Frans Overlaet


Adres

Kinshasa - Congo

Leven en werk

Geboren in 1936 te Kapellenbos (Kapellen) en na zijn humaniora ingetreden bij de Paters van Scheut. In 1962 vertrekt hij voor het eerst naar Kinshasa waar hij eerst de zorg voor een parochie kreeg, later een andere, en zo werkt hij, meer en meer gesteund door inlandse priesters en lekenmedewerkers als missionaris in de eerder traditionele betekenis. In de zeventiger jaren werd hij betrokken bij de vorming van de "Jongeren van het Licht" gesticht door een Zaïrees bisschop. Om deze evangelisatiemethode te verdiepen heeft hij er de PRH (persoonlijkheidsvorming) bijgevoegd.
Frans heeft vele weken cursus gevolgd te Poitiers om zich de veeleisende methode eigen te maken. Eens daarmee gewapend, begon hij in de grootstad Kinshasa jongeren aan te trekken om ze in "sessies" of oefen en studiebijeenkomsten dieper en blijvender te vormen als ver-antwoordelijke mens en christen : een werk van lange adem, waarvoor veel geduld, mensen-kennis en ...allerlei materiële voorzieningen nodig zijn. Maar een zeer nuttig werk, omdat voor het toekomstige Zaïre juist mensen met ruggengraat en diepe overtuiging nodig zijn.
Dit werk is dus investering voor middellange en lange termijn, waarvan de resultaten niet on-middellijk in statistieken af te lezen zijn : nu zaaien, en oogsten in de 21e eeuw.
Voor die sessies en retraites heeft Frans aan de Zaïrestroom een ontvangstcentrum gebouwd met 120 slaapgelegenheden. Vermits het vormingscentrum prioriteit geeft aan studenten en werkloze jonge volwassenen, heeft hij geld nodig voor verplaatsingen, maaltijden, drukwerk, enz... Hij kan de steun van de Brug dus best gebruiken.
In 1988 begon Frans jonge mensen uit Kinshasa te selecteren die zich geroepen voelden en bekwaam waren een hoeve te stichten in het binnenland. Hierdoor wil hij de jongeren een al-ternatief bieden aan hun werkloosheid. Deze jongeren gaan eerst een snelcursus volgen bij landbouwanimatoren.

Brieven

Kinshasa - 15 oktober 2003

Betreft:
Rapport van uitgaven voor 2C03 voor project “Vorming van animatoren van Geweldloze Communicatie” te Kinshasa.

Geachte Directie van “De Brug”
Hiermede deel ik u mede dat de som van 1 .000 Euro die door “De Brug” zijn gestort voor het starten van ons project “Vorming van animatoren van Geweldloze Communicatie” mij goed is toegekomen op 1 juni 2003, dankzij de Reisdienst Scheut - KINSHASA. Immers langs de Congolese banken is geld-overdracht vanuit België~ nog onmogelijk.
Met dit bedrag heb ik gedeeltelijk het project kunnen helpen starten. Frans Overlaet en Christiane Hendrickx, gesteund door “Université de Paix “ van Namen, zijn in de maand juli twee sessies van elk 5 dagen komen geven aan een totaal van 84 deelnemers waarvan vele kandidaat-animatoren.
250 Euro werden besteed voor herstellingswerken aan het ontvangstcentrum te Lutendele, gemeente MONT NGAFULA - KINSHASA om de eerste groep van 40 deelnemers te kunnen logeren.
250 Euro werden besteed voor subsidie om de uitgehongerde deelnemers het mogelijk te ma-ken degelijk de sessie te volgen.
250 Euro werden besteed voor de verplaatsingskosten van de animatoren voor de tweede groep van 44 deelnemers.
250 Euro werden besteed voor subsidies voor deze 44 deelnemers.
Totaal: 1 .000 Euro.
De uitzonderlijke toestand van langdurige honger in Kinshasa heeft ons genoodzaakt hulp te bieden aan de deelnemers met sandwiches, Coca, enz…

Nogmaals hartelijk dank voor uwe hulp.
Kostenraming voor 2004
Vermits de eerste groep van 84 kandidaat animatoren in Kinshasa goed gestart is, en er nog andere groepen de aanvraag ingediend hebben ook in de “Geweldloze Communicatie” ingewijd te worden, hebben we dringend aangepaste brochures nodig.
We lanceren een “feuille de communication” voor de begeleiding van de deelnemers. Voor het jaar 2004 voorzien we 4 nummers elk van 4 bl z. X 100 ex. wat neerkant op 200 Euro
Daarenboven wordt het ontvangstcentrum met de “Antenne” voor de verdere begeleiding en vorming bekostigd, waar Pauline Wombe en een groepje vrouwelijke Jeugd-animatoren hun werking uitbou-wen voor Alfabetisatie, Conscientisatie en Geweldloze Communicatie voor Basisgemeenschappen van adolescenten. Het gaat hier om het slagen van een initiatief genomen door een groep deelneem-sters van de eerste sessie in juli 2003, die ingezien hebben welke mogelijkheden de pedagogie van de “Geweldloze Communicatie” inhield. Zij willen deze vorming combineren met alfabetisatie en socia-le conscientisatie voor de meisjes van 16 - 20 jaar die ze jaarlijks rekruteren en vormen gedurende 12 maanden in het kader van de “Bilenge ya Mwinda”. Immers de armoede heeft in Kinshasa als gevolg dat de meerderheid van de meisjes niet meer naar school kunnen, in elke vergadering inslapen van de honger... en dat ze de hele dag naar voedsel moeten zoeken... en zo meestal in de prostitutie te-recht komen om te overleven.
Daarenboven zien jaarlijks de duizenden weeskinderen waarvan de ouders van AIDS gestorven zijn, en de weeskinderen van de oorlog die naar Kinshasa afgezakt zijn... en op straat leven, een groeiend probleem. Hun initiatief moet wel gesteund worden opdat het zou lukken, want die animatricen berei-ken jaarlijks duizenden meisjes.
1.300 Euro voor één j aar...
Nogmaals dank op voorhand



Compte-rendu des sessions
OSER AIMER et la COMMUNICATION NON VIOLENTE (CNV)
animées 2 fois en juillet 2003 à Kinshasa
par François Overlaet et Christiane Hendrickx

Nous avons eu un public de qualité remarquable.
La première fois c’était des initiateurs des Jeunes de la Lumière, hommes et femmes (de 30 à 45 ans), au Centre d’accueil des Bilenge ya Mwinda de Lutendele — Kinshasa. Ils étaient 32, motivés, avides et enthousiastes d’apprendre.
Notre originalité répondait a leurs attentes surtout:
1. Notre schéma de la relation sur lequel on peut situer tout élément en cause dans des relations, difficiles et clarifier, telle que la CNV le propose, les tensions et les conflits eu égard de la Loi fon-damentale.
2. L’approche des besoins contrebalançait leurs décollages du réel dus à une tendance à l’idéalisation systématique (leur code de comportement ou <> est formulé de façon idéalisante).
3. Le fusionnel (comportements intrusifs, engloutissement de la liberté par complicité ou surindentifi-cation...), est battue en brèche grâce au recours à la Loi Fondamental <>. En faire une Option Fondamentale personnelle des qu’on l’intériorise: <>, tombe en bonne terre dans ce groupe à la spiritualité profonde ou chacun opte par une promesse <>. De même la règle d’or <>, qui est la base d’Oser Aimer.
4. L’approche par les besoins a déclenché chez les initiatrices une démarche audacieuse en vue d’une initiative d’adaptation de l’initiation des files débutantes (à I’age de 15- 20 ans) qu’elles re-crutent chaque année à Kinshasa et qui représentent actuellement environ 10.000 files/an. L’ancienne façon d’initier des étudiantes bien nourries est à adapter. En effet, le Sida extermine des couples et laisse annuellement des milliers d’orphelins, et l’arrivée en masse d’enfants orphe-lins de la guerre qui descendent vers Kinshasa et s’y trouvent dans les rues par milliers aussi. La famine oblige surtout les femmes et les files de rechercher de la nourriture jour et nuit... et la pros-titution des adolescentes fait fortement surface comme seule issue. Les initiatrices cherchent de concert avec un groupe de <> et aidées par nos conseils, à adapter leur encadrement par des programmes qu’à l’Université de Paix de Namur on appelle <> (Alphabétisation, Conscientisation par les méthodes de Paulo Freire, et Communication Non Vio-lente). Elles cherchent à constituer un petit fond de roulement pour présenter du thé très sucré à ces jeunes filles au début de leurs réunions hebdomadaires dans les quartiers de Kinshasa pour empêcher qu’elles ne s’endorment à cause de la famine ou de la malnutrition. Elles comptent en plus les initier à produire et à gérer par elles-mêmes assez pour ne pas tomber dans la prostitu-tion.
5. Nous avons donné à ce groupe d’une vingtaine de << Mamans de la Visitation>> qui s’occupent aussi de l’alphabétisation de jeunes filles, une conférence sur la CNV.
6. Nous leur avons proposé un suivi de leur requête au Centre PRH, rue Beni 19 LEMIBA — KINS-HASA.
7. Une brochure au niveau de ce groupe pourrait facilement intégrer la CNV dans leur vécu quoti-dien. Nous proposons une brochure de 32 pages, <>, qui remplacerait leur ancienne brochure.

La deuxième session
Elle était organisée par Papa Kalonji Nicodème, responsable de la formation des laïcs à l’Archidiocèse de Kinshasa. Au Centre Pastoral « Lindonge », durant 5 jours pleins aussi, nous avons animé un groupe de formateurs de la formation permanente des CEVB (Communautés Ecclésiales Vivantes de Base) des 10 doyennés de la ville de Kinshasa. Ces formateurs animent les réunions hebdomadaires des adultes dans les quartiers et guident ainsi environ 200.000 chrétiens engagés dans leur milieu. Ce groupe très sélectionné, formé et motivé comptait 44 personnes assidues et avides d’apprendre. Tou-tes ces personnes sont capables d’assimiler dans leur propre vie relationnelle la CNV et d’en témoi-gner avant de transmettre tôt ou tard cette initiation « Oser aimer - La Communication Non Violente » dans les communautés vivantes de base dans les quartiers de Kinshasa. Ii y a environ 12.000 CEVB qui marchent bien et qui ont une grande influence sur le terrain.

Nous avons abordé e.a. un problème culturel: la remise en cause de la parole donnée après la signa-ture d’un contrat ou d’une convention. « La convention fait la loi des parties », un des premiers ap-ports du Droit Romain et qui est devenu une référence internationale, leur permet de remettre de l’ordre et donc de la sécurité sociale, dans les relations.
- Nous avons été très contents de constater que la démarche de rejoindre à chaque instant les be-soins de part et d’autre avec empathie... devenait un réflexe de plus en plus facile, p. ex. lorsqu’ on leur demandait de déceler quels besoins se cachaient derrière chaque préjugé autant chez celui qui brandissait le préjugé... que chez celui qui en payait les frais... et comment éliminer ainsi toute vio-lence cachée dans des dévalorisations et des justifications abusives.
- Lors de cette deuxième session, le P. Herman Coenraets, de l’équipe de PRH - Congo, et soeur Pauline Wombe, responsable de l’accueil au Centre PRH, rue Bern 19, quartier Righini, Commune de Lemba, Ville de Kinshasa, ont pu apprécier cette formation. Une « antenne », y est créée avec leur collaboration, comportant une armoire pour le matériel didactique et les listes des participants qui permettent de continuer les contacts et le suivi.

Nous avons eu l’occasion aussi d’animer 200 prisonniers catholiques à Makala
et de distribuer des pains à une centaine de malades dans les pavillons.
Dans cette prison de plus de 2.000 détenus, nous avons donné une homélie et nous avons laissé des feuilles photocopies avec des thèmes de la CNV pour leurs réunions hebdomadaires. Parce que dans leur prison, les catholiques ont formé aussi des C.E.B!

Trois fois, nous avons expliqué la CNV aussi à la radio « Elikya >> de Kinshasa

La rédaction de notre brochure et d’une feuille de communication
Les images colorées en A3, illustrant les thèmes de la session, ont eu beaucoup de succès.
Elles seront reprises dans la brochure de la session en format A4.
Depuis début septembre 2003, travaillons à la mise en page de la brochure de référence.
L’imprimerie des P. Scheutistes ICEP de la 11ème rue à Limete. Le montant d’un premier tirage de la brochure en couleur pour la CNV est estimé à 3.000 € pour un premier tirage.
Nous avons lance une « feuille de communication » pour les participants.
(Ci-joint un exemplaire qui a été envoyé a Kinshasa le 1 oct. 2003).
Nous restons en contact aussi par Internet avec les participants les plus motivés.

François Overlaet Christiane Hendrickx
8, rue Abbé de l’Epée
1200 BRUXELLES

Brussel - 4 oktober 2003

Er zijn me nog enkele vragen gerezen sinds ons gesprek van 2 october.
Ik heb van mijn eigen bankrekening KBC nog een som van 1.000 Euro naar Herman Coenraets te stu-ren om er de onkosten te dekken van onze animatie van de maand juli 2003. Ik kan dat natuurlijk langs het economaat van Scheut doen die dat overschrijven op de persoonlijke rekening van Pater Herman Coenraets. Als ik goed begrepen heb is voor u de gemakkelijkste weg: ik stort die som op de bankrekening van “De Brug” met de melding van: de som van 1 .000 Euro, voor het project: “Formati-on d’animateurs de la CNV, à Kinshasa,
+ en stuur ik u (hierbijgevoegd) rapport op, te teken door Herman Coenraets.
+ een kostenraming van dat project voor het jaar 2004.
Zogauw ik dat door hen getekend rapport terug heb van Herman Coenraets stuur ik u dat op per post?
of langs Fred Verbeeck - hernieuwde - “correspondent”?
Voor kostenbesparing geeft men mij in bankbiljetten die 1 .000 Euro terug die ik naar Economaat van Scheut breng waar de koeriersdienst ze naar Herman Coenraets in Kinshasa helpt…
En ge stuurt voor mezelf een fiscaal attest’.
Vermits ik ongeveer 3 X per maand bij mijn zuster logeer Irene Van Bortel in de St.Jozeflaan 13, waar Fred Verbeeck alle dagen passeert... is die klus niet zo moeilijk te klaren. Daarenboven is Herman Coenraets ook al bekend in onze familie...
In het vervolg komt er dan elk jaar een rapport van de uitgaven en verwezenlijkingen in Congo, en een ander formulier met voorstel van volgende verwezenlijking het jaar erop... zolang het loopt.
Ik stel die twee formulieren zelf op en laat ze door Herman Coenraets tekenen, O.K.?
U kunt me antwoorden langs de Post of per email fraoverlaet@hotmail.com
Hartelijk dank op voorhand.
Met vriendelijke groeten.
Frans Overlaet

Per e-mail is Frans op de hoogte gebracht dat dit niet de manier van werken is.
Eerst moet het project op de algemene vergadering worden goedgekeurd en dan nog gaan alle gestorte gelden in één pot om solidair onder alle andere projecten te kunnen verdelen.
Tot op heden (december 2003) nog geen antwoord gekregen en de 1.000 Euro is eveneens niet gestort.
Aan Frans ook medegedeeld dat hij voor fiscale attesten best naar SOS Scheut zou storten voor het project ‘Coenraets’.

Kinshasa - 27 november 1998

U hebt me gevraagd of mijn confrater Scheutist Herman Coenraets voor dit jaar, in mijn naam, door “de Brug” kan gesteund worden. Hij heeft me geschreven dat hij akkoord is met mijn voorstel om de uitgave “Jeunes de lumière” financieel te beheren tot er kan beslist worden dit werk over te geven aan de nieuw benoemde, nog onervaren, Odon Mienze, O.S.B.
Odon is priester gewijd in april ‘98. Het Benecliktijnenklooster waar hij woont ligt op 2 km van het jeugdcentrum te Lutendele. Hij schreef me dat begin augustus, gedurende 6 dagen, oorlog gevoerd is op de heuvel op 500 m boven ons jeugdcentrum waar de rebellen zich verschanst hadden. Het cen-trum is niet door bommen beschadigd, maar de militairen hebben deuren die op slot waren, ingebeukt. Er was toen niemand ter plaatse. De maand tevoren, voordat de oorlog begon, zijn een honderdtal meisjes lastig gevallen door de militairen van Kabila, die op zoek waren naar Tutsi’s... Sindsdien zijn er geen jeugdbijeenkomsten meer geweest om geen argwaan te wekken, want in oorlogstijd denken ze natuurlijk dat het rebellen zijn...
Nu is het weer “kalm” in Kinshasa, maar de armoe is er verdubbeld in enkele maanden tijd en vele kinderen sterven van ondervoeding. In deze barre situatie is het dus wel nuttig de jeugdwerken van Kinshasa te steunen. Hopelijk breken er daarna betere tijden aan.
Nogmaals dank voor de vele jaren steun van u en uw mensen

Correspondent: Fred Verbeeck

Brussel - 19 november 2001

Ik ben dus verhuisd!
Ik ben benoemd als aalmoezenier in het ontvangsttehuis van ‘Spullenhulp’ in Elsene.
Er zijn 110 mannen ‘residenten’, die daar 3 of 6 maand of 1 jaar of langer opgevangen worden tot ze weer werk en een woonst vinden.
Ik begeleid ze om ze doorheen hun onbehaaglijke en moeilijke periode te helpen. Er is een goed team van sociale assistenten en opvoeders waar ik met samenwerk.
Veel groeten aan alle lezers van de Brug en dank u

Correspondent: Fred Verbeeck

Kinshasa - 12 september 1997

Ondertussen is de oever van do Congostroom in Kinshasa een enorme ‘markt’ geworden waar tien-duizenden gevluchte Congolezen uit Brazzaville hun hebben en goed verkopen, voor een appel en een ei, om te kunnen overleven.
Hetgeen me troost is te vernemen dat alle mensen waaraan ik in Brazzaville regelmatig vormingsses-sies gaf, in leven zijn. God zij dank, ze hebben zich op tijd kunnen redden. Hier in Kinshasa leven we in ‘vrede’! De gewapende overvallen verminderen elke week in aantal. De opruiming van de gevaarlij-ke bandieten gaat snel vooruit dank zij de medewerking van de bevolking.
We steelt waagt zijn leven!
We beginnen weer terug vormingssessies te plannen.
Mijn volgende uitgavenpost zal zijn: het mede financieren van 3 nieuwe vormingsbrochures “Oser ai-mer”, “Mission d’aimer” en “0ption fondamentale”.

Correspondent: Fred Verbeeck

Kinshasa - 1 januari 1997

Jawel, bedankt voor de 35.000 fr. in 1997.
Ik ga daarmee een werklokaal bouwen, naast het kippenhok. De twee kippenhokken zijn af. Blijft nog het varkenspaviljoen. Dat moet af zijn voor eind 1997. Dat is voor de autofinanciering een flinke aanwinst (en blijvend)!
Waarvoor dient het werklokaal? Ik heb de knepen beet om extra wijn te maken met goedkoop materi-aal. Wijn die minder arbeid vergt dan de palmwijn en lekkerder is. By. van advocadobladeren (die zijn er in industriële hoeveelheden). Nu zijn alle dorpelingen gewoon aan palmwijn en hun palmbomen verdwijnen (ze hakken ze om, de dommeriken) dus cliënten genoeg in het verschiet. In een gistingsvat van 30 liter (plastiek vat met kraan) kunnen we op 3 weken tijd 25 liter produceren, dat brengt ons on-geveer 500 fr. winst op. Dat is weer dat bijgewonnen.
De palmboompjes beginnen hun eerste vruchten te dragen (± 200 planten), dus binnen 2 jaar wordt er hier ook palmolie gefabriceerd en verkocht. Maar daarvoor moeten we een deftig en proper werklokaal hebben. Voor vruchten te ontsappen en confituur te maken eveneens. De conciërge heeft al geleerd confituur te maken en de cliënten komen al opdagen.
De kippen zijn al in aantal verdubbeld. Dat gaat dus goed vooruit. Zeg het voort!

Correspondent: Fred Verbeeck

Kinshasa - oktober 1996

Mijn kippenhok en varkensstal zijn maar half af.
Voor het jaar 1997 wil ik dat project behouden om het af te werken.
Dank aan alle gulle bruggenbouwers.

Correspondent: Fred Verbeeck

Kinshasa - 3 maart 1996

Uw storting van december 95 is met vertraging toegekomen. Hartelijk dank! We gaan er de autofinan-ciering mee uitbreiden. Varkens, kippen, konijnen, kwakkels, eenden en bijen in mijn centrum Mysti-que de Ia forêt”.
De “kinois” (de inwoners van Kinshasa) hebben plots de “développement” ontdekt. Voorbeeld: in één stadsparochie (St. Thérèse - quartier van Ndjili) kweekt de pastoor in zijn pastorij naast de kerk 90 varkens voor “zijn kost” ! Soms komt er zo wel eens een losgebroken varken van de koster in de St. Augustinusparochie in de sacristie of in het koor neuzen. Maar dat moet ge er maar bij nemen!
Een prof van de ISTA (vormt technische ingenieurs) heeft een “hangende” groentetuin van 3 verdie-pingen 1 x 5 meter en de groenten van verschillend formaat groeien verder tegen de muren tot op het dak van het huis. De soep ontbreekt er nooit. Soms is er dat maar te eten.
De wachter van ons jeugdcentrum langs de stroom is zéér handig: deze maand daalt het waterpeil snel en wordt er in de stroom, voor ons centrum, soms tot 1 ton vis per dag gevangen: een soort vis “congoyasiko”, zonder smaak, maar excellent om te zouten en te drogen. Onze man wint er zijn maandloon mee en bevoorraadt onze sessies van gedroogde vis.
Er is zowat van alles mogelijk om te overleven en goed te eten.
Ik geef ook sessies in de nieuwe school “Institut de Formation ou Développement” van het bisdom waarvan een “oud-leerling” van me (een priester) de leiding heeft. Dat worden animatoren van “ont-wikkeling” (fokken, kweken, enz..) in de parochies en in de buitenwijken van Kinshasa. Er komt schot in! Geen meter grond langs de straten en riolen wordt nog met rust gelaten. Kinshasa is één grote groentetuin en boomgaard geworden.
Mini-brochuurtjes worden gedrukt door veel initiatiefnemers: hoe sommige medicamenten zelf maken met planten uit de tuin; hoe proteïnerijke gewassen planten en met keukenrecept erbij voor de smaak; hoe de hygiëne aanpakken met simpele middelen. Het nieuwe is dat de bevolking zelf het heft in han-den neemt. Er zijn praktisch geen blanken meer, dus ze kunnen het alleen maar van zichzelf en van de hemel verwachten!
Het is een onrechtstreeks gevolg van de plunderingen van 1992 en 1993.
Ik heb ook het infoboekje van De Brug gekregen.
Tot binnenkort (half april).

Correspondent: Fred Verbeeck

Kinshasa - 12 oktober 1995

Ik stel U mijn project voor voor het jaar 1996.
Zoals ge weet ben ik beheerder van een ontvangstcentrum voor grote jeugd (“Jongeren van het licht”). Deze zomer zijn er weer een duizendtal hun jaarlijkse retraite komen doen.
De huidige werkman is zeer verstandig en ondernemend. De oude conciërge wordt buitengewipt en in de plaats zal er een “animateur pastoral” komen, die tegelijk de kleine parochie van de omliggende dorpen zal animeren Hij zal handenarbeid verrichten in ons ontvangstcentrum om aan de kost te ko-men. Zowel de werkman als de pastoraal animator wil ik helpen een varkenskweek en kippen te be-ginnen en ervoor een veilig “kot” bouwen. Eten voor die beesten is er in de natuur genoeg (waterhya-cinten van de stroom is volledig veevoer). Ik schat die realisatie op max. 50.000 Fr. onkosten, alles in-begrepen.
Ik dank u voor uw steun en uw begrip.

Nog enkele nieuwsberichten van de pater:
Ik was in Kikwit aan het animeren toen de rode buikloop tegelijk met de Ebola-epidemie losbrak. Van de 15 deelnemers die ingeschreven hadden voor mijn sessie waren de helft verpleegsters van het hospitaal, waarvan er 4 stierven. We zaten “opgesloten” in dat kleine stadje. De mensen moesten wel naa~ hun dagelijks werk, maar durfden geen taxi meer nemen. In de zondagsmis bleef elke gelovige op één meter afstand van zijn gebuur. Toen de minister van volksgezondheid op bezoek kwam heb Ik geprofiteerd om in zijn vliegtuig verstekeling te spelen, immers de piloten waren van mijn parochie. Ik heb heel hun voorraad coca-cola leeggedronken. Aan de controle op het vliegveld van Ndjili heb ik de horde journalisten (er waren 10 journalisten per zieke in Kikwit) en dokters van de OMS gevolgd langs een achterpoortje voor de VIP’s. In Kinshasa kwam ik de “oud-strijders” van de jeugd tegen die aan het bidden waren dat ik het zou overleven. Dat is dan ook gebeurd!
Ik zal nooit meer geroosterde aap eten, want dat is waarschijnlijk de tussenschakel van de virus met de mens. Die virus schuilt in een nog onbekend beestje in het oerwoud.
Dat is de tweede maal dat ik eraan ontsnap. De eerste maal was in Yambuku in 1976 waar ik twee maand tevoren aap had gegeten tijdens een jachtpartij in het oerwoud. Toen, na mijn vertrek aldaar, een vrouw in het hospitaal werd opgenomen die geroosterde aap had gegeten is heel dat hospitaal van Yambuku besmet geworden door die “Ebolavirus’. Enkele zusters en een confrater zijn er in ge-bleven.
Nu is de ziekte weer mysterieus verdwenen. Enkele zieken (40 op de 250) zijn genezen, ze hebben het overleefd. Naar het schijnt is palmsaus een goed geneesmiddel.
In Kikwit heb ik verschillende mensen bijgestaan in hun schrik die hen “emotionele diarree” veroor-zaakte. Vermits dat de grootste meerderheid van de bevolking daar aan leed, vroeg dat nogal veel tijd om te genezen.

Correspondent: Fred Verbeeck

Kinshasa - 3 februari 1995

Hartelijk dank voor de 41.000 Fr. voor mijn werk, geld dat ik heb aangekregen eind januari ‘95. Ik zal dat geld gebruiken om eer rekening te betalen voor de druk van een nieuw brochuurtje dat ik ge-schreven heb voor de initiatie in dialoog voor jonge koppels.
Ik kan niet veel blij nieuws geven.
De mensen in Kinshasa overleven. Het is een hele kunst. Elke maand dreigen de militairen te gaan plunderen als hun soldij niet aangepast wordt.
Begin februari 1995 is het juist twee jaar geleden dat de derde algemene plundering plaats had. Een gewoon soldaat kreeg zojuist 200 Bf, voor maandloon, terwijl een zak maniok reeds zes maal méér kost. En dat met 100 % devaluatie per maand er nog bij!
De angst van de bevolking voor een nieuwe plundering houdt niet meer op. Iedereen begrijpt de on-rechtvaardigheid van de bazen, maar dat de soldaten zich tegen de weerloze burgers keren vindt ie-dereen onbegrijpelijk en satanisch. Waarom vallen ze hun corrupte chefs niet aan?
De grote vrees voor een algemene plundering betreft de geweldig aangegroeide massa uitgehonger-den, vooral jongeren, die op zulke gelegenheid wachten om hun honger te stillen en hun jaloersheid te koelen op iedereen die ietwat méér heeft (of liever: niet zo weinig als zijzelf).
Hartelijk en tot weerziens.

Correspondent: Fred Verbeeck

Kinshasa - 16 oktober 1994

Zoals andere correspondenten uit Zaïre reeds zullen gemeld hebben, hebben de staatsambtenaren hun achterstallig salaris van de maanden maart-mei eindelijk gekregen: 1.501) zaïres per maand, voor drie maanden loon staat dat gelijk aan de prijs van twee flessen bier! De meesten storten zich in ande-re bezigheden om te eten: kippen en kwakkel-fokkerijtjes, guineese biggetjes, groenteteelt op de vroegere braakliggende terreinen, langs de boorden, langs de straten en de boulevards. Al wat ge-plunderd werd is reeds verder verkocht en... versleten tot op de draad. Nu is iedereen verplicht stevi-gere bronnen van inkomsten te vinden. Het vroegere parasitisme wordt niet meer geduld. Er wordt niets meer verspild! Alles dient contant betaald, geen kwestie van om nog iets te ‘lenen’ of een maand later te betalen, terwijl ondertussen de devaluatie 100 % vooruitgegaan is. Er wordt niet meer gekriti-seerd op de commercanten die op de dag van de devaluatie hun prijzen verdubbelen, want iedereen doet dat nu. De vroeger zo gehate ‘Banque Lambert (het geleende geld moet dubbel terugbetaald worden op het eind van de maand) is nu algemene praktijk. De bevolking begint, eindelijk, te begrijpen hoe dat staatsgangsterisme werkt en hoe dat in standgehouden wordt door maandelijkse aanvoer van nieuw gedrukt papieren geld. Vermits in de twee Kasai-provincies de mensen de nieuwe zaïres blijven weigeien en nog altijd met de oude miljoenen bankbriefjes verder handelen, heeft Mohutu (of vals-munters) deze oede zogenaamde vervallen briefjes eveneens herdrukt om daar ook de devaluatie te doen versnellen! Zo valt de list van het volk na een tijd in het water want de ‘vos’ is nog altijd het sluwst en heeft nog altijd alle financiële bronnen in handen (nationale bank, belasting, importtaks, fi-nanciële middelen om geld in het buitenland te drukken). Alles blijft dus waterdicht geblokkeerd.
De meeste mensen overleven dat, maar verkopen gaandeweg alles wat ze vroeger gespaard hadden, voor een appel en een ei. Degenen die een perceel hebben van 20/20 meter verdelen dat in twee en verkopen de helft voor ± 200.000 Bf., waarmee ze dan vier of vijf jaar kunnen verder leven. Wat er daarna zal gebeuren weet niemand. Natuurlijk zijn er die niets kunnen verkopen... (met de jongeren en de ouderlingen erbij is dat 80 % van de bevolking.) Hoe die overleven blijft voor ons een eeuwig mysterie!
Ik dank alle mensen van De Brug die me gesteund hebben en die het me mogelijk gemaakt hebben de boomgaard verder uit te breiden en te doen opbrengen. Zo breng ik mijn steentje bij voor de ‘auto-financiering’ van mijn Ontvangstcentrum, voor lonen van de mensen die er werken.

Tot nader order zal de hulp van de Brug gebruikt worden voor de werking van het centrum voor jonge-renvorming, d.w.z. de lonen van personeel aldaar, waardoor een familie enkele maanden kan eten. Twee vliegen in één klap: dus vorming en voedselhulp

Correspondent: Fred Verbeeck

Kinshasa - 29 augustus 1993

Uw laatste brief van 4 augustus is hier reeds sinds 14 dagen toegekomen. Ik ben echter twee weken sessies gaan geven in mijn ontvangstcentrum langs de stroom en daar komt er van de bewoonde we-reld niets door.
De toeloop van de ‘Jongeren van het Licht’ in mijn ontvangstcentrum benadert de cijfers van de ge-wone jaren, spijts de onvoorstelbare moeilijkheden die te overbruggen vielen nl. het eten zoeken voor drie dagen (= driedaagse retraite) + vervoer bijeen bedelen. Er is ook de warboel in de scholen waar de teerkrachten “bijles” geven om geld te kunnen vragen aan de ouders, enz.
Dus, het apostolaat gaat gewoon door. Als een zwarte iets graag doet, laat hij het niet vallen voor en-kele “moeilijkheden”.
Tijdens de laatste sessie hebben we twee maal per dag maniokbrij met een makreel gegeten: 5 maal hetzelfde, want er was in heel de omtrek geen kip meer te koop.
De Kaapse makreel wordt door een Russische reuzevloot gevist voor de kusten van Angola en Nami-bië. De 5 miljoen inwoners van Kinshasa hebben zo een goedkoop, smakelijk, maar tamelijk eentonig dieet van 1 januari tot 31 december. Beter dan niets! Corned beaf enz. is voor hen onbetaalbaar. De inlandse kippen zijn weggeplunderd, de taaie ingevoerde karkassen van soepkiekens verdwijnen ook gaandeweg. De mensen kweken 10 x zoveel groenten als verleden jaar, ze krijgen “groentebuiken”. Mijn ontvangstcentrum levert me genoeg fruit en groenten voor mezelf. De rest verkoop ik aan enkele communauteiten. Dat brengt ongeveer 1/3 van de uitgaven in balans.
Wegens de vooruitzichten van verdubbeling van de fruitteelt betaal ik nu een volledig maandloon aan onze dagwerker aldaar (= 2000 Bf. per maand). De directeur geef ik ook het equivalent van 1000 Bf. per maand, vermits de staat hem slechts ± 100 Bf. per maand geeft... Zodoende gaat de grootste som van “de Brug” naar dat maandloon. De naasten helpen te overleven, that’s the question. De “versten”, sorry… dat gaat mijn mogelijkheid te boven.
Ik kan dus nog altijd doorwerken. In de toekomst peilend kan ik er bijvoegen: nog een plundering of twee zal de Kinois niet kraken! De zwarten zijn meesters in de overlevingskunst. De laatste plunderin-gen hebben het land nu eens echt “gezaïriseerd”. De invloed van de blanke is tot 0,1 gedaald, of nog tot nul in de meeste streken van het land. Ik loop hier rond als een “wit kieken”, d.w.z. een beziens-waardigheid, een overblijfsel van een voorhistorische tijd en een zeldzaamheid. De missionarissen hebben nog altijd een hartelijke ontvangst, alhoewel er vele communauteiten geplunderd werden, maar dat was “om de honger te stillen”.
Zaïre is “doods-kalm”. Congo en Rwanda hebben ook voor de “vrede” gekozen en getekend. We ho-pen dat Angola zal volgen, en de rest...
Ik maak dus weer plannen om nog eens over te steken naar Brazzaville voor het einde van dit jaar.
Mijn gezondheid is goed, de eetlust schrokkerig, (wellicht werkt de honger van de mensen op de ver-beelding).

Correspondent: Fred Verbeeck

Kinshasa - 12 februari 1993

Hartelijk dank voor uw bijdrage van 31.000 Bf. voor mijn werk in Kinshasa.
Zoals meegedeeld in mijn vorig verslag zal dat geld gebruikt worden om de families van de conciërge en de bewaker van mijn jeugd-ontvangstcentrum te steunen, die spijts de laatste plunderingen zich zeer moedig gedragen hebben tegenover die brutale soldaten.
Dank zij hen is er in ons centrum zelf niets gestolen (alleen een deur ingebeukt).
Maar spijts de conciërge directeur is van de lagere school hier vlakbij, is hij nog niet betaald sinds 3 maand en is zijn maandloon: 400 Bf. met 10 personen ten laste
Dank u zeer voor uw bijdrage om hun service draaglijk te maken.
Hartelijke groeten.

Correspondent: Fred Verbeeck

Kinshasa - 31 oktober 1992

Hartelijk dank aan de deelnemers van de actie van “de Brug”! Uw steun is zeer hartversterkend
Volgend jaar (1993) zal ik het geld voor een ander doel dan de agricultuur gebruiken. De verarmoe-ding in Zaïre dwingt ons mensen te steunen die echt genereus zijn maar hun eigen edelmoedigheid niet altijd kunnen financieren. Zo is de conciërge van mijn bezinningscentrum in moeilijkheden.
Als directeur van een lagere school verdient hij sinds verleden jaar de plunderingen slechts 1/4de van zijn toenmalig salaris. Nu de tegenwaarde van 400 Fr. per maand. Zijn vrouw bakt brood om te verkopen, maar een zak bloem kost wegens de devaluatie haast méér dan wat ze aan broodverkoop ver-dient. Ze heeft twee kinderen bijgenomen. Een jongetje van 7 jaar van het dorp ernaast dat nog alleen maar een oude vader (dronkaard) had die hem weggejaagd had.
In juli was het jongetje verdwenen omdat de conciërge hem uitgestuurd had om een stuk zeep te ko-pen. Hij had nog nooit zoveel geld in zijn handen gehad. De waarde van ece stuk zeep! Hij had het ‘opgegeten’ en durfde niet meer terug naar het huis van de conciërge. Na enkele maanden op de markten geslapen en gegeten te hebben is hij van armoede terug opgedoken.
Begin van de maand oktober is de nicht van de conciërge gestorven twee weken na de geboorte van haar kindje. In het hospitaal hadden ze de doodzieke moeder verzorgd maar het kindje waren ze ver-geten... Toen de moeder dood was viel de vraag: wie zou zich over het borelingske ontfermen? De naaste familie zei botweg laat het ook maar doodgaan, het is de moeite niet meer het te proberen te redden.
De vrouw van de conciërge, mama Elisaheth, kon dat niet over haar hart krijgen. Ze heeft dan het ske-letmagere kindje meegenomen en geadopteerd (hier heb je daar geen formulieren voor nodig! Ge kunt er zoveel meenemen als je maar wit!)
Natuurlijk bracht de ondervoeding verwikkelingen mee. Twee volle weken onkosten in het hospitaal om dat boeleke te redden. Nu is het al bij haar thuis. Tussen haar 5 dikke kinderen is het een akelig doodshoofdje, zoals ze op TV vertoond warden uit landen zoals Somalië, Soedan, Mozambique, enz.. Maar hier in Zaïre is dat de eerste maal dat ik zo een graatmager wichtje er zie doorspartelen. Als het overleeft is dat een tweede mondje méér te voeden, op één jaar tijd... met slinkend budget. Normaal geef ik aan de conciërge slechts een maandelijkse premie van 500 Fr. Hij heeft groenten, olie, fruit, water, elektriciteit en brandhout gratis uit het domein van het centrum, plus zijn maandloon. Maar met die devaluatie is dat allemaal karig geworden.
Ik heb ook voor enkele maanden nog een wachter bij te betalen, want degene die ik genomen had om het centrum te bewaken in de tijd van de plunderingen verleden jaar is zelf beginnen de matrassen te stelen om ze te verkopen. Zo een 20.000 Fr. aan matrassen is verdwenen. Onmogelijk er direct nieu-we bij te kopen om ze te vervangen. Dus maar die dief wegsturen (gaat nogal gemakkelijk: ofwel den bak in ofwel vanzelf vrijwillig weggaan). Hij heeft al laten weten dat hij het beu was en dat hij alleen nog op mijn toestemming wachtte om het af te trappen...
Ondertussen moet ik een voorlopige waker betalen, wellicht twee, Eén voor de dag en één voor de nacht. Want die ouwe waker zal wel goesting hebben om nog wat mee te slepen... hij heeft ook zijn handlangers gevormd.
Het centrum brengt niet genoeg op om de kosten te betalen voor het onderhoud want de jeugd heeft geen geld meet om een busticket te betalen om er te geraken en nog minder om de verblijfskosten te betalen (gerekend op de prijs van een klein flesje cola of 5 Fr./dag) Maar er dient toch een minimum van onderhoudskosten besteed te worden.
Hopelijk gaat het binnenkort wat beter! Het is een mirakel dat er nog geen vreselijke hongersnood van gekomen is.

Correspondent: Fred Verbeeck

Kinshasa - 28 mei 1991

Het is hier een ongelooflijke situatie. En toch wordt blijkbaar iedereen er aan gewoon.
Eindelijk komen mijn bijenkorven klaar! Het heeft werk gevraagd (niet aan mij maar aan ongespeciali-seerde werklui). Nu ontdek ik nog een klein mankement om zwermen er in te stoppen. Het droog sei-zoen staat voor de deur en dan zwermen ze veel uit. Kunt ge voor mij enkele repen “koninginne-raampjes” kopen in die honingwinkel aan de statie van Heide (dat is een bijengaas waar de werkbijen door kunnen maar de koningin niet want die is te dik, dus kan ze niet gaan lopen) Maat : 30 cm x 2 cm (2 ex. is genoeg).
Ik hoop dat het zal lukken. Ge kunt dat in een omslag opsturen via de dienst.
Van groentezaden heb ik nog niets gehoord. Ik ben zelf gaan inheemse zaden selecteren. Ik heb ken-nis gemaakt met een technicus van de FAO en die heeft al wat geholpen met raad. Het geld voor de instanatie van water en elektriciteit is ook toegekomen. Zo kunnen we stilaan ook aan meer veelei-sende groenten denken (Europese en Chinese). De Japanse pompoenen groeien maar zijn nog niet productief. Ik mik veel meer op grondverbetering met kalk en gecombineerde bemesting voor inheem-se planten (bananen, japais, kajanbonen, fruitbomen, enz.) Die zijn ook overjaars en dat geeft veel!
Onze palmboompjes maken het goed, de meesten zijn al 50 cm hoog met een tiental bladeren. Ons debroussailleermachine heeft aan investering 20.000 Bf. gekost, maar dat halen we er in één jaar uit aan kostenbesparing van werklieden !
In de balans van mijn centrum zijn voor het ogenblik de uitgaven gedekt voor de helft door de vruchten en maniokbladerenopbrengst. Volgend regenseizoen moet dat volledig gedekt zijn, maar de investering in een 50-tal nieuwe boomplanten en ± 1/2 hectare kajanbonen zal er nog niet uitkomen. Dat is voor het jaar erop. Kajanbonen groeien aan struiken van 2 tot 5 m hoog en produceren op arme grond tot 5 ton per hectare per jaar. Ze duren een 5-tal jaren. Ze bevatten ook veel proteïne en zijn lekkerder dan soja en soja bewaart niet lang ! ‘t Is te moeilijk.
Vele groeten.

Correspondent: Fred Verbeeck

Kinshasa - 18 november 1990

Hier is alles rustig spijts de herhaaldelijke prijsstijgingen en devaluaties. Maar we redden ons. Ik ani-meer gewoon door.
Van “de BRUG” weet ik dat ze “gedepasserd” zaaigoed kunnen krijgen. Deze zaden zouden hier wel welkom zijn aangezien het regenseizoen aanvangt. Ik zit hier weer volop te planten. Een 500-tal palmboompjes schieten goed op. Tussen dit en 5 jaar komt de olieproductie op gang. Heel mijn bud-get is al opgegaan aan voorbereidende werkzaamheden voor bijenkorven, jonge palmplantages, fruit-bomen en planten.
Als de Brug iets opstuurt zal het deze keer weer uitgesproken zijn om die jonge stagiairs voor de landbouw te eten te geven. De opbrengst is op het ogenblik nog gering, maar ieder jaar vermeerdert de productie toch een beetje. De grootste aanwinst is de palmolie en de geselecteerde mango’s. Ik zal er wat fotomateriaal aan besteden en U deze opsturen..
Mijn centrum begint meer volk te trekken. Tegen eind volgend jaar moet gans de onderhoud afbetaald zijn door de inkomsten van de bezoekers. Dat is een omzet van een tegenwaarde van ± 50.000 fr.
Nu zoek ik fondsen voor de installatie van watervoorziening en elektriciteit op zonne-energie. Eind 91 moet dit klaar zijn. Dan kunnen we ook meer kieskeurige groepen logeren en een bijverdienste scheppen die verdere uitbouw mogelijk maakt zonder buitenlandse tussenkomst. Het is echter kunst en vliegwerk. Als we tot 100.000 fr. inkomsten per jaar geraken, kunnen we een tweede familie laten inwonen.

Correspondent: Fred Verbeeck

Kinshasa - 28 juni 1989

Verleden jaar heb ik U reeds gesproken over mijn poging een 20-tal kandidaat-landbouwers te steu-nen. Jongeren die in de stad.Kinshasa geboren zijn maar die goede handen aan hun lijf’ hebben en gaarne met beesten omgaan en in de grond woelen. Dat is een zeldzaam ras inde steden van de we-reld, en zeker in Kinshasa. Dus noemen we ze de nieuwe Far-West-pioniers, nog zonderhuifkar. Of nog “De Nieuwe Zucht” van de Uittocht” (uit ‘Egypte’, zonder Mozes). De uittocht van de stad om de vlucht uit het binnenland tegen te werken.
20 man is niet veel, maar alle begin is klein. Sinds verleden jaar is er iets aan bewustwording gebeurd. Een 1O-tal reeds geselecteerde kandidaten zijn begonnen een eerste stadium van coöperatieve op te richten. Dat behelst nog niet veel. Maar het belangrijkste aspect ervan is dat ze zelf zijn begonnen maandelijks hun spaarcentjes bijeen te leggen om informatiebrochuurtjes over landbouw en veeteelt te kopen, animatoren daarover uit te nodigen, en reeds hakken, schoppen en ander tuiniersgerief aan te schaffen. Want er is zelfs in Kinshasa overal wel enkele vierkante meter groenten te kweken.
Ikzelf heb een beroep gedaan op een drietal werkloze jongens van hun groep om hen in mijn ont-vangstcentrum te laten werken gedurende 4 maanden ongeveer. Ze hebben daar palmolienoten ge-plant in 1 hectare bos, geoorde acacia’s die rap groeien en veel humus geven en goed brandhout. Ze hebben ook een tiental fruitbomen geplant en andere bomen verzorgd. Tenslotte hebben ze ook ge-tracht aan veldwerk te doen om maniok en groenten te kweken, Voor deze drie en hun plantgoed heb ik 20.000 fr. uitgegeven.
Ik schat dat in het bos zo een 300-tal palmnoten reeds hun eerste scheut boven de grond hebben. Het zijn snelgroeiers. Binnen 4 jaar zouden ze al elk jaar een 1O-tal palmnoten moeten produceren, al-hoewel dan nog klein van omvang. Dat dient voor de ‘autofinancement’ van het ontvangstcentrum. De groeiende palmbomen en acacia’s met hun verzorging tegen brand, tegen overwoekering enz. zullen een didactisch observatieterrein zijn voor onze kandidaat-boeren.
Hun moeilijkheden met de grond en de groenten hebben ons doen besluiten dat een landbouwexpe-riment op korte termijn moeten kunnen georganiseerd worden. Voorbeeld: grond bewerken, zaaigoed of plantgoed kopen, werkuren voor het planten, wieden en bemesten, watertoevoer, insectenbestrij-ding, en verzorging, oogst, transport en verkoop. Heel de operatie dient uitgerekend en op schrift ge-steld: zoveel werkuren, zoveel uitgaven, zoveel opbrengst, zoveel verlies… Elke dag moet juist geno-teerd worden. Als de winst op het einde van de maand niet volstaat om een mens gedurende dezelf-de tijdspanne deftig te laten leven is het experiment een fiasco en zal er moeten uitgekeken worden waar de fouten liggen. Zo willen we praktisch die jonge volwassenen motiveren om bij te scholen en optimaal rendement te bekomen. We staan nog maar aan het begin van zulke initiatie. Nu kijken we uit om een terrein te kunnen kopen van enkele hectares waar ze hun landbouw en varkensteelt kun-nen op bot vieren. Niet te ver buiten de stad. Wellicht zal uw bijdrage daarvoor dienen. Het is niet ge-makkelijk omdat er zoveel bedrogen wordt in perceelhandel.
Alle diensten blokkeren de eigendomspapieren gedurende enkele jaren om zoveel mogelijk geld te kloppen uit de zakken van de koper.
Enf in, we zullen zien, we hopen ook op de steun van het departement van “Développement Rural”, ze hebben ons al sinds verleden jaar steun beloofd en belofte maakt schuld.
Hartelijke dank voor uw steun vanwege onze pioniers.

Correspondent: Fred Verbeeck

Kinshasa - 1 september 1987

Het voorbije jaar is een bijzonder drukjaar geweest. Alleen al de uitbreiding van de “Jeugd van het Llcht” met duizenden nieuwelingen vergen een flinke zorg. Voor hun vormingsprogramma’s heb ik in de grote vakantie 150.000 Zaïres geïnvesteerd. Dit is ongeveer 40.000 fr. Ik moet nu nog 100.000 ft bijeen krijgen om een nieuw handboek voor de eerstejaars te drukken. Spijts de uitgehongerde toe-stand van vele jonge mensen gaat de vorming toch door en met steeds meer degelijkheid. Er is min-der naïviteit, de illusies zijn verzwonden, de stijl van een grondige menselijke en christelijke vorming wint veld. De mentaliteit verandert. Er is meer verantwoordelijkheidsgevoel bij de nieuwe generatie. De verhouding tussen jongens en meisjes wordt genivelleerd, ze doen dezelfde studies, discuteren over politiek, zowel nationaal als internationaal. De jongere generatie wordt totaal anders dan hun ou-ders. Bij de laatste parlementsverkiezingen zijn 2/3 van de verkozenen onder de 35 jaar. De Congo van vroeger bestaat niet meer, tenzij in enkele verlaten streken in het binnenland. Er is een onverza-digbare honger naar efficiënte vorming. Het is een spannend avontuur.
De omzet van drukwerk voor vorming in 1987-88 bedraagt ongeveer 500.000 fr. Meestal jaarpro-gramma’s en sessies voor vorming in kleine groepen.

Correspondent: Fred Verbeeck

Kinshasa - juli 1988

Toen Frans dit voorjaar in het land kwam, heeft hij aan enkele belangstellende leden van De Brug ver-teld hoe het met zijn werk staat.
Dat is nog altijd vorming van jongeren, een werk waar hij al vele jaren mee bezig is, op vele plaatsen in Zaïre en laatst ook in Congo-Brazzaville. Nu treden nieuwe uitdagingen op de voorgrond.
De jongeren in Zaïre, vooral in Kinshasa, hebben te kampen met enorme problemen: de landbouw, de wegen, de kleine industrie, alles moet van de grond terug opgebouwd worden. Vooral de voedsel-voorziening is zeer gebrekkig, terwijl er land in overvloed is! Een man of vruw alleen kan dat niet aan. En als er wat oogst is, ligt het te rotten omdat er geen wegen zijn om het naar de stad te voeren, of geen materiaal. Of de gewiekste sjacheraars komen het onder de prijs opkopen, of de rovers komen het stelen. Je ziet: voor een gezin zonder hulp is er niets te beginnen. Bovendien zijn de stadsjonge-ren absoluut niet opgeleid of voorbereid voor de landbouw.
Nu heeft Pater Frans toch plannen om daar iets aan te doen: jonge mensen worden eerst getest in een Norbertijnerhoeve te Kinshasa om diegenen te selecteren die zich werkelijk geroepen voelen en bekwaam zijn een hoeve te stichten in een landbouwproject. Deze gaan dan snelcursussen volgen bij de landbouwanimators van het departement van landbouw. Tegelijk wordt er gezocht landbouwprojec-ten van het ministerie te krijgen, zodat ze kredieten krijgen, grond ter beschikking wordt gesteld, en al-les een leefbaar karakter krijgt. Zo hoopt Frans dat eerlang een aantal jongeren kunnen gaan ontgin-nen, zoals de pioniers van de Far West in de V.S. een eeuw geleden. Maar het is een geweldig avon-tuur, waar de “Jongeren van het Licht” zwaar op de proef zullen worden gesteld.
Ook schrijnwerkers en andere beroepsmensen zijn dringend nodig: ook die zullen worden geschoold. Frans is dus bezig mensen mentaal voor te bereiden en ook de nodige stappen te doen bij het Minis-terie van Landbouw. En bij de basis groeit de wil en het enthousiasme om aan de belabberde toe-stand te gaan werken..
We wensen hem goede moed en veel succes!

Correspondent: Fred Verbeeck

Kinshasa - mei 1985

Do Brug heeft me uw bijdrage gestort langs Scheut voor mijn werk hier in Zaïre. Ge zijt er hartelijk voor bedankt.
Langs De Brug zult ge wel wat vernemen over de besteding van dat geld. We hebben zojuist een ver-gaderzaaltje gebouwd voor de jonge volwassenen die intensieve leidersvorming volgen in Kinshasa in het kader van de basisgemeenschappen en de jeugd van het Licht..
Ik ben nog volledig bezig met sessies en retraites geven aan die jeugd tussen 20 en 30 jaar.
Ondanks het korte bestaan van de “Jeugd va.n het Licht” in Kinshasa: 10 jaar heeft die vorming en beweging reeds 274 roepingen voor het groot seminarie en de congregatie verwezenlijkt zodat de toekomst van die basisgemeenschappen inderdaad hoopvol is. Want al is de toekomstige priesters er hun roeping gevonden hebben zullen ze er wel voor zorgen.
Tot binnen enkele maanden, dan passeer ik nog eens in Heide.

Correspondent: Werner Verhoeven

Kinshasa - december 1985

Sinds mijn terugkeer uit verlof in juni heb ik enkele “jeugdretraites” gelanceerd. De “Jeugd van het Licht” in Zaïre gebruikt een soort inwijdingsretraite waarbij beroep wordt gedaan op diareeks, zang, speciaal gecomponeerd voor dit speciaal thema, verder getuigenissen van levenservaringen, en een soort psychodramatische ceremonie of “theater” waarin de gevoelens sterk worden uitgedrukt.
Deze manier van vorming wordt georganiseerd door de jonge volwassenen die reeds ver gevorderd zijn in hun initiatie (persoonlijkheidsvorming).
Nu heb ik zelf een methode getest om de grote jeugd te evangeliseren. Het gaat hier om de jonge mensen van 16 tot 30 jaar die nergens actief zijn, de grootste massa in de cités. Voor hen hebben we per basisgemeenschap (dus per kwartier) één man en één vrouw gevraagd die dat nieuwe aposto-laat willen beoefenen: het “evangeliseren” en “helpen groeien” van die jeugd in hun kwartier. De ande-ren van de “Jeugd van het Licht” steken ook een handje toe. Alles gebeurt sporadisch, als een “servi-ce”, zonder een nieuwe gemeenschap te vormen, die afstotend zou zijn voor sommigen.
Driemaal per jaar nodigen wij die uit voor een retraite in de kerk en de kwartieren.
Deze worden gehouden na de klas- of werkuren, tussen 18~30 en 20 u, vier avonden na elkaar.
Voor Pasen was de toeloop reeds zeer groot. Nu, voor Kerstmis, hebben we gesplitst: de jongeren van 16 tot 19 jaar de ene week, en de andere die van 20 tot 30 jaar. (Vele jongeren onder de 30 jaar konden nog niet trouwen wegens de crisis). We hebben zo samen 3.500 jongeren bijeen gehad voor Kerstmis 85.
De thema’s zijn populair, maar de aanpak vereist een grondige en lange voorbereiding.
Enkele voorbeelden:
1. de behoefte om bemind te worden en te beminnen; met verhalen en getuigenissen van degenen die slaagden, minneperikelen, scènes die het wereldje van de jeugd weerspiegelen, enz.
2. de behoefte om het eigen bestaan te leven, behoefte tot uitspattingen, en om zichzelf op te drin-gen aan anderen.
Stilaan vindt deze aanpak zijn weg. Het succes bij de jeugd is de beste reclame voor de andere paro-chies. Sommige avonden wordt dat verder uitgewerkt in de kwartieren.

Correspondent: Werner Verhoeven

Kinshasa - mei 1984

Frans laat weten dat hij de bijdrage van de Brug heeft gebruikt voor de bouw van drie lokalen voor zijn vormingscentrum, dat reeds te klein is voor de vele aanvragen.

Correspondent: Werner Verhoeven

Kalmthout - 26 mei 1981

Op 26 mei kwam Frans bij ons langs om zijn enthousiasme over zijn werk mede te delen. De geïnteresseerden konden echt onder de indruk komen van de kracht, die uitgaat van de persoonlijkheidsvorming. Wij danken Frans dan ook van harte voor deze mooie avond.

Correspondent: Werner Verhoeven

Kalmthout - mei 1979

Pater Frans Overlaet, een begeesterd mens, gaf onlangs in trefpunt zijn nieuwe kerk weer in Zaïre. Hieronder zijn eigen boodschap:

Wat is mijn huidige bezigheid ?
Initiator on vormer van jeugd en volwassenen basisgemeenschappen in de gemeente Lemba, stad Kinshasa. Weliswaar gaat 8O% van mijn tijd naar da vormingsprogramma’s en sessies van de “Jeugd van het Licht” en er blijft slechts 20% tijd over voor de volwassenen.

En mijn officiële functie ?
Kardinaal Malula heeft me “Prêtre animoteur” benoemd in de parochie in Cité Salongo, Lemba. Drie jaar geleden haalde ik geld rond om daar aan polyvalente zaal. te bouwen. Die is nu praktisch af. Aan het hoofd van deze nieuwe parochie staat een leek. Ikzelf zorg voor de zondagsmis, de doop, en de begeleiding van de parochieraad. Maar die leek: Citoyen Tshiswaka is de eigenlijke “parochieherder. Ik heb dus veel tijd om me aan de jongereninitiatie te wijden.

Wat is die jeugd van het licht ?
Dat is een vorm van initiatie of vorming op zijn Afrikaans, in gang gezet door Pater Matondo in 1974 en dat zich nu over gans Zaïre verspreid heeft. Ik was zes maand onderpastoor bij Matondo toen hij dat soort vorming lanceerde. Na mijn benoeming in Lomba ben ik daar zelf ook mee gestart. Een jaar later werd Peter Matondo bisschop van Basankusu benoemd, verloren in’t putteke van het oerwoud. Zodoende is de eerste groep van jongeren blijven stagneren, maar de groep van Lemba bestaat nu reeds 5 jaar, en hun vorming is nooit onderbroken geworden. Ik ben zowat de rechterarm van mgr. Matondo voor het uitwerken van de nieuwe programma’s die over heel Zaïre verspreid worden.

En die vorming, is dat zoiets als een jeugdbeweging?
Helemaal niet. Het is een initiatie. De methodes van initiatie in Afrika gaan uit van de opvatting dat de gewone sterveling mossel noch vis is, om een echte persoonlijkheid te worden moet ge ingelijfd wor-den. Sterven aan de “onude” mens en “herboren” worden.
Dat gaat gepaard met zelfkennis, zelfbeheersing en Afrikaanse mystiek. Matondo heeft vele waarden van die Afrikaanse initiatie gekoppeld aan de christelijke “hergeboorte”. Een nieuwe persoonlijkheid worden in Christus. Maar het is geen van buitenaf’ opgelegde leer of gewoonte.
De initiatie schenkt vertrouwen in de diepste mogelijkheden en talenten van de mens: zijn diepste le-venskiem of’ levensbron.
Concreet gezegd: de jongeren die willen geïnitieerd worden, doorlopen 3 etáppes van elk ongeveer een jaar. Het eerste jaar is elkaar zien in zichzelf. Het ontdekken van het eigen diepere geweten en diepere menselijke roeping.
Het tweede jaar is dan die diepere roeping zo klaar mogelijk ontdekken om zich daarop te vestigen; om van daaruit gans het leven met twee handen te grijpen en zich zo degelijk te kunnen engageren voor de toekomst.
Het derde initiatiejaar is dan: leren hoe deze diepmenselijke “roeping” uit te stralen. Deze initiatie wordt door wekelijkse bijeenkomsten in kleine groepen gevolgd, aangevuld met maandelijkse confe-renties, studies en sessies, en eens per jaar een initiatieretraite.

Komen er ook Europese methodes aan te pas ?
Jazeker. De manier van groepsbegeleiding van PRH (Personnalité Relations Humaines) en de ses-sies “Monde Meilleur” gesticht door Pater Lombardi, maken zowat deel uit van de ruggengraat van die initiatieprogramma’s. Het volgt steeds een inductieve pedagogie, vertrekkend van de werkelijkheid en de eigen ervaring. Immers zonder dat wordt alles naakte theorie wat onmogelijk tot verandering kan helpen. Daarbij wordt de actieve Afrikaanse symboliek gevoegd, die sterk communautair gericht is en tevens veel weg heeft van een “psychodrama”.

Wat ik hier kom doen in Europa ?
Eerst en vooral uitrusten. Maar daar ben ik niet erg in gelukt. Want mijn bijscholing als animator PRH te Poitiers heeft wel veel van mijn energie geverd. Maar ik wil deze jaren me zo ver mogelijk vervol-maken om des te doeltreffender te kunnen werken in Zaïre.

Op 1 juni vertrek ik terug. Ik dank die weldoeners die me iets van hun steun geboden hebben. Het is allemaal bestemd voor het vormingswerk van die jongeren. In Lemba zijn er zo een 500tal die reeds 3 jaar of meer gevormd zijn. Het zijn meestal meisjes en jongens tussen de 17 en de 25 jaar. Meestal studenten. Soms ook arbeiders, maar ze zijn niet rijk. Vooral in deze hongertoestand is het voor hen moeilijk zelf in alle kosten te voorzien voor hun Vorming.

Correspondent: Werner Verhoeven

Kinshasa - februari 1980

Frans Overlaet is volop bezig met jeugdzorg voor mensen van 18 tot 30 jaar. Zoals hij schrijft staat hij zowat alleen op dit gebied en de offensieve instelling van allerhande sekten, zoals deze van Moon, maken zijn werk niet gemakkelijker.
Diegenen die tijdens zijn verblijf hier in de vakantieperiode van 1979 de diamontage mochten meebe-leven, zullen kunnen getuigen dat deze jeugdvorming de moeite waard Is.
Hij wil nu een stuk grond kopen langs de stroom om er een vormingscentrum op te richten. De jeugd zal dan zelf voor de eigen kost instaan.
Alles te samen zal het project 500.000 BF kosten, maar zoals hij schrijft: economisch vrij, is ook gees-telijk vrij. 50.000 BF en heeft hij al en de Brug zal 10.000 BF. overmaken.
Frans heeft een boek geschreven: “Jeugd van het licht”, waarvoor we hem ook graag feliciteren.
Wat ons deugd deed was dat Frans bij zijn laatste vakantie een betere instelling van onze mensen mocht ervaren, wat toch positief aandoet voor beide zijden.

Correspondent: Werner Verhoeven

Brussel - augustus 2003

Identiteit van ons project
Financiering van steun aan een 50-tal Kongolese, in Congo verblijvende, animatoren van sessies die hun ‘publiek’ inwijden in de ‘Geweldloze Communicatie en Bemiddeling in spanningen en conflicten. Ik zou ze nu al ‘artisans de paix’ noemen... alhoewel ze in juli 2003 hun eerste vorming zullen krijgen (door mijzelf en mijn medewerkster Christiane Hendrickx, gegeven in Kinshasa gedurende twee we-ken.)
Die financiële steun dient om in 2004 drie W.E. voor hen te organiseren om ze te helpen de praktijk van de Geweldloze Communicatie, en het oplossen van spanningen en conflicten te beheersen. Zij zijn dus nog stagiaires... in hun eigen familie, werkkring, enz.
Ze zijn nog in opleiding om effectieve animatoren te kunnen worden, die het zelf in hun eigen leven waar maken en stilaan bekwaam worden om effectief andere mensen in te wijden.
Vermits de kandidaten voorlopig nog te arm zijn om totaal hun eigen vorming te financieren, is er een steuntje van buitenaf nodig.

Perspectief
Wij geloven dat Jezus Christus effectief de ‘artisans de paix’ bezielt en steunt.
Congo-Kinshasa (en ook Congo-Brazzaville) zien uit hoe een duurzame vrede te vestigen en geweld-loze relaties op te bouwen. Nu er kans is tijdens deze overgangsperiode naar democratische structu-ren en er meer en meer NGOs werken voor mensenrechten, Amnestie, Rechtvaardigheid en Vrede, Bewustmaking en Inzet in de ‘Société Civile’.. enz., is er vraag naar zulke eenvoudige en veeleisende praktijk. De mensen, ook de politiekers, zijn het geweld beu. Ze zien in dat het niets positiefs uithaalt. Er komt vraag naar animatoren die eenvoudig en klaar in zo’n praktijk kunnen inwijden. Een praktijk die kan doorgegeven worden aan anderen zonder rompslomp van veeleisende voorwaarden, diplo-ma’s, vergunningen (copyright...), of hiërarchische hypercontrole...
Later, na 2004? zou er eventueel de mogelijkheid bestaan om een NGO op te richten samengesteld door effectieve animatoren die hun ontvangen opleiding doorgeven aan andere kandidaat animato-ren..., volgens het voorbeeld van de ‘Université de Paix’ van Namen.

Hoe ben ik daartoe gekomen?
In september 2002 zag ik een prof van de UCL in de kerk en kreeg een ingeving: ‘die kan weten waar er vorming gegeven wordt in zake van vredesrelaties. Hij gaf ons het adres van de VZW ‘Cap Paix’ gesteund door de universiteit LLN die Hutu en Tutsistudenten inschreef voor 3 W.E inwijding in ‘Communication Non Violente.... Het was de laatste dag van de inschrijving. We kwamen terecht in een groep Rwandezen, Burundezen en Congolezen die allen animator wilden worden van vredelie-vende relaties (spijts sommigen nog aartsvijanden waren omdat ze bijna allen familieleden verloren hadden tijdens de genocide...). Het waren spannende W.E.s die ons hebben ‘bekeerd’ tot de Geweld-loze Communicatie volgens de praktijk van Marshall Rosenberg, stichter van het Centrum van de Ge-weldloze Communicatie. We zijn zelf lid geworden van de VZW ‘Cap Paix’.
Toen er enkele Burundese animatoren terugkwamen van een animatie gegeven aan Burundese par-lementsleden, kwam ons enthousiasme los. Mijn confrater Herman Coenraets, tijdig op verlof, trachtte ons te ontmoedigen door te beweren dat de eerste behoefte en bezorgdheid van de Congolezen eer-der laag bij de grond lag om te overleven. Maar de Congolese medewerkster van het PRH-Centrum in Kinshasa, Hyacinthe Kongolo, die vertegenwoordigster van de ‘Société Civile’ was gedurende de vre-desbesprekingen in Sun City en Pretoria, was geweldig enthousiast in het vooruitzicht van zo’n groep animatoren te kunnen vormen ter plaatse in Kinshasa. Herman heeft tenslotte aanvaard ons te helpen als organisator ter plaatse. Nu is hij, geholpen door andere Congolezen die me goed kennen, de kan-didaten aan’t inschrijven...
Van 1 maart tot 20 april heeft de Voorzienigheid ons een flinke steun gegeven uit alle hoeken: OK van de organisatoren in Kinshasa, belofte ons te steunen van de President van de Vredesuniversiteit van Namen, geldelijke steun van enkele vrienden voor ons vliegtuigticket...
Ondertussen plukken we de vruchten van onze eigen geweldloze manier van communicatie en anima-tie in Brussel.
Het is allemaal zo snel en op wieltjes gegaan, verrassend... dat we er de hand in zien van de Prins van de Vrede: ‘Zalig die werken voor de vrede. .
Toen ik Congo verliet 5 jaar geleden, was dat mijn grootste frustratie en verdriet: machteloos dat volk achter te laten, ten prooi van een gewelddadigheid dat het nooit gewild heeft. Nood aan veiligheid en vrede om terug te kunnen opbouwen... effent een nieuwe weg.
Hartelijk dank

Kinshasa - november 2002

U weet wellicht dat ik sinds verleden jaar aalmoezenier ben van ‘Spullenhulp’ in Brussel.
Na het tekenen van de wapenstilstand in Congo, is er een boot, ‘BOBOTO’ genaamd, geëscorteerd door soldaten van de Monuc, en geafreteerd door Reginald Moreels in samenwerking met Luc Vansi-na van Memiso, de 1.000 km Congostroom opgevaren om er eerste hulp te bieden aan mensen die daar drie jaar geblokkeerd zaten wegens de rebellie. Die reis bracht aan het licht dat de mensen geen kleren meer aan het lijf hadden, alleen maar wat bananenbladeren...
In juli ontmoette ik Mgr. Hahemba, de bisschop van het stadje Lob aan de stroom, in Scheut. Hij no-digde mij uit om hulp te bieden: ‘alles is voor het ogenblik welkom’ zei hij mij. Als ge komt dan zullen uw oude ‘Jongeren van het Licht’, u enthousiast ontvangen.
P .Carlos Romel, mijn confrater op verlof, gaat terug naar zijn parochie in het stadje Bumba. Hij even-eens zei me dat de vrouwen niet meer naar de kerk durfden komen omdat ze geen kleding hadden. Dus, reeds twee plaatsen die gelukkig zullen zijn met wat balen kleding. In Lisala kent de bisschop Mgr. Kinga mij ook goed, en in Kisangani, het eindpunt van de boottocht, kent Mgr. Mosengwo me ook best en kunnen ze garanderen dat een zending bij de meest naakten terechtkomt.
De beheerders van ‘Spullenhulp’ stellen me gul 2 ton kleding ter beschikking dat ikzelf mag uitkiezen. Voor de verzending naar Kinshasa kan ik terecht bij ‘Wereldmissiehulp’ van Boechout. Met de exo-neratie van invoerrechten dank zij de ‘Orde van Malta’ kom ik er nog niet goedkoop vanaf, want de laagste vervoerprijs (Wereldmissiehulp) bedraagt 1,65 €/kg. Voor twee ton betekent dit € 3.300. Daar-voor begin ik rond te kijken en heb reeds een tijdelijke rekening geopend.
Het is tijdelijke hulp, want eens dat de mensen ter plaatse terug katoen oogsten en de textielfabrieken terug kunnen spinnen en weven, is er geen hulp meer nodig omdat kleding dan ter plaatse goedkoper zal zijn dan de vervoerkosten vanuit België. Deze hulp geldt slechts voor het jaar oktober 2002-juli 2003.
Ik hoop dat ‘Be Brug’ me een handje kan toesteken. Hartelijk dank voor uw medewerking.

Correspondent: Fred Verbeeck

Kinshasa - 17 juni 1997

Hoe gaat het? Hier is alles goed. De stortingsbewijzen zijn me eindelijk toegekomen. Ik heb aan allen een dankwoordje gestuurd.
Dankzij de waakzaamheid van de wijkbewakers worden één voor één de bandieten uitgeroeid, met een autoband als halsketting en zo gebraden, levend, als barbecue... De PIR (Police d’intervention rapide) legt zo nogal snel de hand op de bandieten die gewapende overvallen pleegden. Ze worden geëxecuteerd. De veiligheid keert stilaan terug. In het binnenland lijkt dat moeilijker. Veel handelaars hebben schrik met hun vrachtwagen buiten de centra te komen, want er zijn in veel streken nog bendes bandieten.
In mijn jeugdcentrum aan de stroom heeft er een vormingssessie plaats gehad, geleid door een ver-antwoordelijke van de “Routes de desserte agricole”, voor alle dorpshoofden en hun ‘kapitas’, om ze te leren hun eigen wegen te onderhouden. Dat heb ik onder het Mobutisme nooit meegemaakt. Dat is een kolossale vernieuwing.
De ambtenaren worden regelmatiger betaald, want het geld van de belastingen verdwijnt niet meer zoals in de tijd van Mobutu. Ze hebben verleden maand 100 dollar loon gekregen per man. (Dat is ja-ren geleden!) Volgens Kabila kwam er maar 10 % van de belasting in de centrale bank terecht. Dus er is geld van de plaatselijke bevolking..
De jeugdretraites in mijn centrum hebben normaal plaatsgehad: 1200 jongeren van 18 tot 25 jaar hebben er een driedaagse retraite gevolgd, terwijl nog eens 200 anderen een recollectie volgden tij-dens het weekend. Allemaal gedurende de maanden maart- augustus, dus in de meest moeilijke overgangsperiode.
Ik heb reeds het metselwerk voor de werkplaats af. Nu nog het dak en de vensters. Daarna de var-kensstal en het zal dan weer eind van het jaar zijn.
De voorzitter van de partij van Mobutu van de regio Kinshasa woonde in de parochie die ik gesticht heb en waar ik op zondag de mis lees. Bij het plunderen van zijn huis hebben ze drukmachines ge-vonden en zakken dollars en Frans geld (nog niet volledig gedrukt). Ze hebben ook hopen van die valse dollars in de residentie van Mobutu gevonden.
De “Office de routes” is al aan de slag om enkele grote kanalisaties te metselen. Stilaan komt zo de nuttige activiteit weer op gang in Kinshasa.
De “rentrée scolaire” stelt nog veel eisen aan de verpauperde bevolking. Ze moeten zelf alles betalen en nog taks voor de mannen van het ministerie van onderwijs.
Veel groeten en tot wederhoren.

Correspondent: Fred Verbeeck

Kinshasa - 19 april 1995

Ik ben reeds 1 maand in Brazzaville gaan animeren (3 sessies), met veel bijval. Het is er kalm maar er is nog geen vrede. De stadsoorlog is reeds een jaar achter de rug, maar de haat is groot en de trau-ma’s ook. Die PRH-sessies doen hen deugd en helpen hen het positieve te zien in de ander en dus niet meer verduvelen en kapotmaken.
Volgende week vertrek ik naar de stad Kikwit om er 5 sessies te animeren. We hebben meer werk dan vroeger, spijts de aanhoudende devaluatie. Hoe “autofinancieren’ blijft een groot probleem omdat niemand iets kan betalen. Het zijn vooral de vormingshuizen van de religieuzen die ons nog ietwat betalen, waarmee we kunnen leven. De leken die brengen niets meer op. Dus daar geven we gewoon gratis sessies aan. Dat is niet gezond, want dat kan geen enkel lekenanimator in het teven houden. Dus na ons (de religieuzen) zien we de toekomst voor de PRH-vorming nogal somber in! Tenzij we een “Rockefellerfundation” zouden vastkrijgen om deze mensen te doen leven.
Voor pastoors vindt men wel geld, waarom niet voor die leken-imatoren.
Voilà dat was wat nieuws. Tot uw volgende brief.

Correspondent: Fred Verbeeck

Kinshasa - 7 december 1993

Hier enkele flitsen uit Zaïre.
Zoals iedereen weet blokkeert Mobutu nog steeds volledig alle mogelijkheid om uit de put te geraken. De laatste maand zijn de nieuwe bankbriefjes gelanceerd, die nog sneller devalueren dan de miljarden van de vorige maanden. De diamantdelvers van de vier hoeken van het land willen hun waar niet meer aan de officiële comptoirs leveren voor dat papier en zodoende gaan de laatste rijkdommen van het land als smokkelwaar weg en is dat “papier” nog minder gedekt dan te voren. Vele leveranciers vragen betaling in deviezen, maar waar kan de gewone man die vinden? Elke maand slechts de helft van de helft van de helft.. verdienen (voor de rare geluksvogels die nog ‘werk’ vinden) doet de strop om de hals. Als Kinshasa overleeft is het omdat vele families velden in het binnenland hebben waar-van de opbrengst nog mim of meer regelmatig toekomt in rammelende in pan vallende ‘camions’ die dan dagenlang moeten aanschuiven aan de benzinepompen in tiendubbele files die zelfs de breedste boulevards barricaderen.
De ouders moeten de leraars van hun kinderen volledig zelf betalen, wat de enige oplossing is om het verwoeste onderwijs terug wat leven in te blazen langs die ‘privatisering’, maar wat meebrengt dat ve-le kinderen nooit meer naar school gaan. De mentaliteit van de werkloze jeugd is sinds die herhaalde plunderen op nul gedaald. Alle voorwendsels zijn goed om ergens te plunderen. Bij voorbeeld als er een jongen of een meisje sterft klitten zijn kameraden samen om de ouders te beschuldigen dat zij hem hebben laten verhongeren of ‘opgegeten’ hebben... dan kan een ‘strafexpeditie’ van komen waarbij de ouders afgeranseld worden, hun huis leeggeplunderd en soms ook totaal kapotgeslagen. De uitzichtloze toestand werkt de verbrutaliseringg in de hand.
De pers heeft blijkbaar alle plasticages van drukkerijen en bureaus overleefd. Aanslagen op redac-teurs en journalisten, gevangenzetting, verbod van verschijnen van hun dagbladen... niets heeft de uitgaven van de tiental contesterende dagbladen kunnen tegenhouden! Hun oplage ligt rond de 6000 exemplaren per dagblad en per dag worden die aan alle drukke hoeken van de straten uitgehangen opdat het publiek ze zou kunnen lezen. De ‘dagbladverkopers’ en de ‘straatlezers’ zijn soms uiteen-gedreven door de DSP (Division Spéciale Presidentiële, indertijd gevormd door de ‘Belgische ontwik-kelingshulp’) maar dat heeft de honger naar kritiek op de dictatuur nog aangescherpt
In Kasai en Noord-Kivu doen de beruchte soldaten ‘promenades disciplinaires’ wat neerkomt op straf-expedities, waarbij geplunderd wordt (de humanitaire hulp voor de vluchtelingen uitgedreven uit Ka-tanga), gedood, verkracht en geïntimideerd. De toestand is daar zeer explosief en er moet niet veel gebeuren of de vrijheidsstrijd breekt daar los!
De grote massa zou wel willen ‘opstaan’ maar wat hen het meest ontmoedigt is te weten dat daardoor geen eten op tafel komt. Mobutu heeft handig het Zaïrese volk in de centra uitgehongerd en werkloos geslagen, zodat er zelfs niet genoeg fysische kracht is nog mogelijkheid er levend uit te komen.
De katholieke kerk heeft veel van haar aanzien verloren. Ze blijkt even machteloos als Europa tegen Mobutu en de dictatuur. De Zaïre-Zen worden de laatste tijd gemakkelijk wanhopig, hard en brutaal wegens die uitzichtloze uitbuiting en verdrukking.
Het laatste jaar heb ik een nieuw vormingscentrum doen opsmukken. De bijdrage van “de Brug” heeft kunnen dienen om een maand lang 12 werklieden te betalen en dus 12 gezinnen van gemiddeld 10 personen per gezien (= 120 mensen) hun dagelijks brood te verzekeren. Helaas is de kas leeg en zullen er met Kerstmis en Nieuwjaar alleen wat sprinkhanen, krekels en enkele rupsen op tafel komen.
We hopen dat die ontmoedigende toestand uw vrijgevigheid niet afschrikt.
Zalig Kerstmis en Gelukkig Nieuwjaar

Correspondent: Fred Verbeeck

Kinshasa - 8 januari 1992

Ik hoop dat ‘De Brug’ ons niet laat schieten want we zitten hier de brokken te betalen met die anti-Zaïrese wind.
Omdat één man, Mobutu, gans een land van bijna 40 miljoen mensen in gijzeling houdt moeten die afzien en boeten.
Niet vergeten: er zijn destijds 200 instructeurs van België, officieel in verband met de coöperatie, die de presidentiële divisie van Mobutu hebben gevormd en die divisie, samen met de omgevormde “gar-de civil” is nu het leger van de verdrukker! Ineens worden dan de Zaïresen ‘plunderaars. Maar wie be-gon er?
We leven hier al! sinds januari 1991 zonder “staat”, alleen de ‘natie” blijft voortleven. Geen gerecht meer, geen burgerbescherming meer alleen de pressie van de “combattants” van de oppositie houdt iedereen kalm. En de nationale conferentie die moeizaam maar zeker haar leden volmachtigt.
De verarming van de mensen brengt mee dat het niet levensnoodzakelijke het eerst geschrapt wordt. Geen lectuur meer, daar is geen geld meer voor. Er wordt dus niets gelezen en niets meer gekocht dat voor school of vorming noodzakelijk is. Geen vorming meer in de vormingscentra want er is geen geld meer voor transport of huurkosten. Mijn centrum lijdt onder die crisis. Het wordt moeilijk de huur-prijs van één dagverblijf te eisen: 10 Fr. of de prijs van een flesje cola. Zelfs dat wordt tot op 1/3 terug-gebracht. De subsidies van een solidariteitsfonds zijn ook afgeschaft. Caritas-hulpbetoon geeft niets meer voor publicaties van vormingsbrochuurtjes.
De ± 300 overlevende palmboompjes groeien goed. Daar zit dus nog toekomst in voor zelffinanciering van de onkosten van het Centrum. Maar de jongeren komen voor de landbouw niet meer opdagen wegens te duur transport (1 busticket kost ± 5 Bf., maar voor hier wordt dat onbereikbaar).
We eten maar magertjes. Bijna alle dagen een stukje haring van Namibië en maniokbloem met mani-okbladeren. Ik leef met een maandloon van 2.000 Bf. en krijg nog voor 2.000 Bf. dieselolie voor mijn verplaatsingen. Ik kan daar onmogelijk een arme mee voorthelpen.
De mensen betuigen veel sympathie voor ons. Het feit dat wij gebleven zijn spijts alle plunderingen en onzekere toestand heeft hen nogmaals het bewijs geleverd dat de missionarissen langs de kant van het volk staan, de verdrukten, de armen. De andere blanken zijn voor hun eigen profijt gebleven. De mensen hebben geen medelijden met de blanken die geplunderd werden. In de ogen van het volk on-dersteunden die slechts het regime van Mobutu en hadden dus geen medelijden met de onoverzichte-lijke miserie van het volk. Ze profiteerden dubbel en dik van de galopperende devaluatie, met honger-lonen te betalen. De zin om te werken is er uit. Voor een hongerloon is er geen greintje motivatie meer!
Spijts de verarming zijn er nog steeds kandidaten te over voor de vormingssessies. De mensen beta-len de onkosten. Ik hou er geen cent van over maar ik eis dat ze de eigen vormingsonkosten betalen. Het is immers voor hun eigen belang. Ze doen het, ook de studenten en de werklozen. Waar ze het geld vandaan halen vraag Ik liefst niet.
Het is duidelijk gebleken nu de grote industrieën los geslagen zijn (koper, kobalt, koffie), het volk daarvan niet de weerslag ondervindt. De inkomsten van die grote bedrijven verdween in de zakken van de machthebbers. Maar al wat het volk door eigen nijverheid won is niet vernietigd geworden en blijft verder draaien. Gelukkig maar. Het spaart ons van de hongersnood.
Op 28 juni 1991 heeft de PRH-equipe van Zaïre (5 animatoren, waaronder ikzelf) een gebouw gekocht dat ingericht wordt als vormingscentrum, persoonlijkheidsvorming, menselijke relaties, ontwikkeling en conscientisatie.
We hebben veel geld nodig om dat te equiperen want het is een onvolledig gebouw, voor het ogenblik praktisch nog onbruikbaar. Bij mijn thuisverlof in de lente van 1992 ga ik een bedelcampagne houden om dat af te krijgen.
Veel dank voor uw steun. Nog een Zalig Nieuwjaar.

Correspondent: Fred Verbeeck

Kinshasa - 20 april 1990

Ons groepje jonge volwassenen zijn nog steeds bereid een stuk dorre hel te ontginnen en erop te boeren. De aanpassing aan de streek waar elektriciteit noch drinkwatervoorziening is, zal heel wat moeite vergen. Daarenboven moeten ze het boeren met hak en schop zonder mechanische middelen onder de knie krijgen. De grootste moeilijkheid is echter de grondspeculatie en de oplopende grond-prijzen. Er dient dus een tussenkomst van staatswege te komen om hen een stuk grond te verzeke-ren. Dat gaat als ze samen een landbouwcoöperatie vormen.
In Zaïre zijn er volgens de wet minstens 15 ondertekenaars nodig om een coöperatie te stichten. Ondertussen bestuderen onze Zaïrezen alle wetten en beheerpraktijken om een geslaagde landbouwcoöperatie mogelijk te maken. Het is een diep ingrijpend avontuur.
Het schept een drastische mentaliteitsverandering.
Op 3 jaar tijd is er stilaan een vastberadenheid gegroeid die zich uit in een maandelijkse geldbijdrage van alle kandidaten. Er zijn er al zes! Hun bijdrage wordt direct in deviezen omgezet opdat het niet zou devalueren.
Het klimaat in Kinshasa is een goede troef. Gans het jaardoor kunnen er groenten gekweekt worden in open lucht. Elke groentekweker kan een perceel grond van ongeveer 500 m2 bewerken. Daarmee kan hij maandelijks 7.000, fr. verdienen, ongeveer tien maal zoveel als het maandsalaris van een on-derwijzer.
We helpen hen met raad, informatie, vorming, documentatie, stages en andere dergelijke tussen-komst.

Correspondent: Fred Verbeeck

Kinshasa - 24 september 1988

Het is al meer dan twee maand dat ik terug hier ben en het lijkt me een heel stuk. Halsoverkop in de animatie. Ik begin vandaag mijn vierde sessie PRH (Persoonlijkheid Menselijke Relaties). Sinds giste-ren ben ik terug van Congo-Brazzavilie, waar ik nog een vormingssessie gegeven heb voor animato-ren van de “Jeugd van het Licht”. Ik heb ook nog een nieuwe retraite gelanceerd voor jonge volwas-senen “De nieuwe Adem van de Uittocht” (Exodus).
Ondertussen ben ik met een eerste selectie van 6 man naar de “Stichting Hans Seidel” gaan exploreren (8 dorpjes van elk een 20-tal hoeventjes van mensen uit Kinshasa). Een goed terrein om te toetsen of de “Far- West-trek” er bij hun in zit: de sprong in het harde dorre pioniersbestaan. Ik vraag me af of het wel houdbaar is zonder een middeleeuwse abdij om dit te animeren. De ideeën groeien, de idealen vallen plat ...‘t is een overlevingsonderneming.
Met onze vriend Kembola, de raadgever voor landbouwzaken van het ministerie van Landbouw en Plattelandsontwikkeling zijn we al een stapje helderder gaan zien. In dat ministerie zijn ze nog aan ‘t plannen.
Om die meer “menselijke” leefbaarheid te geven, zijn we naar de minister gestapt en hebben hem on-ze vorm van “benadering” uitgelegd. Die minister is een brave man, doch de meeste ministeries heb-ben hun budget van 1988 nog niet gekregen. Landbouw heeft alleen 15 miljoen gekregen (ongeveer 2 miljoen Fr.), waar heel het ministerie moet mee draaien ...Merci Monetair International.
Ik zit dus met mijn neus bij de kredietpot van landbouw waarvoor 200 miljoen voorzien was dit jaar voor landbouwkredieten (voor een qordel van hoeventjes rond Kinshasa), maar de pot is leeg. ‘t Is misschien daarom dat we zo gemakkelijk bij de minister geraken? Hij heeft gul de wens te kennen ge-geven om met mijn kandidaat-landbouwers te prospecteren naar goede landbouwgronden voor de stichting van hoevedorpen. Een kaart van goede gronden is nooit gemaakt geweest. ‘t Is dus één van de vele X, Y, Z onbekenden die dienen opgelost te worden. Om een klein gedacht te vormen: de geo-logische situatie in een straal van 200 km rond Kinshasa en Brazzaville is “kalaharizand’; een voorhis-torische woestijn waarvan de zandbergen tot 200 in hoog kunnen zijn en waar het regenwater prak-tisch geen riviertjes noch bronnen vormt, maar in grote “maankraters” in de vlakte verdwijnt om hon-derden meter diep weg te vloeien. Dus zes maand per jaar geen druppel water..
Prospecteren wil dus zeggen: 200 km verder gaan rondtoeren in de wildernis, met als eerste moeilijk-heid dat nadien de evacuatie van landbouwproducten een flink negatief cijfer in de rekening zal bete-kenen. Het is wel mogelijk dat ik in oktober een pelgrimage doe naar Kwamouth met mijn Toyota (± 300 km van Kin.) waar juist 100 jaar geleden de eerste Scheutisten een Missiepost gesticht hebben.
Deze post is voor enkele jaren uitgeroeid door de slaapziekte. Het kerkhof is er nog. De tseetseevlieg is er ook nog en de slaapziekte dus eveneens. Onderweg zijn er misschien goede vruchtbare gronden en daar woont voorlopig niemand. Daar zijn nog leeuwen zonder nationaal park.
Ondertussen zoeken we ook kontakten. De vele roepingen in Zaïre sluiten een soort religieuze hoe-vestichting niet uit. De broeders van St. Gabriel (Franse congregatie) kijken ook al rond. Misschien kunnen we banden leggen met de jonge landbouwers in het verre vruchtbare binnenland en van hun ervaring leren hoe een hoevedorp te stichten met alle sociale voorzieningen die daarmee samen gaan. Het is een eche “Far-West-uittocht” want in Kin knaagt de honger en is geen andere oplossing.
Ik hoop dat die enkele nieuwtjes U wel bevallen. Voor de rest ben Ik in topvorm met pracht.ig zomer-weer.

Correspondent: Fred Verbeeck

Kinshasa - maart 1984

Ziehier enkele berichten omtrent mijn werk en de benuttiging van uw bijdragen.
Ik ben nog meer en meer in de vorming van jonge animatoren werkzaam voor allerlei sessies en inwijdingsretraites.
Om de andere week heb ik sessie op sessie gegeven. Als voorbeeld van nieuwigheden: “Discernement et Conscience” dat is een nieuwe sessie om te leren het diepste geweten te volgen, en om te delibereren op ogenblikken van verschillende alternatieve mogelijkheden en zodoende te kiezen met volle respect voor alle aspecten van het probleem: zowel de uitwendige situatie als de inwendige mogelijkheden.
Een andere sessie is “accompagnement spirituel” voor diegenen die in zich roeping voelen om ande-ren te begeleiden in problemen en levensmoeilijkheden, wat in het westen onder “counceling” bedoeld wordt. Onze christelijke gemeenschappen evolueren steeds verder en exploreren zo steeds naar ver-dere mogelijkheden.
De grote moeilijkheid die zich voordoet voor het ogenblik is de geweldige prijsstijging wegens de de-valuatie en de hoge benzineprijs 60 Bfr. voor 1 liter benzine en 22 Bfr. voor mazout. De laatste sessie die ik verleden week voor een 17-tal hoogstudenten gaf, hebben me 1.000 Bfr. aan supplement ge-kost om ze te kunnen voeden! Dat is het dubbele wat ze zelf konden betalen! Zonder dat had ik echt geen enkele participant gehad! In feite heb ik sinds mijn terugkeer uit thuisverlof, begin april, reeds voor ongeveer 20.000 Bfr. uitgegeven om die grotere jongeren de nodige bijdrage aan voedsel tijdens hun retraites en sessies te geven. De volgende maanden zullen krap zijn want de lonen zijn niet ver-hoogd en soms zelfs te laat uitbetaald. Ik voorzie dat als ik de volgende 12 maanden geen 100.000 Bfr. uitgeef aan voedsel voor de vorming van geëngageerd christenen ik me voorlopig met wat anders zal moeten gaan bezig houden.
Ik kan me enkele maanden terug trekken om enkele nuttige brochures te schrijven en te laten drukken voor de “Jeugd van het Licht”, daar is veel vraag naar, want dat internationaliseert zich sterk. Verleden week was er onder de sessieleden een Tshadien (van Tshaad) die op Lovanium studeert en die in zijn geboortestreek in Zuid-Tshaad reeds die initiatievorm van de “Jeugd van het Licht” had ingeplant. In Rep. Centre-Africaine verspreidt dat zich nu eveneens sterk. Volgende maand krijg ik hier bezoek van een missionaris “initiatëur” uit Kenia. En in Brazzaville (Congo) volg ik ook reeds enkele groepen. Vele van mijn programma’s, eerst gestencileerd, daarna gedrukt, verspreiden zich over Centraal Afrika. Ik heb sinds april ook nog een diamontage gemaakt voor de beginnelingen van die “Jeugd van het Licht”, en nu ben Ik aan een tweede montage begonnen over “les coutumes des fiançailles des Jeu-nes de la Lumière”. Ik voel me meer en meer verbonden in nieren en hersens en ingewanden met alle problemen die zich stellen aan deze jongere Afrikaanse generatie. Als ik aan ze denk, aan hun moed en onverzadigde leerzucht om hun levensproblemen aan te kunnen, want de oudere generatie afrika-nen kunnen het niet aan, clan word ik diep bewogen,en voel ik me aangespoord om meer en meer gesneden brood voor hen te zijn. Zij hebben me zodanig geïnterpelleerd dat ik me in hun wereld ben ingedoken. Het heeft me getransformeerd, doen groeien en zuiveren van kop tot teen, en dank zij die jeugd ontdek Ik mijn originele kwaliteiten en “charismen”. Wat de volgende bepaling van Budget zal zijn weet ge dus: de hongeren voeden en opvoeden. Wees gerust ik maak er geen bedelaars van, ik ben zeer streng in dat opzicht. Anders zal ik dat geld wellicht moeten uitgeven aan doodskisten, want die kunnen ze ook niet meer betalen.

Correspondent: Werner Verhoeven

Kinshasa - 12 februari 1983

Jeugd van het Licht”, een vormings- en basisgemeenschap,
De grote doorbraak in de Kerkvernieuwing gebeurt wellicht in de basisgemeenschappen. Wat minder bekend zijn die van de grote jeugd, die tegelijk ook vormingsgemeenschappen zijn.
Als missionaris in Zaïre werk ik in de animatie en de vorming van de kaders van die grote jeugd van 16 tot 26 jaar.
Uittesten, opstellen en uitgeven van vormingsprogramma’s, sessies en inwijdingsretraites, persoonlij-ke begeleiding en persoonlijkheidsvorming van de grote jeugd.

Ontstaan
In 1974 startte Pater Matondo in Kinshasa met de jeugdbasisgemeenschappen in de kwartieren van zijn parochie te Matete-Kinshasa. Hij was toen een jong Zaïrees Scheutist, reeds bekend door zijn ga-ve van jeugdanimatie en zijn sociologische thesis over de hippiebeweging te Rome.
Ik had het geluk zes maanden lang door hem dag aan dag geholpen te worden om dat jeugdwerk te leren kennen, Op het ogenblik dat juist alle vergaderingen in de kwartieren verboden waren door Pre-sident Mobuto, begon Matondo met zijn basisgemeenschappen.
Een jaar later waren de voornaamste parochies in Kinshasa reeds van zulke basisgemeenschappen voorzien, en twee jaar later zaaiden deze zich uit in vele hoeken van Zaïre.
Het is immers de jeugd zelf, en niet de priesters, die verantwoordelijk is voor de vorming en de organi-satie van deze gemeenschappen. Doordat sommigen verhuizen, of zich wegens studies naar andere centra verplaatsen. heeft de enthousiaste jeugd deze vorm van christenzijn in een recordtijd tot in de uiterste hoeken van het land ingeplant.
Toen Matondo in 1976 bisschop benoemd werd in het afgelegen oerwoud in Basankusu, kon hij geen tijd meer vinden om nog veel veer deze basisgemeenschappen van de “jeugd van het licht” te doen. Hij schrijft jaarlijks een “herderlijke brief” vol opwekkende perspectieven. Maar de meer concrete pro-gramma’s komen meestal van Kinshasa.

Jeugd vormt jeugd: een alternatief
“De jeugd is slecht” hoort men zeggen. Ofwel loopt ze initiatiefloos in het lijntje, gedicteerd door min of meer autoritaire opvoeders, ofwel is ze op verscheidene manieren losbandig: vrijen, disco, uitgaan enz.. tot daar de opinie van velen,
Maar er is een alternatief, dat gebouwd is op een groot geloof in demogelijkheden van de jeugd zelf, en dat door de befaamde paus Paulus VI werd uitgedrukt in een paragraaf van de encycliek “Evangelii Nuntiandi”; “De jongeren hebben in zich de mogelijkheden om hun eigen apostelen te zijn” Daarop is de “jeugd van het Licht” geïnspireerd.
De jeugd heeft een geweldig aantal mogelijkheden en kwaliteiten die smachten om ontdekt, herkend, aanvaard en geapprecieerd te worden, ze willen een plaats onder de zon.
Dat geldt evenzeer voor religieuze kwaliteiten, die nauw verweven zijn met roeping en levenszending, verantwoordelijkheidszin en geweten.
Dat moet er met ingepompt, geïndoctrineerd of gemanipuleerd worden: de positieve kwaliteiten zijn er.

Methode;
Steeds terugkeren naar het positieve, de kwaliteiten, de eigenste en diepste goede aspiraties, en zon-der vooroordelen of vleierij.
wat is, is.
1. Wie ben Ik in mijn diepste zelf?
2. Ik maak de lijst op van mijn kwaliteiten en hun grenzen.
3. Welke kwaliteiten bewonder ik het meest in de ander, en hoe respecteer ik die en hun grenzen?
4. Hoe beleef ik het verschil in mijn behoefte om gratis lief te hebben en mijn behoefte om bemind, erkend, aanvaard, geëerbiedigd, gewaardeerd te worden?
5. Hoe kan Ik mezelf zijn en hoe hoor ik de stem van mijn diepste geweten?
6. Hoe kan ik me bevrijden uit overdreven invloed of uit karakterkronkels die mijn leven en mijn rela-ties met anderen bederven?
7. Welke is mijn roeping? Waarvoor ben ik “in de wieg gelegd”? Hoe kan ik al mijn talenten ontplooi-en in dienst van de mensheid? Hoe kan ik me baseren op mezelf om mijn eigenste levenszending waar te maken?
8. Hoe herken ik Gods plan doorheen al die gaven die ik mij ontdek? Hoe kan ik onderdanig in dat plan dienen? Hoe kan ik getrouw zijn in de harmonische groei van mijn kwaliteiten die Gods plan in mij vertalen? Laat ik me niet van de wijs brengen door mooipraters? of door opdringerige mani-pulerende mensen of uiterlijke schittering? Of laat Ik me platdrukken door privilegezoekers?
De kwaliteiten en de intuïtie van de jeugd, die God-gegeven gaven zijn, en die in zichzelf, inwendig de kracht en de klaarheid hebben om zich te ontplooien en waar te maken, dat is de alternatieve basis waaruit de jeugdbasisgemeenschappen en vorming gegroeid zijn.
Om dat op gang te brengen was er voor de jeugd een methode vereist: geen bevelen, geen indoctri-natie, maar helpen in een geduldige zelfexploratie en gemeenschapconfrontatie.
Het is daarin dat de Heiige Geest ons inspireert, en niet in blinde gehoorzaamheid noch in afgedreunde lesjes of propagandisme en sektarisme, en discussies, waar er een winner en een verliezer is.
Wellicht zou de Europese jeugd daar net zo goed in bijten. Zolang je jezelf niet gevonden hebt, ben je nergens nuttig voor maar slechts een nummer of een verlengstuk!
“Kom en kijk zelf”, zei Jezus, Een van de methodes is luisteren! Zichzelf beluisteren en de ander beluisteren en dan worden we luisterrijk, vindingrijk en getrouw aan Gods plan.

Correspondent: Werner Verhoeven

Kinshasa - augustus 1980

Sinds de bijdrage over hem in ons januarinummer heeft hij ons enkele brieven gestuurd, boordevol in-formatie. Enkele grepen hieruit:

“Mijn maniokbladeren verkopen goed. Het veld van 1 ha ontgonnen en beplant door de werkloze jon-geren van het licht, produceert per maand reeds 1m3 groen, juist genoeg om mijn R4 tot aan het dak te vullen. Enkele mamacatechisten kondigen als beste eksters de komst van de frisse zoete maniok-bladeren aan. Op een wip is alles uitverkocht. Met de opbrengst kan ik mijn benzinetank vullen. ‘s An-derendaags laad ik mijn R4 met de reiszakken van de retraitanten en hun proviand voor de week... De jongeren staan te trappelen van ongeduld om hun studiedagen of retraites aan te vangen. Groot en-thousiasme bij studenten, hoogstudenten, werkers, werklozen, stedelingen en broussebewoners, g-ïnterneerden in kampen, zelfs gevangenissen: zij vormen allen één familie. Zo vinden degenen die de gevangenis verlaten een “famiiie” die hen opvangt.
De inwijding is veeleisend: enkele thema’s zijn: zelfkennis, zelfbeheersing, broederlijkheid, verant-woordelijkheid in alle milieus (en zo loskomen van verlammende familietradities), eerlijkheid, strijd te-gen corruptie... Een enorm programma voor vele duizenden jongeren, en te weinig mensen om hen te leiden!
Frans Overlaet heeft ook een groot tekort aan materiele middelen. De auto is hem door zijn oversten... geleend! De bouwgrond heeft hij al (nu nog een veld), maar daarop moet nu gebouwd worden: daar-voor is ± 700.000 P. nodig. Als onmiddellijke nijpende nood is er het tekort aan drukwerk voor die dui-zenden die studiemateriaal moeten in handen krijgen. Ginder laten drukken duurt twee jaar omdat de drukkerij te veel werk heeft. Frans wil nu zelf de offsetplaten tikken, dan kan het vlugger gedrukt wor-den: het zetten kost te veel tijd. Dus zoeken we in België enkele tweedehands elektrische schrijfma-chines: als er éen defect geraakt, kan ze niet gerepareerd worden bij gebrek aan een technicus!
Besluit: er wordt daar heel hard gewerkt en geïnvesteerd in mensen, dat belooft voor de toekomst.

Correspondent: Werner Verhoeven

Kinshasa - 15 oktober 1976

Met blijde verrassing heb ik vernomen dat u eventueel onze parochie wilt steunen in haar moeilijkhe-den. Spijts de reputatie van Zaïre en het feit dat ik niet van ’t Kiel ben.
Ziehier dan enkele gegevens die een grof beeld kunnen weergeven van het werk waarvoor financieel hulp kan verleend worden.
Het gaat om een nieuwe parochie in een wijk waar nu reeds meer dan 10.000 mensen wonen en waar er nog geen enkele materiele voorziening is. Zoals u kunt opmaken uit bijgevoegde brieven bestaat er reeds sinds één jaar een groeiende communiteit van pratikerencle katholieken. Het zijn vooral de leken zelf die daarin de leiding hebben, zowel voor de volwassenen als voor de grote jeugd. De priester hoeft er een geeffaceerde rol van animator.
D)c edelmoedigheid van die mensen is niet in twijfel te trekken, ze kampen daarbij met ongelooflijke tegenkantingen. Bedenk even dat de devaluatie van de Zaïre op 6 maand tijd. 100% bedraagt. Zij moeten dan ook tot het uiterste sparen om hun nieuwgebouwd huisje of perceel niet kwijt te spelen.
Er Is geen enkele parochie die alleen haar eigen centrum kan opbouwen. Ik denk dat het Kiel daar in de tijd ook bij geholpen geweest is. Hier in Zaïre komt erbij dat elke lening uitgesloten is; het zijn trou-wens de mateloze leningen die de Zaïre in de put geholpen hebben.
De strubbelingen tussen Kerk en staat zijn, voor zover de economische situatie slecht zit, volledig ver-dwenen. Er is zelfs veel samenwerking die zeer lang zal duren vermits de economische situatie ook nog zeer lang zal verslechteren, al was het alleen maar wegens de bevolkingsaanwas.
Zoals blijkt uit de wensen van de verantwoordelijken, is het eerste en dringendste project voor deze piepjonge communiteit, een vergaderlokaal net zitplaatsen. Er is reeds een huis voor de bewaker ge-bouwd alsmede een klaslokaal voor kleinere vergaderingen. Voor meubels zorgen ze zelff.
Het project dat we nu lanceren is een polyvalente zaal van 20 m op 15 m en die voor alles ken die-nen: zowel voor de kerkdiensten als voor de vergaderingen, conferenties en animatorencursussen.
Een kerk is slechts verre toekomstmuziek, daar zal de aangegroeide parochie later zelf voor in kunnen staan. Maar dan zijn ze gelanceerd. En dan zullen ze ook financieel andere, armere parochies kunnen helpen zoals dat nu reeds gebeurt met enkele welstellende moederparochies.
Hier is dus geen liefdadigheid in ‘t spel, noch een financiële put die de ontwikkeling van jeugd of volwassenen zou beletten. Ik meen dat ge het moet bezien als een INVESTERING die na 10 of 20 jaar die parochie in staat kan stelen zelf vele anderen voort te helpen. Het is in die zin dat er op hun vrijgevigheid ook beroep wordt gedaan om die fierheid te inculceren die in Vlaanderen reeds sinds eeuwen zo vanzelfsprekend is. En dat is een dynamisch aspect dat tot mijn spijt tot nu steeds afwezig geweest is in de ontwikkelingsprojecten uit Europa. Het ‘selfsupporting’argument bewijst zich in prak-tijk onchristelijk, en werkt het collectief egoïsme in de hand. Alleen de gave van de talenten die het tienvoudige voor anderen dient op te brengen is de beste ontwikkelingspolitiek.
Tot slot dank ik u voor uwe gedesinteresseerde aandacht en hoop voor u dat ge nog vele projecten overal in de wereld. zult kunnen in uw gulden boek optekenen.
Met de beste groeten.

De klokken van Rome hebben nog geen paaseieren gebracht in Cité Salongo, onze nieuwe wijk en tevens piepjonge parochie, gelegen in de gemeente Lemba te Kinshasa.
De parochianen hadden nochtans geen moeite gespaard om het pas bekomen perceel voor het toe-komstig parochiecentrum proper te schrapen.
En het project van het centrum werd reeds getekend door missiearchitect Paul Dequeker om de bouwtoelating te bekomen (zie tekening op keerzijde).
Volgens de Zaïrese Urbanisatie dient ons perceel dit jaar nog “in waarde gebracht” door minstens één nuttig lokaal, zoniet vervalt do concessie. Ikzelf ben daar verantwoordelijk voor, ik stelde me borg voor de uitvoering.
U kunt me helpen een vergaderlokaaltje te bouwen ter grootte van een klaslokaal en een kamer voor de bewaker (aangeduid met een X op het plannetje). Dit eerste onderdeel van het toekomstig centrum zal ongeveer 250.000 fr. kosten.
Het bisdom Kinshasa zit er maner voor en heeft reeds met moeite de kosten van het terrein gedragen. Tussen de mensen die in Cité Salongo komen wonen tellen we veel gevormde en dynamische chris-tenen; zij beloven in de toekomst gaandeweg de rest van het parochiecentrum af te bouwen. Zij heb-ben het voorlopig nog druk met het afbetalen van hun eigen huisje. En verder hopen we dat volgend jaar de klokken van Rome iets zullen laten vallen!
In naam van deze nieuwe christelijke gemeenschap betuigen we u onze oprechte dank voor uw soli-dariteit.

Correspondent: Werner Verhoeven