Henri Maes


Adres

Kinshasa - Congo
Adres: Rev. Père MAES Henri, B.P. 10020 Ndjili-Aéro, KINSHASA 24, Congo

Leven en werk

Geboren te Poppel op 18.12.1921. Geprofest bij de Passionisten op 15.9.1941. Priester ge-wijd op 7.4.1947.
Vertrokken naar Zaïre, bisdom Tschumbe op 10.12.1947.
Letterkundig regentaat St. Thomas te Brussel van 1952 tot 1954.
Steeds werkzaam in het onderwijs en in de pastoraal.
Directeur normaalschool Tschumbe van 1954 tot 1961.
Professor van het college Lodja en pastoor aldaar van 1962 tot 1981.
Provinciaal der Passionisten van 1966 tot 1983.
Naar Kinshasa: pastoor parochie St. Bonifacec van 1982 tot 1985.
Thans werkzaam in de vorming van inlandse kloosterlingen in Kinshasa, en professor in intercongregationeel filosofaat en verantwoordelijk voor de predikatie van retraites.

IN MEMORIAM

Pater Koenraad Hendrik MAES

Geboren te Poppel op 18 december 1921.
Geprofest te Kruishoutem bij de Passionisten op 15 september 1941.
Priester gewijd te Visé op 7 april 1947.
Missionaris in Kongo, bisdom Tschumbe van 10 december 1947 tot 2006.
Letterkundig regentaat St. Thomas te Brussel van 1952 tot 1954.
Directeur normaalschool Tschumbe van 1954 tot 1961.
Professor van het college Lodja en pastoor aldaar van 1962 tot 1981.
Reguliere Overste der Passionisten in Kongo van 1966 tot 1983.
Overleden te Wezembeek-Oppem op 9 september 2010.
Steeds werkzaam in het onderwijs en in de pastoraal.

De Brug heeft Pater Maes gesteund vanaf 1996.
Onze eerste steun ging naar de aankoop van zonnepanelen voor het “Centre Elembo”. Het Centre Elembo is een landbouwproject voor jonge werklozen van Kinshasa, die er met hun tuinbouw in dat centrum voorzien in hun onderhoud.
Later ging onze steun nog naar een kippenproject, installatie van een maniokmolen, primaire noden, een Kopieerapparaat en een ons varkensbedrijf.
In 2006 is Pater Maes definitief naar België teruggekeerd en verbleef hij in het klooster te Wezembeek-Oppem waar hij zich nog verdienstelijk heeft gemaakt.
Wij zullen Pater Maes gedenken als een aangenaam verteller en een man die erg begaan was met het reilen en zeilen van de Kongolezen.
Langs deze weg willen wij de familie en de Paters Passionisten ons medeleven aanbieden.

Brieven

Congo - 31 augustus 2007

Heel hartelijk dank aan de weldoeners van "De Brug" voor de gift van 1700 euro voor het heropstarten van ons varkensbedrijf. We hadden weerom heel wat moeilijkheden en dus heeft het niet de verwachte resultaten opgeleverd. Ons kippenbedrijf echter was een echt succes. De oude installaties van het kippenhok werden vergroot tot 25 m lengte en gans vernieuwd met automatische voedingspotten en elektriciteit. Bij gebrek aan geld echter om aangepaste voeding te kopen, is ook dit project verflauwd.
Wat we voor ons volgend project vragen is een bijdrage om regelmatig aangepaste voeding te kopen, opdat het kippenbedrijf beter zou functioneren.
Ikzelf ben nu definitief in België. Op 15 december 2006 kwam ik op medisch verlof bij de Passionisten in Wezembeek-Oppem. Mij gezichtsvermogen was zeer verslechterd. Na medische zorgen heb ik enkele maanden beter kunnen zien. Nu zie ik weer minder goed...
Nogmaals mijn welgemeende dank ! God zegene U allen.

Correspondente: Irma Van Gestel

Ndjili-Aéro - 16 mei 2006

Hier dan de korte evaluatie van het gesteunde project:»het heropstarten van ons tenietgegaan kippenbedrijf, door restauratie der oude kippenhokken voor een honderdtal legkippen».
In januari begonnen we, maar deden dan beroep op een veearts. Die vond dat de oude installaties niet meer van de tijd waren en moesten vervangen worden door iets wat moderner en meer verlucht kon worden; Daar zijn we nu mee bezig en dat zal nog een paar maanden duren eer er kippen in logeren.
Trouwens met de huidige vogelgriep zijn alle grenzen gesloten en kunnen we dus geen kuikens invoeren. We moeten omzichtig zijn. De afmetingen van het koppenhok zullen 15 op 8 meter zijn. Uw steun zal volledig opgaan in die nieuwbouw en in de aankoop van 100 kuikentjes en de aangepaste uitrusting.
Voor het nieuw project 2007 willen wij ons varkensbedrijf heropstarten dat tenietging zes maanden geleden door de varkenspest. De veearts zei ons onmiddellijk alle koten te ontsmetten en dat nog eens te herdoen, alvorens te herbeginnen. Dat doen we dezer dagen. Dan zullen we uw steun gebruiken voor de aankoop van 4 of 5 rasechte zeugen en 1 beer en het overige geld voor de aankoop van aangepaste voeding. Wij hopen van verdere rampen gespaard te blijven.
Ik hoop dat mijn rapport zal voldoening geven.
Welbedankt.

Correspondent: Irma Van Gestel

Ndjili-Aéro - 18 april 2006

Gisteren op Pasen ontving ik uw brief, de mooie foto gemaakt door Gert en de formulieren van De Brug.
Gert kwam hier op bezoek met twee zusters van De Jacht van Heverlee : Irène Peeters en Angèle Verstraete. Dat bezoek was een welgekomen afwisseling in mijn eenzaam, afgezonderd en arm leven. Op dit moment ben ik de enige Belgische Passionist in Congo en de enige missionaris van Weelde nog in functie.
Spijtig genoeg ben ik wat aan de sukkel. Ik zie niet goed meer. Volgend jaar, bij mijn verlof, laat ik nog eens mijn ogen nazien in België. Wellicht zal het niet helpen en moet ik dan wel in België blijven.
Nu wij met de varkenspest al onze varkens verloren hebben, denk ik dat we dat project moeten heropstarten in die nu lege hokken.
In het kort zijn er hier presidentsverkiezingen en andere, maar ik verwacht er niets goeds van. De mensen blijven steeds in de miserie en de arme ouders moeten de onderwijzers betalen, wat velen niet kunnen en de Staat vertikt het. Zo kunnen veel kinderen niet naar school.
Nogmaals dank voor alles en God zegene U allen.
Heel hartelijk.

Correspondent: Irma Van Gestel

Ndjili-Aéro - 25 november 2005

Ik heb heel slecht nieuws. Vorige twee weken hadden we varkenspest. We riepen er onmiddellijk de veearts bij, doch die kon niets meer doen. Ruim 20 grote en 15 kleine varkens zijn op enkele dagen gestorven. Overal in Kinshasa was dezelfde pest. Nu staan onze varkenshokken leeg. Ze moeten eerst volledig ontsmet worden, dan 6 maanden leeg blijven, dan opnieuw ontsmetten vooraleer er andere varkens in mogen komen. Drie jaar geleden hadden we hier vlektyfus met 7 dode varkens, maar de rest was niet besmet en we konden ermee voortdoen. Nu zijn we helemaal ontmoedigd. We waren zo goed op dreef en nu hebben we niets meer. Zullen we binnen een half jaar opnieuw kunnen starten, of blijven de hokken leeg?
Verder heb ik weinig nieuws. Op mijn 84 ste voel ik het gewicht van de jaren en weet dat het met mij stilaan naar zijn einde loopt. Ik ben soms heel moe en verdraag moeilijk de stikhete maanden en daarmee slaap ik ook slecht.
De post hier is ook weer in staking, misschien voor maanden.
God zegene U allen.
Heel hartelijk.

Correspondent: Irma Van Gestel

Ndjili-Aéro - 21 maart 2005

Gisteren heeft uw telefoon mij gerustgesteld dat heel de kwestie van mijn varkensproject geregeld werd, want uw brief van 16 januari kwam maar op 19 maart aan, wegens als die stakingen op de post.
Daarom zend ik nu mijn brieven met andere personen, maar dan zijn er die niet ter bestemming komen.
Wellicht zal ons volgend project zijn : ons kippenproject. Dat werkte jaren goed, maar we hadden pech. De kippen werden ziek en moesten afgeslacht worden. Onze overste is een bekwame kippenfokker.
God zegene U allen en alle mensen van de Brug.

Correspondent: Irma Van Gestel

Ndjili-Aéro - 10 februari 2005

Gisteren ontving ik uw brief van 23 december.
Sinds vijf maanden werden alle brieven op de post achtergehouden, op zoek naar geld dat daarin soms verborgen zit. Alleen tijdschriften komen door, maar zelfs "De Brug" is niet doorgekomen.
Dank voor uw wensen en moge 2005 ook voor U en uw familie zegenrijk zijn.
Deze dagen is het snikheet en daar kan ik niet goed meer tegen. Ik ben wat ziek geweest.
Met onze varkens gaat het behoorlijk en ik dank daarvoor de Brug, ook hun laatst overleden leden, voor hun inzet voor ons. Ik krijg ook elke dag sukkelaars aan de deur en ik help naar vermogen. Maar er is te veel nood, onoverzichtelijk en dan nog die aids. De toestand is slechter dan 58 jaar geleden in 1947 toen ik hier voor de eerste keer belandde. En dan nog de oorlog in Rwanda in de Kivu. De helft van de kinderen van Kinshasa kunnen niet naar school omdat hun arme ouders de onderwijzer niet kunnen helpen betalen. De staat moet dat doen, maar die doet het al 12 jaar niet meer en toch inspecteert de staat de scholen. Die kinderen worden straatkinderen en wat dan later ?
Ik geef nog elke week op vrijdag mijn passiepreek op de katholieke radio, al jaren lang. Ik verzorgde een tweede uitgave van mijn veel gelezen boek : 100 korte passie-meditaties en ik schreef ook nog een ander boek en hier en daar artikels, ook in het Vlaams. Op onze 150 parochies van Kinshasa zitten de weekendmissen steeds vol. De mensen bidden heel veel, vooral de rozenkrans. Ik heb veel biechtelingen uit heel de omgeving. Dat zijn toch enkele lichtpunten.
God zegene U allen.
Heel hartelijk.

Correspondent: Irma Van Gestel

Ndjili-Aéro - 5 april 2004

Deze keer kan ik U jammer genoeg geen gunstig rapport voorleggen over ons varkensbedrijf door U gesteund.
Op het ogenblik hebben we elf hokken in cementen blokken, bedekt met golfplaten.
Daarin huizen nu 7 volwassen varkens, 12 middelmatige en 17 biggen. En dat is te weinig. Maar wij hadden af te rekenen met veel tegenslag. De meeste varkensbedrijven in Kinshasa werden vorig jaar geteisterd door varkenspest; ondermeer één bedrijf waarmee wij nauw samenwerken. Van haar 220 varkens stierven de helft. De andere helft hebben ze voortijdig met groot verlies moeten afslachten. Ze hadden niet voldoende diepvriesinstallatie om dat vlees te bewaren.
Bij ons stierven maar 7 varkens van pest. Zes anderen gingen op in de voeding van onze eigen gemeenschap. Zes andere hebben we omgewisseld of verkocht aan andere bedrijven. Slechts voor enkele varkens vonden we klanten omdat er niet genoeg kapitaalkrachtige kopers zijn.
Vijf naburige bedrijven komen bij ons hun zeugen laten dekken. In feite werken we met verlies omdat het varkenseten zeer duur is (rijstzemelen, lijnkoek, brouwerijafval, enz.). Daarbij komt dat ons varkenseten geen bergplaats heeft en buiten nabij het varkenskot ligt, blootgesteld aan regen en zon, wat niet gezond is voor de dieren.
Daarom willen we voorlopig ons bedrijf niet uitbreiden, maar uw hulp gebruiken voor een magazijnwerkplaats van 8 op 3 meter voor varkensvoer op te slaan. Uw bijdrage zal daarvan niet al de kosten dekken, maar toch een welgekomen hulp zijn.
De varkensmest gaat gedeeltelijk naar onze tuin, waarvan een deel der groeten ook verwerkt wordt tot varkenseten. En heel wat vrienden en geburen met een tuin komen bij ons gratis de mest ophalen voor hun tuin.
Spijtig dat ik U deze keer geen gunstiger rapport kan voorleggen.
We danken de mensen van De Brug voor hun zeer gewaardeerde hulp aan ons ontwikkelingsproject.

Correspondent: Irma Van Gestel

Ndjili-Aéro - 9 februari 2004

Zojuist ontvang ik uw brief waarvoor hartelijk dank. Ik antwoord aanstonds, want van hier uit wordt de briefwisseling ingewikkeld.
Regelmatig ontvang ik de tijdschriften van De Brug met veel interessant nieuws.
Welbedankt voor de 1.505 euro. Van zodra ik ze ontvang zal ik het ontvangstformulier invullen.
Voor het volgende project denk ik voor de laatste maal nog hulp te vragen voor ons varkensproject. We hebben nu rond de 40 varkens maar we gaan niet meer uitbreiden. We gaan een opslagplaats bijbouwen in het verlengde van ons varkensbedrijf om het varkenseten goed te bewaren, want dat ligt tot nog toe buiten en dat is niet goed. We moeten het droog kunnen bewaren. De varkens vragen veel eten, dat kost duur, we vinden weinig kapitaalkrachtige kopers. Andere bedrijven in de omtrek komen regelmatig hun zeugen laten dekken bij ons, of varkens met ons verwisselen. Maar bij gebrek aan afzetgebied gaan we niet meer uitbreiden, enkel nog dat magazijn-opslagplaats.
Rond 20 april kom ik voor een maand naar België. Mijn gezondheid is nu goed.
Hier is nog veel miserie waaraan wij weinig kunnen verhelpen.
Ik heb hier nogal wat bezinningsdagen te preken en veel biechten te horen, elke dag in ons klooster.

Correspondent: Irma Van Gestel

Ndjili-Aéro - 7 november 2003

In uw email schrijft u over een bereidwillige weldoener die zou willen tussenkomen in de medicinale kosten van die geäccidenteerde Ombaz Jérome, mits bijbehorende betaalde facturen van de operatiekosten. Jammer genoeg is er nog geen operatie gebeurd en zal die denkelijk nooit gebeuren hier. De chirurgen hier vinden het geval te ingewikkeld om zoiets te riskeren.
Ik sprak met de vrouw van Omba, die enkel hoop ziet in een interventie in België. Zij beweert dat zij in haar omgeving en bij familie en vrienden genoeg geld zal kunnen bijeen krijgen om de heen- en terugreis naar België te betalen, wat ik zeer betwijfel, maar ge kunt nooit weten… In België heeft men voor de immigratie iemand nodig die de "prise en charge" van de vreemde patiënt op zich neemt, om van hieruit een visum te krijgen. Die vrouw zegt dat haar eigen zuster, werkend in een ziekenhuis in Brussel, daartoe bereid is. Maar dat kan een hele tijd duren eer die papieren in orde zijn.
En dan de operatie zelf en onderhoud en nazorgen! Een Congolees kan niet rekenen op de tussenkomst van de Belgische mutualiteit waarvan hij geen lid is en geen bijdragen betaalde. Dus vallen al de kosten op hem alleen. En dat kunnen enorme bedragen zijn, zoals U weet. De Congolese patiënt kan dat onmogelijk betalen. De eventuele weldoener zou dat telkens moeten uitkeren : enorme bedragen, iets wat men normaal aan niemand durft vragen. Conclusie : ik zie geen mogelijkheid voor die transfer naar België. Ook wil ik die beproefde familie niets voorliegen met valse illusies en verwachtingen. Ze zullen zich moeten schikken in hun lot, zonder operatie in het buitenland. Het is pijnlijk, maar zo zie ik het. Misschien ziet U het anders.
Verder met mij alles goed. Mijn zere voeten zijn bijna genezen, maar het zal acht maanden geduurd hebben. Ons varkensbedrijf floreert en breidt zich uit. Maar evenals andere zulke bedrijven zoeken we naar afzetgebieden bij kapitaalkrachtige mensen. Want gewone mensen, zelfs aan zeer schappelijke prijzen, kunnen zich geen vlees permitteren met hun karig loon of meestal zonder enig loon. Dat wordt een probleem dat we met de tijd hopen op te lossen.
De situatie hier is volgens mij uitzichtloos ondanks alle officiële optimistische vooruitzichten. De huidige overgangsregering, die grotendeels bestaat uit ex-rebellen die jarenlang het land naar de ondergang hebben gevoerd. En die zouden nu binnen de twee jaar orde op zaken moeten zetten en vrije verkiezingen organiseren ? Dat zie ik niet zitten.
De onlusten gaan voort in Oost-Congo. En de volkstelling is nog niet eens gestart, op basis waarvan de kiezingen moeten gebeuren. Ondertussen blijven onze arme sukkelaars voortploeteren in hun miserie.

Correspondent: Irma Van Gestel

Ndjili-Aéro - 15 september 2003

Uw brief van 11 juni kwam eerst vandaag aan, kort na de email van pater Smet, die mijn ingevuld evaluatieformulier had ontvangen en naar u had doorgestuurd. Zo bericht hij.
Het varkensproject floreert en neemt nog steeds uitbreiding. Dus, hulp aan al die behoeftige bedelaars is uitgesloten. Dan blijft het project voor 2004 verdere uitbreiding van ons varkensbedrijf. Wat al die behoeftigen betreft, die elke dag bij ons aankloppen, heeft pater Smet me 230 euro bezorgd van een weldoener. En dat is zeer nodig.
Mijn operatie in 1990 met drie overbruggingen heeft stand gehouden zonder problemen tot 1999.Maar toen had ik moeilijkheden en hebben ze mij een stent geplaatst in de slagader en sindsdien is alles normaal. Maar ik voel me verslijten en ben soms zeer moe, zodat ik op mijn bed moet gaan liggen.Met mijn zere voeten duurt dat al meer dan vier maanden en het is nog niet gedaan.Maar ik kan mijn gewoon werk doen.
We hadden vijf nieuwe priesterwijdingen van Congolese Passionisten vorige maand en vijf professies. Hier zijn nog veel roepingen. Ik, oude mens, sta in voor de vorming van die jongeren.
Bedankt voor alles. Tot nog eens. God zegene U allen.

Correspondent: Irma Van Gestel

Ndjili-Aéro - 10 augustus 2003

Alvorens de formulieren in te vullen, verkies ik een kort overzicht te geven over de evolutie van ons bedrijf, gesteund door uw organisatie. We startten ongeveer drie jaren geleden met drie bijna volwassen varkens, waarvan één beer en twee zeugen, die we onderbrachten in de vier eerste varkenshokken, gebouwd met uw hulp. Na een jaar waren die vermenigvuldigd tot 24 stuks. Bij plaatsgebrek moesten we een deel daarvan onderbrengen in ons kippenhok; terwijl we met uw hulp nieuwe installaties zouden bouwen.
Van die 24 eerste en de daarop volgende varkens, zijn er, de laatste twee jaren:
6 gestorven aan varkenspest,
7 gekocht door een nabije gemeenschap voor consummatie
6 aan andere veekwekers geleverd voor varkenskweek, namelijk
2 stuks aan de parochiegemeenschap Kibuka
2 aan een kloostergemeenschap in Limete
1 aan een gemeenschap in Kikimi
1 aan een kweker in Matete.
Ook hebben wij regelmatig uitgewisseld met andere bedrijven om ras en bloei te vernieuwen.
Tevens kan gelijk welke kweker bij ons terecht voor koppeling van zijn zeugen met onze beren.
De installaties van ons varkensbedrijf
De zes eerste hokken bedragen samen een lengte van 16 meter op 4 m breed en 1,25 m hoog, bedekt met golfplaten en opgetrokken in cementen blokken van 40x20x15 cm.
De laatste 4 hokken, gebouwd met uw laatste hulp, bedragen samen een lengte van bijna 15 meter: elk hok 3,25 m lang, 4 m breed en 1,25 m hoog.
Uw laatste storting van 7 maart 2003, mij persoonlijk overhandigd door Irma Van Gestel, werkend voor
‘De Brug’, bedroeg 1295 euro. Dat was natuurlijk onvoldoende voor die laatste bouwwerken, en wijzelf legden een aanzienlijk bedrag bij. Want de bouwkosten lopen hoog op in Kinshasa, aankoop van: cement, ijzerstaven, sloten, hengsels, nagels, planken, coffrage, hele camions keien, zand, aankoop van golfplaten, betaling van werklui.
Voeding en onderhoud van varkens en installaties
Wij kunnen geen speciaal werkvolk daarvoor aanwerven. We hebben een twaalftal studenten in filosofie, die we ook elke dag handwerk geven, vooral om hen te bekwamen in varkenskweek en nadien hun stiel voort te leren aan anderen. Voor de voeding kopen wij de meeste grondstoffen (maniok, maïsbloem, rijstafval, aardnoten, soja, afval van een brouwerij, waterhyacinten uit de stroom) en onder het vakkundig beleid van een zuster die veearts is maken wijzelf de aangepaste mengsels voor onze varkens. Dat bespaart onszelf veel kosten. En zo leren die studenten ook later de kosten van eventueel hun eigen bedrijf te verminderen. Zo leren ze zelf bij ondervinding dat zo’n varkensbedrijf opzetten niet zo moeilijk is, behalve natuurlijk de bouwkosten. Dat is dus een beetje de opvoedkundige en ontwikkelingswaarde van ons varkensexperiment: anderen inwijden in zulke bedrijven, en hun wat liefde en bekwaamheid bij brengen voor veefokkerij.
Op het ogenblik hebben we 5 volle zeugen, 10 volwassen en 11 kleine varkens. We voorzien dat weldra ook de huidige installaties te klein zullen zijn.
Besluit: Ik meen dat het hierboven voorgelegd evolutierapport al de nodige gegevens bevat om uw formulieren te beantwoorden en dat het eveneens toont dat uw zeer gewaardeerde hulp voor dat ontwikkelingsproject oordeelkundig werd besteed.
Nogmaals danken wij al de mensen van de Brug.

Correspondent: Irma Van Gestel

Ndjili-Aéro - 18 mei 2003

Vandaag zijn er verkiezingen in België. Ik heb te laat geweten dat Belgen in het buitenland konden stemmen per procuratie en zo heb ik niet gestemd.
Ik ben nu goed twee maanden hier en het zijn snikhete maanden geweest, die mij geen deugd hebben gedaan. Inderdaad, die ziekte aan mijn voeten is daar weer terug, wellicht als gevolg van die hitte en dat zweten. Ik word in het hospitaal van de zusters hier verzorgd door een zwarte verpleger die dat heel secuur doet. Ik zou zelfs zeggen: beter dan in België. Maar dat zal weer wel een tijd duren. In België had dat acht maanden aangesleept. Maar ik ben niet zinnens terug te keren naar België. Ik heb hier mijn gewone bezigheden in de kloosterlingenvorming en ook conferenties op de katholieke radio, bezinningsdagen, retraites en zo meer.
Verleden maandag 12 mei, om 12 uur ‘s middags, was ik met enkele anderen te gast in de ambtswoning van de Belgische ambassadeur, mijnheer Nyskens, om mijn onderscheiding te ontvangen voor meer dan 50 jaar dienst alhier in het onderwijs: ridder in de Kroonorde. We waren eigenlijk met drie: een Franciscaanse missionarissen van Maria en een broeder Marist, alle drie Vlamingen. Onze oorkonde was in het Nederlands. Die broeder Marist is niet kunnen komen, want overal op de wegen waren er versperringen en zo is hij maar teruggekeerd. Heel die ceremonie verliep zonder officiële plichtplegingen: geen nationaal volkslied noch grote toespraken. We zaten met een vijftiental genodigden met de ambassadeur en zijn vrouw aan tafel bij een glas. Op zeker moment haalde de ambassadeur zijn documenten boven. Iedereen bleef zitten waar hij zat. Hij zei dat de koning onze bewezen diensten wilde erkennen en gaf ons meteen de oorkonde en de medaille. En dan bleven we nog een half uurtje napraten, heel gezellig. Ik dankte dan de ambassadeur voor zijn bemoeiingen en vroeg hem in onze naam de koning te bedanken voor die onderscheiding, die niet enkel onze eigen persoon gold, maar ook onze familie die ons aan Congo had afgestaan, en onze respectievelijke gemeenschappen, vrienden en weldoeners (ook U), die ons steeds hebben gesteund voor onze inzet. En eveneens de vele honderden Congolezen voor wie we zovele jaren mochten werken, zodanig dat Congo ons tweede vaderland is geworden. En al die vrienden Congolezen delen met ons die eer en die vreugde.
Ik weet niet of U mijn briefje ontving met een project dat wellicht niet zal weerhouden worden: om een familie te helpen die, tengevolge van een zwaar accident van de man, in grote nood zit. Maar onze econoom heeft me intussen een ander voorstel gedaan. Er is sinds die vier jaren burgeroorlog ook hier in Kinshasa, veel armoede en ellende. Zo komen er elke dag heel wat mensen ons lastig vallen voor punctuele bijstand, anderen die hun studies al een paar jaren stopten wegens geldgebrek om de studiekosten te betalen, anderen die de hospitaalkosten niet kunnen opbrengen en zo nog veel meer. Wij helpen zo veel we kunnen, maar onze middelen zijn beperkt, en zo moeten we de mensen dikwijls teleurstellen omwille van de maar schamele hulp die we hun kunnen bieden. En zo vroeg onze econoom of er geen mogelijkheid is ons wat te heipen om in de meest dringende gevallen wat hulp te bieden, wel wetend dat we niet overal kunnen helpen. Dus durf ik u dat project voorleggen. En u zult me wel laten weten wat daar eventueel nog aan ontbreekt. Deze week was er hier kort bij eens een erg accident waarin drie overvolle taxibussen betrokken waren. Er waren 41 doden. En zulke dingen gebeuren nogal dikwijls. Bij die zusters Franciscanessen was er één die nog zeer levenskrachtig is, ze is 92 jaar en sinds 1935 in Congo. Daartegenover ben ik maar een kleine peuter met mijn 82 jaar, in Congo sinds 1947. Van al onze tientallen Belgische passionisten missionarissen in Congo, blijven we enkel met twee over, maar er zijn wel een vijftigtal inlandse passionisten die al de leidende posten in handen hebben. Daarmee is voor vandaag alles gezegd. Nogmaals dank voor uw niet aflatende hulp. Mijn decoratie betekent ook een beloning en een vreugde voor u. Als ridder zou ik eigenlijk een paard moeten hebben. In 1948, mijn eerste jaar in Congo, was ik een reispater te paard, de laatste van de reeks, want nadien heeft dat niet meer bestaan. En met mijn paard was ik zeer welkom in alle dorpen.
God zegene u allen en tot een volgende keer. Uw dankbare.

Correspondent: Irma Van Gestel

Ndjili-Aéro - 19 maart 2003

Een warme groet uit het hete Congo, waar ik op 10 maart aankwam om 9 uur avonds, na een tussenlanding in Douala (Cameroen) en dat met ‘Brussels Airways’ dat maar voor één derde bezet was. Bij de registratie van de bagage had ik geluk: een lieve juffrouw schold me tien kilo overgewicht kwijt.
Hier in Kinshasa was iedereen blij met mijn terugkeer, want velen begonnen daaraan al te twijfelen.
Met onze varkenskweek gaat het behoorlijk. Een zevende hok is bijna af. Gisteren en vandaag ging onze econoom eten en medicamenten kopen voor de dieren.
Twee dagen na mijn aankomst kwam er een telefoon van de Belgische ambassade om een datum vast te leggen voor de toekenning van mijn ereteken van ‘ridder in de kroonorde’ voor mijn ruim vijftig jaar in bet onderwijs in Congo.
Voor mij is het terug wennen aan de hitte.
Lodja, waar ik vroeger werkte, is al haast vier jaar bezet door de Rwandese en we zien daar nog het einde niet van, ondanks al dat loos gepraat over vrede, terwijl al die politiekers enkel belust zijn op macht. In Lodja komt haast geen volk meer naar de mis omdat ze beschaamd zijn zich te vertonen in hun vuile kleren, waarvoor ze geen stukje zeep vinden. Mocht de UNO toch een einde maken aan die vreemde bezetting. Ik heb al slieren bedelaars ontvangen en ook al rijen biechtelingen die weten dat ze me elk ogenblik daarvoor mogen lastig vallen. Zo geraak ik stilaan in mijn werk.
Ik zit hier met een noodgeval: het betreft een oud-leerling van mij en oud parochiaan van 41 jaar. Hij heet Shako Jeroom, is getrouwd met Kama Loyembo Jeannette en ze hebben vijf kinderen.
Op 4 oktober 2001 was hij betrokken in een auto-ongeval. Hij zat in een jeep, opgeëist door de soldaten, die door overdreven snelheid in het ravijn stortte. Toen hij van zijn bewusteloosheid bijkwam, zag en voelde hij dat zijn enkelbeen gebroken was en uitpuilde en de voet was verwrongen. Dat gebeurde op 93 km. van de stad Kisangani. Intussen was allerlei vuiligheid de wonden komen aantasten, met ontzettende pijnen werd hij moeizaam overgebracht naar een ziekenhuis in Kisangani, waar men hem onvoldoende kon verzorgen wegens gebrek aan medicamenten en aangepaste behandeling.
Slechts op 22 augustus 2002 werd hij tenslotte overgebracht naar Kinshasa waar hij tot nu toe verzorgd wordt door de orthopedistendokters Bituri John en Kibambe. Die hebben foto’s genomen en weten er verder geen raad mee. Ze kunnen of durven geen operatie doen. De patiënt zou elders moeten worden behandeld. Intussen sukkelt die man rond op krukken en zitten zijn vrouw en kinderen diep in de miserie
Nogmaals dank ik De Brug voor de welkome hulp die ze nu al gebruiken voor de uitbreiding van ons varkensbedrijf.

Correspondent: Irma Van Gestel

Wezembeek-Oppem - december 2002

Moge de vrede, de vreugde en de zegen van de Emmanuel, God-met-ons, rusten op U, op uw kinderen en op al die goede mensen van de brug, nu in deze Kersttijd en heel het jaar 2003.
Ik hoop na genezing spoedig in Congo te zijn.
Uw dankbare.

Correspondent: Irma Van Gestel

Ndjili-Aéro - 19 februari 2002

Ik haast me om dit briefje te schrijven dat ik meegeef met een Italiaanse Passionist, onze missiesecretaris die hier op bezoek kwam en die deze week terugreist naar Rome, vanwaar hij deze brief zal doorsturen.
Gisteren, 18 februari 2002, ontving ik van onze missieprocuur in Wezembeek-Oppem het bericht dat voor mij, op 1 februari 2002, gestort werd door ‘De Brug’ langs ons missie-economaat in Kinshasa, de som van 64.000 fr. of 1.586,52 euro. Onze missie-econoom overhandigde mij gisteren dat bedrag, waarvoor ik van harte de Brug en al haar medewerkers en leden bedank.
In mei zal ik naar België komen. Ik word gewaar dat ik wat rust nodig heb op mijn 80 jaar, want ik voel me deze dagen zeer moe.
Gisteren riep onze kardinaalaartsbisschop me nog voor een dringende kwestie. Gedurig doen ze op mij beroep voor het één of ander, recollecties, bezinningen en zo meer. Ik heb nood om wat op adem te komen. Ik kan niet meer zo goed als dertig jaar geleden.
Deze week moet onze kardinaal naar Durban in Zuid-Afrika voor de inter-Kongolese dialoog om de vrede in ons land te herstellen. Maar ik vrees dat het weer zal mislukken met die politiekers en rebellenleiders die alleen op macht belust zijn en niet denken aan het algemeen welzijn.
Daarmee sluit ik dit briefje af. God zegene u allen
Heel hartelijk en tot ziens in ‘t kort.

Correspondent: Irma Van Gestel

Ndjili-Aéro - 5 februari 2002

Uw brief van 18 december bereikte me pas vandaag. De correspondentie zal misschien beginnen beteren nu Air France elke week 2 maal op Kinshasa vliegt.
Bedankt voor uw wensen en ook voor de storting voor ons project: 64.000 fr. We hebben reeds heel wat meer geïnvesteerd in de gebouwen van ons varkensbedrijf dat floreert.
Ik heb nog nooit een ‘euro’ gezien. Wij doen het voorlopig met ons waardeloos Congolees geld.
En nu wat ander nieuws. Ik was van plan in september met verlof naar België te komen, maar nu is dat vervroegd naar mei. De reden is dat de Passionisten in mei hun provinciaal kapittel (vierjaarlijkse, uitgebreide bestuursvergadering) hebben. De Passionisten in Congo die nog van België afhangen, mogen daar twee afgevaardigden naartoe sturen. Al de vorige jaren kozen ze telkens twee Congolezen, die natuurlijk blij waren met zulk een buitenkansje. Maar nu kozen ze mij als hun eerste afgevaardigde om hun belangen in België te behartigen. Zodus, kom ik in mei naar België voor ons kapittel en ik neem dan drie maanden verlof. Dan ontmoeten wij elkaar wel. Dan vertrek ik weerom terug voor één term.
Met mijn ogen is het maar zo-zo Iemand schreef me dat er in Limburg een oogarts is met wondere resultaten. We zullen maar afwachten.
De humanitaire hulp aan de slachtoffers van de vulkaanuitbarsting in Goma ondervindt veel tegenstand vanwege Rwanda en de door hen gesteunde rebellen, die alles voor zich opeisen en duchtig onze Congo-bodemschatten leegplunderen. En ook die Congolese dialoog voor de vrede komt maar moeizaam op gang. Dat zijn onze grote miseries.
Dank aan iedereen van de Brug voor de gulle steun.

Correspondent: Irma Van Gestel

Ndjili-Aéro - 13 september 2001

Zojuist ontving ik uw brieven en uw beider feestkaart. Welbedankt!
Ook het laatste nummer van de Brug was erbij. Als ik dat zo doorblader, zie ik dat U heel de wereld door vertegenwoordigd zijt vanuit Kalmthout voor hulpverlening aan ontwikkelingswerk. Ik hoop dat men akkoord gaat met mijn ‘varkensproject’ dat intussen al uitbreiding heeft genomen met echt kerngezonde biggen. We zullen nog moeten bijbouwen. We kregen reeds aanvragen van liefhebbers die mettertijd ook willen kweken, want de varkens zijn van een echt schoon ras.
Ook onze fotokopieermachine doet goede dienst.
Ik ken pater Jan Notenboom en pater Hugo Gotink heel goed.
Pater Van Baelen, Kapucien ult Morkhoven, is inderdaad naaste familie van dokter Van Baelen van Weelde. Hij heeft reeds tientallen jaren een machtig project opgezet van veevoeders dat al de fokkers van Kinshasa bevoorraadt. Ook onze minister van ontwikkeling, de heer Boutmans, is dat project komen bezoeken. Overmorgen willen ze mij in de bloemen zetten: een feest voor mijn 60 jaar kloostergelofte. Onze kardinaal en een andere bisschop zullen aanwezig zijn, ook de ambassadeur van België en zijn vrouw, heel sympathieke mensen. Ik zal dat moeten ondergaan en ik zal blij zijn als dat weer voorbij is.
Nu ik sinds een paar maanden geen les meer geef, zal ik gans vrij zijn om retraites te preken. Soms lachen onze jonge kloosterlingen met mij en citeren het psalmvers ‘Hoewel oud, draagt hij toch vrucht’ en intussen ben ik door die jonge mensen goed aanvaard.
Ik hoop het nog een tijdje te kunnen volhouden.
Ik wens u allen Gods zegen en dank u allen nogmaals voor uw nooit aflatende hulp en genegenheid. Heel genegen, uw vriend.

Correspondent: Irma Van Gestel

Ndjili-Aéro - 27 juli 2001

Gisteren ontving ik bij mijn thuiskomst van een achtdaagse retraite, die ik gepreekt had aan een groep van 26 kloosterlingen, uw brief. Ik was zeer moe omdat ik slecht slaap op een ander. De retraite verliep goed. Daarmee heb ik grotendeels de ronde van Frankrijk gemist die ik hier ‘s avonds ten dele volg, minstens voor de uitslag en de algemene rangschikking.
U heeft dus minister Boutmans op bezoek gehad. Hij is ook hier geweest voor de Onafhankelijkheidsfeesten van 30 juni. Alleen de ministers Verhofstadt en Michel zagen de Belgen op de ambassade voor de receptie.
Het evaluatieformulier vul ik naar best vermogen in. Ik ontvang hier steeds het geld, in Wezembeek gestort, langs de procuur van Scheut in Kinshasa, dus praktisch door persoonlijke overhandiging in plaatselijk geld. Ik meen dat de laatste storting 55.000 fr. was.
Praktisch elke dag komt men om getuigschriften van de lagere school te fotokopiëren; diploma’s van het middelbaar onderwijs; medicale fiches, gezondheidsgetuigschriften om aangenomen te worden op de universiteit, eindwerken in 5 exemplaren waarvoor we wel wat vragen voor het papier, niet voor het kopieerwerk. Onze fotokopieermachine is heel goed en er wordt veel beroep op gedaan.
Op 15 september vier ik diamant: 60 jaar kloosterleven en in december word ik 80 jaar.
Ik voel soms toch wel de druk der jaren. Ik hoop het nog een paar jaren vol te houden. In heel Congo zijn we nog maar met 2 Belgische Passionisten.
Ik dank ons Heer dat ik het zolang heb mogen volhouden.
God zegen alle ‘Bruggenbouwers’ en speciaal u beiden.
Heel hartelijk. Uw vriend.

Correspondent: Irma Van Gestel

Ndjili-Aéro - 5 juni 2001

Welbedankt voor uw brief van 8 mei, die ik gisteren ontving. Bedankt voor de inzet van de Brug voor ons, die op uw hulp zijn aangewezen.
Groeten aan alle mensen van de Brug. Heel hartelijk.

Correspondent: Irma Van Gestel

Ndjili-Aéro - 15 april 2001

Gisteren vernam ik dat het geld voor mijn project door De Brug gestort is. Van harte dank. Daarmee gaan we aanstonds een fotokopieerapparaat, model Canon PC 880, kopen en dat zal dan heel in ‘t kort beginnen werken. Als volgende project zou ik het volgende willen voorstellen. We willen met een klein varkensbedrijf starten. Dat stelt niet zoveel problemen als kippen. Hier in Kinshasa is er een zusterklooster met een bloeiend varkensbedrijf, dat al aan heel wat mensen enkele varkens verkocht heeft (aan een schappelijke prijs) om verder te kweken. Die zusters hebben zo al verschillende mensen verder geholpen. Wij denken hetzelfde te doen. In dat vooruitzicht hebben we al een hele investering gedaan nl in varkenskot van 1 3m. op4m. in cementen blokken, verdeeld in 4 hokken. Maar mettertijd, volgens de productie, zal dat moeten uitgebreid worden. Uw eventuele tussenkomst zou dienen om die eerste varkens aan te kopen en de bouwwerken verder uit te breiden. Uw bijdrage kan ons daarin helpen.
Van hier is weinig nieuws. We hopen dat, met de hulp van de Uno en van het Westen, onze jonge president de huurtroepen uit Rwanda en Oeganda zal buitenjagen. Maar die maken nog geen aanstalten om te vertrekken, want er zit overal nog te veel goud en diamant die ze eerst moeten leegplunderen. In de streek van Lodja, waar ik vroeger 34 jaar werkte, is dat vooral diamant die de Rwandezen plunderen.
Hier is veel miserie, armoede, honger, ziekte, maar vooral aids. Maar de mensen verliezen de moed niet. Vooral de vrouwen zetten zich in om hun grote gezinnen te doen overleven. Er is veel straatjeugd die door hun familie weggejaagd werden en die geen thuis meer hebben. Ze leven op straat, schooien of proberen wat te stelen. Er zijn heel wat mensen die zich bezighouden met de opvang van die duizenden straatkinderen. Hun familie beziet hen als betoverd. Zij kunnen ongeluk brengen. Daarom zijn ze uitgesloten.
Dat zijn toestanden die vroeger niet bestonden. Men hield van de kinderen, die werden nooit buitengezet. Maar nu met de armoede en de honger en de uitzichtloze toestanden voor veel huishoudens is men tot zulke opvattingen en praktijken gekomen. Wellicht heeft uw organisatie al hulpaanvragen gekregen om die straatkinderen te helpen. Ook wij denken daaraan, maar we kunnen voorlopig nog niet.
Ik wens u allen het beste, Gods zege en een zalig Paasfeest.
Heel hartelijk, uw dankbare pater.
Vandaag wil ik U schrijven om de mensen van ‘De Brug’ te danken voor hun 25-jaren lange inzet voor ons. Moge de Heer zelf uw loon zijn voor uw onbaatzuchtige hulp aan de missies overal ter wereld.
Wij hebben een fotokopieerapparaat gekocht met het geld van uw laatste storting om de mensen van de omgeving te helpen.
In mijn vorige brief deed ik een voorstel van een nieuw project nl. beginnen met een klein varkensbedrijf. Wij werden geholpen door een noviciaat inlandse zusters die een bloeiend varkensbedrijf hebben met varkens van een goed ras.
Wij denken in de toekomst zo ook anderen in onze omgeving op dreef te brengen met het kweken van varkens.
Bij jullie is het ook heel erg voor de boeren met al die vee-slachtingen en de watersnood die alle landbouwwerk belemmert.
Houdt er toch de moed maar in.

Correspondent: Irma Van Gestel

Ndjili-Aéro - 8 februari 2001

Welbedankt voor uw kerstkaart en uw brief van 30 december die ik gisteren ontving.
Ik wens u ook Gods zegen in 2001 voor U, Uw kinderen en kleinkinderen. Dank ‘de Brug’ voor het goedkeuren van ons project. Ik zal u bericht laten zodra het geld aankomt langs pater Smet in Wezembeek-Oppem. Dan zal ik ook dat rapport opsturen en een nieuw voorstel doen.
Vorige maand werd Kabila vermoord en zijn zoon Joseph volgde hem op, zonder de gevreesde onlusten. Hij zocht toenadering tot het Westen. Mocht hij met de hulp van de UNO een einde maken aan die drie jaar burgeroorlog met zijn nasleep van ellende.
Mijn vroegere streek van Lodja is in handen van de Rwandezen die er schaamteloos al de diamant uitbuiten. Mijn confraters daar zien veel af. Zelfs hier kunnen de helft van de kinderen niet meer naar de lagere school, omdat de ouders de schoolkosten niet kunnen betalen.
Ik ben in januari nogal ziek geweest: malaria, flauwvallen onder de mis. Dan ben ik een week gaan rusten in een ander klooster. Nu ben ik weer goed.
Nogmaals welbedankt voor uw inzet voor ons.
Heel hartelijk en God zegene U.

Correspondent: Irma Van Gestel

Ndjili-Aéro - 2 oktober 2000

Gisteren ontving ik uw lieve brief, waarvoor dank. En ook in het laatste nummer van de Brug las ik een paar uittreksels van mijn brieven.
Onder het verlof ben ik niet naar de Alpen geweest, noch naar Griekenland, hoe graag ik ook daar wel eens zou komen om mijn vroegere geschiedenis wat op te frissen. Ik heb haast heel de tijd retraites gepreekt voor kloosterlingen, mannelijke en vrouwelijke. Er is veel vraag naar retraites, maar er zijn weinig predikanten die zich daarvoor beschikbaar stellen, want dan zijt ge heel de tijd gebonden. Maar voor mij maakt dat niets, 1k doe dat graag. Jammer genoeg is mijn zicht van maand tot maand fel aan het verflauwen tengevolge van 50 jaar antimalaria medicamenten die de oogzenuw aantasten. En daaraan is niks te verhelpen. Dikwijls kan ik de teksten uit het missaal of het brevier of de bijbel niet meer lezen. Wat wil zeggen dat ik zal moeten stoppen met preken en lesgeven en zondagspreken op de katholieke radio. 1k zal er mij moeten bij neerleggen en stilaan beginnen uitbollen.
Voor dit jaar zou ik u het volgende project willen voorleggen. Wij hebben dringend een fotokopieermachine nodig, niet enkel voor de persoonlijke werken van onze studenten. Ook omdat we daarvoor alle momenten worden lastig gevallen door mensen uit de omgeving en zelfs door de administratie van de staat.
Hier vlakbij is er een moederhuis met gemiddeld 50 bevallingen per dag voor dit klein stukje van de stad. En een hospitaal met meer dan duizend consultaties per dag. Dat brengt voor de betrokkenen allerlei formulieren mee die ze moeten invullen met fotokopies. En als ze daarvoor bij privaat mensen moeten gaan, kost hun dat stukken van mensen. Moesten wij een goede fotokopieermachine hebben dan zouden we daarmee veel mensen kunnen helpen in de onmiddellijke omgeving, allerlei scholen in de omtrek die nu maar zeer mank functioneren, en zelfs voor de mensen van de administratie die ook evenmin de nodige middelen hebben voor hun werk. Intussen moeten wijzelf, tot nog toe, voor ons eigen werk bij particulieren terecht, en dat kost zeer veel. Dus bij voorbaat dank moest de Brug ons kunnen aan een fotokopieermachine helpen. Veel mensen uit de omgeving zouden ermee gediend zijn.
Hier is er voorlopig nog geen vrede in zicht, nu we al haast drie jaar met die burgeroorlog zitten. In ons buurland Angola duurt de burgeroorlog al 25 jaar. Ik hoop maar dat het hier niet zo lang zal duren.
In de bezette gebieden, zoals Lodja waar ik vroeger 34 jaar werkte, zitten de mensen en onze confraters met de Rwandese indringers die heel de streek uitbuiten, vooral de diamant. En de Verenigde Naties doen daar niets tegen. Onze mensen zien heel veel af. Hier kunnen heel veel kinderen niet meer naar school, gewoonweg omdat die arme ouders de schoolkosten niet kunnen betalen, die de staat normaal moet dragen. Maar die trekt het zich niet aan. En die kinderen worden dan later van straatjeugd bandieten. De toekomst is in geen geval rooskleurig. Maar wij doen voorlopig wat we kunnen.
Verder nieuws is er hier niet. Nogmaals dank aan de mensen van de Brug en tot een volgende maal.
Heel hartelijk.

Correspondent: Irma Van Gestel

Ndjili-Aéro - 8 juni 2000

Eindelijk kan ik u melden dat ik bericht kreeg dat er 64.000 fr. gestort is op 10 maart en dat ik ze weldra zal ontvangen. Dank u wel.
We zien nog geen uitkomst aan die ellendige burgeroorlog. In her missiegebied Tshumbe, waar ik vroeger 34 jaar gaarne werkte bij een sympathieke bevolking, zijn er van de 16 missieposten 13 geplunderd door onze soldaten. De Rwandezen plunderen nu verder heel de streek uit die rijk is aan diamant. Voor Rwanda en Oeganda is het er enkel om te doen zo lang mogelijk in die bezette gebieden te blijven om al de grondstoffen te plunderen. De internationale instanties gedogen dat ofwel treden zij daartegen niet resoluut genoeg op en zij laten alles zijn beloop gaan.
Intussen ziet onze arme bevolking hier heel veel af. Wij kunnen al die noden ook niet verhelpen. Onze Italiaanse zusters helpen die sukkelaars zoveel mogelijk. Ook wij weten de armen wonen en ik help waar ik kan met mijn beperkte middelen.
Volgende maand, na het einde van het academisch jaar, begin ik mijn reeks retraites te preken. Zo weet ik altijd wat gedaan. Vandaag ging ik naar de studio van de katholieke radio voor twee opnamen van zondagspreken Voor de twee volgende zondagen. Die kunnen door 8 miljoen mensen beluisterd worden, hoewel er misschien maar 1% luisteren (di. 80.000), maar dat is nog de moeite.
We gaan hier nu ook een nieuwe parochie en een nieuw retraitehuis bouwen en dat zal veel geld vragen.
Wat we ook nog dringend nodig hebben is een fotokopieermachine. We zitten nu altijd te sukkelen en we moeten op anderen beroep doen.
Het voorstel van een nieuw project zal ik doen in een volgende brief. Ik dank de Brug voor haar zo milde hulp.. Daarmee hoop ik het nog een tijdje vol te houden hier.
God zegene u en heel uw familie.

Correspondent: Irma Van Gestel

Ndjili-Aéro - 11 mei 2000

Vandaag eerst ontving ik uw brief van 4 april, wel bedankt. Maakt u geen zorgen over mijn gezondheid: ik heb het best naar mijn zin.
Van bij mijn terugkeer, drie maanden geleden, heb ik mijn zondagspreken hernomen op de katholieke radio evenals mijn recollecties, retraite en mijn lessen Latijn op het groot seminarie voor kloosterlingen.
We zijn in heel Congo nog met (twee Belgische Passionisten: Een Limburgse pater van 64 jaar en ik). Maar we hebben 40 inlandse Passionisren gevormd die ons werk verder doen.
Op 14 april maakten we zware ontploffingen mee in een munitiedepot op het vliegplein, op 3 km van ons huis, dat daverde van die ontploffingen. De obussen suisden en floten boven onze kop. Toen had ik wel wat schrik. Veel mensen sloegen op de vlucht, wij niet. Wellicht was het geen toeval, maar opgezet spel. De ambassadeur van België zei me dat ik in het kort een decoratie krijg voor mijn 50 jaar dienst in het onderwijs hier. Dan zal ik ridder in de Leopoldsorde zijn of zoiets.
Wij vierden hier paasnacht met de parochie en dat duurde maar vijf uren, met daarin een aantal dopen, vormsels en huwelijken, plus een lange preek. Voor mij was dat wat te veel van het goede. De laatste dagen is het snikheet, met de laatste stuiptrekkingen van bet nat seizoen. En mijn hart kan niet meer zo goed tegen die hitte.
Het boekje van ‘de Brug’ komt hier regelmatig aan, ook tijdens mijn verlof in België. Wat het geld betreft, Ik schreef aan onze missieprocurator in België, ongeveer een maand geleden, om te weten wat er van was, maar totnogtoe, met die trage post, is er nog geen antwoord. Ik laat het u weten zodra ikzelf het weet.
Verder is er van hier al niet veel te melden. Met de computer werken is hier nogal moeilijk, want elke dag beleven we minstens een paar stroomonderbrekingen en soms twee of drie hele dagen. Dat is erg vervelend.
Groet hartelijk al die lieve mensen van de Brug. Moge de Heer U allemaal zegenen.
Heel hartelijk.

Correspondent: Irma Van Gestel

Leuven - 24 oktober 1999

Op 7 oktober had ik naar Kinshasa moeten afreizen, maar op 5 oktober heb ik een hartcrisis gehad. Ik ben nu nog steeds in behandeling in Gasthuisberg in Leuven. Maar ik hoop nog voor Nieuwjaar te kunnen afreizen. Men had me gevraagd een nieuw project in te dienen, wat ik had menen te doen bij mijn terugkeer in Kinshasa. Vermits ik dat niet heb kunnen doen, stel ik u het volgende voor. Bij mijn ontmoeting met de mensen van de Brug, had ik gesproken over ons groot verdriet dat wij, wegens geldgebrek, zoveel roepingen tot het priesterleven moeten weigeren. Om volgend jaar één kandidaat meer te mogen aannemen, zou ik dan op uw welwillendheid beroep willen doen om tenminste gedeeltelijk tussen te komen voor de opleiding, alsook voor andere primaire noden van de plaatselijke bevolking.
Ik dank u bij voorbaat voor die bijdrage, terwijl ik u nogmaals dank voor al wat u mij reeds gegeven hebt in de vorige jaren.
Moge de Heer U allen zegenen voor uw edelmoedigheid, u en uw families. Nogmaals van harte dank.
In de hoop weldra terug te gaan naar mijn missie, blijf ik u dankbaar genegen.

Correspondent: Irma Van Gestel

Ndjili-Aéro - 31 januari 1999

Zojuist ontving ik uw brief van 17 januari : dank over de informatie over die milde storting.
Regelmatig ontvang Ik het tijdschrift van de Brug.
Wil in mijn naam die 13 verschillende mensen bedanken die zo mild geholpen hebben. Vandaag schreef Ik naar onze missieprocuur in Wezenbeek-Oppem om te vragen of zij het geld reeds ontvangen hebben. Ik schreef hun tevens om enige postzegels te vragen want deze brief is de laatste die ik kan sturen met mijn laatste Belgische postzegel.
Nogmaals dank aan U en al de mensen van “de Brug”.

Correspondent: Irma Van Gestel

Ndjili-Aéro - 21 januari 1999

Merci voor uw wensen en ook ik wens u een schoon jaar 1999 en ook aan al de mensen van de Brug, met Gods zegen...
In Lodja gaat het slecht. Onze eigen soldaten aldaar hebben ons voertuig gestolen en een pater afgetroefd. Dat wordt onhoudbaar.

Correspondent: Irma Van Gestel

Ndjili-Aéro - 5 januari 1999

Gisteren ontving ik uw brief van 6 december. Ik hoop dat de mijne niet zolang onderweg is, hoewel we hier moeilijk brieven kunnen versturen naar het buitenland.
Welbedankt voor die mooie gift voor onze maniokmolen. U hebt hard moeten werken om zulk een bedrag bijeen te krijgen. De Heer zal het U vergelden en wij zuilen trachten dat geld goed te gebruiken.
Hier is de toestand nog niet opgeklaard. In het oosten van het land winnen de rebellen nog steeds terrein, meer dan de helft van het land bezetten ze reeds. Dankzij de huurtroepen van Angola en Zimbabwe is Kinshasa nog niet gevallen, want op onze eigen soldaten moeten we niet rekenen. In Lodja, waar ik vroeger werkte gedurende 34 jaar, is heel de post bezet door duizenden soldaten die gevlucht zijn uit Kindu en die door de plaatselijke bevolking moeten onderhouden worden. Het mooie grootseminarie van Lodja is hoofdkwartier van het leger en zo kunnen de grootseminaristen van verschillende bisdommen hun studie niet verder zetten. Ook onze kloosterlingen hebben het zeer moeilijk.
Hier is het voorlopig rustig. We geven onze lessen in ons fIiosofaat van de kloosterlingen: jonge kloosterlingen van 36 ordes en congregaties.
Met mij persoonlijk gaat het behoorlijk Elke zondagmorgen geef ik een godsdienstige conferentie op de katholieke radio, die druk beluisterd wordt. Ik heb zels al een paar keer die conferentie geïllustreerd met enkele liederen van eigen fabrikaat, door mij gezongen. Dat was hét succes: van alle kanten kwamen op de radio vragen om kopijen van de cassette met die liederen. Verleden week vernam Ik dat de kardinaal mij benoemd heeft als lid van de theologische commissie van het bisdom. Ik schrok me dood, want Ik ben geen theoloog, maar enkel pastoor. Maar wellicht hebben mijn zondagspreken op de radio daarin meegespeeld.
Vandaag hernemen de lessen op ons kloosterlingenfilosofaat waar Ik ook les geef. Einde maart denk ik in België te zijn voor een grondig onderzoek van mijn hart. Ik zal echter op tijd moeten terug zijn, want vanaf begin augustus hebben ze mijn data al vastgelegd om retraites te preken. En elk weekend geeft ik bezinningsdagen aan kloosterlingen. Vervelen doe ik me nog niet... ik ben nog niet technisch werkloos.
Ik wens U allen een gezegend jaar 1999 ook aan al de mensen van de Brug en hun familie.
Moge de Heer U allen zegenen. Nogmaals zeer bedankt. Heel hartelijk!

Correspondent: Irma Van Gestel

Ndjili-Aéro - 22 september 1998

Met de oorlog die we beleefd hebben en nog beleven, kon ik U niet vroeger schrijven, want er konden geen brieven vertrekken de laatste twee maanden. Normaal moest Ik voor september mijn nieuw project indienen, maar in deze omstandigheden was dat onmogelijk. Hier volgt het dan.
We willen, zoals ik in een vorige brief al liet doorschijnen, een maniokmolen installeren, voor onze eigen behoeften en voor de mensen rondom ons, waarvan de opbrengst tevens dient voor autofinancement, namelijk 100 ft. per, zak van 50 kilo maniok. Die molen met motor zal wel meer dan 100.000 ft. kosten, maar samen met uw hulp en wat we van elders kunnen krijgen, hopen we er wel te geraken. Ik dank U bij voorbaat voor welgekomen hulp.
Het is curieus, maar telkens er iets ergs gebeurt, ben Ik er niet. Met de grote plunderingen in 1991 was Ik een retraite aan het preken op 400 km van hier. In januari 1993, toen heel onze missie en technisch centrum geplunderd werden, was ik op 425 km van hier voor twee maanden de novicemeester gaan vervangen. Verleden jaar toen de soldaten hier bij ons lelijk huishielden, was Ik met verlof in België. Nu was Ik op 25 augustus per vlieger vertrokken naar Kikwit op 500 km van hier (een stad van 400.000 inwoners), om daar een retraite te gaan preken. En daags daarna, op 26 augustus, vielen de opstandelingen hier onverhoeds binnen zonder enige tegenstand van ons leger. En het centrum der invasie was juist onze streek, de omgeving van de parochie van St. Marc. Al de mensen hier rondom, honderdduizenden, sloegen op de vlucht naar het stadscentrum, ook onze paters en de zusters naast ons, langs wegeltjes en beken en heuvels, 12 km ver. Onze paters zegden: “Gelukkig dat de pater hier niet was. Wat zouden we gedaan hebben met zo’n oude mens op de vlucht.“ Vijf dagen waren ze afwezig tot het ergste van de oorlog voorlopig voorbij was. De huurtroepen van Angola hebben Kinshasa ontzet, met zwaar artillerievuur en bombardementen, en honderden, zoniet duizenden doden, vooral opstandelingen. Die werden in massagraven ingekuild. De woedende bevolking heeft erge onvergeeflijke dingen gedaan: tientallen soldaten werden levend verbrand, onder de ogen van kinderen en jongeren. Wat een geestelijke en morele verwoesting!
De aartsbisschop heeft daar tegenover geprotesteerd, maar veel mensen waren niet akkoord met hem. Toen onze paters hier na vijfdagen terugkeerden, was bijna alles ongedeerd, alleen twee geiten waren gesneuveld, één ruit doorschoten en een raket op een boomstam. Maar de vluchtelingen leden veel in het overvolle stadscentrum. Een week lang geen eten, alleen water, en welk water? Ik heb intussen mijn retraite gepreekt en heb ons noviciaat bezocht in Lumbi waar alles kalm was. Maar een kwartier na mijn aankomst in Kikwit pakten de soldaten de jeep van de zusters waarmee ze drie dagen rondtoerden. Op 9 september was ik terug hier. Ik moest dan nog een retraite gaan preken bij de Redemptoristen op 200 km van hier, maar dat was onmogelijk. Die zitten nog in handen van de opstandelingen, waar we nog niet van afzijn en die alle momenten nog kunnen terugkomen.
Zo is de toestand hier: onzeker. We trachten te doen wat we kunnen. Intussen is het brood verdriedubbeld in prijs, een ramp voor de jongen mensen. Ook wij zitten krap met ons budget.
Ander nieuws is er niet van hier, alleen maar slecht nieuws. Wanneer zal dat verloren en vergeten continent Afrika toch eens vrede kennen? Die mensen hebben werkelijk al genoeg afgezien. Dat continent interesseert niemand meer, tenzij omwille van zijn grondstoffen. Gelukkig zijn er nog enkele niet gouvernementele organisaties, zoals De Brug, die ons hulp bieden. Van harte dank voor alles, vooral voor uw genegenheid. En wij proberen toch maar voort te doen, tegen alles in. Dat is een beetje de dwaasheid van het Kruis, die de wereld niet begrijpt. Ons inzetten voor mensen die het zogezegd niet verdienen, maar die gewone mensen kunnen zelf niks doen aan hun ellende. Het zijn hun leiders die hen misleiden.
Bidden we de Geest dat hij hun wat wijsheid en inzicht schenke.

Correspondent: Irma Van Gestel

Ndjili-Aéro - 24 juni 1998

Hartelijk dank voor uw brief. Daags tevoren ontving Ik het laatste nummer van de Brug. Ik zie dat ge met al uw activiteiten sterke bruggen opbouwt voor ons.
Hier is het nu druk met de examens. Ons groot seminarie van filosofie, waar ik les geef, reikt universitaire diploma’s uit erkend door een Romeinse universiteit en de Congolese staat. Op 15 juli eindigt het academisch jaar en het hervat op 10 oktober. Een van onze paters is rector van die universiteit waarbij meer dan dertig kloosterorden zijn aangesloten, die hun jonge kloosterlingen naar onze universiteit sturen. Ik geef daar nog steeds Latijn. De jonge priesters kennen geen Latijn en daarom moesten ze beroep doen op een oude.
Sinds verleden maand begon hier het droog seizoen en is het nier meet zo snikheet als onder het nat seizoen, maar toch is het nog heel warm. Voor mij zijn de vakantiemaanden de drukste. Dan begint een hele reeks retraites die ik preek, meest aan kloosterlingen. Daarvoor willen ze me soms al een jaar tevoren voorbehouden om zeker te zijn, want retraitepredlikanten lopen niet dik, daarvoor vindt ge weinig liefhebbers. Bijna heel de maanden juli, augustus en september zijn daardoor bezet. In september moet ik een retraite gaan preken voor de Redemptoristen. Daar riskeer ik Jan Notenboom als retraittant te hebben. Die zal er wel leven inbrengen! Onder het schooljaar zijn mijn weekends meestal benomen door recollecties (bezinningsweekends) aan kloostergemeenschappen en die zijn er veel in Kinshasa, met zijn meer dan 130 parochies. Hier in dit bisdom is het pastoraal werk echt heel goed uitgebouwd.
Welbedankt voor uw aanbod om een nieuw project in te dienen. Met ons kippenproject doen we verder. Dat loopt goed. Het toekomstige project zal wellicht zijn de installatie van een maniokmoten. Die kost heel wat meer, maar uw bijdrage zal ons helpen daarvan de kosten te dragen. Daarmee kunnen we de mensen van de onmiddellijke omtrek wat helpen en komt er ook voor ons een beetje geld binnen.
Wellicht zal ik rond Pasen met verlof komen voor een paar maanden, op doktersadvies, om mijn kroonslagader en mijn hart te laten onderzoeken. Ik heb namelijk een slecht hart, maar een tamelijk goed karakter. Dat hart speelt me van tijd tot tijd parten. Voor het overige kan ik mijn werk nog goed aan. Dit jaar hebben we zes priesterwijdingen van Passionisten en zes eerste -professies. Hier gaat de kerk vooruit. Jammer genoeg moeten wij waardevolle roepingen weigeren, omdat we onmogelijk een groot aantal kunnen onderhouden, wart dat kost stukken van mensen dat vormingswerk. Daarvoor vindt men, zelfs in de Kerk, moeilijk internationale organismen die willen bijspringen om wat meer kandidaten aan te nemen. Dit jaar kunnen we er maar vijf aannemen, hoewel er een dozijn aan de vereisten beantwoorden. Ik vind dat heel jammer, want die gunstige hoogconjunctuur van roepingen zal ook niet altijd blijven duren. En zo laten we die gunstige gelegenheden passeren en moeten we veel jongeren teleurstellen.
Verder is er van hier al niet veel te melden.
God zegene U en at die goede mensen van “de Brug”. Tot een volgende keer.
Heel hartelijk.

Correspondent: Irma Van Gestel

Ndjili-Aéro - 3 februari 1998

Zojuist ontving ik bericht van de storting van 44.000 ft. voor ons kippenproject. Welbedankt aan al die goede mensen van de Brug, echte bruggenleggers tussen België en Afrika. Ons kippenproject draait al. We hebben dagelijks 55 % eieren, wat we nog moeten verbeteren. Ook de installaties moeten we nog bijwerken. Nogmaals dank.
We zitten hier met een zware palaver. In 1993 werd ons technisch centrum hier geplunderd waarin 700 werkloze jongeren een stiel leerden. Al het werkvolk daarvan was opeens technisch werkloos en werd doorgestuurd met de nodige afscheidspremie. Maar één kerel was niet akkoord en stelde tegen ons een proces in, steunen op een hoop valse gegevens. Het onrecht zegevierde en wij zijn veroordeeld tot 17.000 dollars, die we natuurlijk niet hebben. Dus komen ze vandaag onze drie voertuigen aanslaan, die samen heel war meer waard zijn. Wij staan daar machteloos tegenover. In dit land is alles mogelijk. We zullen dan geen enkele verplaatsingsmiddel meer hebben.
Het is hier snikheet, maar ik kan er niet zo goed meer tegen. Ik heb nog goed mijn bezigheid.
Groet al de mensen van de Brug heel hartelijk en dankbaar.

Correspondent: Irma Van Gestel

Ndjili-Aéro - 21 januari 1998

Vandaag ontving ik uw brief. Nogmaals mijn dank en beste wensen aan de mensen van “de Brug” : moge de Heer hen allen zegenen.
Ik schreef u al dat er met het nieuwe bewind niets veranderd is en de baas staat weigerig tegenover de Kerk. Zelfs de nuntius, nochtans een officiële diplomaat, kreeg na drie vragen om een onderhoud nog geen antwoord.
De mensen zien evenveel af als vroeger, alleen is de munt iets stabieler geworden.
Dank voor mijn project dat werd aangenomen door de Brug. Na storting zal Ik het laten weten.
Mijn dagen vliegen hier voorbij met vorming van inlandse kloosterlingen, lesgeven, retraites, bezinningen, preken, enz. Ik nam deel aan een internationaal symposium over de inculturatie van het kloosterleven en gaf daar ook een referaat met nogal wat bijval. Dan vroeg men me op een parochie om een conferentie te geven over de pastorale aanpak van het geloof in toverij. Dat was een groot succes.
Iedereen, ook de priesters en kloosterlingen, leeft in de angst voor kwade machten.
Hartelijke groeten.

Correspondent: Irma Van Gestel

Ndjili-Aéro - 24 december 1997

Aan U allen wens Ik een gezegend jaar 1998 met Gods vrede en vreugde.
Hier is alles normaai. Met het nieuwe bewind is er niets veranderd voor de mensen. Ze zeggen: dezelfde camion met een andere chauffeur.
Bisschop Monsengwo is nu voorzitter van al de bisschoppen van Afrika.
Ik doe gewoon mijn werk verder.
Mijn beste wensen en dank aan de mensen van ‘de Brug”.
Heel hartelijk en dankbaar.

Correspondent: Irma Van Gestel

Ndjili-Aéro - 3 augustus 1997

Ik heb uw lieve brief ontvangen die mijn zus me uit België doorstuurde. Ik bewaar een blijde herinnering aan de aangename avond doorgebracht ten huize van Mil en Irma met de mensen van de Brug.
Sinds bijna een maand ben ik terug hier. Aan de douane en immigratie kenden we niet meer de pesterijen en afpersingen van voorheen. Er is wat orde gekomen. In ons klooster zie ik overal de wonden van gaten van geweerschoten afgevuurd tegen onze kloosterlingen bij de inname van Kinshasa op 17 mei. Gelukkig werd niemand gekwetst. Wel werd er wat geplunderd,ook op mijn kamer, maar we hebben het nodige. We kunnen ons werk voortdoen.
Deze avond begin ik een reeks retraites aan kloosterlingen, tot 5 september. Ik leef hier in een gemeenschap met drie inlandse passionisten en een twintigtal jonge kloosterlingen, die filosofie studeren in een kloosterseminarie van 30 kloostergemeenschappen. Ik geef daar ook les. Die jonge kloosterlingen kosten veel aan eten, transport en.onderhoud. Daarom trachten wij, door eigen productie, te helpen voorzien in hun onderhoud. Daarvoor hebben wij een groentetuin, wat konijnen en een bescheiden kippenbedrijf.
Het project dat Ik hier voorleg en waarvoor uw hulp zou kunnen dienen, betreft dat kippenbedrijf. We hebben al voorlopige installaties, maar die zouden nog moeten worden uitgebreid. We kochten reeds 100 kuikentjes, die we willen opfokken tot legkippen. Die kuikentjes van één maand kosten ons elk 65 Cr., dus samen 6.500 Cr. Na 21 weken zouden die moeten aan de leg zijn. Intussen moeten we daarvoor speciaal voedsel en medicamenten kopen. We voorzien dat die kippen het eerste jaar aan een gemiddelde van 65 % zullen leggen en de volgende zes maanden aan een verminderd tempo. Dat kan op anderhalf jaar per legkip ongeveer 300 eieren zijn x 100 = 30.000 eieren. Hier brengen die 5 Cr op, dat maakt dan ongeveer 150.000 fr. We ramen de koten aan voedsel en medicamenten en de aankoop der kuikentjes op ongeveer 125.000 fr. We zouden dus ongeveer 25.000 fr. overhouden, als alles heel goed gaat, wat nog af te wachten is; daarbij komt nog de opbrengst van de geslachte, uitgelegde kippen.
Uw bijdrage zou ons helpen een deel van de voedingskosten van dat kippenbedrijfje te helpen dragen. En daarmee zouden wij al heel wat op weg zijn naar ‘auto-financement’, waar overal zozeer wordt op aangedrongen.
Ik dank u dus bij voorbaat voor uw milde hulp, en ik hoop u later nogmaals te ontmoeten in het gastvrije Kalmthout, waar ik ben aangenomen als kind van den huize.
Moge de Heer u allen en uw families zegenen.

Correspondent: Irma Van Gestel

Kalmthout - juli 1997

Pater Henri Maes is sinds einde maart terug in België, niet om de woelige stad Kinshasa te ontvluchten, maar om in zijn geboortedorp Weelde een dubbel gouden jubileum te vieren nl. vijftig jaar priesterschap en vijftig jaar missioneringwerk in Zaïre/Congo.
Op zondag 6 april droeg hij een plechtige eucharistieviering op in concelebratie met enkele paters Passionisten alsook met aartsbisschop monseigneur Monsengwo.
Dat de aartsbisschop van Kisangani speciaal was overgekomen naar Weelde om deze viering mee te maken, was ecn totale verrassing voor de pater. Pater Maes leerde monseigneur Monsengwo kennen in de jaren ‘70. Deze was toen nog gcen bisschop. De kennismaking wcrd vriendschap en tot op heden iijn er nog regelmatige contacten.
Pater Maes werd in 1974 priester gewijd en hetzelfde jaar vertrok hij naar de missiepost in Lodja, waar hij 34 jaar missioneringwerk verrichtte. Nu verblijft de pater reeds 16 jaar in Kinshasa. Zijn dagen zijn nog steeds goed gevuld retraites preken, Latijn geven in het seminarie, zieken bezoeken en ontwikkelingshulp geven waar de nood het grootst is.
Als de toestand het toelaat zal pater Maes in juli terugkeren naar Kinshasa om er zijn vele taken terug op te nemen.
Het bestuur van de Brug en haar leden willen langs deze weg pater Henri Maes zeer hartelijk feliciteren met zijn dubbel gouden jubileum.

Correspondent: Irma Van Gestel

Ndjili-Aéro - januari 1997

Vandaag is uw brief heel goed aangekomen. Bedankt voor dat goede nieuws van de storting voor mijn project. Dank ook voor het tijdschrift van “de Brug” dat ik regelmatig ontvang.
In Zaïre zitten we in voile burgeroorlog.
Op 17 november vielen hier onverwacht zes inlandse zusters passionistinnen binnen uit de Kivu, waar het leger heel hun klooster, materniteit en dispensarium had geplunderd. Eerst vluchtten ze door de bergen 100 km verder naar een ander klooster van Bukavu, dat ook door een obus getroffen werd. Dan maar verder de brousse in 100 km verder naar een ander klooster. Vandaar naar een vliegplein 50 km verder, waar een Italiaanse vlieger hen meenam naar Kinshasa, waar ze bij ons, hun “broers”, hun toevlucht vonden. Maar hun Italiaanse medezusters vonden geen plaats op de vlieger. Ze zitten nu in de handen van de rebellen. Daar zijn ze veiliger dan bij onze soldaten. Die doen niets dan plunderen. Daaraan kunnen wij ons ook weldra verwachten. We weten niet wat we nog zullen meemaken, maar we zijn in Gods hand.
Einde maart hoop ik in België te zijn. Dit jaar ben ik 50 jaar priester en heb ik 50 jaar Afrika achter de rug. Ik geef nog les en preek nogal wat retraites en recollecties. Mijn verlof zal niet lang duren, want heel de maand juli, augustus en september zijn al voorbehouden voor retraites. Ik ben blij dat nog te kunnen op mijn 75 jaar.
Volgende week moet ik naar een vergadering waarop ik niet erg scheutig ben, op 1600 km van hier, niet ver van de rebellen.
De mensen zitten in de miserie: honger, ziekten, oorlog, en ze zien er geen uitkomst aan. Wij hebben het nodige en doen gewoon ons werk voort. Van sommige missionarissen heeft men geen nieuws, men weet niet of ze nog leven. Bid wat voor ons in deze nare situatie.
God zegene U, uw kinderen en uw werk. Tot ziens.
Zalig jaar 1997 met Gods zegen.

Correspondent: Irma Van Gestel

Ndjili-Aéro - 20 februari 1996

Zojuist ontvang ik nr. 1 van 1996 en ik zie dat U heb akte genomen van mijn project, waarvoor van harte dank.
In ons klooster midden in Kinshasa, waar Broeder Roeland woont (die ons project zal uitvoeren) hebben ze stadselektriciteit, maar ze zitten al ruim twee weken zonder stroom, en er is nog geen oplossing in het zicht. Zodus hebben ze niet alleen in het binnenland miserie.
Wij hebben hier een tv waar ge steeds Kinshasa kunt nemen. En ook een Franse post die ons wel interesseert ‘s avonds voor het wereldnieuws. Maar onze tv staat al drie maanden in panne, en zo weten we maar weinig van wat er in de wereld gebeurt. Maar ik zie dat men ook gemakkelijk kan leven zonder tv en radio.
Ik heb mijn werk, lessen geven op een groot seminarie voor 250 kloosterlingen (hier zijn nog veel roepingen), met de weekends recollecties preken, retraites houden heel de duur van het groot verlof, wat bijspringen in de vorming van onze inlandse kloosterlingen en wat helpen op de nabije parochie.
Volgend jaar zal Ik er een halve eeuw priesterleven en Afrika op hebben zitten. Een mens wordt oud, maar ik dank ons Heer dat ik het zolang heb mogen uithouden en dat ik tot nu toe nog wat dienst kan bewijzen.
Ik zie dat ook Buana Bernadette door u wordt geholpen. Ik ken die zuster toevallig sinds een jaar.
Nogmaals dank omdat u aan mij denkt en door uw hulp ons werk steunt.

Correspondent: Irma Van Gestel