Cirilo De Pauw


Adres

Cali - Colombia
Adres: DE PAUW Cirilo, Calle A # 26-08, Barrio El Cedro, Apartado Aéreo # 39804, CALI, Colombia

Contact in België:
Cilli Govaers
Michel Willemsplein 8
2610 Wilrijk

Orde:
Paters Assumptionisten
Halvestraat 14
3000 Leuven

Bankgegevens:
Banco Intermediario
CITI Bank N.A. – New York
COD1GO Swift (CITIUS33)
ABANo.021000089 CHIPS
No. 0008
Banco Pagador
Banco de Ociidente
Avenida Colombia 2-72 Cali
Columbia
Banco de occidente Codigo
SWIFT (OCCICOBC)
Cuenta nro. 10950229
Beneficiario (Begunstigde)
Nombre del cliente : Fundacion
Cyriel De Pauw
Numero de cuenta: 015-05661-7
Direccion calle 20# 5-33 Call Colombia
Telefono 885 71 39

Fiscaal attest:
Broederlijk Delen (000-0117118-39)
Vermelding:
Voor C. De Pauw (Solidariteitsfonds Colombia)
Doorstorten op 789-5315964-91

Privé-rekening:
Solidariteitsfonds Colombia
Michel Willemsplein 8
2610 Wilrijk
789-5315964-91

Leven en werk

Geboren in Londerzeel op 5 maart 1933.
Intrede bij de Paters Assumptionisten in augustus 1952.
Priester gewijd te Leuven op 11 oktober 1959.
Vertrek naar Colombia januari 1961.

1961-1963
Leraar in de hoofdstad Bogotá.
1963-1965
Werkzaam in de krottenwijk als proost KAJ
1966-1972
Nationale proost van de JEC (KSA-VKSJ)
1973-1995
Parochievicaris in de volksbuurt van de parochie San Nicolas in Cali, een stad van 2 miljoen inwoners. Stichter van de eerste parochiale jeugdbewegingen in Cali. Hoofdtaak: jeugdbegeleiding: kansen geven om zich menselijk en intellectueel te vormen: o.a. studiebeurzen voor 25 studenten.

Brieven

Colombia – november 2012

In 2007 gaf Kardinaal Godfried Danneels een brochure uit onder de titel “stress moet dat?” Hij eindigt met te zeggen “moge dit mijn kerstwens zijn voor jullie allen”.
Ik dacht bij mezelf “Cirilo, wie het schoentje past, trekt het aan”. Of we nu in Colombia zitten of in België, gepensioneerd zijn of niet, we hebben al eens een moeilijke periode. Ik dank de Kardinaal voor zijn kerstwens en wil hem met mijn vrienden delen.
De Kardinaal begint zijn brochure op deze manier: Vroeger kenden alleen artsen en psychologen het woord STRESS. Vandaag ligt het op ieders lippen. Wat is er dan wel met ons gebeurd in de voorbije vijftig jaar? Gejaagdheid, oververmoeidheid, lusteloosheid, je hoort en leest er elke dag over. Stress vind je op vele niveaus. Niet alleen het individu lijdt eraan. Zelfs de kerk ontsnapt er niet aan: hoeft het allemaal nog wel? Waartoe dient het allemaal? Hoeveel mensen lopen er vandaag niet gespannen en gejaagd bij? Het duurt meestal niet lang of het slaat om in lusteloosheid. Ze hollen onrustig van hier naar daar. Stilvallen kan niet meer. Ze zijn nooit meer tevreden, nooit ontspannen, nooit helemaal met vakantie. Hoe komt men eruit?
Al die toestanden hebben we zelf niet gemaakt. Dat is voor een groot deel buiten ons gebeurd. Anderzijds is de band tussen man en vrouw zo broos en kwetsbaar geworden omdat hij bijna uitsluitend op het liefdesgevoel werd gebouwd. Waarachtig liefhebben is de ander liefhebben zoals hij of zij is, niet zoals ik hem of haar zou willen hebben.
Jaren later stond je voor de muur van ziekte en dood van iemand die je lief was… Wat nu? Naar de uitvaart gaan en gewoon dat hoofdstuk afsluiten? Maar de vraag blijft onopgelost want wat zal er gebeuren als het ooit eens om mezelf zal gaan, om mijn ziekte en mijn sterven? Veel onbeantwoorde vragen!
Slot: begin altijd met God te danken, daarna is er nog tijd genoeg over om te klagen en te vragen.
In de maand juni 2011 liet ik weten dat we de parochie San Nicolás bij gebrek aan roepingen hebben afgestaan aan het Bisdom. De jeugdwerking wordt nog oogluikend toegestaan in een lokaal van de parochie. Maar het bureel met de ganse administratie moest verhuizen. Oud-leden van de beweging hebben de verantwoordelijkheid van de organisatie op zich genomen.
Er moesten met de Bank nieuwe onderhandelingen gebeuren. De Salvadoraanse Hulpactie moest anderzijds opnieuw een aanvraag indienen om fiscale attesten te mogen uitschrijven. Met ongeduld werd er gewacht op een positief advies van het Ministerie van Financiën. Er kwam verwarring bij de betalingslijsten. Er moest in mijn plaats een nieuwe voorzitter en een nieuwe boekhouder benoemd worden. Alles kwam in kannen en kruiken, maar we waren te laat voor de laatste aftrekbare giften waarvoor onze oprechte verontschuldigingen.
Op dit ogenblik hebben we nog enkel 38 contacten op internet en 22 langs de gewone post.
Houdt van nu af rekening met de voorlopige adresverandering van het secretariaat:
Fundación Cyriel De Pauw
Carrera 5 # 20-60
Cali Colombia

Correspondente: Wieza Dictus

Colombia – 5 april 2011

We zitten reeds begin april en zijn eind februari opnieuw gestart met de sociale pastoraal op de parochie San Nicolás en dit onder de verantwoordelijkheid van leken die opgegroeid zijn in onze beweging of tenminste aangetrouwd of verloofd met één van onze leden. Een is zelfs de dochter uit het huwelijk van een echtpaar uit de Cruzada uit de jaren 1974-1980. De meesten zijn afgestudeerd. Alleen de secretares van de parochie zal volgend jaar haar studies beeindigen met bovendien een diploma van catechese aan het Aartbisdom van Cali. Ik wil ook speciaal onze boekhouder melden. Hij heeft een schat van een vrouw en twee tieners. Volgend jaar zal hij diaken gewijd worden. Mónica Cardona wil ik special vermelden als hoofdverantwoordelijke van het bestuur. Ze is 42 jaar oud en is vanaf haar zevende jaar lid van onze beweging. Vrienden die genoeg spaans verstaan vinden ruime informatie in internet. Zowel in Blog als in Faceboek kunt ge direct contact nemen met onze werkzaamheden. Onze Blog is: http:fundacioncyrieldepauw.blogspot.com
Fundamenteel trachten we in de jeugd vaardigheden en talenten te ontwikkelen en de vorming van onze leden waar te maken door het Licht van Christus. Een gezonde samenhorigheid, het aanvaarden en beleven van normen, de puntualiteit en het goed gebruik maken van materiaal zijn grondbeginselen van de werkzaamheden die onze Stichting behartigen. Dagelijks zijn er samenkomsten voor verschillende activiteiten zoals vocalizatie, electrische gitaren, piano, grammatica voor muziek, samenspel van instrumenten, folclorische dansen, toneelstukjes, slaginstrumenten en handvaardigheden.
Het Gemeentebestuur van de Stad Cali, alsook het Ministerie van Cultuur steunde ons verleden jaar als een van de beste groeperingen van het land op cultureel gebied. Wij zijn overtuigd van de verschillende etappen die een mens vanaf zijn jeudjaren doormaakt tijdens zijn roeping als mens.
Kierkegaard wees reeds op drie etappen:
1.- Het esthetische: het schone dat zich openbaart in de muziek, het toneel, de poezie, de schilderkunst, het natuurschoon.
2.- Het ethische: eerlijkheid, bekwaamheid om zich belangloos in te zetten voor een goede zaak.
3.- Het religieuze: De liefde voor het schone moet ons leiden naar de liefde voor het goede, want God is de Goedheid zelf.
Onze Stichting langs de verschillende etappen moet de deuren openen naar het religieuze om van het leven een heilige roeping te maken. Een godsdienst die te veel waarde hecht aan het rituele en het geestelijk belang van elke etappe ontkent, werkt verlammend en verdovend, in plaats van Christus in het centrum te stellen.
Aan allen een zalige Paastijd!

Correspondente: Wieza Dictus

Colombia – 15 januari 2011

We zitten reeds in januari en de Decemberfeesten zijn voorbij.
2010 was een jaar van vele moeilijkheden: persoonlijk met gezondheidsproblemen zoals bronchitis en andere kwalen. Maar alles staat onder controle.
We gaan stillekens naar de tachtig. Nog een dikke twee jaar en dan zijn we zo ver. Ook onze Fundacion heeft een moeilijk jaar gehad: Ze is dit jaar in het ROOD begonnen, maar verschillende ONG hebben hun hulp toegezegd. We wachten af. En als het soms wat minder goed gaat, krijgt je onverwachts een e-mail uit België of een telefoontje. En dan weer botst je op iemand in de makro of de carrefour, ja dat bestaat hier ook allemaal. En dan zorgen dat ge alleen op stap zijt. Want de mensen praten toch zo graag en stellen interessante vragen: Woont ge nog alleen? Doet ge nog aan jeugdvorming? Hoeveel kinderen komen er nog op de parochie? Verveelt ge u niet? Zou het niet beter zijn dat de priesters mochten trouwen? En als ge ziek wordt wat gaat ge dan doen?
Met al die vragen vergeet ge dat ge inkopen ging doen en belandt ge zonder het goed te weten in een nabij gelegen kerk, als ze tenminste open is, want bijna alle kerken zijn buiten de misdiensten gesloten tegen diefstal.
Gelukkig is Jezus overal: In de hemel, op aarde en op alle plaatsen. Maar wat is Jezus zelf hier eigenlijk komen doen? Dat hebben zelfs zijn leerlingen niet begrepen toen hij nog bij hen was.
Ze waren verwonderd dat Hij onder vier ogen met een samaritaanse sprak. En María Magdalena die met een kostbaar reukwerk zijn voeten waste.
En dan nog, zelfs in die tijd mochten de kinderen niet bij hem komen. Ze werden weggejaagd door zijn apostelen. Mannen en vrouwen van rond de veertig zeggen me nu “wat waren onze kinderjaren een mooie tijd in de tuin van de pastorij, en dan mochten we vechten en spelen met de paters”.
Dat was ook de periode dat jongens en meisjes voor het eerst mochten samen komen, want ook dat was voordien verboden. Zelf in de kerk was er een jongens- en een meisjeskant. Ik herinner me nog dat ik op de koer achter ons vaderhuis op en af wandelde in de ene hand het brevier en aan de andere kant een neefje die nu zelf al vele jaren kloosterling is.
Ik zie dat ik praatziek geworden ben. Nu nog iets: Ge weet dat ik verleden jaar een boek schreef, in het Spaans natuurlijk. Het laatste hoofdstuk is echter geschreven door kinderen en jongeren die spontaan hun getuigenis neerschreven over hun jeugdvorming op de parochie. Ook nu nog krijg ik brieven van afgestudeerde universitairen die hun thesis inleiden met de betekenis van hun niet formele vorming in onze jeugdbeweging. Vanwege het Stadsbestuur van Cali ontvingen we verleden jaar voor het werk van onze Stichting een geldelijke bijdragen en dit jaar werden we door het Ministerie van Cultuur beloond als een van de beste groeperingen van het land. De Brug sponsort nog altijd een mooi aantal kinderen met tudiebeurzen. Anderzijds mogen we nog steeds rekenen op de hulp van vrienden die meestal storten langs de Salvadoraanse hulpactie. Twee jaar geleden kregen we een sprinternieuw jeugdlokaal volledig gefinancierd door Hannoq uit Antwerpen.
Einde verleden jaar kwam Leandro Gallego die het jeugdlokaal had opgebouwd om het leven.
Hij was een van onze beste leiders van onze Organizatie en stierf op 28 jarige leeftijd. Ondertussen zijn we voorlopig althans met alles weer aan het verhuizen naar onze parochie San Nicolas: de verplaatsingskosten, het onderhoud van het lokaal, bewakingsdienst, licht, water, enz liepen te hoog op voor ons budget. Onze jeugdorganizatie blijft steeds varantwoordelijk voor de ganse sociale en pastorale werking van de parochie.
We hopen en geloven vast dat we spoedig de economische moeilijkheden zullen te boven
komen en duimen opdat onze leken in dienst van de Verrezen Christus zich zouden blijven inzetten voor een wereld van vrede en gerechtigheid.
(Uit het zes maandelijks contactblad Colombia)

Correspondente: Wieza Dictus

Colombia – 1 januari 2009

Nogmaals 100X bedankt voor je goede zorgen.
Ik zend nu met de gewone post het document van 'De Brug', met het verslag over de geldbesteding 2009.
Buiten de ouderdomsverschijnselen is alles OK. Nog enkele jaartjes en dan wordt ik 80, maar wie zal de taak van priester overnemen? We hebben een flinke groep leken, maar wie zorgt voor de diensten op de parochie als we er niet meer zullen zijn?
De Brug heeft ons adres onvolledig, er mankeert een 6 vóór de A, zonder het nummer van de postbus was de correspondentie nooit aangekomen.

Correspondente: Wieza Dictus

Colombia – 17 juni 2008

LlEVE BRUGGEBOUWERS uit de streek van Kalmthout. Op de eerste plaats mijn beste dank aan het bestuur van de Brug voor hun aanmoedigende woorden en met wensen ook voor een goede gezondheid. De laatste maanden van 2007 heb ik zelf erg gesukkeld met mijn gezondheid: een aanhoudende hoest en ik zou zeggen een langzame verstikking. Toch kregen ze de ziekte onder controle. Gelukkig als een kind sprong ik mijn bed uit, maar viel met mijn rechterslaap tegen de bedrand. Vlug werd de wonde dicht genaaid en ging ik naar de kerk. Ik gleed van de trappen en bleef drie weken in de handen van een fysiotherapeute. Toen begon ik mijn eerste wandelingen met een stok.
Jezus viel volgens onze traditionele kruisweg tot drie maal toe. Ik heb Hem laten weten dat ik met twee tuimelingen genoeg had. En tot nu toe ben ik voor een derde gespaard gebleven.
Al die maanden heb ik tijd genoeg gehad om deze keer rustig het contactblad de Brug te lezen. Guatemala ligt op de wereldbol niet ver van Colombia. Het artikel van Freddy de Geytere heeft me bijzonder aangegrepen aangezien de toestand te vergelijken is met die van Colombia. In bijna alle artikelen van de Brug vind ik een positieve kentering van een voorconciliaire pastoraal naar een postconciliaire sociale profetische bewogenheid. Onlangs las ik in het tijdschrift NIEUW LEVEN van de karmelieten het leven van St Jan van het Kruis. Op zijn sterfbed vroeg hij aan zijn medebroeders de traditionele gebeden te vervangen door het Hooglied.
Ik denk te mogen geloven dat vele missionarissen in de helft van de vorige eeuw naar de missies zijn gekomen om het communisme te bestrijden dat toen sterk was opgekomen. Ik trouwens ook. Maar onze generatie werd er zich stilaan bewust van dat het grote probleem de honger was, als gevolg van de uitbuiting vanwege de politieke partijen, die geleid worden door groot grondbezitters en industriëlen. Sommige missionarissen meenden een oplossing te vinden in de guerrilla bewegingen die toen sterk opkwamen. Anderen trokken zich ontmoedigd terug. Weer anderen werden vermoord om hun sociaal engagement.
Zoals elk gevuld mensenleven loopt mijn haast 50 jaar werkzaam zijn in Colombia, over verschillende etappen, met zijn hoogten en zijn laagten en onder de meest uiteenlopende omstandigheden: les geven op een college, wroeten in de krotwijken van de hoofdstad, botsen met verstarde structuren, uit het land gezet worden, opbouwen van een JEC-beweging, meemaken van hevige repressies en tenslotte landen op een parochie, een oude volkswijk in het centrum van Cali.
Waarin bestaat nu ons leven in de missie?
Missionaris zijn is niet voortdurend duizend dingen doen en presteren. Het is er zijn voor de anderen, hen aankijken en aanvaarden. Aanwezig blijven, niet vluchten. Nabij zijn, mens blijven naast de anderen.
Waarin bestaat onze manier van werken? Dienend in vreugde trachten we in samenwerking met een aantal leken de mensen te begrijpen in hun behoeften, in hun moeilijkheden en ook in hun verwachtingen.
Zo trachten we elke dag hardnekkig en met eenvoud en edelmoedig gebaar te delen met de armen. Met dezelfde overtuiging en hetzelfde realisme nemen we deel aan vergaderingen, bezoeken we syndicaten of gevangenissen, begeleiden we anonieme alcoholisten, steunen we organisaties bij hun huisbezoeken aan talloze zieken, gebrekkigen en ouden van dagen. Jaren geleden hielpen we het blindeninstituut bij de opbouw van haar bibliotheek. We werken sinds jaren samen met het doofstommeninstituut. De bestuurster is nu een van de oud-leden van onze jeugdbeweging. Vele afgestudeerden van onze jeugdbeweging zijn opvoeders in scholen of colleges, psychologen, verpleegsters, geneesheren waaronder één van hen werkt in de Wereldgezondheidsdienst in Genève.
Om te eindigen sluit ik met een open brief van Juliana Chamorro, een getuigenis tussen vele anderen die we bewaren in onze archieven: “Vanaf mijn eerste levenservaringen was bijna alles ingewikkeld. Ik heb maar weinig goede herinneringen aan mijn gezinsleven en de meesten daarvan zijn alles behalve gelukkig. De gevolgen kan men zich gemakkelijk indenken: een uiteengeslagen gezin waar elkeen zij eigen weg ging.
Bij gelegenheid van de voorbereiding op mijn eerste communie, ik was toen 9 jaar, kreeg ik een uitnodiging om lid te worden van de jeugdbeweging. Ik leerde er vele dingen die mijn kennis verrijkten en een aanvulling werden voor wat elk kind op de schoolbanken meekrijgt. Op deze wijze en met constante toewijding leerde ik bijvoorbeeld verschillende instrumenten bespelen: gitaar, blokfluit, orgel en kreeg ook basiskennis van muziek. Dat alles heeft in de loop van de jaren gediend om met andere leden van de beweging elke zondag de jeugdmis op te luisteren. Ik leerde er ook voorlezen voor een uitgebreid publiek en nog vele andere dingen, zoals noties van de Engelse taal, te veel om allemaal op te noemen. Het voornaamste van alles is echter het feit dat ik de wereld anders ben gaan zien, met ogen vol begrip en geduld. Met andere woorden, ik kreeg een kristelijke visie mee. En daar midden in, kan ik niet anders dan verwijzen naar mijn goede vriend, Pater Cyriel, die me in deze grote familie heeft weten te begeleiden als een van zijn kinderen. Ik mag dus wel zeggen dat deze jeugdbeweging mijn waarachtige familie is geworden waar ik ben opgegroeid en ook steeds blijf toebehoren. Jaren geleden eindigde ik mijn studies in biologie aan de Staatsuniversiteit van Cali. Deze studies kon ik doen zoals vele anderen uit onze beweging dank zij de steun van Belgische peters en organisaties zoals de Brug.
Ik meen te geloven dat deze korte geschiedenis heel wat gezinnen zal bereiken. Ik wil alleen maar zeggen dat ik één van de vele bevoorrechten ben die de gelegenheid heeft gehad op te groeien in deze jeugdbeweging.”

Correspondente: Wieza Dictus

Colombia - 9 maart 2007

Ik heb uw mailadres niet, daarom deze verzending per post. Jan zal wel de vertaling doen moest Wiske problemen hebben met de Spaanse taal of vergis ik me ?!
Voor het ogenblik hebben we geen problemen. Ik woon alleen op een appartementje en voel me goed. Elke zondag doe ik de mis in San Nicolas en heb veel hulp van de oud-leden van onze jeugdbeweging voor het socio-pastoraal werk op de parochie. Spijtig genoeg is Alicia nog altijd ondergedoken en is ze de bedreigingen en afpersingen nog niet helemaal te boven gekomen.
Met de tijd zal alles wel slijten. Dat hopen we toch. We geven alles in Gods handen.
Veel leesgenot en een Zalig Paasfeest.

Correspondente : Wieza Dictus

Cali - december 2004

Dienstvolle liefde of liefdevolle dienstbaarheid is mijn Kerst- en nieuwjaarswens voor 2005.
Lieve groetjes aan de vrienden uit de Kalmthoutse Heide;
Genegen.

Correspondent: Wieza Dictus

Cali - 25 september 2003

Je brief van 7 september gepost op 11 september is gisteren aangekomen. Ik moet bekennen dat ik geen held ben in administratie en dat de terminologie als: goedgekeurd project, lopend project, voor-stel en gesteund project niet gemakkelijk te vatten is. Bovendien is hier alles in het Spaans en kan ik daarover niemand raadplegen.
Onze administratie op de parochie werkt dank zij het Solidariteitsfonds Colombia in Wilrijk. Een fonds waarop regelmatig gestort wordt door familieleden, vrienden en organisaties. Wanneer er nood is kunnen we daar op gelijk welk ogenblik geld afhalen, dit met de hoop dat de put die gemaakt is, weer zal gevuld worden.
Bijvoorbeeld, een bejaardentehuis waar het binnenregent, kan niet wachten tot een project wordt goedgekeurd en tot de gelden aankomen. Dit was het geval met het project 2002 en 2003. Toen kwam de stichting San Ezequel Moreno aan de beurt. Eerst gebeurden de meest dringende herstel-lingen aan het dak, dat volledig vernieuw werd en het bureel werd volledig opgeknapt. Het laatste voorstel dat ik opmaakte toen ik in België was, is nog eens ten voordele van deze stichting om de apo-theek, het voedselsalonnetje, de keuken en de achterkoer op te knappen.
Ik begrijp best dat er eisen worden gesteld vanwege ‘De Brug’ en meer nog vanwege het ministerie van Ontwikkelingssamenwerking. Ik hoop dat ik nu aan die eisen heb voldaan, door uit te leggen dat het fonds zowat geld leent voor een ingedient project.
Ik wend ‘De Brug’ veel succes.
Genegen en dankbare groeten.

Correspondent: Wieza Dictus

Cali - september 2003

Tijdens mijn verlof in België ontmoette ik Jan en Wiske. Het was een blij, hartversterkend weerzien.
En nu, sinds 6 weken, opnieuw aan de start met jeugdvorming.
Vele groeten aan de leden van de Brug.

Correspondent: Wieza Dictus

Cali - maart 2003

Half juni ben ik voor een zestal weken in België.
Hopelijk zien we mekaar in Kalmthout of elders.
Lieve groetjes en tot binnenkort.

Correspondent: Wieza Dictus

Cali - februari 2001

Van Cirilo kregen we een mooi zelfgemaakt kaartje met de volgende tekst:

Aan het bestuur van De Brug en alle Bruggenbouwers.

In naam van de honderden mensen uit Cali (Colombia) die dankzij De Brug weten dat ze niet alleen staan, en dat vele mensen in het Antwerpse geloven dat hun hulp een bijdrage is voor een mens-waardig bestaan, zenden we onze hartenwensen bij gelegenheid van het zilveren jubileum van deze merkwaardige organisatie.
Dankbaar leven we met u mee en bidden we voor allen die ons gebed nodig hebben.

Proficiat aan DE BRUG voor haar zilveren jubileum.
We maken van het ‘Hola Hermano’-nummer gebruik om De Brug te feliciteren voor de 25 jaar volge-houden werking voor projecten die in de eerste plaats bijdragen aan de levenskwaliteit van de mensen in de Derde Wereld. Bovendien werd nooit een van de belangrijkste pijlers waarop de Brug gebouwd werd uit het oog verloren: het verspreiden van informatie over het wel en wee in de ontwikkelingslan-den. Via een paar duizend brieven die De Brug al die jaren regelmatig verspreid heeft, leerden vele mensen de soms hopeloze situatie kennen in de landen waar leden van verschillende congregaties en steeds meer ontwikkelingshelpers werkzaam zijn.
Tot op vandaag dragen die brieven de hoop en het enthousiasme in zich om verbeten te blijven wer-ken aan de lotsverbetering van zovele mensen. Het is geen teken van kortzinnigheid dat De brug zich enkel beperkt tot doelgerichte projecten. Het is haar bewuste keuze om juist die kleinschalige projec-ten te steunen die bij andere organisaties niet aan de bak kunnen komen. De Brug heeft reeds gedu-rende een kwarteeuw bijgedragen tot een groeiend besef dat alleen een rechtvaardige verdeling van de rijkdom uitzicht biedt op een gelukkige toekomst voor alle mensen.
Het Solidariteitsfonds-Colombia dankt van harte De Brug en zijn trouwe medewerk(st)ers voor al die jaren inzet en voor haar jaarlijkse steun voor telkens één van onze projecten in de stad Cali.

Correspondent: Wieza Dictus

Cali - 25 oktober 2000

Vanaf 15 oktober hadden we de ganse week op onze parochie San Nicolas pastoraal bezoek van één van de hulpbisschoppen van Cali. Onze parochiekerk is na de kathedraal de oudste van de stad. Ze werd opgericht in 1849 toen de stad amper 10.000 inwoners telde. In 1945, kort na de ‘Tweede We-reldoorlog, kwamen de twee eerste Assumptionisten in Cali aan en de toenmalige bisschop vertrouw-de hen deze parochie toe. Cali telde toen reeds 350.000 inwoners met 7 parochies. Onze parochie was wel zeer uitgebreid. De Belgische provincie zond spoedig hulp zodat na enkele jaren een achttal Assumptionisten, elk met eigen fiets, het hele territorium afkamden en op enkele jaren tijd had elk ge-hucht zijn eigen kerkje dat op haar beurt een nieuwe parochie werd.
Nu telt de stad Cali reeds meer dan 2 miljoen inwoners en zijn er (verschiet niet te hard) al 135 paro-chies.
Op dit ogenblik zijn er in onze wijk drie werelden met grote sociale conflicten. Naast de mensen die meestal met 3 gezinnen in bouwvallige huizen samenhokken, is er de handel en tenslotte de prostitu-tie en inbraken op grote schaal. Met de bisschop bezochten we de scholen, de kliniek, het doofstom-meninstituut, de gevangenis waar meer dan 50 politieagenten hun straf uitzitten, zieken, gezinnen, de jeugdorganisatie en tenslotte het huis voor daklozen dat dit jaar door een inlandse priestervriend, die ook architect is, in onze volksbuurt werd opgericht. In alle zondagsmissen vragen we aan de kerkgan-gers dat ze bonnetjes zouden kopen waarmee de daklozen en armen van de wijk toegang krijgen aan de instelling en daarmee vermijden we dat het geld gebruikt wordt voor drugs. Elke dag komen er steeds meer daklozen aankloppen met een bonnetje dat hen recht geeft op een stortbad, het wassen van hun klederen en een warme maaltijd.
De ruwbouw van de tweede verdieping is ook reeds klaar. Mettertijd zal daar slaapgelegenheid zijn voor een 60-tal daklozen. Men valt gemakkelijk in paternalisme en dat is helemaal de bedoeling niet. Eten is wel een eerste bekommernis, maar hopelijk kunnen we volgend jaar rekenen op een medische dienst en sociale psychologische begeleiding.
We hopen stellig dat de Brug ons zal helpen om aan deze instelling een stootje te geven.
Beste dank aan alle Bruggenbouwers!

Correspondent: Wieza Dictus

Cali - maart 2000

Wat denkt ge van dit bovenstaand opschrift?
Hierover volgend commentaar uit het tijdschrift Hola-Hermano van Cirilo:

Iemand stuurde me met nieuwjaar de volgende tekst: ‘Van alles wat de mens doorheen de eeuwen bouwde is er niets zo waardevol als een brug’. En hij voegde er aan toe: ‘De brug is wat tussen men-sen een band schept, een plek voor ontmoeting, om uit te kijken of te schuilen’. Ik geloof dat hiermee het voornaamste is gezegd. Ik weet nochtans niet met zekerheid of we altijd dit doel bereiken.

Beste dank aan alle bruggenbouwers voor de reuzenbijdrage die we mochten ontvangen.
In de Brug las ik dat Jan zijn ontslag nam. Werd het werk te zwaar???
In ieder geval, proficiat en dank voor de zovele jaren inzet! En Wieza blijft alvast mijn meter, niet??
Lieve Colombiaanse groetjes.

Correspondent: Wieza Dictus

Cali - juni 1999

Uit het tijdschrift “Hola Hermano” dat Cirilo ons opstuurt nemen we het volgend artikel over om even de situatie te schetsen in Colombia.

De Colombiaanse pers staat vol over het gevaar van een derde wereldoorlog. Er broeit iets in Europa. De beelden die we te zien krijgen zijn hartverscheurend. En ondertussen wordt ook de toestand in Co-lombia met de dag erger. De statistieken spreken boekdelen:
Alleen reeds in Cali, een stad van 2.123.146 inwoners, steeg de laatste drie maanden de werkloos-heid tot 21.4 %. Er zijn in Cali 226.399 werklozen, 22.737 meer dan in december 1998. Dopgeld kent men hier niet. Wanneer iemand zonder werk valt is armoede troef.
Op 6 april 1999 staan er in Cali 27.635 lokalen en 22.435 huizen en appartementen te huur. 0ok wor-den er 19.648 woningen waaronder 2.678 pas gebouwd, te koop aangeboden. Er is geen enkele straat in gans de stad of men kan er op huizen het opschrift lezen: te koop of te huur!
Jonggetrouwden gaan noodgedwongen inwonen bij hun ouders of huren een appartementje samen met enkele vrienden. 200.000 gezinnen waaronder 40.000 in Cali, hebben besloten hun huizen niet meer af te betalen wegens de schandalige hoge intresten bij de banken.
In een groot aantal private colleges worden, ondanks staatsverbod, de kinderen van gezinnen die het schoolgeld niet meer kunnen betalen, naar huis gestuurd, terwijl leraars van openbare scholen reeds maanden zitten te wachten op de uitbetaling van hun wedde.
In verschillende steden van het land worden er hospitalen definitief gesloten bij gebrek aan mogelijk-heden van medische verzorging. Het personeel is ook daar reeds maanden niet meer uitbetaald.
Op de voornaamste kruispunten van de stad wordt men aan de verkeerslichten door minstens 15 leurders met fruit overrompeld, zitten bedelaars en kreupelen op een aalmoes te wachten en springen kinderen voor de auto’s om de voorruit te kuisen.

Correspondent: Wieza Dictus

Cali - maart 1999

Beste dank voor de reuze bijdrage van De Brug.

Correspondent: Wieza Dictus

Cali - 3 december 1998

Dank voor uw fax van 2 december en voor uw goede zorgen ten voordele van de missies.
Reeds jaren zijn we in onze sociale pastoraal bezorgd voor het verschaffen van sociale woningen aan kansarme mensen. Ook nu weer onderhandelen we voor een huisje in een volkswijk van Cali voor de prijs van 250.000,- fr. De begunstigde familie betaalt dan maandelijks de prijs van een huishuur tot al-les afbetaald is. Zonder intresten te moeten betalen worden ze na een zevental jaren eigenaar van deze woning.
Het project dat we voorstellen aan de Brug is een inbreng voor deze woning. In een land waar zovele gezinnen maar al te dikwijls onderdak moeten zoeken in een zelfde kamer en keuken, WC en natte plaats moeten delen met vier of vijfandere gezinnen, hebben we reeds 18 families een eigen woning kunnen bezorgen.
Onze beste dank.

Correspondent: Wieza Dictus

Cali - september 1998

Beste dank voor al wat je voor mij en Colombia doet.
Je werk en enthousiasme is voor ons missionarissen een riem onder het hart.
Hopelijk hebben de leden van de Brug jets gehad aan onze ontmoeting in Kalmthout.
Genegen groetjes.

Correspondent: Wieza Dictus

Cali - 1 december 1997

Regelmatig ontvang ik de Brug, en steeds opnieuw bewonder ik het initiatief en de volharding van alle medewerkers die zich inzetten voor de missies.
Op 21 december vieren we het 25-jamig bestaan van de Cruzada, onze jeugdorganisatie. De resulta-ten kunt ge lezen in “Open brief” (N.v.d.r. boekje dat door Cirilo regelmatig wordt opgezonden naar de correspondente). Ik laat liever de Colombianen vertellen over hun ervaringen dan er zelf over te schrijven, dat is veel meer rechtstreeks dan wet ik zou vertellen.
In juni 98 ben ik nog eens op verlof in België.
Ondertussen mijn zuiderse wensen voor een zegenrijke Kersttijd en een voorspoedig Nieuwjaar.

Correspondent: Wieza Dictus

Cali - 29 augustus 1997

Een beste groet aan onze Kalmthoutse bruggenbouwers. Bij gelegenheid van mijn contactblaadje wil ik me nog eens even laten horen. Wij zijn op het ogenblik volop bezig met de restauratie en het verven van het torengebouw van de parochiekerk. Alleen de buitenkant kost ons zowat 380.000 fr. De gelden afkomstig uit België worden echter uitsluitend besteed aan catechese, didactisch materiaal, het beta-len van lekenhelpers, jeugdbibliotheek, onderhoud van jeugdlokalen en studiebeurzen.
Ik mag zeggen dat we goddank nooit in de schulden zitten. Misschien is een goed beheer vanwege de parochieraad daar wel doorslaggevend voor.
Af en toe krijgen we eens bezoekers uit België. Iedereen vindt het een prachtig land en is verwonderd hoe vrij men zich hier kan bewegen, want in België jaagt men de mensen de schrik op het lijf als ze spreken over Colombia. Natuurlijk moet men niet onvoorzichtig zijn, maar dat is toch ook zo in onze Belgische steden.
We zitten nu in de verkiezingscampagne. Wie dat nu gaat financieren is voor mij nog een raadsel, want tot nu toe kwamen er veel gelden bij te pas vanwege de drugsbaronnen. De huidige burgemees-ter van Cali zit by. sinds 3 dagen in de gevangenis omdat er voor zijn verkiezingscampagne 30.000 US$ besteed werden, afkomstig van de maffia.
Moest iemand van u ooit van plan zijn zelf eens te komen kijken, dan zijt ge in Cali altijd welkom.
Dankbaar genegen.

Correspondent: Wieza Dictus

Cali - 17 april 1997

Rond Pasen ontving ik het nieuws dat de Brug 35.000 fr. heeft gestort voor onze sociaal- pastorale werken.
Hartelijk dank voor dit PAASEI.
Het is een belangrijke bijdrage voor onze bibliotheek, waar studenten van de wijk boeken komen raadplegen en waar ze hun huiswerk maken. Dit werk, zoals al het andere (jeugdgroeperingen, mu-ziekgroep, catechese...) is gericht op jeugdvorming, want meer dan het opdoen van kennis, krijgen ze een pedagogische begeleiding.
Zowel uw gebed als materiële steun hebben we broodnodig om jonge mensen de kans te geven mee te werken aan de christelijke opbouw van hun volk. De jeugd is nog steeds gevoelig voor de waarde-school van het Evangelie.
Het leven is hier wel een beetje moeilijk omwille van bet geweld om ons heen. Dit geeft een andere soort stress dan die waar de mensen in België mee te doen hebben.
Nogmaals mijn oprechte dank aan alle bruggenbouwers.

Correspondent: Wieza Dictus

Cali - maart 1997

Onlangs kreeg ik weer “De Brug”. Het was een zeer speciaal nummer met interessante gegevens over jaren geschiedenis. Mijn gelukwensen aan de redactie en de vele bruggenbouwers.
Volgens een fax van Cilli Govaers i.v.m. bijdragen op het solidariteitsfonds is de storting van “De Brug” evenwel nog niet aangekomen. De fax is van 12 februari.
Van harte wens ik u een zinvol Paasgebeuren, een zachte nawinter en een vroege zonnige lente.

Correspondent: Wieza Dictus

Cali - december 1996

Regelmatig wordt “De Brug” geplaatst naar Cali. Mijn beste dank!
Iemand schreef het volgende vers:
Laat overal en telkens weer de witte vrede van de Heer voor elke dag van het jonge jaar de ware weg zijn naar elkaar.
Dit is ook voor jullie mijn hartenwens. Bovendien zend ik jullie het allerbeste voor een zinvol kerstge-beuren en in 1997 52 weken vol optimisme.
Dankbaar genegen.

Correspondent: Wieza Dictus

Cali - maart 1996

In een persoonlijke brief van maart 1996 bevestigde Cirilo aan zijn correspondente dat hij het geld voor 1996; nl. 34.000 Bef goed ontvangen heeft.

Correspondent: Wieza Dictus

Cali - december 1995

Dank voor de toezending van de Brug. In de tweede helft van december verwacht ik Jan Van den Eynden met zijn vrouwtje.
Mijn hartenwensen voor een zinvol Kerstfeest en een zegenrijk 1996 met een vruchtbare apostolische ijver.
Met beste Hola Hermano-groetjes.

Correspondent : Wieza Dictus

Cali - 28 april 2005

In de maand maart zond ik een verslag over mijn Leven en Werk in Colombia. Kort daarop kreeg ik vanwege de bank een telefoontje dat De Brug een storting deed van US 1.992.06 waarvoor we in Co-lombiaanse munt 4.669.619 pesos ontvingen.
De omzetting duurde wel een beetje, te meer omdat we wegens bankproblemen een Stichting moes-ten maken voor de sociale projecten van de parochie.
Voortaan moeten de mogelijke stortingen gebeuren op:
Fundacion Cyriel De Pauw
Rekening: 015-83977-2.
We wachten nu op de formulieren van De Brug die we moeten invullen.
Hartelijk dank en tot wederhoren.

Correspondent: Wieza Dictus

Cali - februari 2001

Sinds 9 februari 2001 ben ik al 40 jaar werkzaam in Colombia. Colombia is ondertussen een land dat uitgroeide van 10 miljoen inwoners tot bijna 40 miljoen.
De laatste 30 jaar ben ik werkzaam op de parochie San Nicolas in Cali. Op aanvraag van de toenmalige bisschop vertrokken na de Tweede Wereldoorlog de eerste Belgische Assumptionisten naar Cali, dat toen 7 parochies telde. Cali werd mettertijd de tweede grootste stad van Colombia en heeft op dit ogenblik niet minder dan 135 parochies.
Onze parochie is stilaan een volksbuurt van migranten geworden met maar weinig vaste inwoners. Deze volkswijk wordt stilaan gemoderniseerd: de straten worden verbreed, lemen huizekens worden afgebroken en er reizen winkels en warenhuizen uit de grond. In wat vroeger herenhuizen waren, hokken nu meerdere families samen, zonder rekening te houden met de gevaren van mogelijke instortingen.
Wat is hier de taak van een priester? Mijn hoofdbezigheid is en blijft nog steeds mijn werk in jeugd-vorming. Maar regelmatig heb ik een eucharistieviering in winkels en werkhuizen met 30 tot 60 arbei-ders, allemaal mensen die hier werkgelegenheid vonden, maar niet onze buurt wonen. Ook in de scholen wemelt het van kinderen uit andere wijken. Heel wat syndicaten hebben in de wijk hun kan-toor en er zijn gevangenissen voor politieagenten, buschauffeurs en noem maar op. Op de hoofd-plaats voor de kerk, ook wel de rode plaats genoemd wegens de manifestaties en optochten die er plaatsvinden, is er geen plaats voor één auto meer. De gestolen wagens worden er openlijk verkocht en elke koper krijgt er de nodige documenten zodat hij niet wordt lastig gevallen. Buiten de vrouwen-handel met aanbevelingen langs de plaatselijke kranten is er alles te koop van een naald tot een ka-meel. Dat kan men zelfs lezen op een uithangbord. Bovendien is de drughandel sterk uitgebreid, nochtans niet publiek. Toch behoort hij tot de spelregels van de wijk.
Bij mijn dagelijkse bezigheden behoren de bezoeken hier en daar, wat men occasionele pastorale ac-tiviteiten zou kunnen noemen: oriëntatiedienst, aankloppen bij gevangenen en zieken. Eens binnenlo-pen bij gezondheidsdiensten, in de scholen, ten huize van de daklozen.
Wat het huis voor daklozen betreft werd er sinds twee jaar een grote vastenactie gevoerd over heel het bisdom voor de bouw van dit huis onder de leiding van een inlandse priester, die ook architect is. Vermits het huis werd opgericht in onze wijk zijn we ook sterk betrokken bij dit initiatief en in alle zon-dagsmissen vragen we aan de kerkganger dat ze bonnetjes zouden kopen waarmee de daklozen en armen van de stad toegang krijgen aan de instelling en daarmee vermijden we dat het geld gebruikt wordt voor drugs. Elke dag komen er steeds meer daklozen aankloppen. Het bonnetje geeft hen im-mers recht op een stortbad, het wassen van hun kleren en een warme maaltijd. De laatste maanden werd de toeloop op de pastorij zo groot dat we dringend een lijn moesten trekken. Vanaf januari nodi-gen we hen uit om om 6.30 uur ‘s morgens met ons het rozenhoedje te komen bidden voor de vrede in Colombia. Daarop volgt dan de eucharistieviering met de voor hen aangepaste uitleg voor het evangelie van de dag, waar we sterk de nadruk leggen op onze waardigheid als mens. We hebben dan ook bij DE BRUG een project ingediend om ons te steunen bij dit werk onder de minstbedeelden van de samenleving, want men weet wel waarmee men begint, maar niet waar de nood eindigt.
Als men mij nu vraagt hoe ik de Brug leerde kennen, dan blijft dat voor mij nog altijd een raadsel... Als ik het mij goed herinner was het in 1987 dat Louisa Dictus mij kost wat kost wilde spreken. Maar zoals dat zo dikwijls gebeurt met missionarissen op verlof werd dat een hopeloos gevalletje, want de pater was nooit thuis.
Op het afscheidsfeestje voor Colombia-vrienden verscheen Louisa met haar echtgenoot Jan Van Den Eynden en zo vernam ik dat ze werkzaam geweest waren in Bogota. En ze wilden contact blijven houden met Colombia. Ze besloten me te steunen met mijn foster-parentsplan door persoonlijk de studies te bekostigen van één van de kinderen uit onze jeugdbeweging. De wereld is klein en zonder vooraf te weten waren ze bevriend met heel wat Colombia vrienden.
Veel jaren later, in 1995, toen Jan en Louisa goed op de hoogte waren van de noden in San Nicolas vertelde Jan me dat hij in bet bestuur zat van een organisatie die de Brug heette en hij stelde me voor een aanvraag in te dienen voor een project. Dat hoefde hij geen tweemaal te zeggen. Louisa werd mijn contactpersoon met De Brug. In 1998 had ikzelf het geluk kennis te maken met de leiding van de Brug en er een avondje te vertellen over mijn werk in Colombia. Bij gelegenheid van de 25 jaar werk-zaamheden wens ik DE BRUGGENBOUWERS veel moed en volharding om dit prachtig werk voort te zetten in deze moeilijke tijden.

Correspondent: Wieza Dictus

Cali - september 2000

In de Brug las ik dat Jan zich teruggetrokken heeft uit de organisatie. Ik vind het normaal dat men op een gegeven ogenblik zegt “het is genoeg geweest” en ... dat men tijd maakt voor zichzelf. Graag zou ik dat ook doen, spijtig genoeg zijn er voorlopig nog geen opvolgers. Toch hoop ik dat te kunnen zeg-gen als ik er 70 word in maart 2003. Dat wil niet zeggen dat ik dan geen activiteiten meer op mij zal nemen. Maar ik wil het wel wat rustiger doen.
Graag zou ik van u willen weten of ik dit jaar nog een project moet indienen, en voor welke datum?
In ieder geval mijn beste groetjes voor je beiden en tot wederhoren.

Correspondent: Wieza Dictus

Cali - 3 november 1999

Een mens kan niet leven zonder dromen, zonder ideaal, zonder toekomstplannen. Zelfs de jongen niet die ik verleden week bezocht en reeds 9 maand verlamd ligt wegens een verkeerde duik in een berg-riviertje. Men moet ergens naartoe kunnen leven.
Dat is ook de mening van John Frederico, zo heet de ,jongen. Hij wil leren schilderen met de mond. Eergisteren deed hij een eerste poging en het was niet zo slecht voor een beginneling. Verder droomt hij ervan om, ondanks zijn 16 jaar, zich voor te bereiden op zijn Eerste Communie.
Na enkele maanden van vertwijfeling en met de gedachte een eind te maken aan zijn leven, droomde hij van een rolstoel. Ik heb er voorlopig al eentje gehuurd (600 fr. per maand). Gisteren zat hij met zijn moeder vooraan in de avondmis en hij straalde van geluk.
De goddelijke toekomstdroom, die ook de droom van Jezus was, zegt ons telkens opnieuw, dat deze wereld niet hoeft te zijn zoals we hem maar al te dikwijls ervaren. Wie droomt er niet van een goede (lichamelijke) gezondheid. Een geestelijke gezondheid hoeft niet zozeer, daar kan men zelfs best zonder, of niet?
Nochtans is Gods toekomstdroom wel een beetje anders. Zijn droom over de mensen en de wereld ligt in de belofte van het Rijk Gods. De woorden UW RIJK KOME verwijzen naar een wereld waarin God helemaal zichtbaar wordt, naar een wereld waarin onze diepste menselijke verlangens en le-vensvragen in vervulling gaan. Van deze droom gaat een sterke aantrekkingskracht uit. Hij stimuleert onze inzet en motiveert ons handelen.
Maar is dromen geen bedrog? Onze wereld kan anders worden als we bereid zijn onze kortzichtige dromen en onze eigenwijze menselijke belangen los te laten, als we bereid zijn met Jezus de toe-komst van het Rijk Gods waar te maken. Als mensen elkaar haten en oorlog voeren, worden ook Gods liefde en Gods vrede in vraag gesteld. Waar mensen geen goed woord hebben voor elkaar, is het heel moeilijk te geloven dat God goed is. God gaat zozeer schuil achter de mensen, dat hij zijn goede naam afhankelijk heeft gemaakt van de mensen en ik zou haast zeggen machteloos wil toezien daar waar de mensen in gebreke blijven. We mogen dus niet passief afwachten. De bekering waartoe Jezus ons oproept is een radicale en fundamentele verandering van mentaliteit. Daarom zing ik met Dana Winner voor u dit lied:

Je kunt wel zeggen dat het nooit zal komen,
Maar je kunt er ook van blijven dromen,
want in de diepte van de droom wacht een waarheid
en in de diepte van de droom
wacht een stille kracht op ontwaken.
Ik weet dat de nieuwe eeuw nadert
en dat er nieuwe gedachten leven,
dat in de mensen iets gloeit en groeit als nooit te voren.
Ik zie in de ogen hoop, geloof en liefde
en al een vonkje vertrouwen.
Duizenden mooie dromen heb ik diep in mij bewaard.
Ik wil ze uit zien komen, ze raken nooit verjaard.
Een van die stille beden is gehuld in hemelsblauw,
haar lieve naam is VREDE voor iedereen en jou.

Mijn project bij de Brug is meebouwen aan de droom van John Frederico en ook een steentje bijdra-gen voor kansarme zieken die van ons afhangen.

Correspondent: Wieza Dictus

Cali - 16 februari 1998

Uw brief van 18 januari is reeds een paar weken geleden aangekomen. Vermits de wedstrijden voor de wereldbeker dit jaar in juni plaats hebben, heb ik al vroeg mijn reisticket besteld. Ik land in Zaven-tem met Iberia op 31 mei op 18u40.
Op zaterdag 28 juni heeft in Londerzeel de samenkomst plaats van de ‘Hola- Hermano-vrienden’. Ik laat daarover nog iets weten in het volgende nummer. Zeer graag ga ik in op de uitnodiging van De Brug, voor een kennismaking en een babbeltje. Eens ik in België ben, maken we dan een afspraak.
Wat een verrassing zeg, dat nieuwjaarscadeautje van zomaar 44.000 fr. Mijn beste dank. Ik wil hier nog enkele woordjes bijvoegen voor De Brug”, met mijn oprechte dank voor alles wat in Kalmthout en omstreken gedaan wordt voor de derde wereld.

Beste bruggenbouwers,

Ik zou deze keer veel kunnen vertellen over onze werkzaamheden, over 25 jaar jeugdbeweging en de viering ervan. Maar gisteren, 15 februari, lazen we in de woordviering her Evangelie van de Bergrede. Als Christenen mogen we er fier over zijn zo’n pracht van een “grondwet’ te bezitten. Maar onze fier-heid zou nog meer gerechtvaardigd zijn, indien deze blijde boodschap niet enkel in onze evangelie-boeken te lezen stond, maar ook en allereerst in ons eigen leven. Professor Sylvester Lamberigts in zijn boekje De Bergrede schreef daarover het volgende:“Tijdens het zogenaamde jaar van de recht-vaardigheid zijn er enige jaren geleden mooie woorden gesproken. Zijn we sindsdien soberder gaan leven? Hebben we ons losgemaakt uit de slavernij van de consumptiemaatschappij ? Hebben we van onze overvloed eerlijk meegedeeld? Let op! Gevraagd wordt wel degelijk dat we DELEN. Dat is nog iets anders dan liefdadigheid of aalmoezen geven. Wie slechts aalmoezen geeft, laat zijn eigen be-voorrechte positie onaangetast en gaat nog altijd uit van de vanzelfsprekendheid van de ongelijkheid. We moeten onze eigen bevoorrechte situatie in vraag durven stellen en bereid zijn eerlijk te delen met wie te kort of te weinig hebben. Alleen door te delen bevrijden we onszelf en treden we echt in ge-meenschap.
Er zijn gelukkig een aantal mensen die dit begrepen hebben, die bewust niet meedoen aan de concur-rentie- en prestigewedloop die onze hedendaagse consumptiemaatschappij kenmerkt. Zij kopen nooit alleen maar omdat iedereen het heeft of met egoïstische en ambitieuze bijbedoelingen. Er zijn christe-lijke gezinnen die zichzelf vrijwillig een vastendag per week hebben opgelegd. Dat is niet alleen ge-zond -want we eten allemaal te veel!- maar op die manier kan er elke maand heel wat opzij gelegd worden om broederlijk te delen met armen en misdeelden. Anderen hebben de vasten in hun leven in eer hersteld. Vrijwillig en zonder dat er een speciaal decreet uit Rome aan te pas moest komen, ont-houden ze zich gedurende veertig dagen van alcoholgebruik, van rookgenot, cosmetica, kortom vanal-les wat “luxe” heet en eigenlijk overtollig is.”
Dank u, professor voor deze woorden. Ze hebben me geholpen bij mijn preek, ze hebben mijn levenshouding ook in vraag gesteld en ik wil deze tekst broederlijk delen met vele lieve lezers van De Brug.

Correspondent: Wieza Dictus

Cali - 1 juni 1996

Deze week ontving ik de Brug. Daarvoor mijn beste dank.
Zoals u weet werken we heel hard aan jeugdvorming. Meer dan 20 jongens en meisjes krijgen een bijdrage voor hun studies vanwege peters in België.
We hebben ook op de parochie een bibliotheek waar de jeugd van de wijk en uit de omstreken boeken komen raadplegen en waar ze hun huiswerk maken. Regelmatig worden er boeken bijgekocht.
Het project dat ik dit jaar aan de Brug voorstel dient als bijdrage voor het dekken van de onkosten van deze bibliotheek, een belangrijk aspect bij de vorming van de jeugd.

Correspondent: Wieza Dictus

Cali - maart 1996

Haast drie weken geleden ontving ik je briefje met de toezegging van de hulpverlening vanwege DE BRUG. Bijna tezelfdertijd kreeg ik het tijdschrift aan met de overrompelende getuigenis van talloze missionarissen en ontwikkelingshelpers.
Als ik het goed voor heb is het de bedoeling van dit blad een “wederzijds” contact te leggen. Dus geen eenrichtingsverkeer.
Welnu, 35 jaar geleden vertrok ik voor de eerste keer naar Colombia. Ik moet bekennen dat mijn inzet niet altijd zonder slag of stoot is gegaan, ook nu niet. Bovendien is de zingeving aan mijn werk niet altijd dezelfde gebleven. Het koloniaal verleden van Colombia, de neo-kolonisatie in deze eeuw, de schuldenlast, de drugshandel en de corruptie onderlijnen nog maar eens wat we eigenlijk allemaal weten, maar waaraan we eigenlijk te weinig kunnen, mogen, moeten of durven doen.
Voor mijn sociaal werk komt 80 of misschien wel 90 % van de humanitaire hulpverlening uit België. We geven dan aan onze “weldoeners” een beeld van wat we bezig zijn, maar leggen we wel voldoende de nadruk op de menselijke waardigheid die op het spel staat? Maken we van de mensen die we helpen soms niet het “voorwerp” van onze hulpverlening? In België hoort men immers zo graag hoe ellendig de situatie eigenlijk wel is. Hoe ellendiger de situatie, hoe meer men bereid is te helpen. We laten dan ook graag zien wat we allemaal doen, maar in wat we doen is soms zeer weinig te zien van de hele noodsituatie. Wat we vertellen heeft veel te maken met voedseltekort of gezondheidszorg, maar bitter weinig met de andere noden waarin de mensen leven. Pakken we niet gemakkelijk problemen aan zonder naar de diepere oorzaken te zoeken en vooral zonder de vraag te stellen naar de volledige mens.
Onlangs las ik dat voor de United Colours of Benetton “het menselijk lijden zelfs een aanvaardbaar reclamemiddel voor kleding kan zijn”. Dat hiermee de menselijke waardigheid nogmaals diep getroffen wordt, hoeft geen betoog.
Noodhulp moet een noodoplossing blijven voor een tijdelijk probleem. Noodhulp mag ons niet ont-staan van de taak om duurzame oplossingen uit te werken. Tekenend is in elk geval het feit dat de al-gemene aandacht zich meer concentreert op hulpverlening dan op duurzame probleemoplossing. De mens in nood wordt vaak gereduceerd tot een lege maag die moet gevoed worden, tot de wonde dient verzorgd te worden, alsof we daarmee de hele crisis hebben bestreden.
De humanitaire hulpverlening zou slechts een eerste stap mogen zijn, meestal neemt de interesse af wanneer de eerste stap is gezet.
Waarom? Is het misschien omdat we niet weten hoe het verder moet omdat we niet durven of menen te mogen verder gaan. Kortom, herleiden het hele menszijn van de gewonde tot zijn wonde. De com-plexiteit van de mens wordt verengd tot een hoopje vlees dat voedsel genezing nodig heeft. Wat ik wil zeggen is het volgende: we kijken slechts op een bepaalde en duidelijk beperkte manier naar de mens in zijn noodsituatie. En toch zou het bij de hele hulpverlening moeten te doen zijn om de mens als mens.
Beste dank voor de hulpverlening die DE BRUG ons heeft toegezegd. Ze gaat integraal naar Ernesto die zich aan de Londense universiteit’ specialiseert in gezondheidsopvoeding. Zijn eerste levensjaren hadden plaats in een kelderkamertje ergens in een bergdorpje op 7 uur bus van Cali. Wegens allerlei omstandigheden weken zijn ouders uit naar Cali zonder de minste toekomstmogelijkheden. Een Oos-tenrijks priester gaf hem een studiebeurs om college te lopen. Ernesto werd de primus van zijn klas. Vervolgens behaalde hij de 35ste plaats tussen 500 kandidaten voor zijn ingangsexamen voor ge-neesheer aan de staatsuniversiteit van Cali. Dank zij een rijpingsproces in de jeugdbeweging sloot hij aan bij een organisatie die zich inzet voor de indianengemeenschappen in het Cau gebied. Reeds tij-dens zijn vierde jaar aan de universiteit trok bij met enkele klasgenoten de bergen in voor gezond-heidszorg en hygiëne. De eerste stap was de TBC-bestrijding, maar zoals ik reeds zegde is complexi-teit van de mens veel meer dan een hoopje vlees dat voedsel en genezing nodig heeft. Het probleem ligt veel dieper: de indiaan werden verdreven door grootgrondbezitters, moet voortboeren op kale grond. Hij verloor continuïteit in landbouwtraditie en wordt maar steeds opgejaagd als een wild dier.
Na 7 jaar harde studie behaalde Ernesto zijn universitair diploma, tweede van zijn jaar. Hij kreeg haast onmiddellijk de benoeming als directeur van de Vereniging voor TBC bestrijding in Cali. Dage-lijks liep hij de gezondheidscentra af en gaf conferenties aan geneesheren en verpleegsters. Hij wist de TBC patiënten en hun families te overtuigen dat de genezing voor 80 % van hen afhing. Geld werd er nooit gegeven, maar wel bonnen voor medicamenten en aangepaste voeding.
Onder politieke en sociale druk werd Ernesto verplicht zich verder te specialiseren. Hij kwam schitte-rend door zijn ingangsexamen aan de Universiteit van Londen. Een NGO-organisatie leende hem het inschrijvingsgeld voor het eerste jaar. Voor het tweede jaar kreeg hij een staatslening voor zijn stu-dies. ‘s Morgens van 7 tot 9 uur kuist hij samen met zijn vrouwtje burelen om te overleven. De toe-stand is evenwel bedenkelijk. Daarom gaat de bijdrage van De Brug integraal naar Ernesto. Terwijl ik dit schrijf maakt bij zich klaar om deel te nemen aan een Wereldcongres in Chicago waar hij uitgeno-digd is om een uiteenzetting te geven over zijn opzoekingen i.v.m. TBC.
Volgend jaar hoopt hij definitief terug te keren naar Colombia. Reeds een viertal organisaties zitten op hem te wachten, want hij weet collega’s en verpleegkundig personeel warm te maken en duurzame oplossingen uit te werken om langs gezondheidsdiensten de hele mens te benaderen. Geen lachertje waar bij voor staat, maar je moest hem zelf horen: zijn geloof, zijn overtuiging, zijn doorzettingsvermo-gen, ondanks zijn huidige uiterst moeilijke levenssituatie, werkt aanstekelijk.
Het is evenwel zo dat niet alle beroepsmensen dezelfde AANLEG hebben om zich actief in te zetten in het sociale en politieke leven. Maar ondanks het feit dat er op onze parochies een tekort is aan bezie-lers in liturgie en catechese enz.. mogen we nooit vergeten dat de christelijke gemeenschap niet de eerste plaats is waar leken hun verantwoordelijkheid moeten nemen. Christelijke beleving is niets an-ders dan zich als leerling van Christus openstellen voor en het zich inzetten in het wereldgebeuren. Dit is een verschrikkelijk veeleisende opgave. Maar het is ondermeer de taak van een religieus zoveel mogelijk leken trachten bewust te maken voor hun eigen zending in de wereld.
In onze volksbuurt in Cali zijn er op dit ogenblik een 25 jongens en meisjes die een bijdrage krijgen voor hun studies. Het zijn niet allemaal Ernesto’s, maar zoals ik reeds zei: het is om de hele mens te doen en niet alleen om de student in een noodsituatie.
Daar zijn we hard mee bezig.

Correspondent: Wieza Dictus