as in de streek van Kwango, zone Kenge, gemeenschap Pelende-Nord. Het bijzonderste objectief van de N.G.O. het zich aantrekken van het lot van de minstbedeelden, namelijk de vele slachtoffers op de baan Kinshasa- Kikwit, zonder steun of een cent op zak te verzorgen. De huidige toestand kent het syndroom van plunderen. Naar aanleiding van een ongeval komen de dorpelingen ter hulp gesneld, meestal om de arme sukkelaars volledig te beroven van het weinige dat ze bezitten. Te meer, de meeste slachtoffers zijn arme zieken die zich naar de polikliniek begeven om verzorgd te worden.
Met deze problemen in het achterhoofd heeft Papa Fungula, in samenwerking met zijn kinderen en verplegend personeel besloten dat de leden van de N.G.O. een bescheiden vergoeding zouden ontvangen. Zodoende kunnen ze de geneesmiddelen opnieuw aankopen, hun fiscale verplichtingen nakomen en de bescheiden lonen uitbetalen. Zo proberen zij te voorzien in het voortbestaan van de kliniek.
In de eerste plaats wordt de voorkeur gegeven aan bijbouwen. Tweede doel is het oprichten van een kwekerij voor kleine en grote dieren, het kweken van vis en voor de landbouw. Voor het ogenblik zijn er tee grote gebouwen in gebruik waarvan een de chirurgie, uitgerust met zonnepanelen, huisvest. Verder de dagelijkse verzorging, spoedgevallen, administratie, apotheek en enkele bedden. Het tweede gebouw bevat enkel bedden voor patiënten. Momenteel is men de dienst radiologie aan het opstarten en een installatie voor het produceren van elektriciteit.
In de huidige periode, gekarakteriseerd door miserie en aftakeling, is de polikliniek voor gezondheidszorg een ware uitdaging tegen het omringende wantrouwen in de overwinning. Twee grote problemen staan deze ploeg tegen: het eerste is het ontbreken van materiele middelen. Op het ogenblik zorgen slechts enkele missionarissen, gesteund door de Brug, voor de N.G.O. met geneesmiddelen en materiaal voor het bouwen. Het twee is meer mentaal. Het is moeilijk voor de leden te begrijpen dat het geen BVBA is waar men op winst oogt. De N.G.O. heeft nu eenmaal als doelgroep de minstbedeelden.
Vastberaden, niettegenstaande alles, te vechten tot het uiterste, sparen Papa Fungula en zijn ploeg geen moeite om te slagen. Het wellukken van het gestelde doel zal ook afhangen van de vrijgevigheid van allen.

Correspondent Rom Coppieters