Irène Peeters


Adres

Ske-Banza - Congo

Leven en werk

Ik ben Zuster Irène Peeters en werk sinds 1969 als ontwikkelingshelpster in Congo, eerst 2 jaar in Kinshasa, daarna in de Neder-Congo, in Kwilu Ngongo en Nkolo. Van 1985 tot 1992 heb ik in Mueka, West Kasaï, gewerkt.
Ik ben verpleegster / vroedvrouw. In Mueka bracht ik dan ook de grootste tijd door in het hospitaal en in de materniteit. Ik deed zo'n 80 bevallingen per maand. De verantwoordelijkheid in de materniteit is zeer groot. Naast de taak als vroedvrouw stond ik nog in voor de nazorg, de dienst voor de te vroeggeborenen, de raadpleging tijdens de zwangerschap, inentingen bij de zuigelingen, enz...
In Mueka leefde ik samen met drie andere zusters. Eén ervan werkte in het hospitaal en deed er al het materiële werk. Een ander was directrice in een groot internaat, verbonden aan een middelbare school voor meisjes. Er waren ongeveer 150 leerlingen en de meesten volgden een opleiding voor snit en naad. Een vierde medezuster deed parochiaal werk.
De zusters waren en zijn nog steeds nauw betrokken bij het menselijk leed. Ze bekommeren zich om het lot van de verstotenen, de Mupongo's. Dit zijn straatkinderen, verstoten door hun familie. Eveneens trachten zij wat textiel te bekomen om kleedjes of lakens te maken voor de behoeftigen of voor het hospitaal. Ook sukkelaars die geen inkomen of eten hebben kunnen bij hen op opvang rekenen.
Tussen 1992 en 1995, heb ik door oorlogsomstandigheden op verschillende posten gewerkt als interim verpleegster. Zo was ik o.a. in Kimpangu en Mbiti, in de omgeving van Kinshasa. Van 1995 tot 2000 was ik vergpleegster / vroedvrouw in Imbonga, in de provincie Mbandaka. Nadien ben ik naar Seke-Banza in Neder-Congo verhuisd. Hier was ik verpleegster aan huis. Mijn medezusters zijn in dit dorp een kleuterschool, Cocorico, en een foyer, Kivuvu, gestart. In de foyer worden jonge meisjes en moeders opgeleid aangaande de opvoeding van kinderen, snit en naad, hygiëne e.d. Deze foyer wordt nog steeds geleid door de Congolese Zuster Christine.
Naar de kleuterschool komen zowel jongens als meisjes, een 70-tal. De Directrice is de Con-golese Zuster Leonie. De klasjes worden geleid door Congolese leken. Momenteel is er gestart met het eerste leerjaar. Hierdoor is er een klaslokaal te kort, waarvoor de plannen reeds be-staan om te bouwen. Het is de bedoeling om elk jaar een nieuwe klas bij te bouwen, zodat na 5 jaar een volledige lagere school ter beschikking komt voor de plaatselijke bevolking van Se-ke-Banza.
In december 2001 ben ik naar Kinshasa getrokken. Ik ben er nu bestuurslid van het provinciaal team. In deze functie blijf ik contact houden met mijn medezusters in Seke-Banza, dit op re-gelmatige basis per fonie, maar ook bezoek ik deze plaatsen als de situatie dit toelaat (moeilijk vervoer, oorlog). In ons Provinciaal Huis, verzorg ik ook het onthaal. Hierdoor heb ik veel con-tacten met de armsten uit de Kongolese samenleving, die bij ons hulp komen vragen. Ik tracht hen ook daadwerkelijk te steunen, zodat de hulp rechtstreeks in handen komt van weeskinde-ren, aids-patiënten, en mentaal gehandicapten.

Brieven

Congo – 11 september

Daag. In het begin van het jaar, op 2 februari, kregen we weer de goede gift toe van 1.350 EUR. En of wij daar weer goed mee gewerkt hebben! Dank, dank, dank. 
Het project van Seke-Banza was opdat de bewaarschool “Cocorico” goed zou functioneren: reparaties van de klassen en opschildering. Aankopen van schoolmateriaal. Hulp om het onderwijzend personeel te vergoeden.
Zuster Simone, die dit schooljaar het beheer had, vertelt en schrijft enthousiast over uw milde hulp. Samen met de onderwijzeressen heeft zij goed gezorgd voor de bewaarschool “Cocorico”. Zij schrijft :
“Wij maken gebruik van deze tijd en van dit jubeljaar om aan Pater Frans onze oprechte wensen aan te bieden voor het 50 jaar jubileum van de priesterwijding. Proficiat.
Wij bieden u ook de gebeurtenissen aan van het einde van het schooljaar 2013-2014 in de gemeenschappelijke ruimte. De school heeft goed gefunctioneerd dank zij de inspanning van de ouders en van uw financiële hulp dat ons steunt opdat de onderrichtingen normaal zouden verlopen en opdat de andere schoolactiviteiten zouden kunnen plaatshebben. – Dit schooljaar 2013-2014 hebben wij geëindigd met een totaal van 18 kinderen op 52. De kinderen van 2,5 jaar hebben ook zeer goed gewerkt. Zij waren met 7 en allen mogen naar het tweede jaar van de bewaarklas. ‘Is een echt experiment. Als wij deze kinderen ingeschreven hebben, is het omdat zij drie jaar zouden worden in ’t midden van ’t jaar en deze kinderen zijn zeer wakker en spreken juist en behoorlijk. Wij hebben enkele gevallen gehad van ziekten zoals een epidemie met koorts en buikloop, en bloedarmoede. ’t Is daarom dat enkelen het schooljaar niet beëindigd hebben.
Een onvergetelijke dag! Op 7 juni 2014 van onze uitstap op de barrage van Inga in Matadi om een deel van de barrage te bezoeken. Zij kregen uitleg over de geschiedenis en de betekenis van die naam “Inga” wat in het dialect wil zeggen “NINGA” t.t.z. “JA”. Alles werd gedaan volgens hun niveau.High quality the best and most fashionable cheap replica watchesswiss replica watches online of the replica watches store. Ze hebben het stadje van Inga zeer gewaardeerd. Een kleine stad, maar zeer net in vergelijking met hun stadje van Seke-Banza en hun dorpen. Iedereen was in de wolken en zeer tevreden. Dit alles dank zij U! Zij hebben foto’s genomen op de barrage en andere op het ogenblik waar zij aten, dansten om hun vreugde te tonen en hun dank te betuigen aan allen die hun nabij zijn.
Wij vragen u voort te doen om ons te ondersteunen opdat wij in de mogelijkheid zouden zijn van leren en te studeren zoals de andere kinderen. En dat de slogan “school voor allen” voor iedereen een ware werkelijkheid zou mogen zijn. Dank u en één in gebed.”
Zo eindigt zuster Simone voor E.C. Cocorico haar mooie brief.
Goede Vrienden, omdat jullie enthousiast en trouw blijven om ons te helpen om het onderwijs te ondersteunen in het binnenland van Congo danken wij u van ganser harte.
Hartelijke groeten en tot een volgend schrijven.

Correspondent: Frans Douwen


Rep. Dem. Congo – 11 februari 2014

Vandaag, feestdag van Onze Lieve Vrouw van Lourdes en internationale dag voor de zieken. In psalm 4 lazen wij: “Het leven van dezen die goed doen, is zoals het morgenlicht, dat tot ’s middags steeds meer en meert schittert.” Dank u, dank u wel omdat jullie ons steeds vurig blijft helpen…
Dank voor de grote hulp die jullie steeds blijven geven voor de kleuterschool “Cocorico” in Seke-Banza in Neder Kongo. Jaar na jaar konden die kindjes overstappen naar de lagere school, genaamd “Soleil Levant” (opgaande zon). Vervolgens naar de middelbare school in opbouw, genaamd naar onze Stichteres “Collège Marie-Louise De Meester”;
Voor die scholen hebben jullie ook steeds hulp gegeven. Zuster Sedhou Nzukufila, de verantwoordelijke van lagere en middelbare school, samen met het onderwijzend personeel danken jullie van ganser harte. “Wij, het personeel van het collège Marie-Louise De Meester, willen u danken voor uw sympathie en uw attentie voor onze plaats. Uw geste van liefde is ons goed toegekomen. Wij zijn er zo tevreden over en zo dankbaar. Wij bidden de goede God om veel genade en zegen, vooral een goede gezondheid en lang leven.”
Ook zuster Simone Akelama, overste van het klooster en de drie scholen, dankt voor de morele, materiële en financiële hulp. De kleuterschool “Cocorico” functioneert goed dank zij uw hulp en alles wat u gedaan hebt voor de lagere school en het College. Dit schooljaar 2013-2014 zijn er 52 kindjes van de leeftijd van 2,5 jaar tot 5 jaar. De kinderen zijn dynamisch, intelligent en werken goed. Deze school heeft voldoende inkopen gedaan aan didactisch materiaal, speelgoed en schoolbenodigdheden. De kinderen hebben deelgenomen aan een schooldag van kleuterscholen en ze behaalden “uitmuntend”! Zij hadden gedichtjes, voordrachten, dansjes en liederen gepresenteerd. Nog dit schooljaar 2013-2014 zullen ze tevens deelnemen op 31 mei aan schoolactiviteiten in Inga.
De sanitaire instelling van de vernieuwde kleuterschool Cocorico is goed gelukt. Er zijn twee nieuwe W.C.’s en een kleine douche voor kleuters in orde gekomen. Wij zijn blij en dankbaar dat het werk gebeurd is. Nu wordt er nog volop gewerkt aan het herstel van de spleten en lekken in het gebouw. De schildering is de apotheose op het werk en de inspanningen. Dank, dank voor alles. En wat willen we nog realiseren in 2014 ? Er blijven nog enkele problemen van de sanitaire instellingen. De lokalen van de kleuterschool, de lagere school en van het College zijn dikwijls overstroomd door de regens. Telkens moet er schoon gemaakt worden en dat hindert de onderrichtingen. - Nogmaals, wij zijn heel blij en dankbaar voor uw grote missieliefde.

Correspondent: Frans Douwen

Congo – 31 juli

Nu, met het bezoek van pater Frans Douwen, schenk ik u graag dit mooie schilderij uit ons dierbaar Congoland.
’t Is om u van harte te danken voor alles wat u doet voor de missionarissen en vrienden van de Brug.
Dank u voor de boodschap van 17 januari dat het project werd goedgekeurd.
Via e-mail gaven wij al antwoord dat wij op 23 januari langs pater Gaston Ribbens de milde gift van 1500 euro mochten ontvangen. Dat was bestemd voor de kleuterschool “Cocorico” te Seke-Banza Neder Congo.
Bij de projectbrief Formulier A aan pater Frans Douwen voeg ik nog het ontvangstbewijs (formulierB).
Als ’t God belieft, mogen wij in 2013 weer genieten van jullie hulp van “de Brug”. Ik hoop en wens dat u het goed stelt, alsook uw familie.

Correspondent: Frans Douwen

Congo – 30 juli 2012

Wellicht kijken jullie al langer uit naar het nieuws over het leven en werk in Congo. De dagen gaan zo vlug. Het is een teken van ijver geloof ik. Er is nog veel te doen.
Eerst wil ik heel hartelijk danken voor jullie blijvende hulp. Dank voor de milde gift van 1.500 Euro die we dit jaar weer mochten ontvangen. Er zijn zoveel noden, dat we eerst afwegen welke nood het grootst is en eerst dient aangepakt.
Dank U voor jullie inzet en medewerking om de vele projecten van de missionarissen te steunen. Het geeft zoveel vreugde, te weten dat er liefhebbende handen zijn.
Onlangs las ik: “Koorden van ware liefde en belangstelling moeten nimmer worden verbroken. En dat we zouden bidden met wie wij door bijzondere banden verbonden zijn”.
Ditmaal is de geldelijke hulp voor de herstellingswerken van de kleuterscchool ‘Cocorico’, te Seke-Banza in Neder-Congo.
De oude klassen waren onbruikbaar geworden. De kleuters zijn verhuisd naar een dichtbij gelegen gebouw, dat vroeger diende voor sociale werken. Het past zeer goed voor de kleuters, maar het gebouw moet ook hersteld worden: gescheurde muren, verven, wateropvang.
De oude houten school wordt veranderd om een open schuilplaats, een hangar, te worden voor de opvang van kinderen tijdens het regenseizoen. Het dak in nog in zeer goede staat.
En zo durven wij weer uw hulp vragen voor het project van 2013. Ditmaal voor de sanitaire voorziening van de vernieuwde kleuterschool in Seke-Banza. Het is de vervollediging van het vorige project 2012. Wij schatten dit op een 2.00 Euro.
Wij zijn al dankbaar op voorhand omdat wij weten van uw grote edelmoedigheid. Zegt de apostel Paulus ook niet in zijn brieven: “Wij moeten God aanhouden loven en prijzen”, en in de brief aan de Romeinen: “Wees verbonden door een broederlijke genegenheid, breekt de elan van uw edelmoedigheid niet, maar laat de geest opwellen van vreugde”.
Op de kleuterschool gaat het leven goed verder. Er zijn op dit ogenblik vijftig kinderen. Van de drie kleuterleidsters neemt Mevr. Beatrice de verantwoordelijkheid.
In de gemeenschap zijn er drie zusters, te weinig voor zo een grote missiepost. Er is de kleuterschool ‘Cocorico’, de lagere school ‘Soleil levant’ en de middelbare school, genaamd naar onze stichtster Marie-Louise De Meester.
Op 25 april 1969 vertrok ik voor de eerste keer naar Congo. Op het afscheidsbriefje schreef ik; “Dit is de uitgekozen dag. Zo dadelijk gaan we zaaien. Zo dadelijk gaan we werken op het veld”. Nu na zovele jaren plukken wij de vruchten. Er is de dankbaarheid van zovelen om het samen leven en werken.
Dankbare en genegen groeten.

Correspondent: Frans Douwen

Congo — 20 augustus 2011

Ter inleiding: Irène Peeters woont in Kinshasa en volgt nog samen met Zr Noëlla Lust het project “Cocorico”, een kleuterschool in Seke-Banza, dat plaatselijk beheerd wordt door Bukulu Laurentine, directrice, die deze brief schreef.
De jeugd is de toekomst van een land en een meisje opvoeden is een ganse natie opvoeden en gans een volk. Om dat doel te bereiken leven we hier met 5 jonge Congolese zusters, waarvan één zich speciaal toelegt op de kleuterschool. Deze school werd begonnen op aanraden van verschillende verantwoordelijken uitgaande van de plaatselijke realiteit. Inderdaad, de ouders zonden vooral de oudste kinderen naar de middelbare school, terwijl de allerkleinsten meegingen naar de velden. Dat veroorzaakt dat de kleinsten grote leerkansen misten, die ze later met moeite konden inhalen. Als de ouders het nut niet inzagen van een kleuterschool, begon men hun denkwijze te bewerken door hen de belangrijkheid ervan te doen inzien.
Ieder jaar opnieuw gaan we van huis tot huis om de inschrijving van de kleuters te bespreken. Dan nog kwamen niet alle kinderen. We moesten dit telkens goed opvolgen. Zr bestuurster en het team van ons district in Kinshasa oordeelden ook dat de opvoedsters nog wat op te steken hadden op gebied van methodologie van een kleuterschool. Enkele opvoedsters volgden praktische lessen in een goede kleuterschool in Kinshasa.
De ouders hebben het moeilijk om het minimum aan schoolgeld te betalen. Dit bedraagt 3.500 Congolese franken per maand en dat staat gelijk met de waarde van 3 EUR. Onze medewerksters zijn toegewijde vrouwen. Zij geven zich gans en al voor de kinderen van Cocorico. Hun prime van 30.000 C.fr (= ongeveer 25 Eur) per maand schijnt niet te corresponderen aan het afgedane werk. Een van hen heeft een eerste kind van 6 maanden met een probleem aan de ogen. Zij wordt beperkt in de middelen om dit kindje te laten verzorgen. Wij hopen dat de verantwoordelijken van ons land de veel te lage lonen van het onderwijzend personeel aanpassen aan de werkelijke noden.
Verder gaat onze aandacht naar het voorzien van het goede functioneren van de kleuterschool. We blijven bezorgd voor de reparatie van de gebouwen, waar de mieren hun best doen om aan het houtwerk te knagen. We zoeken ook naar activiteiten die een autofinanciering mogelijk maken.

Wij danken nogmaals de Brug voor de jaarlijkse ondersteuning!
Met onze broederlijke groeten.

Correspondente: Frans Douwen

Congo – 29 september 2008

Ik hoop dat de brief van 24 september met de formulieren voor het project goed is toegekomen. Zoals u hebt kunnen lezen is het project 2008 voor de lagere school “Soleil Levant” volledig afgewerkt in samenwerking met de hulp van ‘De Brug’.
Met andere hulp is Zr Noëlla nog bezig met verschillende werken; o.a. een grote zaal voor polyvalente doeleinden, een installatie om het regenwater op te vangen tijdens het droog seizoen, de omheining te beplanten met eucalyptus en later een vaste omheining. In de toekomst wordt er gedacht aan een secundaire school met internaat.
Maar eerst is er het S.O.S. voor de kleuterschool van Sr. Léonie. Cocarico is een privéschool van I.C.M.. De ouders betalen 500 FC inschrijvingsgeld en 3.000 FC per trimester. Daarvan moet het personeel betaald worden. De mensen zijn arm en werken voor het nodige voedsel: maniok, maïs, aardnoten, suikerriet, maar er is geen geld voor het schoolgaande kind. Vrouwen en kinderen gaan ’s morgensvroeg 1 km naar beneden om water te halen voor het veld. Ze komen, zwaar beladen, terug met hout op hun rug en bidons van 20 tot 25 liter water. Ook de mannen werken hard. Zij zouden wel dat geld kunnen opbrengen, maar er is veel onwetendheid zodat we de mensen moeten wakker schudden. Samen met Sr. Léonie ben ik vele keren in de verschillende wijken geweest om te animeren en inschrijvingen te doen. We hadden in de 50 nieuwe kindjes en 25 van verleden jaar. Zij werft nog nieuwe kindjes aan, want haar project vraagt dat we tot 120 kinderen komen. Sr. Léonie verstuurde ook verschillende brieven. De minister van binnenlandse zaken in Matadi Nicolas Nabeka is verre familie van haar en helpt haar reeds veel voor de brandstof van hun voertuig.
Verleden week had ik de gelegenheid om een kopie van de brief van Sr. Léonie te bezorgen aan Geoffrzay de Liedekerke, Ambassadeur van Malta. Ook een brief aan Wilfried Goderis van Hooglede, is agronoom van de ‘Assistance Technique Belge’. Hij kan ons zaaigoed bezorgen voor maïs en andere granen die geselecteerd zijn.
Voor het nieuw project 2009, moest ik dus concreet formuleren, “Hulp in de rehabilitatie van de kleuterschool Cocorico”.
In 2001 werd de kleuterschool voorlopig gebouwd in limbahout, dit is maar één jaar duurzaam. Het hout is nu reeds door insecten aangevreten en het wordt tijd dat de klassen progressief in duurzaam materiaal om te bouwen. De grondvesten bestaan reeds. Zo kan het economisch gebeuren.
Wij stellen voor de houten muren te vervangen door lokale baksteen met bezetting in cement.
In de plaats van Sr. Mathilde is nu Sr. Marie-France Kambumushi Kanguanda gekomen. Zij is benoemd als beheerster van de missiewerken te Sekebanza. Sr. Léonie is de stichtster van Cocarico en Sr. Noëlla is bouwverantwoordelijke. Ik ben er nu vijf weken geweest en veel gewerkt binnen en buitenhuis. Negen kansen op tien ben ik vanaf januari weer in Seke Banza.
De nieuwe gemeenschap is nu gestart met: Sr. Léonie voor Cocorico, Sr. Marie-France, voor de missiewerken en Celestine novice en verpleegster die stage doet in het hospitaal. Er wordt nog een asîrante verwacht.
De ‘foyer’ is tijdelijk gesloten, we wachten op een bekwame zuster.

Congo – 16 april 2008

Wellicht kijkt U weer uit naar nieuws over mijn missiewerk en –leven. En ik heb goed nieuws, maar ook een S.O.S.bericht.
Op 't ogenblik schrijf ik U vanuit Seke-Banza in Neder—Congo. Ik ben hier voor verschillende weken om de missiepost te bezoeken, te helpen en om de werken van de lagere school 'Soleil Levant' (opgaande zon) na te gaan, want U geeft al ieder jaar een milde som van € 1.950 voor het project 'Hulp een de opbouw en voltooiing van de klassen'. Dit jaar was het voor het maken van de lessenaars voor het 6de leerjaar.
En dan is dan mijn goed nieuws. De lagere school van onze gemeenschap van de zusters I.C.M. van het Onbevlekt Hart van Maria, is echt een juweeltje. De mensen zijn zo tevreden. Er zijn nu 3 gebouwen, waarvan 8 klaslokalen, een lokaal voor het bureel van de directeur, een voor de vergaderingen, een bibliotheek, een magazijn en 15 sanitaire installaties. Nu zijn we nog bezig een grote zaal te bouwen voor polyvalente doeleinden en ook een ondergrondse citern om regenwater op te vangen.
In het verlopen jaar waren er 149 leerlingen, 76 jongens en 73 meisjes voor het 1ste, 2de, 3de, 4de en 5de leerjaar. En dit jaar kan dan het 6de jaar starten.
Beste vrienden, nog eens heel veel dank voor uw blijvende en vernieuwde steun, voor uw vriendschap voor onze vroegere Belgische kolonie. Gisteren bij het bezoek in de kom van het dorp kwam mij een man de hand drukken. Hij roemde op het Belgische volk en zegde me tweemaal 'God zegene en beware U'. Ik was er ontroerd van.
Zeker zijn er nog verschillende moeilijkheden: o.a. het betalen van alle schoolkosten is moeilijk, de afwezigheid van de leerlingen en dat de kinderen netjes naar school komen. Ja, we hebben ook de ouders gevoelig te maken voor de menselijke waarden.
Nog eens dank, dank, dank. De mensen zijn zo fier op hun nieuwe lagers school 'De opgaande zon'.
En hier dan weer eens een noodsignaal. U weet dat U vroegere jaren hebt bijgedragen voor een prefabricatie aan de bewaarschool 'Cocarico', voor de kleinen van 3 tot 6 jaar. Daar waren we mee gestart en het gaf heel veel voldoening, maar dit is een privéschool van ons, zusters, nog niet aangenomen en bezoldigd door de Staat.
Mijn Congolese medezuster Léonie, pionier van deze missiepost en directrice van de bewaarschool is er het hart van in en slaat een noodkreet voor het overleven van de bewaarschool.
De moeders zenden graag hun kindjes naar school, maar iedereen komt er niet toe om te betalen. Er is niet voldoende geld voor het goed functioneren van de school en om de opvoedsters te betalen omdat onze oversten nog andere financiële moeilijkheden hebben.
Het zou jammer zijn om niet voort te doen, doch geeft Zr Léonie de moed niet op. Daarom schrijft zij deze duidelijke en mooie brief naar de vrienden en deze die kunnen helpen. Wij samen doen bezoeken van huis tot huis om de mensen te animeren en warm te maken voor het welzijn van hun kinderen.
Beste vrienden, nu de lagere school 'Opgaande zon', zo goed geholpen is, zou ik voor het nieuwe project 2009 dit voorstellen: 'Hulp om te voorzien in het functioneren van de bewaarschool 'Cocarico' in Sekebanza-Nayombe, Neder-Congo. In mijn rapport geef ik wat meer details.
Ik dank jullie, ook in naam van Zr. Léonie, al heel hartelijk op voorhand.
De oktobermaand – missiemaand staat voor de deur. Weer om onze ijver te vernieuwen voor de Glorie, ter ere van God en de liefde voor de medemens.
Hartelijke groet.

Correspondent: Frans Douwen.

Congo – 16 april 2008

Sinds 15 september ben ik weer op mijn missieterrein in Congo. Een maand erna was er alarm om in spoed terug te keren met een zieke medezuster. Zo had ik tweemaal een hartelijk onthaal op Congolese bodem.
Sindsdien zijn de uren van de dag weer goed gevuld met helpen waar er de grootste nood is.
Eerst wil ik weer heel hartelijk danken voor al uw gaven tijdens mijn verblijf in België. Dit doet deugd uw missieliefde te ervaren door uw warme belangstelling, door uw luisteren naar mijn verhalen en door uw vele giften.
Op 30 januari 2008 heb ik dan weer de grote gift van 1.950 Euro toegekregen en dit voor het project van de lagere school “Soleil Levant” (Opgaande zon) voor Seke-Banza in het diocees van Boma-Nedercongo. Dank U, dank U wel. Het is reeds een pracht van een school en de mensen zijn zo blij.
Tijdens mijn verlof heb ik niet met iedereen contact kunnen nemen, hoe graag ook, maar ge kent mijn oprechte dank voor uw milde steun. De goede God zal het U lonen.
Ziehier een beetje geschiedenis van onze scholen van onze congregatie van de Zusters-Missionarissen I.C.M. van het Onbevlekt Hart van Maria; namelijk de school ‘Cocorico’ voor de kindertuin met drie klassen in de lagere school ‘Soleil Levant’ met zes klassen.
Seke-Banza is op een hoog plateau gelegen. In de valleien zijn er rivieren en een overvloedige bevloeiing. Aan het uiteinde van de voornaamste weg zijn er administratieve gebouwen, een klein militair kamp en enkele scholen van de staat. Aan het andere uiteinde is er de kerk en de pastorie. De Portugezen hebben er hun kleine winkels en de Belgen hebben er zich om bekommerd een klein hospitaal te bouwen, maar alles bevindt zich in een erbarmelijke staat. Het volk is arm, leeft vooral van de landbouw. Al het werk gebeurt met de hand. De voornaamste werktuigen zijn de hak en het kapmes. Daarom is het werk zeer uitputtend. Hun velden zijn niet groot, maar wel zeer vruchtbaar. Er zijn stadjes en dorpjes die onderontwikkeld zijn, zoals het gebied van Seke-Banza. ’t Is omdat er veel werklozen zijn die niets doen. De families hebben het zeer moeilijk om te voorzien in het noodzakelijke: het huisgezin, geneeskundige zorgen, kleding en bijdrage aan geld voor het schoolgaande kind. Een kleine minderheid van de jonge meisjes gaan geregeld naar school. Anderen,, van vijftien jaar, dragen reeds hun baby op de rug. Het leven van de kinderen is moeilijk, want de ouders gaan ’s morgens naar de velden en laten niets achter voor de kinderen die naar school gaan, noch voor de kleinen, noch voor deze van de lagers school. Niemand zorgt voor de kinderen als zij terug thuis zijn. Ja, het dagelijkse leven van de kinderen is moeilijk.
In de school wordt er voor hen gezorgd. Zij voelen zich bemind. Zij leren hun waarde kennen en worden erin bevestigd en stralen dit uit. De bewaarschool is gebouwd door de herhaalde wens van de moeders en de ouders hadden ook het vurig verlangen naar een lagere school. Onze medezuster Noëlla heeft mensen gevormd ter plaatse: metsers en schrijnwerkers. ’t Is al bouwende dat de werklieden het beroep geleerd hebben. Heel het dorp volgde nieuwsgierig en zeer geïnteresseerd naar de vordering en voltooiing van de werken. De belangstelling van de dorpelingen uitte zich in een actieve medewerking aan de werken met het opzoeken en aanhalen van zand, kiezelsteen en water. Dit jaar zal de lagere school ‘Opgaande zon’ afgewerkt worden en dit met ook uw bijdrage. Dank U wel.
De onderwijzers met de kinderen van de lagere school hebben nu de taak om de lokale gemeenschap meer menselijk te maken. Het zijn de onderwijzers van de lagere school die aan de kinderen leren ‘dat wat kan’ en ‘dat wat mogelijk is’. Het volstaat niet de kinderen te leren lezen en schrijven. Onderwijzen gaat veel verder. Het is nodig om hen te leren ‘na te denken’ en hun de christelijke en menselijke waarden voor te houden en eigen te maken.
Nog eens oprecht dank voor uw meeleven en hulp aan de mensen die het minder goed hebben en anderen die werkelijk in armoede leven. Ook de mensen zeggen U dank langs mijn schrijven.
We bidden voor elkaar en voor de komende vrede in Congo.
Vele hartelijke groeten.

Correspondent: Frans Douwen

Congo - 27 januari 2008

Langs internet gaat de correspondentie vlugger. Zr Irène Peeters geeft de fakkel door aan Zr. Ndaya Mathilde (werkzaam in Seke-Banza). De nodige inlichtingen staan in de brief die ik je doorstuur.
Zr Irène zal 100% achter Mathilde staan! Ze is er enthousiast over.

Op 14 januari ll. mocht ik via ons Provinciale uw email ontvangen. De volgende dag kreeg ik eveneens de nieuwe formulieren voor nieuwe projecten.
Ik houd eraan u spoedig een woordje van DANK te sturen. Het geeft moed en kracht als men mag ervaren dat er nog heel veel goede mensen willen medewerken voor het "beste doel".
Dank om ons project dat (ingediend in 2007 voor de jaargang 2008) door "DE BRUG" werd goedgekeurd. We hopen aldus onze lagere school "Soleil Levant" van Seke-Banza volledig af te werken, wat aangaat klassen en bemeubeling voor september 2008. Daarmee zal dan een heel bijzondere fase van dit project verwezenlijkt zijn. Dit wil echter niet zeggen dat dan alles zal voltrokken zijn. In de hoop dat "DE BRUG" nog lang mag bestaan en dat we degelijke verantwoordelijken kunnen vormen voor de toekomst, zal er nog voor jaren werk blijven om die nog zeer jonge missiepost verder te ontwikkelen. In Seke-Banza heeft ons Soeur Mathilde NDAYA de laatste jaren zeer goede dienst gedaan. Ze heeft, samen met de jonge, flinke Directeur van de school, de werken bijzonder goed geleid. Zr Noella Lust, die de werkplannen inleidde en volgde vanuit Kinshasa met regelmatige bezoeken al ginder, is er heel tevreden over.
Ook de West-Vlaamse Députatie die op inspectiereis kwam, was zeer onder de indruk van wat ze bij ons te zien en te horen kregen en ook tevreden over de aanwezigheid van Sr Mathilde. We zullen haar vragen voortaan zelf de rapporten te maken.
Gelukkig is "DE BRUG" ons heel gunstig gestemd, we kunnen niet anders dan er ook heel dankbaar voor te zijn. We mogen, zo we dit goed verstaan hebben, "nieuwe projecten" indienen. Aan projecten ontbreekt het nooit. We denken er reeds lang aan om ons kleuterschool "COCORICO" te Seke-banza, geleidelijk herop te bouwen. Het zit zo inéén: toen in 2000 Zr Noëlla daar bouwde voor de Communiteit ICM, die toen logeerde in de pastorij, heeft ze daar tezelfdertijd een schooltje opgericht in voorlopig materiaal (limbahout og bois de coffrage). Dit deed ze omdat er toen reeds een groepje kindjes naar school kwamen in een stofferig oud rijstkot van de Missie. Daarbij hoorden de Zusters heel dikwijls reacties van de mensen die voorbijkwamen gaande of komende van de bron: "les Soeurs construisent une maternite", wat natuurlijk niet juist was maar beduidde dat we niet moesten uitstellen om iets concreet te doen in het belang van de bevolking. Gezien de zeer povere situatie van het eerste jaartje kleuters, en het klein pakje centen waarover Zr Noëlla toen beschikte, heeft ze toen in een minimumtijd een mooi houten schooltje gebouwd op een fundatie die ze toen reeds voorzien heeft om de planken ooit te vervangen door muren in baksteen. Dit is belangrijk. Indien "DE BRUG" ons wil verder helpen (à long terme) dan zou dit reeds lang broedend project ooit kunnen verwezenlijkt worden... daarna zouden wij oudere icm kunnen zeggen: " Heer, laat nu uw dienaressen in vrede gaan" We zouden klas per klas opbouwen, het dak mag blijven want de gebinten zijn in degelijk hout gemaakt. We zouden bakstenen kopen in Kinzau-Vuete waar ze van betere kwaliteit zijn dan te S. Banza met het nadeel dat het vervoer ook heel duur is. Het schooljaar zou er niet door lamgelegd worden en met uw jaarlijkse bijdrage zouden we elk jaar een lokaal kunnen definitied heropbouwen. Tegenwoordig is het grootste bouwprobleem, de aankoop van cement die nu aan pure corruptieprijzen verkocht wordt, meestal zonder facturen en als er niet goed op let, zijn de zakken reeds voor een goed deel leeggemaakt en weer kunstig dichtgemaakt. De prijzen gaan nu naar de 20 $ per zak, voeg daarbij het vervoer vanaf Matadi!!! Alleen maar deze onvoorziene moeilijkheden voorkomen zouden we waarschijnlijk één klas met 2000 € kunnen herbouwen. Dit is zonder twijfel een heel waardevol project dat zonder knoeien goed en wel kan geleid worden door bv. Sr Mathilde die nu reeds de knepen van de boekhouding onder de knie heeft. Blijft staan dat wij vanuit Kinshasa een oog in het zeil blijven houden, ook met werkbezoeken ter plaatse.
Nogmaals mijn oprechte DANK aan alle goede Vrienden-medewerkers van "DE BRUG".

Congo - 12 oktober 2007

Op 2 juni 2007 hadden we de gelegenheid om U onze dank uit te drukken voor uw gift van 1700 euro als steun voor onze nieuwe school te Seke-Banza voor 2007.
Vandaag mogen wij u met veel genoegen melden dat deze gift ons bijzonder gesteund heeft om het tweede deel de lokalen te bemeubelen, zoals voorzien : aldus zijn de klassen van 1 tot 7 reeds volledig voorzien van banken (gemiddeld 20 per klas) + rekken + tafels + stoelen + borden voor de lesgevers. Alles werd manueel vervaardigd door schrijnwerkers ter plekke. Het is een heel mooie prestatie waarvan zelfs een West-Vlaamse deputatie getuige is. Deze laatste was op bezoek te Seke-Banza waar de West-Vlaamse provincie ook een deel sponsorde voor de bouw van de school. Het was een heuglijke dag met een bijzondere feestatmosfeer. Onze bezoekers en wij, alle plaatselijke medewerkers, zijn heel fier. De regionale Tv. Focus West-Vlaanderen wil getuigen voor de bevolking dat wij inderdaad hun gelden, en ook de uwe, zeer goed gebruiken.We zijn u zeer dankbaar.
Ons projectvoorstel voor 2008 is bij u reeds bekend:
- er blijven de lokalen 9 + 10 : onderwijzerszaal + directie + secretariaat (deze moeten nog definitief ingericht worden)
- we willen ook zorgen voor aangepast didactisch materiaal voor elk leerjaar en een bergplaats om alle gerei net en veilig weg te bergen.
Hiervoor durven we nogmaals rekenen op De Brug.
Met onze hartelijke groeten en dank.

Correspondent: Frans Douwen

Congo - 24 juli 2007

Op 4 juni ben ik afgekomen van het warme Kinshasa. Hier in het vaderland uitrusten bij familie, in ons klooster-missiehuis van "de Jacht" in Heverlee.
Op 15 september, als het God belieft, zal ik dan weer graag vertrekken, samen met mijn medezuster Mia Lernout.
Vooreerst wil ik u danken, heel oprecht, bedanken voor alles wat u doet voor de missies, voor de minderontwikkelde landen. Hartelijk dank voor jullie milde giften en voor jullie hulp aan de organisatie van "De Brug". Ook mijn waarderende dank aan het bestuur. Dit in naam van de arme mensen, van de minderbedeelden.
Zoals ge weet bouwen wij mee aan de lagere school "Soleil levant" (opgaande zon) van Seke-Banza, gelegen in het bisdom Boma in Neder-Congo. Het zijn 10 lokalen : o.a. voor de zes leerjaren, een zaal voor de directie, voor de onderwijzers en voor het secretariaat. In mijn brief van 2 juni hebt u er al over vernomen. Tevoren werden de kleuterklassen afgewerkt. Er is ook een gebouw ingericht waar de jonge meisjes en vrouwen leren naaien en koken.
Ik verbleef er reeds vier maanden. Op het einde van het jaar of in het begin van het nieuwe jaar hoop ik er weer naar toe te reizen en er enkele maanden te verblijven, om zo samen met zuster Noëlla, die de bouw in handen heeft, de vorderingen van de werken na te gaan.
In Kinshasa zelf heb ik een gevarieerde taak. Ik ben in dienst van het Provinciaal bestuur. Er is de Provinciale Overste zuster Marie-Madeleine en de twee raadsleden, zuster Micheline en zuster Agnes. Alle drie Congolese zusters. Ik kan hen helpen bij het onthaal van de bezoekers van alle rang en stand, tot de meest arme mensen. Ik heb het overzicht van de werkers in de keuken en de tuin, doe boodschappen in de magazijnen en op de markt, de boekhouding van de in- en uitgaven. Tweemaal in de week is er fonie met de verre missiepost van Mbonga, gelegen in de provincie Mbandaka. De volgende keer vertel ik er nog meer over.
In de voorbije periode zaten we volop in de gebeurtenissen rond de presidentsverkiezingen. Gelukkig is het goed verlopen. Overal in het land, dankzij Belgische en internationale hulp en het gebed van vele christenen, stonden de kiezers rustig in rijen te wachten. "We zijn de oorlog moe" zeiden ze. "We willen vrede". De mensen waren ook goed voorbereid om op waardige wijze te stemmen, democratisch, vrij en transparant.
En ik denk dat we een goede president hebben. Hij is christelijk gehuwd met mevrouw Oliva, een lieve, charmante flinke dame. Bij de verkiezingscampagne zag ik haar op het verhoog. Achter de micro sprak zij de mensen toe in het Lingala en in het Frans.
In Kizu, ver in de Mayombe-Neder-Congo, hebben wij de missie hervat. Niet lang geleden was de parochie in feest voor haar vijftigjarig bestaan. Ook mevrouw Oliva was uitgenodigd. De zusters spraken met lof over haar. Over haar vriendelijke omgang, haar eenvoud en charme. In het hospitaal gaf zij een geschenk ter verbetering van de radiografie.
President Kabila, een man voor vrede, staat ten zeerste voor veel uitdagingen. Verbetering van de wegen over heel het land - de landbouw - het onderwijs - ziekenzorg - watervoorziening en elektriciteit en noem maar op.
Ik geloof ten zeerste dat de vrede zal komen in Congo, op voorwaarde dat de mensen zich bekeren. Dit was een boodschap van Onze Lieve Vrouw in Fatima aan zuster Lucia. Ja, bidden we voor de vrede. Ook door ons gebed kan de situatie in een land beïnvloed worden. Hert gebed is een grote kracht.
Ja, het is hier goed in België. En toch roept de Heer van de oogst mij weer op om naar de armen, de minderbedeelden te gaan. Met 37 jaar missieleven zijn zij ondertussen mijn vrienden geworden.
Voor mijn vertrek zei één van de oversten, zuster Micheline : Irène, gij zijt van Congo, wij hebben u nodig. Gij zijt van hier. En zij herhaalde het weer.
Hier in verlof kreeg ik een lange brief van haar met nieuws over het district. Op het einde van haar brief herhaalt zij weer : "Geniet van uw vakantie en na uw vakantie, vergeet uw geliefd land van Congo niet en het Congolese volk dat gij liefhebt".
Zo, beste vrienden van de Brug, als missionarissen van onze dierbare heimat, blijf ik rekenen op uw milde steun. Samen bouwen wij aan een betere wereld, waar het goed is om wonen voor iedereen.
Nog eens dank voor uw blijvende belangstelling en steun.
Tot in Kinshasa en Seke-Banza, dan schrijf ik weer. Van harte.

Correspondent: Frans Douwen

Congo - 2 juni 2007

Door omstandigheden kwam ik er niet toe om te schrijven. Wil me daarvoor verontschuldigen. Dank u.
Vooral bijzonder DANK voor de gift van 1700 euro voor de verdere uitbreiding van onze lagere school "SOLEIL LEVANT" te Seke-Banza. Wij waarderen oprecht uw trouwe medewerking!! U kunt het misschien nauwelijks geloven dat we op heden bezig zijn met de afwerking van de lokalen 8-9-10. Met "De Brug" vervaardigen we terzelfdertijd de meubels voor de klassen 6-7-8 d.w.z. banken, tafel, stoel, borden, rekken voor elk lokaal. Er is echt een kentering aan het komen in het begrip van de bevolking in betrekking met de waarde van de opvoeding van de kinderen. De school met goed gevolgd programma, vlijt, tucht en vrolijkheid heeft een plaats gekregen in de geest van de mensen. Het was hard beginnen in 2002, doch nu geven de ouders al bijna regelmatig het schoolgeld waarmede het personeel moet betaald worden. Ze zijn ook gelukkig als ze af en toe eens aan een feestelijke manifestatie van hun kinderen mogen deelnemen. Ja, ik ben ervan overtuigd dat we niet voor niets geploegd hebben samen en ook dank zij "De Brug".
Hierbij mag u enkele foto's ontvangen, niet altijd heel helder. Dat ligt vooral aan het plaatselijk klimaat dat zeer vochtig en mistig is..
Mogen we in de toekomst nog op u rekenen voor de bemeubeling van:
lokaal 8 : volledig 6de leerjaar vanaf 2008-2009
lokaal 9 : onderwijzerszaal (didactisch materiaal + werktafels + stoelen. Dit lokaal is belangrijk : de lessen worden voorbereid.
lokaal 10 : directie en secretariaat.
Dit alles moet in 2007-2008 afgewerkt worden. Als 't God belieft komen we er wel mee klaar. We zullen er gelukkig mee zijn en dit wensen we ook aan al onze weldoeners.
Nogmaals van harte DANK !

Correspondent : Frans Douwen

Seke-Banza - 22 april 2006

Ons laatste contact dateert van 28 december 2005. We zijn er van overtuigd dat u op ons nieuws wacht. We danken u voor alle attenties van uw kant ook als we van hieruit blijkbaar stil zijn. In feite is er in deze eerste trimester van 2006 heel veel gebeurd. in Seke-Banza zijn nu de 4 eerste klassen in duurzaam materiaal afgewerkt. Alleen de schilder doet nog zijn taak. Hierbij voeg ik een foto genomen door zuster Noëlla Lust die er nog eens op werkbezoek ging van 22 tot 31 maart ll. Het is een juweel-tje dat bijzonder gewaardeerd wordt door de bevolking ter plekke. Het personeel van de school, met de werkgroepen ter plaatse, hebben bijna perfect hun werk gedaan. We zijn dankbaar aan al diege-nen die dit hielpen verwezenlijken.
Begin maart kregen we melding via Scheut van een mooie storting van 1.700 euro vanwege "De Brug" voor het jaar 2006, geld dat bestemd is voor de bemeubeling van de klassen. Dit deel gaat volledig naar zijn doel. Eén van de vier klassen is nog leeg en in de eerstkomende maanden moeten er nog zes lokalen bijkomen + sanitaire instellingen.
Ik wil het herhalen : uw liefdevolle medewerking is voor het slagen van deze school zeer belangrijk. Het resultaat is als een opwaardering van de kinderen en de ouders tegelijkertijd. Ja, zoveel zijn ze zeker waard. Schoonheid en doeltreffendheid maken de mens beter.
Nogmaals : OPRECHT DANK.
Het zal u niet verwonderen dat we voor 2007 nogmaals uw mildheid willen aanspreken. Steeds voor hetzelfde doel : de inrichting van de bijkomende lokalen. Het is nog een hele karwei mar met velen komen we er wel.
Wil het aan mekaar doorzeggen : we kunnen mekaar niet missen. "DE BRUG" moet sterk blijven. We blijven u allen steeds dankbaar.
Hartelijke groeten.

Correspondent: Frans Douwen

Seke-Banza - 18 december 2005

Vooreerst mijn oprechte wensen voor een "Vredevol Nieuwjaar 2006" Mocht de zegen van KERSTMIS 2005 ons alles blijven stimuleren om Jezus' liefde tastbaar te maken in onze wereld.
DANK voor dit jaar dat ten einde loopt.
DANK aan alle medewerkers van De Brug die met velen gedeeld hebben, in het bijzonder voor de op-richting van de lagere school "Soleil levant" Seke-Banza (Bas-Congo).
Sinds september 2005 hebben de leerlingen van het 2de en 3de leerjaar de eerste twee nieuwe lokalen ingenomen. Op de foto's zie je er een paar aspecten van, nogal donker, maar dat zal veranderen als er ook eens een laagje verf op komt. De twee volgende klassen zijn nu ook bijna af en kunnen na nieuw-jaar in gebruik genomen worden. Het is voor deze lokalen dat we het project 2006 indienden bij "de Brug" voor de bemeubeling (zie correspondentie van 14 mei 2005).
In januari of februari 2006 zal zuster Noëlla er terug heen reizen om de volgende werkplannen in te zet-ten : er moet nog voor minstens 2 jaar naarstig gewerkt worden om nog 6 lokalen + alle sanitair en elek-triciteit in te richten. We blijven vertrouwen op de goede medewerking van De Brug.
In naam van ons zusters te Seke-Banza, het schoolcomité en de leerlingen zeg ik u allen nogmaals DANK.
Gods zege kome over U allen.
Gelukkig 2006.

Correspondent: Gretel Beyers

Seke-Banza - 23 juni 2005

Daag ! Ik dank u zo voor uw vriendelijke brieven. Ik kreeg ze allen toe hoor. Met zuster Noëlla heb ik de formulieren van het project "Seke-banza" ingevuld. Ik dank de vrienden van de Brug nogmaals voor de mooie missiegift. Ik ben verlegen dat ik nog niet heb kunnen schrijven door het opslorpend werk hier.
Nu is de situatie wat spannend voor de aankomende 30 juni. Maar wij zijn in God's hand.
Ik schrijf u zo vlug het kan. Blij gegroet.

Correspondent: Gretel Beyers

Seke-Banza - 14 mei 2005

Vooreerst mijn hartelijke groeten ook in naam van het personeel en de leerlingen van de lagere school van Seke-Banza.
We danken De Brug van harte voor de mooie gift van 1.550 euro, die we mochten ontvangen via Scheut Vnl. Brussel en de procuur Ste Anne te Kinshasa. We mochten dit vernemen op maandag 8 mei 2005. Vandaag spoed ik me om met een vertrekkende zuster dit briefje te sturen in de hoop dat het u weldra bereikt.
Op dit ogenblik zijn in Seke-Banza reeds kleine voorbereidende werken begonnen : aankoop van zand, keien, cement en maken van cementblokken want we willen in de toekomst eens en voorgoed in duur-zaam materiaal bouwen.Vanaf 2001-2002 tot op heden zitten de kindjes in een houten schooltje waar-van nu alle plaatsen totaal bezet zijn. We moeten dus flink doorwerken opdat het volgende schooljaar het opgaande leerjaar (derde studiejaar) onderdak zou vinden. We zijn hoopvol en beginnen alvast met twee elementaire klassen die eventueel later kunnen af- en bijgewerkt worden. Zuster Lust Noëlla, die in Seke-Banza gans de missiepost ICM bouwde, reist er volgende week weer heen om er met de verant-woordelijken en werkmannen concreet overleg te plegen over wie, wat en hoe moet doen. De eerste grondvesten zullen getrokken worden, waarna men plaatselijk verder kan bouwen tot een volgende in-spectie. De gelden zijn toevertrouwd aan een comité van 4 personen:
Zr. Leonie Akum, directrice van de school,
Zr. Caroline Kembe, econoom van het project,
Mevr. Jeannine, lerares en
Mr. Gislain, leraar, allen van de school "Soleil levant".
Met praktische richtlijnen, morele en financiële steun zou deze onderneming zeker moeten slagen. Als ICM stellen we er veel hoop in want dit is toekomst voor die streek waar men nog niet gewoon is aan coöpererende actie. Binnen enkel maanden hopen wij u daar verslag van te geven.
God helpe ons in deze moeilijke tijd.
Nogmaals van harte dank en beste groeten.

Correspondent: Gretel Beyers

Seke-Banza - 13 december 2004

Bij verrassing ontving ik een telefoontje van Zuster Irène Peeters. Zij begeleidde een zieke Zuster (Lieve Segers) naar België en is dus voor heel korte tijd in België. Zij zou vrijdag 17/12 al weer terug vertrekken. Na me reeds een mailtje gestuurd te hebben sinds haar aankomst in Kinshasa, belooft ze een langere brief (voor De Brug). Ondertussen dankt zij de mensen van de Brug en iedereen die haar zo goed deden. Ze heeft veel deugd gehad aan haar voorbije lang verlof. Ze moest het weer allemaal gewoon worden in Kin en komt in de volgende brief met de nodige projecten voor de dag.
Tot dan...

Correspondent: Gretel Beyers

Seke-Banza - 29 februari 2004

Dag. Hoe gaat het met U? Ik hoop van heel goed. Met mij is het ook heel goed.
Verontschuldig mij dat ik niet meer geschreven heb.
Eergisteren kwam ik terug van Seke-Banza-Nedercongo. met de Congolese zuster Marie José van het provinciaal bestuur was ik er naartoe geweest voor acht dagen.
De terugreis met de autobus vanuit Boma-Matadi-Kinshasa was van 7 uur ’s morgens tot 20 uur ‘s avonds. Een lange reis.
Bij mijn thuiskomst was er het boekje nr. van de Brug. Ik verschrok wel wat voor mijn nalatigheid in de briefwisseling.Het is waar, ik had nog niet gedankt en ook het nieuw project niet ingediend.
Op 31 juli 2003 kreeg ik hier het bericht toe van de gift van 1.295 euro. Ik bied u mijn verontschuldi-ging aan voor het uitblijven van de briefwisseling. Door het vele werk als hulp in het provinciaal be-stuur stelde ik steeds maar uit om op een rustig ogenblik te kunnen schrijven.
Eind juli van dit jaar kom ik in verlof. Dan zal ik beter kunnen uitleggen hoe wij hier werken in ons dier-baar Congoland. Ik zou heel blij zijn als ik mijn project nog mag indienen.
Ik ben nu in dienst van het provinciaal bestuur. Het is een groot werkterrein.
Het onthaal verzorgen, dat gaat vanaf de bisschoppen, ambassadeurs tot de meest eenvoudige be-hoeftige man en bedelaar. Het huishouden dirigeren en verzorgen, aankopen doen op de markt en in de magazijnen. Ik kreeg er nog de boekhouding bij. Samen met de Filippijnse zuster-dokter zorg ik voor de zusters die ziek worden van malaria en andere ziekten. Zo was ik een keer gedurende 24 uur bij een zieke Belgische zuster in de intensieve dienst van het hospitaal. Ook contact per phonie met de twee missieposten in het binnenland nl. Seke-Banza en Imbonga. En op bezoek samen met de vi-ce-provinciale. Ik ben ook actief aanwezig in onze parochie van Onze Lieve Vrouw van Fatima, bijge-volg veel contacten. Zo blijf ik de behoeftigen en armsten ook daadwerkelijk helpen. Het komt in hun handen terecht: aan weeskinderen, aidspatiënten,mentaal gehandicapten. Zo blijf ik nog de missies steunen van Imbonga, Mbandaka en Seke-banza-Nedercongo.
In Seke-Banza wordt er hard gewerkt. De kleuterschool ‘Cocorico’ staat een lokaal af om te kunnen beginnen met een lagere school, het eerste leerjaar. Er moeten klasjes gebouwd worden. En voor het centrum ‘Familiale vorming’ ‘KIVUVU’ – de hoop, voor aankoop van stoffen.
Zo vind ik voor het volgend project de eerste noodzaak in deze oorlogstijd, van te blijven zorgen voor de armste mensen. En ten tweede voor de missie van Seke-Banza. Voor de lagere school hopen zij te beginnen met het tweede leerjaar.
Met de briefwisseling is het allemaal wat misgelopen. Ook mijn familie heeft er onder geleden.Maar je weet dat ik een vurige missionaris ben en van de heimat van Achterbroek met de vele missievrienden.
Ik geloof er in dat ik van de achterstal nog zal genieten, ten voordele van het beproefde oorlogsland Congo. Ik zal mijn schade inhalen om regelmatig te schrijven.
Ik hoop dat het in je familie best gaat.Voor mij, ik heb mijn gezondheid goed behouden en ik ben een gelukkige missiezuster.
Heel veel dank voor de missiegift en voor de missieliefde van de brugvrienden.
Oprecht genegen.

Correspondent: Gretel Beyers

Seke-Banza - 10 oktober 2002

Daag. Hoe gaat het met U en de familie?
Met mij gaat het heel goed, maar het vele missionarissenwerk mindert niet. Ook hier in mijn nieuwe post in Kinshasa is de boodschap: steeds klaar staan om te helpen. Verontschuldig mij dat ik zo lang gewacht heb om te schrijven. Ontving je mijn brief van 20 juni? Ik hoop dat hij goed toekwam.
Nu doe ik er 2 brieven bij. De ene betreft het rapport over het project voor Seke-Banza (het tweede deel) en de tweede betreft de aanvraag voor het project van 2003. Ik hoop dat het nog niet te laat is voor de aanvraag van het nieuwe project.
Dank u wel omdat Ik samen met zuster Noëlla nog heb kunnen bijdragen voor de missiepost van Se-ke-Banza in de Neder-Kongo.
Ik heb zoveel dankbaarheid van de zusters en de mensen aldaar. Terwijl ik er was verleden jaar, heb Ik veel zieken kunnen helpen. Fiobert, een timmerman, had etterende wonden aan zijn voet en been. Er was een zware plank op zijn been gevallen. Door niet verzorgd te zijn was het ontstoken geraakt. Het had het miltvuur (gangreen) kunnen worden met als gevolg amputatie van het been. Tot hiertoe is hij er volledig van genezen. En dankbaar dat hij is.
Op het ogenblik ben ik nu wel in Kinshasa, maar Ik bleef nog in contact met de missiepost van Seke-Banza langs zuster Noëlla en de gemeenschap. Ook hebben we elke morgen contact langs de pho-nie. Zodanig dat de hulp die ik van jullie kreeg nog ten goede kwam aan het project van daar.
Hier in Kinshasa zijn ook veel behoeftige mensen door de burgeroorlog die aansleept. Op straat zijn meer en meer zieke, gehandicapte bedelaars die het staatshospitaal verlieten omdat zij de onkosten niet kunnen betalen.
Daarom zou ik graag bij de aanvraag voor het project van 2003 ten eerste ongeveer de helft van de som besteden voor punctuele hulp aan arme, behoeftige mensen. Ten tweede: hulp voor de opbouw van een Arkgemeenschap in Selembao-Kinshasa. Het is voor mentaal gehandicapten en verlaten personen en specifiek dan voor de aankoop van grondstoffen, werktuigen, verpakkingen. Zuster Noël-la is er al volop aan het werk.
De boekjes van de Brug nrs 1,2 en 3 heb Ik goed toegekregen. Het adres blijft op naam van Heverlee, enkel met vermelding Kinshasa 1.Ik kan u nu ook het emailadres bezorgen van het Provinciaal huis. Voor de boekjes van de Brug zal dat dan voordeliger uitkomen: srs-icmkin@cd.
Nog eens van harte dank voor de mooie som die de Brug elk jaar schenkt. God zal het lonen.
Laten we volhouden met goed te zijn voor de minderbedeelden. Ik heb nu 33 jaar Congo gedaan en ik hou er van hier bij de mensen te zijn en te getuigen van Gods’ barmhartigheid langs de steun van de weldoeners uit de heimat.
Tot blij wederhoren.
Zeer dankbaar.

Uitleg over het nieuwe project:
In Selembao-Kinshasa is een gedurfd project van start gegaan met de opbouw van een ARK-gemeenschap die een plaats en een hart wil zijn om mentaal gehandicapte en verlaten personen op te vangen en naar best vermogen gelukkig te maken.
Het initiatief is gegroeid vanuit de ‘Villages Bondeko’ verspreid in het archdiocees van Kinshasa, waar speciaal onderwijs gegeven wordt aan gehandicapte kinderen. Maar kinderen worden groot en som-migen worden hoe langer hoe meer door hun families verlaten. Vandaar de vraag: wie wil er iets voor ‘zijn’ en ‘doen’?
Vijf encadreurs deden stages in België, in Cote d’Ivoire en Burkina Faso in specifieke ARK-gemeenschappen. Twee verbleven drie jaar in West-Afrika en willen nu definitief assisten blijven bin-nen een gemeenschap in Congo.
Door bemiddeling van vrienden kon een perceel aangekocht worden waar we op dit ogenblik de mini-mum structuren oprichten om zo spoedig mogelijk van start te gaan met een minigemeenschap a la ‘Vannier’ tot deze haar ‘reden van bestaan’ zal bewezen hebben en de Internationale ARK zal kunnen vervoegen. Het plan is dus een uitdaging. Een belangrijk punt is: hoe zichzelf mm of meer beredde-ren?
Een assistent is bevoegd in het maken van verven. Dit talent willen we stimuleren om samen met de gehandicapte personen een kleine prebeschutte werkplaats te maken en nuttig te zijn voor mekaar.
Zo een plan omvat:
opbouwen van een atelier + klein depot 3.478 EUR aankoop van grondstoffen, werktuigen, verpakkingen 775 EUR discrete publiciteit en verkoop 150 EUR

Totaal 4.403 EUR

Gaarne vragen wij aan u, vrienden van de Brug, een bijdrage van 775 EUR als deelname in de ver-wezenlijking van dit project.
Tot uw informatie mag ik hieraan toevoegen dat deze nieuwe gemeenschap in Kinshasa reeds een beheerraad heeft die toezicht houdt op het gebruik van de steungelden.
Dit zijn dan weer een paar zingevingen voor ons en uw werk. Van harte dank voor alles wat u zult en wilt doen.

Correspondent: Gretel Beyers

Seke-Banza - 18 oktober 2001

Oprecht dank voor het uitbetaalde project van 2001. Op 7 september kreeg ik het persoonlijk in han-den langs de goede zorgen van bestuurslid Inge Beyers. Heel veel dank in naam van de arme bevol-king van de missiepost SEKE-BANZA in Neder -Congo.
Zoals voorgesteld wordt de steun besteed voor onze nieuwe inplanting in SekeBanza. Om het be-staande functioneel te maken, nl.
1/ de gezondheidshulp
2/ het onderwijs
3/ het vormingscentrum voor vrouwen en jonge meisjes
4/ voor catechese en parochiaal werk. (Hierbij een verslag van mijn medezuster Noella over Seke-Banza. Het geeft een duidelijk zicht over het bestaande en hoe er aan verhelpen).
In mijn aanvraag om steun voor het project van 2002 zou ik graag hetzelfde voorstel voor Seke-Banza hernieuwen. Gezien het ferme objectief hoop ik dat u het ook goed zult vinden.
Beste mensen van het bestuur, ik dank u van ganser harte voor jullie grote gift voor onze nieuwe mis-siepost. Ik hou u zeker op de hoogte van de vorderingen van het werk.
In november hoop Ik weer naar Congo - Kinshasa - Seke-Banza te vertrekken. En daar vertel Ik dan weer van jullie hulp, van jullie ‘Brug’-werking.
Heel veel dank op voorhand.

Het licht staat weer op groen om naar Congo - Kinshasa - Seke-Banza te vertrekken. Ik ben echt weer blij. Als het God belieft, in de maand november.
In september was er de grote verrassing bij de melding van het toegestane project voor onze nieuwe post in Seke-Banza.
Dank, hartelijk dank, voor de grote gift. In mijn vorige brief vertelde Ik u reeds over de noden van deze arme buitenwijk.
Mijn medezuster maakte er volgend verslag over:
Toen onze zusters er in januari 2000 aankwamen, vonden ze er voor hun intrek een huisje met 4 klei-ne kamertjes en een middenvertrek dat als livingeetplaats kon dienen.
Ook een klein keukentje was voorzien. Het huisje was onderkomen en moest volledig hersteld wor-den. Ondertussen logeerden de zusters gedurende 3 maanden op de parochie. De omgeving was pu-re brousse. Er moest vooral voor water gezorgd warden, want koken, wassen en plassen in een mod-derig of stofferig klimaat, vraagt heel wat. Er werd spoedig een bergplaats in hout bijgebouwd om wa-ter in tonnen te stockeren en aldus tijd te winnen.
Vanaf juli 2000 startten we eens en voorgoed met de opbouw van de nodige leef- en werkruimten, deels in baksteen, deels in planken. Op minder dan 6 maanden werd het huis uitgebreid met 6 slaap-kamers + kapel + toilet, rekening houdend met de nodige veiligheid. Een minimum sanitair was drin-gend nodig; een bergplaats voor keukenvoorraad en een was- en droogplaats (voor her regenseizoen) werden voorzien. De keuken kreeg een kleine afwasruimte. Gezien alle werken ter plaatse moesten gebeuren, waren we genoodzaakt een garage op te trekken om materialen te bergen + een werkplaats om tijdens de grote regens alle schrijnwerk voort te zetten.
De bevolking toonde haar sympathie en medewerking door dikwijls water aan te brengen van een diepgelegen bron. Meestal toch moesten we met een pick-upwagen zelf water halen op 6tot 7km af-stand. Die moeilijkheid belette ons niet om tezelfdertijd ook een mooi schooltje op te bouwen voor kleuters: 3 klasjes en een werkplaats. Deze verwezenlijking is een klein paradijs. De ouders zijn er zeer opgetogen mee als hun kindje hen de verhalen en allerhande attenties uit hun klasje aanbren-gen. De kindertuin van Seke-Banza is de vreugde van groot en klein. Investeren in basisopvoeding is uitermate waardevol. Ons klein volkje draagt de ‘blijde boodschap’ letterlijk van school naar huis. Dit nederig project verdient tenvolle onze aandacht en steun.
Dichtbij bevindt zich ook een oud gebouwtje in totaal verval. Dat is nu ook aan restauratie toe. Het is heropgetrokken, maar er ontbreekt nog alle afwerking. Toch wordt het reeds intensief gebruikt door groepen jonge meisjes die weinig of geen onderwijs volgden; ook door gehuwde vrouwen. Ze komen er voor een christelijke, familiale en sociale opvoeding. In afwachting brengen ze een zitbankje mee om de lessen te volgen die door een Congolese zuster worden gegeven. Dit vormingscentrum kreeg de naam ‘DE HOOP’
Alle vrienden die dit verhaal lezen zullen wellicht beseffen dat wij, missionarissen, ook nu nog, on-danks de moeilijke tijdsomstandigheden, hard werken. Zou ons getuigenis van onbaatzuchtig meele-ven en vechten voor een volk in grote nood geen ‘tip’ zijn naar de ‘Vader die in de hemel is’, naar lief-de en vreugde te delen onder mekaar?
In Seke-Banza zijn we en blijven we nu. We zijn enorm dankbaar tegenover zoveel mensen van goe-de wil die ons deze nieuwe missie met hun giften mogelijk maakten. Wij hopen en willen vragen dat onze weldoeners ons verder zouden helpen, want, al is er veel begonnen, niets is helemaal af en voorlopig liggen de werken stil op hoop van hulp.
Punctuele hulp blijft 100 % doeltreffend.
Beste vrienden, bij het lezen van dit verhaal waart u zeker geïnteresseerd en wellicht ook bewogen voor de evenmens in nood.
Nogmaals dank voor uw meeleven en steun. God beloont de blijmoedige gever.
Van harte gegroet.

Correspondent: Gretel Beyers

Imbonga - 8 mei 2001

Sinds mijn vertrek naar Congo heb ik nog niet geschreven over de nieuwe missiepost in Seke-Banza. Zojuist schreef ik naar mijn correspondente Gretel. Ook om nog alles te regelen voor blijvende steun in mijn missiewerk en leven. Heb ik een term van 5 jaar in de evenaarmissiepost van lmbonga-Mbandaka achter de rug, dan werd me nu, op het einde van mijn verlof verleden jaar, gevraagd voor een nieuw op te starten missiepost in een arme buitenwijk van Seke-Banza in Neder-Congo bij een zeer eenvoudige bevolking. Seke-Banza ligt in de Mayombestreek aan de benedenstroom. Het heeft als bisdom Boma. De oproep voor die post was een hele uitdaging. Het vraagt eerst en vooral een goede start. De bevolking is zeer gevoelig voor de getuigenis van een broederlijk-evangelisch ge-meenschapsleven.
Bij mijn aankomst waren er al enkele verbouwingen gebeurd door zuster Noëila en haar werkmensen. Het volk is zeer geëngageerd en helpt bij de constructie, door water, zand en grind aan te brengen.
Zuster Leonie is gestart met de kleuterschool, 3 klassen met ongeveer 85 kleuters tussen 3 en 7 jaar. Zuster Marie engageert zich ten voile in de parochie, catechese, vorming aan jongvolwassenen, het initiëren en helpen in de verschillende groeperingen in medewerking met de twee priesters, pastoor Raymond en medepastoor Emmanuel. Zuster Victorine staat in voor de ‘foyer KIVUVU’, voor de snit- en naaischool ‘De Hoop’: Het doel is: de integrale ontwikkeling van moeders en jonge meisjes (margi-nalen).
Voor mij is dan de taak voorbehouden voor bezoeken ten huize en om zorgen te geven aan personen die zich niet kunnen verplaatsen; voor opvoeding in preventieve gezondheidszorg, hulp bij prenatale raadpleging, hulp aan en samenwerking met de Iandeigendokter in het bouwvallige staatshospitaal ter plaatse. Contacten leggen, de noden zien en er aan verhelpen. Het is daar zeer nodig dat een zuster verpleging ten huize doet en daarbij zorgen toedient. Het volk en de lokale geestelijkheid appreciëren onze aanwezigheid sterk. Met ijver had ik mijn taak waargenomen, maar o wee, ik had niet meer gerekend op die verraderlijke moeras- malariakoortsen. Ik heb het onderspit moeten delven. Zo ben ik hier in Heverlee voor medische zorgen rust en herstel. Maar het komt allemaal weer goed.
Intussen blijf ik met mijn Congoleze medezusters rekenen op jullie hulp voor het uitbouwen van een betere wereld, waar er voedsel, kleding en huisvesting is voor iedereen. Waar het goed is om samen te leven.
Ja het is dankzij mijn goede schoonzus Amelie zaliger, dat ik kan genieten van jullie Brugsteun. Als ik tijdens mijn verlof bij haar op bezoek was en vertelde over de noden in mijn missiewerk, over de arme, behoeftige mensen, dan was zij het die me naar de ‘Brug’ verwees. En dat dateert al van 1985.
nu deze gelegenheid van het 25ste jubeljaar dank ik nog eens heel speciaal. ‘PROFICIAT’ voor uw groots initiatief: hulp aan de mens in nood. God zegene uw inspanning en volharding.

Correspondent: Gretel Beyers

Imbonga - 3 augustus 2000

De maand augustus deed reeds zijn intrede. En als jullie dit briefje lezen, zal het weeral enkele maan-den verder zijn. Ondertussen ben ik zelf weer in het land om nieuwe krachten op te doen en te her-bronnen, ook om te vertellen dat onze mensen van overzee jullie dankbaar zijn voor al de verkregen hulp en dat zij blijven rekenen op uw medeleven. Dagen voor mijn vertrek kwamen de mensen groe-ten met geschenkjes. Ik kreeg zoveel vriendschap en dank mee met de blijde hoop van weer terug te komen, om samen weer hun leven van lief en leed te delen.
Dank beste vrienden voor de grote gift van dit jaar waar we weer uit kunnen putten om onze projecten gestalte te geven. Er is zo’n schrijnende nood op alle gebied. Gezien de aanhoudende burgeroorlog kunnen de mensen niet vooruit. Het onderwijzend personeel wordt niet of met vertraging uitbetaald. Uit pure christelijke liefde doet de directeur van de lagere school alles om de school goed te laten functioneren. Maar de ouders hebben het moeilijk om het schoolgeld voor elk kind te kunnen betalen. Bij het bezoek van de bisschop in de school had de directeur een aanmoediging en bevestiging gekregen voor wat hij gepresteerd had voor de opvoeding van de kinderen en dat met weinig -voorhanden zijnde- middelen. Hij is een diep-christelijk charismatisch man, met zijn echtgenote Marie-Jeanne christelijk gehuwd. Ze hebben zes flinke kinderen, waarvan twee in het seminarie.
Alvorens in verlof te gaan was er nog veel te doen om het werk door te geven aan mijn medezuster. Ondertussen ook geluisterd naar de vragen en noden van mijn medezusters, van de inlandse pries-ters, de mensen van de pastoraal, onderwijs, foyer van de mensen van het dorp. Ik was zelfs getroffen bij de vraag van een zieke, bejaarde man:”Zuster, vraag eens bij jullie mensen, vrienden, daar of zij mij kunnen helpen met een goed geneesmiddel voor mijn ziekte?”
De reis Imbonga-Mbandaka was niet gemakkelijk. Het is een afstand van 290 km. Twee volle dagen op het water, in open prauw, wel gemotoriseerd. In Boteka (vroeger Flandria) op de missie van de ‘zusters van het Kostbaar Bloed’ konden we overnachten. ‘s Morgens vroeg weer op de baan, beter gezegd op het water van de rivier Mombayo. Van dan af, ± 162 km van Mbandaka, komen we in de bewaakte zone. Wel negen maal hadden wij controle door de gewapende soldaten. Papieren nakij-ken, zakken en valiezen onderzoeken. Ook in Mbaudaka heeft het ons drie dagen gevraagd voor de inschrijving van paspoort en visa. Na een week kwam ik toe in Kinshasa. Daar ook weer tijd genoeg nemen voor het in orde brengen van de reisdocumenten. Mijn afreis zou op 1 juni zijn. Ondertussen deden mijn medezuster en ik flink boodschappen om zaken op te kopen voor onze missiepost Imbon-ga, o.a. hebben wij in de procuur van de paters Scheutisten twee nieuwe batterijen moeten kopen, één voor de zonnepanelen in de materniteit, een ander voor het dispensarium. Elke batterij woog zo maar 30,5 kg. Daarbij ook een bus acide van 39 kg.
Voor de materniteit kochten we een rol stof, bedoeld voor lakens van bedden en wiegjes. Samen met zuster Véronique, de nieuwe jonge Congolese pleegster, willen wij een kamer van 3 bedden in orde brengen, omtoveren tot een degelijke plaats voor de moeders na de bevalling. Ook de andere plaat-sen krijgen hun beurt. Reeds vijf matrassen vanuit Kinshasa kwamen ter plaatse. Een mild geschenk van de ambassade van Malta. Wij hadden nog graag matrassen gekocht, maar hoe kunnen we die nu veilig loodsen naar Imbonga. Overal is er oorlogsgevaar en onderzoek naar eventuele wapens. Dus nog wat gewacht tot ik in oktober weerga. Hetzelfde voor de grote hoeveelheid verf en vernis, reeds gekocht en klaar om te verzenden. In twee apotheken konden wij de nodige medicamenten met afslag krijgen. Alles tezamen, zonder specialiteiten, kwam het toch nog tot een bedrag van 25.000 Fr.
En voor het landbouwwerk moest het gerief ook aangevuld worden o.a. harken, schoppen, rijven, ook nagels voor het timmerwerk.
Er was ook een tekort aan suiker en melk. Sinds de ellende verergerde, komen er in het dispensarium meer zieke kindjes met bloedarmoede, te wijten aan ondervoeding. Die kindjes zijn verplicht in het hospitaaltje te blijven. Hier is een degelijke voeding de redding. Onze verantwoordelijke zuster Marie-Madeleine, Congolese en verpleegster, begon reeds met voedzame pappen klaar te maken. Daarvoor hebben wij melk en suiker nodig. Het vraagt inzet en volharding, maar zij neemt het ter harte en hoopt dankzij hulp het te kunnen uitbreiden.
Zuster Angela (haar naam zegt het), is een echte engel in onze zustergemeenschap. Zij gaf ook een lijst mee voor haar toekomstplannen aan hulp. Zij is Amerikaanse. In de middelbare landbouwschool geeft zij Engelse les. Maar, o wee, als zij de klassen binnentreedt is er zoveel dat moet rechtgezet worden. Weinig leerlingen, of onregelmatig aanwezig, gebouwen niet hersteld, ongerieflijke lokalen, tekort aan didactisch materiaal. In alles zou zij willen helpen om het onderwijzend personeel te steu-nen en aan te moedigen.
De jonge, Congolese zuster Hélène, heeft pastoraal werk. Zij helpt in de voorbereiding tot een christe-lijk huwelijk, bereidt de kinderen voor op hun eerste communie, animeert het zangkoor en noem maar op. Daarbij heeft ze taak in de foyer, in de naaischool. Samen met Mama Anne-Marie leert zij de jonge meisjes en moeders naaien. En zij komen tot goede resultaten. Op zekere zondag was er een dank-mis in de kerk met daarna tentoonstelling in het parochiehuis met verkoop van de werkjes: geborduur-de lakentjes, fluwijnen, kinderpakjes. Wat zou zij ook blij zijn met hulp in de toekomst om de nodige stoffen gemakkelijker te kunnen aankopen.
Zuster Véronique vervangt de vorige zuster verpleegster-vroedvrouw van het dispensarium. Zij is Congolese, jong, pas geprofest, dynamisch en vol missie-ijver om haar volk te helpen. Samen doen we de inentingen. Zij heeft al vetschillende goede initiatieven genomen. Voor het begin van de prena-tale raadpleging is er een uur les over hygiëne en voeding. Hetzelfde in de scholen. Met aanschouwe-lijk materiaal trekken de verplegers er naartoe. Achter her dispensarium ligt er een groot stuk braak-grond. Het is reeds afgezet met bamboe en is beplant met biteke (teke = inlandse groenten) en soja-bonen. Een “proficiat” waard.
Verschillende mensen komen ook aankloppen, komen vragen om hulp om hun bouwvallig huisje te herstellen (veelal voor het dak dat hen moet beschermen tegen de regen).
Goede vrienden, zo heb ik weeral verschillende noden opgesomd. Voor de hulp van het project van volgend jaar 2001 dank ik jullie reeds op voorhand. In de toekomst zou ik het eerder zo zien, dat we samen als zustergemeenschap de noden van de verschillende werken zouden behartigen: dispensa-rium, hospitaal, materniteit, lagere en middelbare school, de foyer (naaischool), het landbouwwerk van de dagloners, het pastoraal werk, de hulp aan onze inlandse priesters, de kerk, de bibliotheek. Samen zijn we één grote familie nietwaar? Een dezer dagen ga ik op bezoek bij mijn correspondente Gretel om samen te zoeken hoe we onze mensen het beste en daadwerkelijk kunnen helpen.
Hopelijk genieten jullie ook van een fijne vakantie; er op uittrekken in de wijde natuur of rustig thuis in de zon, in de hof. Want dit geldt ook nog tot op vandaag: zoals het klokje thuis tikt, tikt het nergens!
En ik eindig nog graag met een christelijk-blije groet voor het jubileumjaar. Het is een beloftevol gena-dejaar. Geloven we maar dat God ook vandaag wondere dingen doet. Elke dag zijn er tekens van Zijn liefde, zoals jullie blijvend enthousiasme om missionarissen voort te helpen langs de goede ‘brugwerking’. Loven en danken we de Heer voor al zijn weldaden. Hij zal ons vrede geven. Met dat geloof in de Verrezen Heer, in de levende Jezus, kan ik in oktober weer blij teruggaan naar onze broeders en zusters, op meer dan 7.000 km. hier vandaan. Het is mogelijk omdat we in gemeenschap leven en werken, jullie hier, wij ginder.
Samen houden wij het vuur brandend, de geestdrift hoog. Dit alles opdat het Rijk van God moge ko-men, dat Zijn wil mag geschieden in dit gezegende jubeljaar 2000.
Heel hartelijk.

Correspondent: Gretel Beyers

Imbonga - 12 december 1999

Vandaag is het de derde zondag van de advent: de ‘vreugdezondag’, want Kerstmis nadert.
In het begin van het epistel lezen wij het:’Broeders verheugt u in de Heer, nogmaals verheugt u. Uw minzaamheid worde aan alle mensen bekend’. Gevolg van onze christelijke vreugde is beminnelijk-heid tegenover allen, zonder uitzondering. ‘De Heer is nabij’, het grote motief van onze blijdschap. ‘Weest over niets bezorgd’, is een ander gevolg van de vreugde in de Heer. ‘Geen angstige zorg, geen bezorgdheid mag ons kwellen zo wij blijmoedig op God vertrouwen en Hem als eenvoudige kin-deren al onze wensen kenbaar maken door gebeden en smekingen samen met dankzegging’. (Phil. 4, 4-6).
Ja beste vrienden, Kerstmis nadert met rasse schreden. En ook het nieuwe jubeljaar 2000. We heb-ben allen grootse verwachtingen voor wat de vrede betreft. Dat onze wensen mogen bewaarheid wor-den van geen oorlog meer en geen mensonwaardig leven.
Het tijdschrift van de Brug (nr. 4) kreeg ik weer goed toe. Dank u en proficiat voor de mooi verzorgde kaft. En in ‘Hallo’, het voorwoord van Jos, beamen we het, dat ieder mens uniek is. Ja, in Gods ogen zijn we allemaal evenveel waard. Jezus kwam en is gestorven voor elk mens. Daarom ons respect voor elkeen, daarom dragen we als broeders en zusters, als kinderen van éénzelfde Vader, zorg voor elkaar.
Ondertussen was er de oktobermissiemaand. Ik was in gedachten en in gebed veel bij jullie. Zeker waart ge weer vol missie-ijver om steun te verzamelen voor de projecten van uw heimatmissionaris-sen. Dank, dank u wel. Hopelijk hielp het solidariteitsmaal ook weer bij tot hartelijke verbroedering en meedelen.
Hier laten de gevolgen van de oorlog zich gelden. Veel arme mensen! Haast geen geld in omloop. Het onderwijzend personeel niet of te laat uitbetaald. Er is geen suiker om in de koffie te doen, laat staan melk. En zeggen dat de rietsuiker een product is van eigen land. Er is een goed recept om met aard-noten melk te maken voor de ondervoede kinderen, maar ook de aardnoten ontbreken hier. Het is een luxe, want op de markt in Mbandaka zijn ze duur. Wij zijn nu wel met een veld bezig van maïs, soja-bonen en aardnoten. De rijst staat op het programma.
Daarstraks kwam Andre van het andere gehucht. Een arme man, zwak van gezondheid. Ik hielp hem, met jullie giften, voor het herstel van zijn woonst. Hij had een deel bananen en ander fruit bij, met moeite, maar met grote liefde verzameld en gespaard, om te bedanken. Nu hadden zij allang geen zout meer in huis. Ja, dikwijls ontbreken de noodzakelijke levensbehoeften. Ik ken nu de mensen die regelmatig moeten geholpen worden: bejaarden, gehandicapten en wezen! En zo kom je elke dag voor andere uitdagingen te staan. ‘s Nachts om 2 uur wordt ik opgeroepen voor de materniteit. Er werd een vrouw binnengebracht met dreigend baarmoederruptuur. Zij waren gekomen van het dorp Losako, 45 km van hier en dat per roeibootje. Wij hebben hier geen dokter. Om de moeder te redden heb ik de vrouw na de nodige zorgen verder moeten sturen voor een operatie, op 35 km afstand. Ze moesten te voet met de vrouw in een hangmat. Ik was er het hart van in.
Ook in de prenatale raadpleging zijn en steeds vrouwen met tel lage bloeddruk. Op mijn vraag of zij ‘s morgens iets gegeten hebben klinkt het dan negatief. En zij komen soms van heel ver.
Een vrouw was bevallen in het dorp zonder goede hulp. Ze had er het leven bij verloren. Twee weken later komt de grootmoeder met het weeskindje bij ons. Het kindje in schamele doekjes, koud en on-dervoed, het heeft maar twee uren meer geleefd. Ik had het tevoren gedoopt maar ook de zorgen hebben niet meer mogen baten.
Er zijn ook weer meer moeders die in het dorp bevallen, omdat zij de kleine bijdrage voor de materni-teit niet kunnen betalen. We doen alles om onze moederkens goed te helpen bij de bevalling. En wat een vreugde telkens bij een nieuwe, goede geboorte.
Ik kan hen ook dikwijls blij maken dankzij uw gelde!ijke steun. Dank U wel in hun naam.
Beste vrienden, nu bij het naderend Kerstfeest en het jubileumjaar 2000 bied ik jullie mijn oprechte wensen aan. Een zalig Kerstfeest en een Heilig, vruchtbaar jubileum-genadejaar 2000.
Welgemeende dank voor de grote gift voor het project elk jaar opnieuw. En wat Ik jullie allen wil toe-zeggen ‘Waar we ook zijn of gaan, altijd dragen we in ons de liefde van Jezus voor allen en alles. Hij leeft immers in ons met heel zijn liefde’. Vragen we voor elkaar om die liefde bij de kribbe, want Zijn liefde in ons is onze grote rijkdom en onze blijvende kracht.
Ik wens jullie veel kerst- en nieuwjaarsvreugde in de intimiteit van het gezin en de familie.
Tot blij wederhoren.

Correspondent: Gretel Beyers

Imbonga - 22 september 1999

Wat was ik blij bij de correspondentie van 16 september een brief van mijn schrijfster Gretel te vinden, alsook het boekje van de Brug nr. 3 van augustus. Daarin las ik dat jullie onophoudend voortdoen met de missieactie over de wijde wereld, dat elkeen zich even actief inzet voor de werking, en dat er ook in het bestuur jonge en bijzonder enthousiaste krachten bijkwamen. Proficiat voor de ontbijtactie. Weer een succes van organisatie en goede wil. Wat heb ik de mensen hier al dikwijls kunnen helpen door jullie geldelijke steun Ja, sinds 2 juli zijn we weer terug in Imbonga. Bij ons vertrek in Kinshasa waren veel medezusters en vrienden bewogen omdat we de stap durfden zetten in deze moeilijke oorlogs-omstandigheden. Maar een missionaris krijgt bijzondere kracht. Daar zijn we nu ons zo bewust van en er zeer dankbaar om. Tijdens onze afwezigheid ging het werk voort in het dispensariumhospitaaltje en materniteit met de middelen die voorhanden waren. Op een gegeven ogenblik ontbraken de medica-menten. Vanuit Kinshasa hebben wij er kunnen verzenden. De mensen hebben ook veel angst uitge-staan voor het dreigend nieuws dat de soldaten zouden passeren en plunderen. Zij hebben ook weer de zorg gehad om alle zaken van waarde in veiligheid te brengen. Ik bewonder de mensen hier voor hun vriendschap voor ons. Zo vonden we ons gerief terug en brachten we alles geleidelijk in orde. In de materniteit deden we grote schoonmaak. De timmerman is geweest om het houtwerk op te knap-pen. De verloskamer, het bureel, de zaal voor de moeders die moeten bevallen, de zaal voor de pre-natale raadpleging, de keuken, de wasplaatsen, tot zelfs de regenput, alles kwam aan de beurt voor een grondige schoonmaak. De omheining werd met bamboes vernieuwd en het gras overal gekapt. Er waren veel handen om te helpen. Toch komen er weer verschillende noden oprijzen, uitdagingen zelfs. Zo vragen verschillende zalen en kamers om de verfborstel. Ook zou ik matrassen willen aan-schaffen voor de bedden en wiegjes van de materniteit en bij de zieken. Ook de nodige gummistof ter bescherming van de matrassen.
Wij hebben hier ook een diepe waterput, maar die is buiten gebruik omwille van een defect. Hopelijk kunnen wij die ook eens laten repareren. Heel deze periode had ik veel werk in de materniteit. Mijn vroedvrouw Thérèse had haar jaarlijks verlof nog niet kunnen nemen. Zo stond ik alleen voor de be-vallingen en de zorgen voor moeder en kind. Ik was er zelfs blij om zelf de bevallingen te mogen doen op eigen ritme en zo natuurlijk mogelijk. Er is ook telkens de blijdschap van de gelukkige ouders en familie.
Er is nog goed nieuws. Op het ogenblik is onze bisschop, Monseigneur Kumuondala Joseph, aarts-bisschop van Mbandaka bij ons. Ook onze provinciale zuster, Christine As, van Kinshasa is hier. Ver-leden zondag, 17 september, vierden wij feest. Jubileum van 10 jaar aanwezigheid van de inlandse priesters en van ons zusters I.C.M. van het Onbevlekt Hart van Maria hier in Imbonga. Er was een plechtige eucharistieviering, voorgegaan door de aartsbisschop en drie priesters. Van acht uur tot twaalf uur verenigd in gebed, zang en dans. Dinsdag vierden wij Monseigneur in ons klooster voor zijn 30-jarig priesterschap. Hebben de eerste missiezendelingen gewerkt, wij mogen er de vruchten van zien. Van ons dorpje Imbonga zijn er nu vier jonge mensen die Gods roepstem volgden. Jean-Remi wordt, als ‘t God belieft, volgend jaar priester gewijd. Adolf en Albert, twee broers uit het gezin van de hoofdonderwijzer van de lagere school, zijn respectievelijk in het groot- en kleinseminarie. Augustin begint het tweede jaar in het kleinseminarie. Ik vraag voor hen allln uw gebed, dat zij mogen trouw zijn en vurige priesters mogen worden. Dit doet mij nu denken aan de vurige priester Edward Poppe. In het Vlaams tijdschrift ‘Alleluja” lees ik verheugd dat priester Poppe op zondag 3 oktober wordt zalig verklaard. In onze kinderschooltijd sprak pastoor Celens zaliger er veel over. Zijn ijver ging vooral voor de eucharistie, liefde voor Onze Lieve Vrouw en voor de heiliging van de priesters. Ik ben blij voor de-ze nieuwe Heilige van Vlaanderen.
Beste missievrienden, blijven we voortdoen met het goede te verspreiden. Lenigen we de noden waar het nodig is. God zal het ons lonen. Tot volgend schrijven.

Correspondent: Gretel Beyers

Imbonga - 14 april 1999

Het is met een blij en dankbaar hart dat Ik jullie vandaag schrijf. De grote som geld voor het project van 1999 is aangekomen. Rijke vrucht van jullie missieactiviteiten! In naam van allen die er zullen van genieten zeg ik jullie oprecht dank.
U weet het wel dat we nu in zeer moeilijke omstandigheden werken. Onze groep van Belgische zus-ters verkleint. Dit verlopen jaar gingen er dertien voorgoed naar het moederland. Zo moeten wij de ij-ver voor de missie verdubbelen. Weliswaar stonden er acht nieuwe, jonge Congoleze zusters klaar om ons in de verschillende posten te komen helpen. Op vier oktober ll. deden zij hun religieuze gelof-ten. In afwachting van hun definitieve zending in het buitenland krijgen zij een taak in het land zelf. Sommigen gaan naar verre posten in het binnenland zoals Kimpangu in Neder-Congo en Kizu in de Mayombestreek, ook gaan ze in de omgeving van de stad Kinshasa. Zo is er nu, door de lokale kerk van Kinshasa, een oproep aan ons missionarissen om de kerk te vestigen daar waar de bevolking nog niet hoorde spreken over Jezus Christus. De uitnodiging van de bisschop is bijna dringend om naar de randperiferie van de grootstad te trekken, daar waar de mensen nog leven in zeer primitieve omstan-digheden. Ze missen er de elementaire noties over hygiëne, kunnen noch lezen noch schrijven. Hen bijgeloof viert er hoogtij. Ziekte, dood, natuurverschijnselen worden uitgelegd vanuit bijgeloof.
Wij missionarissen beogen een inschakeling in hun leven van elke dag. Samen delen van vreugde en leed, met de bedoeling beter hun denkwereld te ontdekken om tenslotte Christus te leren kennen. Ook willen wij een zeer eenvoudige opleiding geven in hygiëne, kinderverzorging en evenwichtige voeding. Aan jonge meisjes die nooit school liepen leren we lezen, schrijven, hoe het land te bewerken, hoe he-ter en gezonder te leven. Onnodig te vertellen dat zulke integratie, hoe eenvoudig ook, kosten met zich meebrengt.
De milde gift zou hiervoor gebruikt worden om pionierswerk te beginnen aan de rand van de stad.
De oorlogstoestand hier blijft zorgwekkend. Het bericht op TV riep op dat de mensen waakzaam zou-den zijn. Er werden opstandelingen gesignaleerd in Masina, een buitenwijk van Kin. De waarschuwing werd tot driemaal herhaald:“Weest waakzaam”. Voor zover het mogelijk is volg Ik de situatie van het binnenland, met de hoop zo vlug mogelijk weer te keren naar Imbonga. Afwachten is nog de bood-schap. De opstandelingen willen aan de macht komen en nemen de steden in.
Ondertussen proberen wij contact te houden met onze mensen in Imbonga. Er was een tekort aan geneesmiddelen. Twee weken geleden kochten wij hier de nodige medicamenten en stuurden ze reeds op. Hopelijk passeert alles goed langs de controle, zodanig dat het veilig ter bestemming komt.
Goede vrienden, jullie hebben weer veel verzameld voor uw missionarissen. Het getuigt van uw war-me missieliefde, uw zorg en kommer voor de arme, noodlijdende mens. Het getuigt van uw wereld-ruim hart. Jezus zei toch: “Ga tot aan het uiteinde van de aarde om de blijde boodschap te verkondi-gen” en dat God een goede barmhartige Vader is voor alle mensen. Uw heimatmissionarissen trokken naar alle hoeken van de wereld, naar Amerika, Azië en Afrika. Jullie maken de Brug om het werk van de zendelingen te steunen. Met jullie daadwerkelijke hulp en warme belangstelling hebt ge al veel bruggen gebouwd. Zonder versagen blijft ge ons helpen.
Hier woedt de burgeroorlog verder. Wij blijven bij onze mensen, bij onze Congolese, Indische, Filip-pijnse en Amerikaanse medezusters, hopend en biddend dat er weldra vrede komt. Wij doen voort met de noodlijdenden te helpen. Elke keer, bij grote nood, als ik de armen en zieken help, denk Ik aan jullie, milde weldoeners en ik bid voor jullie intenties. Dat God jullie zegene voor al de weldaden.
Wat mij telkens opvalt in het contact met de mensen is, dat zij ons zo genegen zijn. Zij weten dat wij -mensen van God- er zijn om hen te helpen, om het leven met hen te delen. Daarentegen maken de opstandelingen hun het leven onmogelijk, wordt er vernield en gedood.
Lieve weldoeners, uw milde gave was weer zeer welkom. Doe voort met goed en vredevol te zijn rondom U, dan deint hen uit langs ai de bruggen die ge bouwt. Eens komt de dag van de eindover-winning. De Heer Jezus heeft het beloofd. Hij is Waarheid en Trouw.
Verbonden in gebed, offer en solidariteit met de Wereldkerk, groet ik jullie van harte.
Tot volgend schrijven.

Correspondent: Gretel Beyers

Imbonga - 3 december 1998

Vandaag vieren wij het feest van de H. Franciscus Xaverius, apostel van de missionarissen. Ook zijn wij verleden zondag de Advent ingetreden, begin van het kerkelijk jaar, van het jaar van de Vader in voorbereiding op het Jubileum 2OOO. Ik wil op tijd zijn met mijn wensen voor het naderend Kerstfeest en nieuwjaar.
Eerst en vooral kan ik goed nieuws mededelen. We kunnen weer naar Imbonga vertrekken en dat met een nieuwe equipe: zuster Marie-Madeleine, Hélène, Angela en Ik, respectievelijk 2 Congolese, Amerikaanse en 1 Belgische. Van internationaliteit gesproken hé! Alleen wachten we nu nog op groen licht om te kunnen vertrekken. Er zijn nog geen vliegtuigen naar Mbandaka. Van daaruit is er onvoldoende communicatie, daar de fonieapparaten door de veiligheid werden afgenomen.
De voorbije maanden zijn heel gespannen en triestig verlopen. Op 2 augustus brak de burgeroorlog uit in de stad Kinshasa. Lange tijd zaten we zonder elektriciteit. Er was groot gebrek aan water, brandstof en voedsel. Er werd hevig gebombardeerd tussen de stad en de vlieghaven. Duizenden mensen op de vlucht, 12 km ver. Er zijn droevige verhalen daarover door mensen die zelf de dood voor ogen zagen. Tijdens de vlucht waren er zwangere vrouwen die bij het doorwaden van de rivier hun andere kleinere kindjes zagen verongelukken in het water. Zelf was Ik gedurende die kritieke pe-riode in het klooster van Mbiti op 15 km afstand van de stad. Behalve de beangstigende toestand zijn we niet direct in gevaar geweest. Wel hebben wij vijfmaal de soldaten op het domein gehad, op zoek naar opstandelingen. Men spreekt van een wonderbare tussenkomst van de hand van God. Gezien de gevaarlijke toestand zou heel de stad gebombardeerd geweest zijn.
Is hier nu in Kinshasa het gevaar geweken en de kalmte ingetreden, de burgeroorlog duurt nog voort in de periferie van het land. Laat ons veel bidden voor onze broers en zusters van de streken die nog onder het geweld zijn van de gevechten. En laat ons hopen dat dit jaar onze mensen werkelijk verlost worden van hun “exodus”, “uittocht”, van hun strijd en dat het einde er nu mag zijn.
Beste vrienden, in de maand oktober, de wereldmissiemaand, hebben onze gedachten zeker mekaar dikwijls gekruist. Er was de missiedag voor de eigen missionarissen van het dorp en missiezondag. “Bruggen werpen van vriendschap en dienstbaarheid”. Ik dank U weer eens speciaal nu op het einde van het jaar voor uw trouwe missieliefde. Dank voor al de inzet die het meebrangt. In de boekjes lees ik er alles over.
Bij gelegenheid van een celebratie van missiezondag lees ik “Christen zijn dat is bruggen bouwen”. “Heer, wat zijn er veel gelegenheden op een dag om bruggen te bouwen. En het is niet altijd de water-loop, beek en rivier die de weg verspert, maar de vlagen van egoïsme, dikwijls in wording in het hart van de mens, in het mijne. Heer, help ons om de rivier over te steken, deze van de ware, beleefde en gedeelde vriendschap.” “De schoonste reis die men hier beneden maakt, is deze die men doet van de één naar de ander (Paul Morand)”. Beste vrienden, dat doen jullie met veel ijver: bruggen bouwen door jullie missieactie. Dank U.
Het volgende las Ik nog over een droom. ‘Ik droom dat de mensen op een dag zullen opstaan en ein-delijk zullen begrijpen dat zij gemaakt zijn om samen te leven zoals broeders’. Ik droom nog dat op een dag de oorlog een einde zal nemen, dat de mensen hun zwaarden tot ploegscharen zullen om-vormen en hun lansen en speren in snoeischaren, dat de naties zich niet meer de één tegen de ander oprichten dat zij nooit meer oorlog zouden beogen.
Met zijn onze wensen bij het kerstgebeuren, nietwaar.
Aan jullie allen van harte een heel Zalig Kerstfeest. Dat de herdenking aan de geboorte van Jezus veel vreugde en zegen mag brengen in jullie gezin, familie en vriendenkring.
Met een Heilvol Nieuwjaar 1999.
Blij gegroet.

Correspondent: Gretel Beyers

Imbonga - 29 juli 1998

Schreef ik in een vorige brief over het project van een nieuwe prauw dan kan ik jullie melden dat die boot in hout nu voltooid is, hier in Kinshasa aan een aanlegplaats van de Congostroom. Vijfweken werd er aan gewerkt. Deze boot is ruimer dan de vorige, langer (20 m), breder (2,5 m) en hoger. Wij zijn er tevreden over. Hopelijk doen we nu goede ritten (vaarten) met deze degelijke prauw. In naam van ons allen nog eens oprecht dank voor jullie missieactie. Op het ogenblik ben Ik nog in Kinshasa. Eind oktober verloopt mijn visum om geldelijk in het land te verblijven. Andere zusters zijn al over de datum. Het is moeilijk om de vernieuwing van een visum te bekomen. Geduld hebben, hopen en ver-trouwen dat het in orde komt.
In oktober zouden we dan klaar zijn om met een nieuwe gemeenschap van zusters te starten. De twee jonge Congolese zusters werden opgeroepen om zich klaar te maken voor hun respectievelijke missie, Caraïben en Guatemala. Ondertussen zijn twee zusters, een Congolese en een Amerikaanse, op weg om hen te vervangen voor enkele maanden. Steeds maar pelgrimeren hé naar de plaats van oproep en nood.
Beste vrienden, in het tijdschrift van april zie en lees ik over het leven en werk bij jullie: zoveel projec-ten helpen realiseren, het nieuws van medemissionarissen, de vijfde “ontbijt-aan-bed-actie”, het soli-dariteitsmaal, de propagandadagen. En op 23 augustus hebben jullie in Kalmthout de missionarissen-dag “Wij houden van missie”. In gedachten zal ik met jullie zijn. Mocht het een ontmoetingsdag zijn waar de liefde voor de missie steeds groter wordt.
Beste vrienden, ik wens jullie nog een goede zomer- en vakantieperiode en steeds veel voldoening in uw hulp aan de evenmens.
Tot volgende maal. Blij gegroet.

Correspondent: Gretel Beyers

Imbonga - 31 maart 1998

Sinds ons wederkeren naar de Evenaarstreek is er weer wat tijd verstreken. Wellicht zijn jullie be-nieuwd hoe onze reis naar Imbonga Verliep na de perikelen van verleden jaar. Zoals ik vorige keer schreef waren wij in Mbanda opgehouden voor het herstel van de motorboot. Op 19 november kon-den we vertrekken, zwaar geladen met allerhande goederen: fietsen, brandstof en her nodige om weer te kunnen starten in onze geliefde missiepost van Imbonga. Na een tijdje varen kondigde er zich regen aan en het was nodig om het zeil naar beneden te laten. Na 62 km, drie uur en half varen, had-den wij een eerste halte, de parochie van Bokuma, om een priester die ons vergezelde te laten af-stappen. Daar hadden wij een incident. Op het ogenblik dat we weer wilden starten, vatte de motor vuur. Gelukkig dat wij nog aan de kant geankerd waren en niet in het midden van de stroom. De be-stuurders van de boot blusten uit alle macht. Met het aandragen van wit zand is het vuur getemperd. Het had een grote brand kunnen worden met ontploffingsgevaar, want er waren tonnen met brandstof in de boot. God zij dank was er geen schade, maar de motor kon niet meet draaien. We hebben dan voortgevaren met een motor van mindere kracht, maar dan ook op het tempo van een schildpad. Zo hebben wij bijna heel de nacht doorgevaren. ‘s Morgens om zes uur kwamen wij in Boteka, in de kolo-niale tijd Nandria genoemd. Het is een missiepost en een parochie waar wij regelmatig aanlanden. De zusters van de Congregatie van het Heilig Bloed verwachtten ons en dat met een hartelijk onthaal. Na een stortbad en een warm ontbijt hennamen wij onze weg te water naar Imbonga toe. We hadden nog 116 km te doen. Tijdens die rit hadden we af te rekenen met dikke mist. Zo konden we ‘s nachts niet verder varen. We hebben dan weer aangelegd in Lotuinbe, een protestantse missiepost, om de ochtend af te wachten. De volgende dag zouden we tegen de avond toekomen. Het was 14.30 uur als we aan de over van de parochie Imbonga aanlegde. Heel de bevolking wachtte ons op. De kinderen van de jeugdgroep (Bakanza-Anuarite genoemd naar de twee heiligen van het land) animeerden met zang, dans en tamtam. ‘Wij, vier zusters en de priester-onderpastoor, die met ons mee was, waren al-len bewogen voor zo’n blij onthaat en weerzien. En de stoet ging tot aan ons klooster, zingend met vreugdevolle kreten.
De volgende zondag na onze aankomst was de mis en het feest ter onze intentie. Woorden van wel-kom en nieuwe samenwerking. In de namiddag brachten onze mensen zes jonge kippen, een volle korf maniokbloem en klaargemaakte maniok plus nog de geschenkjes van iedereen. Ook warm en broederlijk onthaal maakte dat we ons weer vlug thuis voelden.
Zuster Rita, een jonge Congolese zuster die voor de eerste keer meekwam, merkt op dat zij zozeer getroffen was door de broederlijkheid en de goede relatie die wij mogen beleven met onze werkmen-sen, met de bevolking en de plaatselijke geestelijken. Ja, onze Moeder-stichtster houdt ons voor langs haar geschriften “proberen een hart te hebben, zo breed dat er elkeen, van welke stam ook, bantu of pygmee, er zijn plaats mag vinden”.
Zo hebben wij weer moedig onze taak hervat. Onze missietaak nu is niet zo gemakkelijk. God beloof-de niet dat het gemakkelijk zou zijn, maar Hij verzekerde ons wel Zijn genade. Bij Sint Paulus aan de Korinthiërs 2:2,9 lezen wij “mijn genade is u genoeg”.
En in alles wat wij (tenslotte) doen, is het God die wasdom geeft. Wij kunnen de mensen helpen met preventieve zorg, hygiëne, goede voeding, geneeskundige hulp. Maar het is de heer Jezus, de Verre-zene, levende Jezus die geneest die zegent. Dat te geloven, is een grote kracht om steeds voort te doen.
Beste vrienden, bij deze gelegenheid van het naderend Paasfeest wens ik jullie een “Vrolijk Paas-feest”. Mogen wij ook de Heer ontdekken in ons dagelijks leven en in de ontmoeting met onze mede-mensen.
Ik heb het boekje nr 1 van 98 ontvangen. Dank u wel. In de “Halo” lees Ik dat het jaar 1997 succesvol is geweest. Proficiat.
Dankzij uw blije gave is er een stevige “Brug” die loopt van ons kleine dorp Achterbroek, Kalmthout, de Kempen, naar alle uithoeken van de aarde. Dank omdat de “Brug” reikt tot aan het verre Imbonga. Dank u omdat u helpt en geeft “van harte”. Het was ook het woord en de daad van Moeder Teresa van Calcutta :“Dat wat belangrijk is: het is de graad van liefde die gij in elk van uw daden legt... Wie geeft met vreugde, geeft beter”.
Tot blij wederhoren.

Correspondent: Gretel Beyers

Imbonga - 15 november 1997

Zoals U kan zien schrijf Ik vanuit Mbandaka. We zijn weer op weg naar Imbonga. Door de droevige omstandigheden in Congo kwam ik op 15 april in vervroegd verlof.
Ik dank u nog eens voor de attenties waarmee u ons verraste tijdens ons verblijf in het moederland. Was het de vorige keer een grote korf fruit, nu was een lekker doosje pralines de verrassing. Dank u wel.
Deze keer heb ik de leden van het bestuur niet kunnen ontmoeten, maar ik heb wel bij u over mijn be-levenissen en mijn werk kunnen vertellen. Met veel dank heb Ik toen melding gemaakt voor het ont-vangen van de som geld voor hot project van 97. Oprecht dank aan u, goede mensen, die graag wil meedelen in het besef het geluk te hebben van te kunnen geven. Ook ontving ik de boekjes nr 3 en 4.
Tijdens mijn verblijf deed ik een maand ‘herbronning’ en retraite met charismatische bezieling. Het is nodig (om) geestelijk goed gewapend te zijn, om weer als ‘nieuw’ met vurige liefde bezield naar het zendingsland te kunnen vertrekken. En dat wij kunnen vasthouden aan de woorden van Jezus ‘Vreest niet. Ik ben met U. In al wat je zal overkomen, ben Ik met U.
Zo werden wij in september weer opgeroepen om in Kinshasa eerst een sessie en een bezinning mee te maken over ‘kritische blik op onze situatie in Congo’. Hoe de missie vandaag beleven?‘ ‘Meditatie over de nieuwe gezichten, nieuwe aspecten van de missie’. Dit alles word geleid door pater Pierre Le-fevre, een Scheutist. Na zo’n bezielende dagen klinkt de oproep nog luider om missie weer met een nieuwe visie aan te pakken en te werken in een broederlijke eensgezindheid.
Ondertussen heeft onze groep van vier zusters (2 Congolese en 2 Belgische) zich weer klaar mogen maken voor Imbonga. Verleden zondag vertrokken wij met het vliegtuig vanuit Kinshasa naar Mban-daka. Priester Israël, onderpastoor van Imbonga, met nog vrienden van het dorp waren er met de ‘ba-linèire’ (motorboot) om ons af te halen. Eén van hen, Jean-Paul, zei tijdens het vertellen “Zuster, het zal feest zijn als ge in Imbonga toekomt, want de mensen zijn zo blij.’ Nu zijn we hier nog om de nodi-ge inkopen te doen, maar we dralen hier omdat do balinière weeral in herstelling ligt. Er komt gere-geld water in. Onverantwoord om zo terug te varen. Na overleg moeten we overgaan tot het kopen van een nieuwe balinière, ofwel een grote prauw met een buitenboordmotor. Ik wou dan ook dit voor-stel doen voor het project van 1998 : te mogen bijdragen in de onkosten voor een nieuwe baliniére.
Om een beschrijving te geven van een balinière: lengte 18 m, breedte 2 m en voor en achter 1,5 m breed., met dak, maar opzij open. Bij regenweer wordt er een zeil over heel de lengte van het dak af-gerold (zie bijgevoegde foto). De huidige balinière, geschonken door de bisschop (die nu kardinaal is in Kinshasa), is 8 jaar oud. Normaal gaat zo’n balinière 6 jaar mee. Wij hebben regelmatig grote on-kosten voor herstelling. En de baliniére is er nodig. Het is het enige vervoermiddel voor ons. Er is geen weg naar Imbonga, het dorp is enkel langs het water bereikbaar. En alles moet van Mbandaka komen o.a. fietsen, mazout en petrol. Door de laatste onlusten heeft de balinière veel geleden. De boot moet steeds in het water liggen. Er was het droog seizoen het water trok weg. De mensen waren gevlucht naar het woud (twee maanden lang). En zo kwam de boot op het droge te liggen. Er is hier een man die de balinière in Imbonga ter plaatse zou kunnen maken. Hij maakte reeds een bestek op van wat er nodig is. Ik zou het voor u kunnen noteren, maar een andere raad is het kopen van een ba-linière in Kinshasa gemaakt in folie (onroestbaar materiaal).
Maar o wee, de prijs!
Beste vrienden van de Brug, over land en water, dank op voorhand voor het bijdragen in dit project van 1998. Proficiat voor uw blijvende edelmoedige ijver voor de broers en zusters onder de tropenzon

Correspondent: Gretel Beyers

Imbonga - 22 februari 1997

Het is weeral laat op de avond dat ik jullie schrijf bij het licht van een lantaarn. Op dit ogenblik is er geen mazout meer voor het eclectisch licht en met het licht van de zonnepanelen moeten wij zuinig zijn. Om 18 uur is het al donker, maar er kunnen slechts enkele tubes tegelijk aan.
Op 18 januari kreeg Ik het infoboekje toe van augustus ‘96, en nu op. 16 februari kwamen er twee boekjes tegelijk toe, nI. nr 4 van oktober 96 en nr 1 van januari 97. Dank, u wel. Deze keer kwamen ze vlug over de lucht-, weg- en waterbrug.
Met veel plezier las ik in ’Hallo” het verhaal over het wel en wee van 20 jaar Brugleven, met veel rijke ervaringen. Proficiat voor de geestdrift en ijver om een wereldwijde brug op te trekken, een brug naar alle landen waar iedereen zich thuis kan voelen als broers en zusters van eenzelfde Vader, God, ons aller Vader in de hemel en op aarde. Ja,dankbaar met jullie en vertrouwvol naar de toekornst…
Naar ik hoor hebbben jullie een harde winter achter de rug, Terwijl hier op de evenaar de kamertem-peratuur tot over de 30° aanwijst, Wij zijn ook in het klein droog seizoen. Dat betekent geen druppel regen.
Maar in het missieleven gaan we onvermoeibaar voort zoals Jezus het ons voordeed, op zoek, uitkij-kend om mensen te helpen voor een volwaardig christelijk leven.
We hadden een dag vastgelegd om de inentingen te beginnen voor de kindjes van 0 tot 5 jaar. In Mbandaka hadden wij redelijk veel vaccins gekregen tegen kinderverlamming, mazelen en kroep, kinkhoest en klem. De opkomst was groot. We telden 138 kroezelkopjes. Een flink getal voor het cen-trum hier. De week daarop reden wij, verpleger Gaston en ik, naar het dorpje Bosuka op 35 km van hier, ook om er te vaccineren. De moeders kwamen dan nog van verschillende kilometers ver, door de blakende zon, met hun borelingskens op de arm en de grotere kindjes op de rug. ‘s Morgens voor zes uur waren we al op weg met onze mobilette, maar we deden er drie uur over.
We moeten steeds voorzichtig zijn yoor eventuele hindernissen op de weg. Het ging door de dorpjes, dan weer door het woud, steeds afwisselend. In het woud hebben we af te rekenen met veel bruggen in hout. Die werden onlangs hersteld door de Pygmeeënbevolking. Voor dit project had het bisdom van Mbandaka een goede premie bezorgd. Regelmatig waren er nog andere obstakels. Bamboetak-ken die over de weg zijn verspreid, wortels van de bomen die gevaarlijk boven de grond uitsteken en soms een smal wegeltje, juist breed genoeg voor de wielen van de motorfiets. Dan zijn er nog stukken weg waar ge door het hoge gras moet. En ik wil altijd maar graag de mooie natuur bewonderen, maar het is “van de weg in het oog te houden”. Onderweg deden we nog wat aan animatie om de moeders op te roepen. En ter plaatse was het een vreugde om zoveel moeders met hun kindjes aanwezig te zien. Het is dan weer hard werken: kindjes inschrijven, wegen, inspuiten, naalden en spuiten afkoken. Verpleger Pierre van een nabijgelegen dispensarium was ons komen helpen. Bij het wegen is het een plezierig toneel. Wij hangen de haak van de weegschaal aan een dikke, stevige tak van een boom, de hangzak aan de haak met het kindje er in Bij de kleine baby’s gaat de tak weer de hoogte in. Bij de zwaardere gewichten neigt hij naar beneden. Een kindje van 15 kg kwam haast met de voetjes op de grond. En rondom is er veel bekijks en pret van de andere grote kinderen. Het aantal kindjas bedroeg hier 70.
Op de terugweg hielden we halt in het dorpje Lingonzo, waar de ouders van verpleger Gaston wonen. Zij hadden voor ons eten klaargemaakt. Raad eens? Krokodillenvlees! Samen met chikwangen (broodjes met maniokmeel), die we langs de weg gekocht hadden, was het een goed etentje. Dan de tocht weer verder naar huis. Overal waar we langs komen worden we toegewuifd. Soms zijn we ver-plicht af te stappen voor de kennissen die er wonen. Eigenaardig maar bij de thuiskomst, na zo een lange werkdag en grote trip, voel ik me eigenlijk niet moe, omdat alles goed verliep en om de vreugde van de mensen te kunnen helpen voor hun gezondheid en geluk.
Beste vrienden, met deze enkele lijnen laat ik je delen in mijn werk en leven van missionarissen. Jullie zijt er in betrokken door jullie steun en gebed.
Ik beveel ook uw intenties aan de Heer om zegen in uw families. Tot blij wederhoren.

Correspondent: Gretel Beyers

Imbonga - 8 december 1996

De adventstijd is weer ingezet Teken van voorbereiding op het grote feest van Kerstmis. Christus gaat komen. Mochten wij het waardig zijn om met Hem de nieuwe wereld te beginnen.
Bij het laatste pak brieven vanuit ons Provinciaal huis in Kinshasa was ook het boekje nr. 2 van april 1996 en een brief van mijn correspondente Gretel. Zij meldt dat de Brug, met al zijn medewerkers ac-tief blijft om zo de missionarissen te kunnen helpen. Ook dat de ontbijt-aan-bed-actie weer een enorm succes was.
Met jullie goede steun heb ik hier al velen kunnen gelukkig maken. En het is niet zomaar weggeven, maar om hen uit een grote nood te helpen. Anderen kunnen weergeven door te werken in de hof, het gras afkappen of de omheining van het hospitaal onderhouden en bijwerken met bamboe, want de schapen, de geiten en de varkens komen dikwijls storen.
Hoe moeilijk het voor het onderwijs ook is, in september is de school toch weer gestart. De ouders worden gevraagd elke maand een bepaalde bijdrage te geven voor elk kind. Dikwijls is het kind ver-plicht zelf een werk te vinden om te kunnen betalen. Zij kijken ook zo verlangend uit naar een bic of een schrift of een dagblad om hun schrift te kunnen kaften. Veel kinderen van de dwergbevolking die 5 km verderop wonen, hebben niet de mogelijkheid om naar school te gaan. In overleg met de hoofd-onderwijzer, een brave diepchristelijke man, heb Ik bijgedragen voor een flink aantal kinderen. Als ge die kinderen rondom u ziet, zo beloftevol, kunt ge het niet over uw hart krijgen om ze, zonder te hel-pen, heen te laten gaan.
Ik ben hier nu een jaar in Imbonga en het is of Ik hier altijd was, zo voel ik me al één met de mensen. Zuster Els was voor twee maanden naar Kinshasa, al die tijd was ik de enige blanke. Omwille van het vele werk ter plaatse kon ik die bepaalde tijd niet naar de dorpjes op huisbezoek. Zekere dag komt papa André: “Zuster, we zien u niet meer bij ons. Ook mama Marie vraagt wanneer ge weer komt”. Mama Marie woont in het dorpje Buenzola, is weduwe en kan nog maar moeilijk gaan. Bij haar las ik soms een stukje voor uit de Bijbel. Zij moest me telkens plezier doen met een vers kiekeneitje. Mee-delen van het weinige dat zij bezat!
En zo proberen wij elke dag van goede missionarissen te zijn; de aanwezigheid bij de mensen bete-kent zoveel: gewoon bij hen en met hen zijn.
In het boek “De boodschap van een leven” lees ik over onze moeder stichtster Marie Louise De Mees-ter uit Roeselare “de primordiale vraag die de Stichtster bezighield, was niet het openen, het beginnen van nieuwe apostolaatvelden, maar eerder het meest dringende om naar verre landen boodschappers te zenden, naar het hart van God, Christus en zijn liefde”. Het is dat wat telt. Ja, het is het voornaam-ste van onze missionaire aanwezigheid.
Beste vrienden, het is ook zo bij jullie nietwaar. Elke dag rondom u proberen vreugde en vrede te brengen.
Nu bij het naderend Kerstfeest en Nieuwjaar 97 zend ik u allen mijn oprechte wensen toe: wensen van liefde en vrede van Kerstmis. En mocht het nieuwe jaar voor ons allen een jaar van genade zijn.
Bij Paulus 2, 3,16 lezen wij “De God van vrede. Hij geve u de vrede, altijd en op allerlei wijzen”.
Bidden wij voor elkaar om die vrede.


Kaartje dat is toegekomen bij Jos Bierkens.
Zalig Kerstfeest, Gezegend Nieuwjaar.
Bij de gelegenheid van de naderende grote feesten, bied Ik u mijn beste wensen aan. Ook aan heel de ploeg medewerkers mijn beste groeten.
In naam van mijn Zaïrese mensen die steun mogen ondervinden herhaal ik mijn dank.
Ik wens ook het allerbeste voor een blijvende inzet voor de mensen in nood.
Reken op mijn gebed. Blij gegroet

Correspondent: Gretel Beyers

Imbonga - 3 september 1996

Hopelijk kreeg je mijn schrijven van de Kerst- en Paastijd goed toe? Uw antwoord daarop is voorzeker onderweg. Wel ik kreeg begin juni de omzendbrief van maart toe (langs Mevrouw Gerarda Hoefman).
‘s Anderendaags bezorgde mijn Overste het berichtje met de bevestiging dat het geld nI. 34.000 Bf., dat werd opgestuurd op 12 maart 1996, aangekomen is. Dank U hoor.
Ik was weer zo blij met de goede gift. Ik schakel ‘dézé som nu in voor het project dat Ik had voorge-steld. Naargelang ik het nodig heb, wordt het omgezet in Zaïrees geld. Zo kan Ik het juist en spaar-zaam gebruiken om te helpen waar de nood het grootst is. In naam van deze arme mensen oprechte dank. Zij zijn dankbaar voor de minste hulp, omdat zij zien dat wij bezorgd zijn voor hen.
In de brief lees ik dat Ik nu weer een aanvraag kan doen voor het project van volgend jaar 1997, en om het voor te stellen voor eind augustus. Daar de post zo moeilijk overkomt, wil Ik het nu al neerpen-nen. Hopelijk ben ik dan op tijd met de gevraagde voorwaarden.
Gezien de vele behoeftigen hier wil ik het project van 1996 voortzetten, nl.
1. geldelijke, rechtstreekse, daadwerkelijke steun aan de behoeftigen.
2. voor betaling van dagloners, om de onkosten te dekken van het dispensarium, voor hospi-taalzorgen en medicamenten van de zieke familieleden. Dan zou ik de andere noden nog willen meedelen:
3. herstellingen aan de waterinstallatie in de materniteit. Aankoop van een nieuwe waterbak.
4. wij hebben toezicht over 7 dispensaria in de dorpjes buiten Imbonga (tot op 120 km, ook geven we er vaccinaties. Samen met een Zaïrese verpleger rijd Ik er naar toe. Niettegen-staande de slechte boswegeltjes en de vele kleine bruggen in slechte staat geraken wij er met de mobilette. Op de vorige tocht hadden wij op twee plaatsen moeilijkheden omdat er bomen ontworteld waren die de weg versperden. Voor dit werk van de inentingen zou Ik willen 5.000 Bf. opzij leggen voor de onkosten van de essence.
5. hulp aan melaatsenzorg.
6. in de verschillende dorpjes van Imbonga (1/3 van België?) hebben de catechisten, die vrij-willig in dienst zijn, nood aan vorming en ook is er nood aan catechetisch-elementair mate-riaal. Als ik hen daarin ook kon helpen.
Er zijn nog andere noden hoor. Het is allemaal voor eenzelfde doel: de armen het levensnoodzakelijke te bezorgen.
Ik dank U weer op voorhand voor jullie -met hart en ziel- inzet voor de minst bedeelden.
En wat het overmaken van het geld betreft. Ik gaf het adres op van het klooster in Heverlee (melden voor Zr. Irene Peeters, missionaris in Zaïre).
Nog eens heel veel dank voor alles wat de voor ons doet. Ik bid voor al de weldoeners. Dat de Heer hen mag zegenen in hun werk en verlangens.

Kaartje aan het bestuur:
Vanuit het verre Imbonga wil ik U weer hartelijk danken voor uw goede gift van 34.000 Bf. Een hele verrassing voor de grote noden van hier.
Jullie hebben nu al veel projecten te steunen en steeds komen er nieuwe bij. Dank U voor al de moei-te die U zich getroost om alles bij elkaar te krijgen. Elke dag bid ik voor U, beste weldoeners. Dat God U moge zegenen in uw werk en uw familie. Liefde en barmhartigheid worden voor eeuwig beloond.
Door de droevige omstandigheden van het land hebben hier velen niet genoeg om te leven, onvol-doende kleding, een povere huisvesting. De zieken in het hospitaal zijn soms verplicht het hospitaal te verlaten vooraleer de behandeling gedaan is, uit gebrek aan voedsel. Zij zijn zo dankbaar met de min-ste hulp en goedheid.
Door onze actieve liefde kunnen wij hen dan spreken dat God Vader is en dat wij hun zusters en broeders zijn.
Mijn beste, dankbare groeten

Correspondent: Gretel Beyers

Imbonga - Paasweek 1996

Hallo ! Nier het verre Imbonga.
Verleden week was het Goede Week en toch kwam onze Provinciale Overste hier toe: zuster Christi-ne Asuka, Zaïrese. En met het pak brieven was het tijdschrift van de Brug erbij (nummer 4 van jaar-gang 19, oktober ‘95). Met veel vertraging heeft het me toch achterhaald. Hopelijk gaat het in de toe-komst beter.
In het boekje lees Ik weer hoe hard jullie werken aan de missieanimatie. Dank u voor alles. De grote gift die u bezorgt aan reeds zovele missiewerkers is een flinke steun in zoveel verschillende noden. Ik ben hier nu zes maanden en ik merk dat er hier enorm veel te doen is op gebied van landhouw, on-derwijs en ook voor de geneeskunde. In al die takken een steentje te mogen bijdragen, samen met de mensen hier, geeft voldoening en doet steeds naar beter streven.
Er is hier zoveel grond, goeie kleigrond, om te bebouwen voor rijst, maïs, maniok, bonen, aardnoten, maar er moet geld en middelen zijn voor het loon van dezen die arbeiden, ‘t zij mannen of vrouwen. En hier zijn ze verplicht van in de vroege morgenduren te werken, want om elf uur is er reeds de brandende zon.
Er is het gedicht ... “En de boer, hij ploegde voort …”
Wij doen het ook en graag. Als de mensen mij soms hier zeggen maar zuster, gij werkt hard, dan neem ik die gelegenheid te baat om te spreken over de adel van het werk en de liefde voor het werk. En ik eindig met te zeggen “pour Ie Zaïre toujours plus beau”. En of het aanstekelijk werkt! Door de kracht van de vriendschap schiet iedereen weer met vreugde aan het werk.
Beste vrienden, Ik wens jullie nog een ‘Zalige Paastijd’. De Heer is Verrezen. Alleluia Tijd voor nieuw leven, van nieuw herbeginnen. Met Pasen vierden wij dubbel feest. Er was de inzegening van een christelijk huwelijk van onze werkman Emmanuel en zijn echtgenote Marie-Jeanne.
Tot een volgend schrijven. Een goede gezondheid voor u allen, naar hart en ziel.
Met vriendelijke, dankbare groeten.

Correspondent: Gretel Beyers

Imbonga - 3 september 1994

Hoe gaat het met jullie allen? Ik hoop van heel goed. In jullie tijdschrift van ‘de Brug’ zie ik dat jullie hard werken om al uw missionarissen te kunnen steunen. Zoveel projecten en zoveel nieuwe... Dank U wel, dank ‘U wel voor uw grote inzet, voor de steun van 41.000 Bf. (1995) die ik ook weer kreeg om de armen, behoeftigen en zieken rechtstreeks en daadwerkelijk te helpen.
En nu kijkt u ook uit naar nieuws over mijn missiewerk, nu in deze moeilijke situatie van het land.
Kwam ik met veelgeloof, hoop en liefde terug naar de mensen hier, ik werd dadelijk gezonden naar de grote, zware missiepost van Kimpangu in Neder-Zaïre. Er is daar, naast de nadere diensten van on-derwijs en pastoraal, een groot hospitaal met materniteit, operatiecomplex, farmacie en verpleegsters-school de zusters daar werken hard. Gedurende vijf maanden sprong ik met hen in de bres om aller-hande leed te helen veel opstaan ‘s nachts voor de materniteit en voor spoedgevallen in de operatiezaal. Ik heb daar mooie ervaringen gehad bij de zieken en de stervenden, want zij zijn toch wel heel dankbaar voor alles wat we met hen mogen doen en zijn.
Mama Hélène was tweemaal geopereerd en tevergeefs: we konden haar niet meer helpen. Zij was stervend. ‘s Avonds heb ik haar een uur lang begeleid en met haar gebeden. Ik heb Jezus gesmeekt en aanroepen. Het was alsof ikzelf aan de hemelpoort stond om de goede God en barmhartige Vader te ontmoeten. Toen ik van haar wegging was ze vredig en kalm. ‘s Anderendaags was er een lichte opflakkering en ze zei me met de kracht die ze nog had: “Zuster, ik ben fier op U”: daarmee bedoelde ze de geestelijke en liefderijke hulp van de vorige avond. Zij was namelijk protestantse en de domi-nee was hier ter plaatse. In de voormiddag kwam pater Jean van de missie en daarna is zij zachtjes in de Heer ontslapen.
Na die periode van interim vroegen mijn oversten hulp voor Mbiti-Kinshasa. Wij hebben daar op 15 km van de stad een onthaaltehuis.
Wij ontvangen daar groepen van paters, pastoors, zusters en leken van lekeninstituten. Ze komen om recollecties te doen, retraites, sessies en vergaderingen. Het is dikwijls een internationale groep: Duit-sers, Polen, Filippijnen en Indonesiërs van de paters S.U.D.
Bij de Lazaristen was een Amerikaan, hun algemene overste (een Nederlander die in Ethiopië werkt), iemand van Nigeria, van Kameroen, van Portugal en een Fransman. Die groepen volgen elkaar op. Soms was er maar één dag tussen om alles weer op orde te kunne brengen voor de volgende groep.
Ook onze jonge zusters, Zaïrese postulanten, novicen en jongeren in vorming komen voor hun ver-dieping. Ja, onze aandacht gaat ook naar onze jongere generatie zusters. We denken stilaan aan vervanging: bekwame toegewijde zusters vormen. Onze jongere zusters moeten vooral nog op pro-fessioneel vlak opgeleid worden. Studies van verpleegkunde of onderwijs staan op het programma om ook eens, zoals wij, ten dienste te kunnen staan van de behoeft:igen en de noodlijdenden. .. .
Onnodig is het om te vertellen dat studeren geld kost: jullie hebben hier allemaal ondervinding in. In overleg met mijn verantwoordelijken zal een deel van het geld gebruikt worden om de studies te be-kostigen van onze jonge zusters, werkzaam in diensten die niet vergoed worden. Ook dat is een deel van mijn opgave: nood lenigen en zorgen voor een degelijke en toegewijde vervanging. Oprechte dank voor deze steun en ook dank vanwege deze jonge Zaïrese zusters. Ze studeren flink en halen mooie uitslagen. Zij zijn ons, Belgische zusters, heel genegen.
Wat bezielt hen om in een internationale organisatie te treden als er in eigen zoveel nood is? Wel, de uitnodiging van Jezus te volgen om in dankbaarheid voor de ontvangen gaven op hun beurt andere volkeren bij te staan.
Beste vrienden, nu ben Ik sinds half september in een heel verre missiepost van het bisdom Mbanda-ka (over de evenaar) namelijk Imbonga. Hetl is een eiland: een geïsoleerde missiepost op 290 km van Mbandaka, op de rivier Momboyo. Mijn vader zaliger zou gezegd hebben:MWaar zijt gij het toch gaan zoeken, zo ver! Ja, toen hij hier in de goede tijden op bezoek was en wij in Matadi (Neder-Zaïre) de missiepost van pater Louis Willemsen bezochten, kon hij er ook niet van over dat de missionarissen zo ver het binnenland introkken. Werkelijk ongeveer 1000 km met het vliegtuig van Kinshasa naar Mbandaka. Van Mbandaka naar Imbonga, vier dagen op het water met de ‘balinière’, een motorboot van een 14 km lang.
In één trek zou het 21 uur varen zijn. Wij hebben overnacht op de missiepost van Bokuma en een tweede maal bleven wij gestationeerd op de zandbanken. Een hele belevenis! Vanaf Boteka nog twee dagen varen op de Marnbayo. Dat maakt 150 km tussen twee muren van equatoriaal woud. Het is hier een Bantubevolking met twee stammen, de Ukundo’s en de Pygmeeën, ook Bilangi genoemd. Naar de kom van het dorp van Imbouga is maar één weg, een aarden weg midden door het woud ge-trokken tijdens de kolonisatie, waarlangs de dorpjes zich uitstrekken tot over een lengte van 120 km. Een groot werkterrein dus. Vandaag kwam er vandaar een verpleger met de fiets om hier zijn voor-raad aan nodige medicamenten op te doen. Bewonderenswaardig!
Wij zijn hier met vier zusters, twee Zaïrese en twee Belgische. Zuster Marie houdt zich bezig met on-derwijs en catechese. Zuster Hélène heeft de “foyer” en het pastoraal werk. Ik help zuster Els in het dispensarium en in de materniteit. Er is ook plaats voor hospitalisatie, een dienst voor prenatale raad-pleging, voor inentingen ter plaatse en in de dorpjes. Op drie km was er een hospitaaltje voor melaat-sen. De controle wordt er nu nog gedaan door een verpleger. In de toekomst kan ik hem daar ook in helpen. Nu rijd ik al regelmatig per fiets naar de dorpjes op huisbezoek om de taal, hier het Lingata en Limongo, te leren spreken en om te zien welke de grote noden zijn. Ik hoef niet ver te gaan. Het is bij-na niet te geloven hoe arm de mensen hier zijn. Er is nood aan huisvesting, aan kleding, aan werkma-teriaal, aan alfabetisatie, aan onderwijs en verpleging. Voor een nieuw project zou ik dan ook graag het volgende willen voorstellen: ten eerste geldelijke, rechtstreekse daadwerkelijke steun aan de zeer behoeftigen en ten tweede voor betaling van dagloners en om de onkosten te dekken van het dis-pensarium en voor de hospitaalzorgen en medicamenten voor zieke familieleden.
Beste vrienden, hier in Imbonga ben k weeral heel graag. De mensen zien zo vlug dat wij er zijn voor hen. Van ganser harte zeg ik jullie dank van al deze die van uw gaven mogen genieten. God zal jullie lonen en zegenen in jullie vredeswerk in de heimat: want dat is tenslotte ons gezamenlijk streven. Dat er steeds vrede zij in ons hart, in dat van onze huisgenoten en onze geburen. En zo deint de vrede uit over heel de parochie en het omliggende totdat alle wegen vredig mogen kruisen en samenkomen bij God. Wij bidden het elke dag in het Onze Vader “dat Uw Rijk kome”.
Bij de jaarwisseling wens Ik het U allen toe.
Blij gegroet.

Correspondent: Gretel Beyers

Mueka - 3 september 1994

Van harte dank ik U voor de grote gift van 41.000 Bf. die ik toekreeg bij mijn nieuw vertrek naar Zaïre.
Nu naar de missies vertrekken is anders dan in de goede tijden. Maar een missionaris wil het vuur brandend houden en de naam van Jezus blijven verkondigen, jullie hier en wij verderop.
Oprecht dank voor jullie edelmoedigheid en jullie blijvend dynamisme om ons een goede ruggesteun te geven.
In de kracht van de Verrezen Heer en tot blij wederhoren.

Correspondent: Gretel Beyers

Heverlee - 18 november 1993

Wellicht kijkt U verrassend op dat ik weer op Vlaamse bodem ben. Ja, de moeilijke omstandigheden in Zaïre maken het werk van de missionarissen aldoor zwaarder. Ik had ook wat te veel hooi op mijn vork genomen en nu ben ik eerder dan gedacht op verlof om eens goedbij te pompen en te herbron-nen, zodat ik nu eerst in het Moederklooster van De Jacht” te Heverlee verblijf.
Na Nieuwjaar kom ik zeker af naar de geboortestreek om jullie, vrienden van de missionarissen, te groeten.
Vooreerst wil ik jullie van harte danken voor jullie milde gaven van het vorige project. We hebben nu de zonnepanelen laten aanleggen. Hoera!
Wat zijn wij blij en dankbaar met het klare licht. Wat een verschil met vroeger. Het was steeds een ge-sukkel met lantaarn of kaars of pillcht. En nu hebben we weer maar op een knopje te duwen ‘s mor-gens en er is licht.
Dank, dank, omdat jullie hebben bijgedragen door een geldelijke steun. Ja, het was een grote som, al-les bijeen, met nog een draagbare lamp erbij kwam het wel tot 130.000 Fr. maar het loont de moeite. Het is door onze werkman elektrieker-mekanieker goed en verzorgd aangelegd. jullie weten dat het hier al donker is om 18 u. Met dit elektrisch licht, door zonneenergie kunnen wij nu degelijker werk ver-richten.
Ook werd door uw geldsteun hulp geboden aan de vluchtelingen die van Lubumbashi komen. Mensen van de Kasaï die daar in Lubumbashi wonen, worden niet meer geduld. Grote families komen hier toe, velen in ellendige toestand door de maandenlange treinreis, en in ongunstige omstandigheden. Dien-tengevolge kwam er ook een grote epidemie van “dysenterie’. Er waren elke dag verschillende doden, vooral kinderen. De lijkstoet trok geregeld voorbij naar het kerkhof toe. Op een zaterdag zelfs tot tien-maal toe. Nu is er beterschap.
Maar verder is er veel in het land te betreuren. De mensen lijden honger, slagen een dag over om te eten. Het loon wordt niet uitbetaald. Toch blijven de mensen hopen en smeken naar betere tijden. Wij helpen hen moed geven en volhouden. Eens zal God ons alter gebed verhoren.
Lieve mensen, voor het volgende project zou Ik aan het bestuur willen vragen te steunen:
1. om de bloeddrukmeters en stethoscopen te kunnen vernieuwen. We hebben er al verschil-lende hersteld en geplakt. Zelfs mijn persoonlijke, die ik zo hard nodig heb, is al in ge-meenschappelijke handen.
2. ook om het nodige te kopen “elinistise’ voor het onderzoek van bloed en urine op suiker.
3. een serie zakken en flessen voor bloedafname en voor bloedtransfusie.
4. gummidoeken, toile ciré om 32 matrassen van de bedden in de materniteit te beschermen.
Dan heb Ik een brief meegebracht van een Zaïrese pastoor, Jean-Baptiste AKUMA LINZANZA. Hij is pastoor van de parochie St. Hernies in Lisala. Hij vraagt om misintenties. Nu in deze moeilijke tijden hebben zij geen zakgeld, noch maandloon, noch misintenties. Aan elk van hen is het nu zich in te zet-ten om te leven.
En dan nog een brief van de Zaïrese pastoor van onze parochie St Maarten, pastoor Alphonse KANY-INDA, om te zoeken naar liturgische gewaden, naar een gitaar, en alles wat kan dienen voor zijn apostolaat. Jullie zullen daar zeker eens over nadenken om in de mate van het mogelijke te helpen. Zo zijn en blijven we samen missionaris. De goedheid, de vrijgevigheid, de solidariteit, het is allemaal ten voordele van onze eigen ziel, nietwaar.
Wie met vreugde deelt, is blij, is gelukkig.
Ik dank jullie weeral van harte, en tot ons blij weerzien.

Correspondent: Josefa Peeters

Mueka - 27 maart 1993

Van een medezuster van zuster Irene Peeters (zuster Lief Suetens) ontvingen we volgend kaartje:
Begin juli reis ik door naar Ilebo via Kananga en Mueka. Ik overhandig de brieven voor de zuster. Het geld van de Brug kwam nog niet door, maar ik heb hier van de zusters uit Heverlee het bedrag van
30.000 Bf. meegekregen om het aan Zr. Irene Peeters te overhandigen. Indien dit niet het juiste be-drag zou zijn, dan storten de zusters het resterend bedrag wel door. Dat komt zeker in orde.
Dank voor de hulp aan zuster Irene Peeters.

Correspondent: Josefa Peeters

Mueka - 27 maart 1993

Het is met een dankhaar hart dat Ik jullie dit briefje schrijf. Sinds mijn verlof, dat zo goeddoend was, liet Ik me niet meer horen. Misschien heb Ik daarmee jullie geduld op de proef gesteld of sommigen bedroefd. Dan denk ik aan de woorden van Jezus in de tempel: “U wist toch wel dat Ik in het huis van mijn Vader moet zijn”.
Ja, steeds dat vele werk in de wijngaard des Heren.
Van ‘s morgens tot ‘s avonds en zelfs ‘s nachts paraat zijn in de materniteit, ouders en familie blij ma-ken met een voorspoedige bevalling, toegewijde zorgen geven aan moeder en kind, de pré- en post-natale raadpleging, het zieke kind, het kwashior (uitgemergeld, verwaarloosd kind)... Aan dat vele werk nemen jullie deel door jullie milde steun. Bij mijn vertrek staken jullie me de mooie som van 36.000 Bf. in de hand. Wat een steun voor mijn projecten.
Dank, dank, dank.
En weer hebt u nu voor elke missionaris de milde gift van 31.000 Bf. klaar liggen. Het zal ten goede komen aan dezen die niet genoeg te eten hebben.
Jullie hoorden van de paniektoestand hier in het land. Hier in Mweka is het rustig, maar het droevige nieuws dat van Kinshasa overkomt doet ook onze harten beven.
Het is op deze moeilijke ogenblikken dat wij een bijzondere houvast hebben aan om gebed en gelde-lijke steun.
Iemand van jullie schreef me bij het vertrek: “Vrees niets of niemand maar leef verder, altijd rustig en in totale overgave. Zolang je je blik gericht houdt op Jezus die in je leeft en werkt en bidt, bezit je alles! Hij is uw leven! Uw gehele zijn en doen is voor altijd geborgen in Jezus: Jij in Hem en Hij in jou.”
Wel, toen ik op een zeker ogenblik radio- Kinshasa aanhoorde over het geweld van onvrede, dan sta je wel in de war, dat huiveringwekkend nieuws valt niet mee! ... Zo heb ik dan weer het gebed van hierboven hernomen om kracht te putten bij God, die almachtig is, en om te denken aan jullie die nog vuriger bidt en daadwerkelijk helpt aan het werk van uw missionarissen.
Zo deel ik mee dat de eerste som ging naar de meestbehoeftigen. Er zijn weer zoveel misdeelden bij-gekomen, verlaten weduwen, weesjes, een bejaarde blinde man, geleid door twee van zijn kleinkinde-ren. En onze mopongo-kinderen, verstoten, zogezegd bezeten door de kwade geesten.
Toen ik bij jullie was sprak Ik over het project elektriciteit bij middel van zonnepanelen. Ja, we behel-pen ons nog steeds met kaars en lantaarn... Maar met de onzekere toestand van het land werd dit werk verschoven. Hopelijk in de tweede helft van het jaar. Als pater Van Loon van Nieuwmoer, die hier in de naaste parochie woont, er zich mee zal gelasten, dan zal het goed gedaan zijn.
Ook spreken wij de giften van onze goede weldoeners aan om in het eigen levensonderhoud te voor-zien en voor al dezen die aan onze tafel mee eten. Ons maandloon bedraagt slechts 2.000 Bf. Het onderwijzend personeel is sinds zes maanden niet meer betaald.
Beste vrienden, vergeet Ik nog te zeggen dat er naast het wee toch ook blije dagen waren verleden jaar. Er was het dankfeest van mijn 25 jaar religieus leven. Het was een heerlijk feest! In een welver-zorgde eucharistieviering dankte de parochiegemeenschap met mij voor al die genaden van die 25 ja-ren. Het regende geschenken en felicitaties. Geiten, kiekens en duifjes waren van de partij. Wat een weelde van dankbaarheid van onze mensen hier. Bij broer Jos laat Ik enkele beelden toekomen om mee te genieten.
In augustus vierde onze bisschop Monseigneur Mulumba Kalemba Gerard zijn 25 jaar priesterschap. Te zijner gelegenheid kwam de eerste minister Tshisekedi zijn broer opzoeken. Een grote eer viel ons te beurt. Het bracht ons allen samen dichter in vriendschap.
Lieve vrienden, hopelijk komt dit briefje nog toe vóór het mooie Paasfeest. Ook is bij jullie de lente in-getreden. Ik wens jullie van harte een zonnig, vrolijk Paasfeest, het feest van de verrezen Jezus die alles overwint.
Bidden we samen vurig dat de vrede mag komen in dit land, vrede in alle Afrikaanse landen, vrede zonder grenzen, over heel de wereld!
Ik dank u nogmaals heel oprecht voor uw blijvende steun

Correspondent: Josefa Peeters

Mueka - 17 maart 1993

Weinig nieuws komt er nu uit Zaïre, zeker uit het binnenland. De zeldzame brieven die ons bereiken zijn meegegeven met iemand van Mueka naar Kananga. Van daaruit worden ze dan weer overge-bracht naar Kinshasa, om dan verder met iemand meegegeven te worden naar België.
In Mueka zelf is het altijd rustig gebleven. Voor de gewone mens of om het juister te zeggen, voor iedereen is het niet gemakkelijk om aan het nodige te geraken, maar voor de ene is het al wat erger als voor de andere. Het is algemeen geweten dat de meeste mensen maar om de twee dagen eten.
Zuster Irene die door haar werk in de materniteit in contact komt met al die miserie die deze situatie meebrengt, kan wel wat hulp gebruiken. Enkel nog de miserabele en moeilijke gevallen komen nog naar de materniteit. De mensen hebben geen mogelijkheid meer om er te komen voor gewone gevallen. Zuster Irene moet er maar een mouw aan passen en zorgen dat ze kan helpen waar de nood het hoogst is. Ook de Zaïrese dokter kent de weg naar de materniteit. Alle steun voor haar werk wordt natuurlijk nu gebruikt om voedsel en medicamenten te komen. Het is een dagelijks toneel: gans uitgeputte vrouwen komen er toe voor onderzoek en met de hoop van wat hulp te vinden. Het gaat van een aanmoedigend woord, goede raad, geneesmiddelen en dikwijls voor een lange tijd voedsel. Dagelijks komen er ook wezen en verlaten kinderen aankloppen om voedsel, kleding en schoolgeld. Naarmate het slechter gaat met de economische toestand van het land, verhoogt ook de armoede bij de mensen.
In Mueka beeft men nu ook af te rekenen met de opvang van mensen die uit de Shaba komen en zich terug komen vestigen in hun streek van herkomst. In het begin hebben die mensen nog geen velden en hun familie heeft zelf maar genoeg om in leven te kunnen blijven. Eén ding is er wl goed aan de mensen: diegenen die van Shaba komen, worden niet weggejaagd. Zij worden met rust gelaten en kunnen blijven waar ze hun velden hebben.
Ikzelf verliet Mueka op 18 juni 1992 en de toestand is er niet op verbeterd. Voor zover ik weet hebben de zusters zelf nog niets te kort, maar er is geen overschot en men moet goed uitkijken om het nodige te vinden.-
Vele groeten en met oprechte dank voor al wat U doet om het werk van zuster Irene te steunen.

Correspondent: Josefa Peeters

Mueka - 22 december 1987

Stilaan nadert Kerstmis en het nieuwe jaar. Ik wens U allen een zalig Kerstfeest en een vreugdevol Nieuwjaar. Moge God uw ijver voor de missiehulp overvloedig blijven zegenen, aan alle noodlijdenden ten goede.
Hartelijk dank voor uw brief van 30 oktober, ik wil er vlug op antwoorden.. Op 15 maart schreef ik een brief met daarbij een brief van mijn medezuster Azuzo Anto (die een milde gift zoekt voor haar project) maar ‘k heb de indruk dat die brief verloren is gegaan. Einde september kreeg ik een briefje van zus-ter Suzarme Leurs uit Heverlee met de lijst van de medicamenten die ik mag verwachten.
Daarop schreef ik een dankwoordje. Hopelijk komen die medicamenten binnenkort toe. Ik dank U nog eens op voorhand. Ook met groentezaak zijn we blij. Het is een hulp voor de behoeftigen om zelf iets op het veld te winnen.
Op 14 april werd er een drieling geboren, een meisje en twee jongens. Ze waren prematuur en wogen maar 2,1 - 1,8 en 1,7 kg. Voor de moeder was het al de derde meervoudige zwangerschap.
Ze heeft nog 2 kinderen van 7 en 3 jaar plus dan de drieling. Haar man heeft haar verlaten. Haar moeder helpt haar om voor alles te zorgen. Ze hebben omzeggens niets, geen huisvesting, geen kle-deren, onvoldoende voedsel. De drieling werd nog ziek, het sterven nabij. Vijf maand lang heb ik er voor gezorgd en zij verlieten de materniteit met een goed gewicht. ‘t Waren flinke kinderkens, maar ik heb er veel zorg mee gehad, ook om de gezondheid- van de moeder en het hele gezin. Na drie we-ken in het dorp waren de kindjes weer onderkomen en moesten ze hier in ‘t hospitaal serum krijgen. Sinds zij het hospitaal verlaten hebben maak Ik voor elke dag het nodige voedsel klaar, zo weet Ik of zij voldoende hebben? De grootmoeder komt het elke dag ophalen. Dank zij uw milde steun heb ik deze mensen geldelijk kunnen helpen. Op ‘t ogenblik hebben zij nog hulp nbodig. ‘k Sprak al verschil-lende keren met de “commissaire de zone”, maar totnogtoe zonder gevolg.
Ik besteed ook uw giften aan deze die verstoten zijn van hun familie, die zogezegd bezeten zijn van een kwade geest. ‘k Geef hun werk in de hof rond de materniteit en betaal hen dan om voedsel te ko-pen. Het wordt wel erg voor de mensen hier, de prijzen stijgen en het Zaïrees geld daalt in waarde.
In naam van de behoeftigen dank Ik U heel oprecht. Heel hun wezen straalt van dank als wij hun de hand toereiken; voor een goede bevalling, alles wat we voor hun nieuwgeboren kindje doen, als we een wonde verzorgen en helpen met een geneesmiddel of een geldstuk. Elke morgen en avond bid ik met de moeders om te danken voor het leven, voor U, weldoeners, voor al die mensen die helpen aan een menswaardig bestaan. Zo worden wij er allemaal gelukkiger om.
In de hoop op een volgende goede gift, groet Ik U hartelijk en dankbaar.

Correspondent: Werner Verhoeven

Mueka - 15 maart 1987

Oprecht dank voor de goede wensen voor Kerstmis en Nieuwjaar. Ik gaf ze door aan mijn medezus-ters en aan al die we kunnen helpen met uw goede bijdrage.
Zelf heb ik rond die tijd weinig briefwisseling kunnen doen. Dit wegens het overlijden van mijn broer. Het was een troost te vernemen dat U op de uitvaartplechtigheid aanwezig was.
Oprecht dank voor het kerstgeschenk van 38.OO0 Fr. Ik heb al bericht gekregen dat het in Kinshasa is toegekomen. Als ik het aan de medezusters meedeel, zijn zij zo blij en dankbaar. Het verhoogt nog onze missionarisijver. Onlangs kreeg Zr. Azuza nog felicitaties voor haar lycée en internaat. Op het ogenblik is zij een keuken aan ‘t bouwen (tot hiertoe werd er gekookt in open lucht). Het is een flink gebouwtje met 2 plaatsen. Het dak moet er nog op en dan de afwerking. Met uw bijdrage hielp zij de metser betalen en de bouwmaterialen. Zr. Anto vroeg mij of zij eens mocht schrijven: of het niet mo-gelijk is haar project te steunen. Zij wil nl. nog 4 klassen laten bijbouwén voor de hogere jaren. Ik durf het bijna niet te vragen, want wij krijgen al zoveel.
Zelf ben Ik bezig met stof te kopen om daarmee het linnen van het moederhuis te maken.
Vanmorgen kwam er een moederke binnen, zij kwam van ver te voet. De eerste maal had zij een kei-zersnede ondergaan. Hopelijk kan ze nu spontaan bevallen. Maar haar bloeddruk was maar 8/3. Bij ondervraging had zij sinds 2 dagen niet meer gegeten en dat van pure armoede. Medicamenten zijn ook zeer welkom. Zou het ook mogelijk zijn om aan handschoenen te geraken? Met zaad zouden wij ook heel blij zijn, allerhande hofzaad, behalve erwten en rode kolen. Wij zijn alle vier tuiniersters en hebben een hof aangelegd. Hiermede kunnen we anderen nog helpen. De mensen hier hebben toch zo weinig. U moogt het opsturen naar hier of langs de procure te Heverlee, dan komt het met de boot., maar dat is wel zes maanden onderweg.
Dank U dat U ons verder wilt helpen. Wij naderen stilaan het Paasfeest.. Dank U omdat U door uw milde steun paasvreugde brengt in de harten van onze mensen hier.

Correspondent: Werner Verhoeven

Mueka - december 1986

Ik kreeg bericht dat uw gift van 4O.OUO BF zijn toegekomen. Zuster Cécile, die in verlof is in België zorgt bij haar terugkomst dat het geld hier veilig ter bestemming komt. Zuster Mangote heeft een gro-te zorg: zij zou een jongen willen helpen, die zijn studies moet stopzetten omdat hij het geld niet bij-eenkrijgt.
Ook helpt zij de behoeftigen voort, armen die geen thuis hebben, die gescheurde kleding dragen, die bedelen om wat rijst of bonen…
Zuster Azuza zal heel blij zijn met de som (Zuster Azuza is een Zaïrese en krijgt er een deel van het gestorte geld voor haar werk).. Dit werk bestaat uit opvoeding van de Zaïreze vrouwen zoals hygiëne bijbrengen, naaiklassen enz....,
Zuster Jeanne wil het geld besteden voor de “Mupongo’s” om eten en kleding te kopen. (Mupongo’s zijn verstotenen uit de families, wegens bijgeloof).
Ikzelf zou wat eten en kleding willen kopen voor de behoeftige moeders uit de materniteit. Ik koop hier de stof of gemaakte stukken. Waarom mag een klein ondervoed en ziek kindje,.dat terug uit het dorp komt, ook niet een mooi kleedje aanhebben? -- dat zeg ik dan mezelf en dan spreekt en handelt het hart verder.
Ook heb ik nog een beetje geld nodig voor een jongen (mupongo van 17 jaar). ‘k Heb hem nu hij ge-nezen is van de malaria en wormziekte tewerkgesteld voor het onderhoud en het graskappen rond de materniteit. Op het einde van de dag kan hij zich dan zelf brood aanschaffen. Dat is menswaardiger. Ik laat hem veertien dagen en dan stuur ik hem naar zijn dorp weer, maar na een tijd zijn ze er weer terug. Dan moet ge weer herbeginnen met. de voeten te verzorgen, want ‘t zit vol zandvlooien. De voeten en tenen kunnen helemaal openliggen door de besmetting. Is me dat een werk van barmhar-tigheid.
Verder bedankt zuster Irene ons nog allemaal en stuurt ons de groeten van alle medezusters.

Correspondent: Werner Verhoeven

Mueka - maart 1986

Zuster Irene Peeters werkt in Mueka in West Kasaï in Zaïre. Wij hadden geschreven om haar werk kenbaar te maken en ziehier dan haar brief :
In 69 ben ik in Zaïre vertrokken, eerst 2 jaar in Kinshasa, dan 12 jaar in de Neder-Zaire, in Kwilu Ng-ongo en Nkolo en nu sinds 1 maart 1985 hier in Mueka. Daar ik verpleegster - vroedvrouw ben, speelt mijn werk zich af in het hospitaal en materniteit, steeds de moeders bijstaan voor een goede bevalling en de zorg voor de baby’tjes, wat ik heel graag doe. In Kinshasa waren dat 120 bevallingen per dag. Hier komen wij tot 80 per maand. Dat is ook veel want er komt ook nog ander werk bij kijken, de zor-gen na de bevalling tijdens 5 dagen, de dienst voor de te vroeg geborenen, de raadpleging tijdens de zwangerschap, raadpleging en hospitalisatie van moeders met dreigend miskraam en voor vrouwen-ziekten, de inentingen bij de zuigelingen. Er is veel te doen en voor dat werk hier heb ik op ‘t ogenblik maar 3 vroedvrouwen. Eén is al maanden weg en nog niet vervangen, een ander is niet zo bekwaam, daarom moet Ik veel zelf doen. De verantwoordelijkheid in de materniteit is zeer groot. Steeds heb je te doen met twee levens. Ik heb ook dikwijls ‘s nachts op te staan als het om een moeilijke bevalling graat.
Soms komen de mensen van heel ver (20 à 30 km)… Er is ook veel onwetendheid, daarom ook veel bij geloof. Zij geloven sterk in de “kwade geest”, in hekserij en betoveringen. In de taal van hier wordt dat “NUPONGO” genoemd. Als er een ongeluk gebeurt, er is iemand ziek of er sterft iemand, dan wordt er altijd naar de schuldige gezocht. Dikwijls is dat een kind. Dat kind wordt ingeprent dat het iemand heeft doodgedaan, het wordt verstoten, geslagen en van huis weggestuurd. Zo komen er bij ons dikwijls kinderen toe, mishandeld, half gekleed en ondervoed. Wij verzorgen hen tot de mogelijk-heid er is dat zij weer naar hun familie kunnen, maar het is moeilijk ze te genezen. Zij worden steeds met de vinger na gewezen en uitgelachen. Er blijft de wonde in hun ziel.
In onze gemeenschap zijn wij voor het ogenblik met 4 zusters, twee.Zaïrese: Azuza Antoinette en Mangote Madeleine en twee Belgische: Jeanne Verbruggen van Eindhout en ik. Zuster Mangote werkt in het hospitaal. Al het materiële werk komt op haar neer. Instaan voor de keuken, de was en de naad en het onderhoud. Zij geeft zich met hart en ziel aan haar werk. Zuster Azuza heeft de direc-tie van een grote school. met internaat. Er is een C.O. (Cercle d’orientation, jaar voorbereiding op de middelbare) en er is 4 jaar voor snit en naad, met het oog op een vijfde en zesde jaar. Azuza werkt heel hard om haar school hoger op te helpen. Zij is streng en veeleisend, maar zij heeft al goede pun-ten geboekt.
Zuster Jeanne dirigeert de “foyer” waar de vrouwen komen leren koken en naaien. Ook een werk om te bewonderen. Zij heeft al monitrices gevormd waar zij op kan rekenen.
Als U het goed vindt, zou ik de giften willen verdelen tussen ons 4. De twee Zaïrese zusters hebben niet het geluk van een thuisfront. Ik stelde het hun al voor. Wat zullen ze U hiervoor dankbaar zijn. Zuster Mangote zal het goed besteden voor de armen, maar op het einde van vorig jaar stierf haar oudste zuster en liet negen kinderen na. Het is haar wens of zij die eerst zou mogen voorthelpen. Zuster Azuza heeft drie projekten. De leraren worden door de staat zo weinig betaald. Om hun aan te moedigen betaalt zij hen van haar spaargeld. Dan denkt zij er aan een “onthaalhuis” te bouwen voor de leraren, die van ver komen. Als zij hen onderdak kan verschaffen, dan willen zij ook naar een afge-legen missiepost komen.
De leerlingen…doen hard hun best… en er zijn rollen stof nodig voor de naailessen. Zuster Jeanne wil het geld besteden voor de “kas” van de armen en dan wel speciaal voor de “Mupongo”.
Ikzelf’ zou de zeer arme moederkens eerst willen voorthelpen, wat ik tot hiertoe al deed met de steun van mijn parochie in Achterbroek, maar de nood is zogroot. Ook denk ik aan de hulp voor de “Mu-ponngo”’ dat zij ergens worden ondergebracht, maar met zuster Jeanne moeten wij nog plannen hoe. Verder worden wij nog heel hard op voorhand bedankt. Onze kassier zal dan ook, na te neten hoe we kunnen storten, 4O.OOOBF vrijmaken van wat in 1986 al is binnengekomen. Dit werd tevens beslist op onze algemene vergadering in december 1985.

Correspondent: Werner Verhoeven

Mueka - 6 september 1989

Langs mijn familie verneem Ik dat u uitkijkt naar nieuws van mij, hier in Zaïre. Het is waar dat Ik lang gewacht heb om te schrijven, maar misschien stelde ik wel uit, steeds met het vele werk in de materni-teit en ook omdat Ik nog geen brief gehad heb van u sinds mijn terugkeer uit het verlof. Er gaan nog steeds brieven verloren. Van mijn familie zijn het er al 15 die ik niet toekreeg. De postzakken worden hier gebruikt om maniokwortelen en gedroogde vis te smokkelen langs de treinroute. Spijtig dat er zo-veel corruptie is.
Met het feest van de Bisschopswijding dat we hier hadden op 9 juli was de consul van België, die te Kananga verblijft, op bezoek. Het is M. Segaert van West-Vlaanderen. Wij spraken nog over het verlo-ren gaan van de brieven. Hij gaf ons een nieuwe mogelijkheid om de brieven langs de Belgische am-bassade mee te geven, tot de toestand in de streek hier weer beter is. In België kunt u hetzelfde doen met het volgende adres op een gewone witte omslag: Zuster I. Peeters. Consulaat van België te Ka-nanga (Zaïre), c/o Buitenlandse Betrekkingen, Quatre Brassfraat, 2, 1000 Brussel.
Tijdens mijn verlof verleden jaar is de gift van 33.000 Bf. toegekomen. Dat werd gebruikt voor een heel nodig project: het Waterprobleem. Tijdens het regenseizoen moesten we dikwijls alle mogelijke tonnen bijeenzoeken om wat reserve aan water te hebben. Tijdens het droog seizoen waren we dik-wijls zonder water. We waren dan genoodzaakt om met de tonnen naar beneden in het dal te rijden om de tonnen daar te vullen. Maar wat een werk, want het was al moeilijk om met de auto tot bij het water te geraken. Ofwel. gingen de leerlingen water halen, een uur ver met een emmer -boordevol- water op hun hoofd.
Maar nu zijn we goed voorzien van water, want we hebben drie reuze reservoirs laten maken. Het zijn ijzeren bakken, elk van 4000 liter inhoud. De platen moesten samen worden gesoldeerd. Dat waren grote onkosten waaraan u ook met uw goede gift hebt bijgedragen.
Hetzelfde hebben wij laten doen in de school en internaat waar Zuster Azuza Antoinette directrice is. Het is een school van onze congregatie. Zo is daar ook de nood aan water opgelost. Het is wel geen ideaal water want het moet nog gekookt en gefilterd worden.
Dan kreeg ik in maart bericht van uw goede gift van 40.00th Bf. met een briefie waarop de namen van de verschillende weldoeners. Oh, van harte dank. Wij hebben hier steeds het probleem van de ver-waarloosde kinderen, van kinderen die zogezegd bezeten zijn van de kwade geesten, en die daarom door de familie verstoten zijn. Voor hen en voor andere grote behoeftigen hebben we het nodige ge-kocht aan rijst, bonen, aardnoten, zeep en kleding. Ook is er bijgedragen om in het eigen onderhoud te voorzien. Met ons kleine loon komen wij niet rond.
Nu Ik reeds vier jaar hier ben, kan ik beter onderscheiden welke moederkens van de materniteit heel arm zijn, hoe poverkens zij leven. Een van die verwaarloosde jongens, Crispen, hebben wij geholpen om zijn huisje te bouwen met platen voor het dak. Hij heeft nu werk gevonden bij iemand die het land bewerkt en maïs en maniok plant. Zo begint hij zelfstandig te zijn. Soms komt hij nog goeie dag zeg-gen. Zijn gezicht straalt dan van dankbaarheid omdat wij hem op weg hielpen. Dit is dank zij uw milde bijdrage. Dank de mensen voor hun steun. Het verschil met het westen is toch zo groot.
De medicamenten die Ik verleden jaar toekreeg waren zeer welkom. Is het mogelijk om er nog te be-komen? Vitaminen, ijzer, acide folique, Vermox, Decaris, Daktarin, Perdolan en Ruhalganzalf. Ook hofzaad, als u in de gelegenheid bent om dat te bekomen.
In naam van al dezen die genieten van uw mededelen zeg Ik u dank. Gisteren kwam er nog een moe-derke met een groot regiem bananen om te bedanken. Verleden jaar had ik haar bijgestaan voor de operatie van de keizersnede. God dank, we mogen veel goed doen bij onze mensen hier dank zij de ruggesteun van de heimat, dank zij jullie die met uw medeleven en ijver achter ons staat.
Gisteren kwamen ook de drie collis toe voor Zuster Azuza Antoinette, langs mijn adres. Zij was heel blij en dankbaar voor alles wat er in stak voor haar naaischool. Zij zal het wel schrijven.

Correspondent: Werner Verhoeven

Mueka - 24 januari 1988

Op 9 januari kreeg ik uw brief toe van 22 december met de goede Kerst en Nieuwjaarswensen. Har-telijk dank er voor. Oprecht dank voor de grote gift die ik weer zal toekrijgen. Zodra het geld op de rekening verschijnt, zal ik het u laten weten, zoals je vraagt om naar Mijnheer De Haes te schrijven zal ik nog wat wachten, want de medicamenten zijn nog onderweg. Het doet mij ook plezier te horen dat “De Brug” ook werkt in ons dorp Achterbroek.
Hartelijke groeten.

Correspondent: Werner Verhoeven

Kalmthout - 1 juli 1991

Het is vanuit de heimat dat ik jullie nu schrijf. Ik kwam zopas in verlof na 3 jaar hard werken in Mueka (Zaïre).
Zoals u weet is de toestand in Zaïre er erg aan toe. Op 10 juli moet de nationale conferentie plaats-vinden. Laat ons hopen en bidden dat alles een positieve wending neemt. Maar de mensen lijden er nu honger omdat alles peperduur is. De wegen worden niet meer hersteld want de arbeiders worden niet meer betaald. Doorheen Mueka loopt de zogezegde internationale baan van Kinshasa naar Lu-lumbashi, maar op vele plaatsen is de weg ingescheurd door de zware regens. De camions maken dan de wegen verder stuk. Het is daardoor niet meer veilig om te reizen. Eens aangekomen zitten we dan ook ingesloten. Er zijn bovendien ook maar enkele auto’s. Wat een weelde in het Westen niet ?
De moeders voor de materniteit komen soms van 30 km ver. Onlangs nog een vrouw die 7 km te voet had gedaan en in spoed een keizersnede moest ondergaan. Wat een geluk: het kindje leefde. De moeder mocht na zeven dagen naar huis. De wonde was schoon genezen zonder infecties, werkelijk een succes. Daartegenover staat natuurlijk een week intensieve zorg. Ander werk moet wachten op-dat moeder en kind al het nodige zouden hebben voor hun goede gezondheid. Maar er zijn toch heel wat arme moederkens bij die niet het nodige hebben voor hun nieuw geboren kindje. Soms maak ik de bedenking dat zij toch 9 maanden tijd hebben om de nieuwe geboorte voor te bereiden. Maar in hun grote gezin komen er veel noden kijken: woningnood, werkloosheid van de vader, ziekten van de kinderen.. Regelmatig duiken de moeraskoortsen op. Tijdens de zwangerschap komen er ook moe-ders naar de materniteit met die zware koortsen. Er is dan gevaar voor een vroegtijdige bevalling. Ook is er veel bloedarmoede voortkomend uit de wormziekten.
Het probleem van de verwaarloosde kinderen blijft sterk bestaan in deze streek. Een paar maanden geleden kwam er een jongetje op de missie. Hij was misschien 10 jaar, maar je kon er echt geen leef-tijd opzetten. Hij had de gestalte van een kind van 4 jaar, mager en bleek met uitgemergelde oogjes. Het kon bijna niet op zijn beentjes staan. Een kind dat thuis was uitgestoten. Het slenterde rond, kreeg hier en daar wat eten. De meeste mensen hadden er echter schrik van en riepen het dan ook scheld-namen toe zoals “mopongo” nl. dat het behekst is en bezeten van kwade geesten.
We zochten naar een oplossing voor dit kind. De Zaïrese zuster Anto nam het op bij haar kinderen in het internaat. Voorzichtig heeft zij het gevoed en verzorgd. Nu heeft het kind dikkere wangen en groeit het normaal op. Soms vertelt het wat het heeft afgezien in de familie, hoe het verstoten werd. Zo hebben wij niet alleen de taak die kinderen te verzorgen maar ook om de familie te contacteren en hen te spreken over het christelijk leven.
Met de moeilijke toestand in Zaïre is er voor ons nog een grote zorg bijgekomen: het probleem van de verlichting. Sinds Kerstmis zitten wij zonder elektriciteit Er zijn nochtans twee elektriciteitsproducenten maar het ontbreekt aan mazout of er is sabotage in de centrales. Soms is er plots licht om dan onverwacht weer uit te vallen. Het kan gebeuren dat de elektriciteit uitvalt tijdens een operatie van een keizersnede. Ik moet dan mijn zaklamp boven de operatiewonde houden opdat de dokter zou kunnen naaien. Ik durf het bijna niet te schrijven maar wij werken echt in heel moeilijke omstandigheden; Het-zelfde geldt voor de bevalkamer. Thuis in het klooster hebben we wel gezorgd voor enkele lampen op batterij maar die geraken nu niet meer opgeladen en bovendien moet dringend een batterij vervangen worden. ‘s Nachts kan ik opgeroepen worden voor de materniteit. Dit betekent dan opstaan en wer-ken niet een pillamp, kaarsen of lantaarn. Wat een gesukkel soms. Daarom dachten wij eraan om zonnepanelen te laten plaatsen op de daken en alzo de batterijen op te laden onafhankelijk van de fa-lende nationale elektriciteitsvoorzieningen. Ik heb al inlichtingen genomen in Kinshasa en in Kananga om het deskundig te laten plaatsen. De aankoop gebeurt best daar omdat het hier in België niet veel toegepast wordt. Dat kost dan wat... Het is daarvoor dat ik hulp zou willen vragen. In de hulpverlening is verlichting toch van groot belang. Als u daarvoor steun zou kunnen geven is het om blijvend dank-baar voor te zijn.
Ik ben blij dat jullie hier zo gulhartig helpen in onze grote noden. God zal uw gaven zegenen. Daar bid ik voor. Bidden wij ook voor de vrede in Zaïre, voor een goed bestuur in het land. In de streken waar ik mocht werken zijn de mensen vredelievend en dankbaar voor die goedheid die wij hen willen brengen.
In hun naam zeg ik u allen dank.

Correspondent: Josefa Peeters

Mueka - 6 oktober 1990

Zuster Irene meldt dat de post heel slecht doorkomt en dat we daarom van haar zo weinig nieuws ont-vangen.
Daarna vervolgt ze haar brief.
Vooreerst wil ik u nog eens danken voor de steun die Ik al toekreeg en dank ook dat ik op blijvende hulp mag rekenen.
De volgende som zouden we weer besteden aan de hulp voor de allerarmtsten, waaronder er gehan-dicapten zijn, verstoten kinderen, wezen en weduwen. Een gedeelte van het geld gaat naar de aan-koop van rijst, maïs, bonen en kleding om die armen te kunnen voorthelpen.
De twee voornaamste ziekten hier zijn wel malariamoeraskoortsen en de darmwormziekten. Bij de moeders in verwachting geven die koortsen aanleiding tot dreigend miskraam en vroeggeboorten en de wormziekten veroorzaken bloedarmoede. Als het mogelijk is zou ik de moeders tijdens de prenata-le raadpleging preventief willen behandelen. Dan zou ik dus een ander gedeelte van het geld willen gebruiken om medicamenten aan te kopen.
Indien het mogelijk is zou ik U ook willen vragen om nog medicamenten op te sturen.
Ook met het hofzaad zijn wij blij.
Dank aan de vele vriendenweldoeners. U weet, wij leven hier in moeilijke omstandigheden. De men-sen moeten veel ontberen. Maar de hulp die u geeft komt hen rechtstreeks ten goede.
Ik wens u nog veel ijver en kracht bij het werk voor “de Brug”.

Correspondent: Josefa Peeters